Marc Seijlhouwer 10 december 2019, 11:51

Green Deal: drastisch maar eerlijk verduurzamen in Europa

Op 11 december debatteert het Europees Parlement over de Europese Green Deal. Dit ambitieuze plan moet de emissies van de EU in 2030 met 55 procent verminderen.

Adobestock 210414987

Herziene belastingen, nieuwe subsidies en een klimaatbank – de Green New Deal omvat bijna elk aspect van duurzaamheid. Onder leiding van Frans Timmermans zal de Europese Commissie de komende 100 dagen wetten opstellen die helpen Europa klimaatneutraal moeten maken.

55 procent minder uitstoot

Met de nieuwe wetten moeten de klimatdoelstellingen van Parijs worden gehaald: CO2-neutraal in 2050. Om dat te halen moet de uitstoot van de EU versneld omlaag, zodat deze in 2030 al 55 procent lager is dan in 1990. Nu is het doel nog 40 procent, maar dat is niet ambitieus genoeg, aldus de opstellers van de Green Deal.

Lees ook:

De Commissie stelt onder andere een belasting op CO2-uitstoot voor. 'Beprijzing van koolstofuitstoot is een essentieel element om zeker te weten dat elke persoon en elke sector bijdraagt', aldus een beleidsdocument voor de geplande vergadering. Het emissiesysteem dat nu voor bedrijven bestaat blijft. De Commissie zal het systeem uitbreiden zodat ook de maritieme sector moet betalen voor uitstoot. De luchtvaart blijft vooralsnog buiten schot, maar de 'gratis' uitstoot die deze sector krijgt zal wel worden afgebouwd.

Fonds

Om zeker te weten dat alle lidstaten zich kunnen vinden in de New Deal komt er een fonds van  € 100 mrd voor landen die minder ver zijn in de energietransitie. EC-president Ursula von der Leyen kondigde dit 'Just Transition Fund' eind november al aan. 'De mensen en regio's die de low carbon-transitie het meest voelen worden door dit fonds ondersteund', zei de president in een speech. Ook wordt een deel van de Europese Centrale Bank omgevormd naar een klimaatbank die duurzame initiatieven en onderzoeken financieel kan steunen.

Gemiddelde temperaturen in verschillende Europese landen, van 1850 (links) tot 2018.

Voedsel en plastic

Het plan gaat verder dan alleen CO2-uitstoot. Voedselvoorziening moet verduurzamen via een 'Farm to Fork Strategy' die de hele keten verduurzaamt. En er komt een plan voor een meer circulaire economie. Minder afval produceren en meer producten hergebruiken moet de norm worden, vooral in de kleding- en bouwindustrie. Wegwerpplastic mag eigenlijk niet meer gebruikt worden en ook microplastics in het milieu worden aangepakt.

Lees ook:

Frans Timmermans krijgt het de komende maanden druk. Niet alleen moet hij vele wetten maken, hij zal ook met andere grote vervuilers, zoals de VS en China, om tafel gaan zitten. Als de grote vervuilers niet overtuigd kunnen worden om ook minder uit te stoten zou het ambitieuze Europese plan immers voor niets zijn.

Toezicht

Timmermans zal wel op moeten letten dat oude wetgeving nieuw beleid niet in de weg staat. 260 maatschappelijke organisaties waarschuwen bijvoorbeeld voor een obscure energie-regeling uit 1994, die er nu voor zorgt dat energiebedrijven transities in de weg kunnen zitten. De bedrijven kunnen in het geval van een transitie namelijk aanspraak maken op een schadevergoeding die in de miljarden kan lopen, als een kolen- of kerncentrale vroegtijdig moet sluiten.

Morgen wordt de Green new Deal besproken en waar nodig aangepast. Zijn de wetten eenmaal gemaakt en goedgekeurd, dan moet Timmermans ook controleren dat elke lidstaat de regels volgt. Alleen dan is een vergaande uitstootreductie in Europa mogelijk.

Meer lezen over een duurzame voedselketen? Lees dan de interviews uit onze themamaand Food & Health.

Bron: Europees Parlement | Beeld: rustamank

'Uiteindelijk wordt het financieel interessanter om in te zetten op biodiversiteitsherstel'

Biodiversiteitsverlies is één van de grootste uitdagingen van deze tijd, benadrukt Roel Nozeman, senior adviseur biodiversiteit van ASN Bank. Gezonde ecosystemen en biodiversiteit staan aan de basis van onze samenleving, voedselproductie en economie. Dat maakt het tegengaan van biodiversiteitsverlies urgent. 'Op een dode planeet kunnen we niet leven'Met name de afgelopen vijftig jaar neemt biodiversiteit in verhoogd tempo af. “25 procent van de onderzochte dier- en plantensoorten zijn met uitsterven bedreigd. Het gaat hier om een miljoen soorten wereldwijd”, zegt Nozeman. De cijfers komen uit het Intergovernmental Science-Policy Platform on Biodiversity and Ecosystem Services (IPBES) rapport, dat begin mei uitkwam. Het rapport geeft ook aan dat er transformatieve verandering nodig is op economisch, sociaal, politiek en technologisch vlak om de doelstellingen voor 2030 en daarna te behalen.“Op een dode planeet kunnen we niet leven”, vat Caroline van Leenders van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) het belang van biodiversiteit samen. Voor Van Leenders is dat geen nieuws. Zij houdt zich al jaren met het onderwerp bezig en richt zich de laatste jaren specifiek op de financiële sector.  'Economie afhankelijk van de natuur'“Wij zijn voor ongelooflijk veel producten en diensten in onze economie en in ons leven afhankelijk van de natuur”, zegt Van Leenders. Schoon drinkwater, bijen voor de bestuiving van gewassen en hout voor onze huizen; het zijn slechts een paar voorbeelden die onze afhankelijkheid van de natuur weergeven. “Los van het feit dat er ook mensen zijn die gewoon ontzettend genieten van heel veel verschillende soorten vlinders.” Biodiversiteitsherstel in plaats van vernietiging vraagt om een complete systeemverandering. Daarom moet iedereen aan de slag: van consumenten en overheden tot bedrijven. "En de druk van de financiële sector kan daar natuurlijk bij helpen”, zegt Van Leenders.  Zij merkt dat financiële instellingen in grotere getalen inzetten op het thema klimaat. Ook mensenrechten krijgen meer aandacht. Het thema biodiversiteit blijft echter nog achter. “Instellingen zeggen: ‘Sorry Caroline, wij hebben het hartstikke druk met klimaat. Of mensenrechten. Voor biodiversiteit hebben we nog geen tijd.’ Maar goed, dat is met elk nieuw onderwerp zo. Toen ik vijftien jaar geleden met klimaat aan de gang ging, had ook niemand er tijd voor. Dat hoort een beetje bij de fase van transitie.”Lees ook: Waarom biodiversiteit economische waarde heeftEen kleine financiële voorhoede Toch is er een kleine groep financiële instellingen die al wél met biodiversiteit aan de slag gaat. ASN Bank neemt hierin het voortouw, vertelt Nozeman. De bank heeft zichzelf tot doel gesteld om in 2030 een netto positieve bijdrage te leveren aan biodiversiteit. "We meten onze impact al sinds 2014", vertelt Nozeman. Hij vindt dat financiële instellingen negatieve impact op biodiversiteit moeten ombuigen naar een positieve impact. ‘Als je een doel wil stellen voor de lange termijn, dan moet je gaan meten'“ASN Bank heeft een outside-in benadering gekozen. We hebben niet zozeer gekeken naar de interne behoefte en wat zou kunnen, maar juist naar wat er nodig is, wat er nu gebeurt met de biodiversiteit in de wereld. En in de komende tien, twintig, dertig jaar? Dat is de reden dat we een doelstelling hebben geformuleerd waarvan we eigenlijk niet eens weten of we deze zullen gaan behalen. Het móet simpelweg.”Voordat de bank de doelstelling formuleerde, sprak zij eerst met stakeholders. “Toen hebben een aantal mensen gezegd: ‘Als je een doel wilt stellen voor de lange termijn, dan moet je toch ook echt gaan meten. Daar begint het mee. Hoe complex het ook is.’” In 2014 startte ASN Bank met een eerste pilot met de consultancybureaus CREM en Pré Sustainability. Sindsdien herhaalt de bank de meting elk jaar en scherpt de meetmethodiek verder aan. Het meten van biodiversiteit Het meten van de impact op biodiversiteit is niet makkelijk. Helemaal als je het vergelijkt met een thema waar ASN Bank al langer op meet: klimaat. Wijnand Broer, partner bij CREM, weet daar alles vanaf. Hij legt uit dat er wat betreft klimaatimpact een goede maatstaf is, namelijk CO2-equivalenten. “Waar je alles in kunt uitrekenen. En bovendien geldt daarbij dat een emissie op de ene plek een wereldwijd effect heeft. Dat ligt bij biodiversiteit allemaal net even anders. Er is niet een hele heldere meet-unit en bovendien is alles locatie-specifiek. Dat maakt het een moeilijker onderwerp.”Die complexiteit is één van de verklaringen voor het feit dat nog weinig bedrijven en financiële instellingen hun impact op biodiversiteit meten. Toch biedt die complexiteit tegelijkertijd een voordeel, stelt Broer. “Op het moment dat wij de impact op biodiversiteit berekenen, dan zien wij ook welke rol klimaat daarin speelt. Dus dat is een voordeel van focussen op biodiversiteit: Je ziet hoe verschillende thema’s samenhangen.”   Zo hebben bepaalde keuzes die wellicht goed zijn voor het klimaat een negatieve impact op biodiversiteit. Hij noemt de productie van biobrandstoffen waar natuur voor moet wijken. Nozeman kent het voorbeeld. ASN bank heeft naast biodiversiteit namelijk nog twee pijlers waar het vanuit het duurzaamheidsbeleid op stuurt: mensenrechten en klimaat.In het verleden financierde de bank vanuit klimaatoogpunt biomassa voor verbranding. “Op papier bestaat er misschien wel een klimaatwinst, maar in de praktijk zijn er te veel risico’s voor biodiversiteit. Dat strookt niet met onze doelstelling  en ook zagen we dat biomassa een grote negatieve impact heeft op onze biodiversiteitsfootprint.”Juist voor financiële instellingen levert het voordelen op om te focussen op biodiversiteitsimpact, benadrukt Broer: “Je ziet heel snel waar potentiële trade-offs zitten.” En dat biedt financiële instellingen veel beter inzicht in risico’s en mogelijkheden om daarop te sturen.Positieve impact op biodiversiteit In het Partnership Biodiversity Accounting Financials (PBAF), dat in oprichting is, worden financiële instellingen verenigd die aan de slag willen met het meten van hun positieve impact op biodiversiteit. Maar wat houdt een positieve impact eigenlijk in en hoe meet je dat precies? Naar het alomvattende antwoord op die vragen wordt nog gezocht.Het Ministerie van LNV en de RVO financierden een rapport dat CREM en Pré Sustainability eind september publiceerden, waarin zij onderzochten hoe een financiële instelling positieve impact op biodiversiteit kan bereiken. Het rapport sluit aan op de Biodiversity Footprint Financial Institutions (BFFI), de methodiek die ASN Bank ontwikkelde. ASN Bank werkt aan haar doelstelling door eerst haar negatieve impact zoveel mogelijk te verminderen en daarna te investeren in projecten en bedrijven die zorgen voor een positieve impact op biodiversiteit.Nog geen gemeengoed Het meten van biodiversiteit voor financiële instellingen is nog geen gemeengoed. Nozeman, Broer en Van Leenders verwachten dat de biodiversiteittop van de Verenigde Naties die volgend jaar plaatsvindt de ontwikkelingen verder kan brengen. Zo verwacht Nozeman dat het tot meer financierbare projecten leidt die geen biodiversiteitsverlies opleveren of juist een positief effect op biodiversiteit hebben. “Ik denk dat daar echt een versnelling gaat plaatsvinden.”Uiteindelijk wordt het ook financieel interessanter om in te zetten op biodiversiteitsherstel, verwacht Broer. “Nu is het misschien vaak nog moeilijk om die twee met elkaar te verenigen: Investeren in iets wat positief is voor biodiversiteit en er bovendien nog geld aan verdienen.” Dat gaat veranderen wanneer impact wordt beprijsd. En hij is er zeker van dat beprijzing er gaat komen. “De vervuiler gaat natuurlijk uiteindelijk betalen. Daar ontkom je niet aan.”Dit artikel maakt onderdeel uit van de themamaand Food & Health. Lees ook:Hoe stapeling van financieringen biodiversiteit interessant maakt voor boeren Welk voedsel ligt er in de supermarkt van de toekomst? Boer zoekt ontwerper: Een creatieve blik op de toekomst van de landbouw Waarom algen de voedselindustrie gaan veroveren Van agrobosbouw tot lab-landbouw: De potentie van nieuwe productiesystemen Afbeeldingen: Adobe Stock