Eva Segaar 16 december 2020, 09:00

Greenchoice introduceert nieuwe manier voor compensatie aardgas

Greenchoice stapt over naar een andere vorm van compensatie voor het verkochte aardgas: niet achteraf compensatie aantonen met CO2-certificaten van bosprojecten, maar vooraf impact financieren door nieuwe bosprojecten te initiëren met partners, en vervolgens die impact te meten. “Kijkend naar alle ontwikkelingen, wilden we een nieuwe manier vinden en afstand doen van het begrip CO2-neutraal”, zegt Ruben Veefkind, manager strategie en CO2-projecten bij Greenchoice.

Waranont joe cj1obpzjfpg unsplash Mangrovebos in Thailand, via Unsplash

Voorheen compenseerde Greenchoice het aardgasverbruik van haar klanten door per kubieke meter gebruikt gas wat geld opzij te leggen en daar CO2-certificaten van te kopen. Maar met de overstap naar het Parijsakkoord op 1 januari 2021 is dit het moment om het anders te doen. “Voor CO2-compensatie moet je drie dingen kunnen aantonen: de maatregelen in het project moeten permanent zijn, er moet geen waterbedeffect zijn, bijvoorbeeld doordat er naast jouw project gewoon door wordt gegaan met het kappen van bos, én je moet kunnen aantonen dat zonder jou die CO2-impact er niet zou zijn,” zegt Veefkind.

Lees ook: 1 miljoen hectare bos beschermd: hoe Greenchoice impact maakt met duurzaam bosbeleid

Dubbeltellingen in CO2-reductie voorkomen

“En dat laatste is lastig aantonen. Ontwikkelingslanden hebben in het Parijsakkoord ook CO2-doelen, dus hoe ga je straks bewijzen dat een land waar jij de bomen hebt geplant niet zijn doelen zou halen zonder jouw project? En daarnaast, wie zegt dat het land die CO2-reductie niet zelf al claimt?” Om dubbeltellingen in CO2-reductie te voorkomen moeten er afspraken worden gemaakt, maar Veefkind vreest voor een circus van papierwerk. “Bovendien voelt het niet goed om het ontwikkelingsland te vragen om de CO2-uitstootreductie in hun eigen land niet mee te tellen in hun CO2-boekhouding. Daar willen we van wegblijven.”

"Ontwikkelingslanden hebben in het Parijsakkoord ook CO2-doelen, dus hoe ga je straks bewijzen dat een land waar jij de bomen hebt geplant niet zijn doelen zou halen zonder jouw project? En wie zegt dat het land die CO2-reductie niet zelf al claimt?”

Maar de nieuwe regelgeving is niet de enige reden. Het breed uitmeten van CO2-compensatie met certificaten knaagde sowieso al langer bij Greenchoice, want welk signaal geef je klanten als je het gas dat zij gebruiken klimaatneutraal noemt? “Door de term CO2-compensatie te gebruiken, zouden klanten kunnen denken dat het gebruik van aardgas niet uitmaakt. En dat willen we niet. Uiteindelijk moeten we met elkaar toch van het aardgas af,” zegt Veefkind. Maar helemaal stoppen met het financieren van CO2-impact via bosprojecten wil hij niet, want er gaat nog teveel bos en daarmee biodiversiteit verloren in de wereld.

Certificaten als warme broodjes over de toonbank

Een aantal jaar geleden was het zo dat projecten voor aanplanting en bosbehoud niet al hun certificaten kwijtraakten, maar sinds grote bedrijven als Shell en Easyjet ook hun CO2-uitstoot compenseren met bossen is de vraag enorm gestegen en zijn de certificaten vaak uitverkocht. Op zich goed, maar het energiebedrijf denkt nu dat haar impact groter zal zijn door vanaf komend jaar de focus te verleggen naar samen met partners nieuwe klimaatpositieve bosprojecten op te zetten. 

Zo kwam Greenchoice bijvoorbeeld uit bij restauratie van mangrovebossen. “Die slaan meer koolstof op dan wat voor ecosysteem dan ook. Bovendien zijn de mangroves een kraamkamer voor vissoorten en vogels. Ook hebben ze een beschermende werking: ze versterken de kust en vormen een stormbreker.” Volgens Veefkind belangrijke eigenschappen in het kader van klimaatverandering en de daarmee samenhangende zeespiegelstijging. “Met onze eerste nieuwe samenwerking gaan we ons dus hierop richten.”

Lees ook: Expirimenteren met dag en nacht groene stroom

Voedselbossen in Nederland

De meeste projecten voor aanplant en behoud van bossen zijn in het buitenland, maar Greenchoice kiest ervoor om minimaal 10 procent in Nederland te besteden. “Hier is de grond veel duurder, dus het is niet zo efficiënt als in het buitenland, maar we vinden het belangrijk om ook indirect impact te hebben. Om klanten te inspireren.”

Als voorbeeld noemt hij de ontwikkeling van voedselbossen. Dat is een landbouwsysteem met zeven lagen van eetbare soorten: van noten en fruitbomen tot daaronder struiken, kruiden, wortels en paddenstoelen. De natuur kan er zijn gang gaan, en er wordt geen kunstmest gebruikt. “Er kunnen honderden eetbare soorten groeien in zo’n voedselbos, waar ook weer honderden soorten insecten, schimmels en dieren op af kunnen komen. Ten opzichte van conventionele landbouw is er dus een veel hogere biodiversiteit, waardoor het systeem beter tegen veranderingen kan. En er wordt niet geploegd, dus er blijft meer koolstof in de bodem.”

Oogsten in het voedselbos

Het door Greenchoice gesponsorde voedselbos De Houtrak is van Staatsbosbeheer en is straks voor iedereen openbaar om eten te ‘oogsten’, en groente en fruit te plukken. Daarnaast steunt de energieleverancier ook het Duurzame Doorbraakprogramma van Stichting Voedselbosbouw Nederland, wat boeren stimuleert een deel van hun eigen grond om te vormen tot voedselbos. 

De komende jaren zal Greenchoice nog meer van dit soort projecten in binnen- en buitenland subsidiëren. Omdat met de projecten nog wel eenzelfde positieve CO2-footprint gefinancierd wordt als de negatieve footprint van het verkochte aardgas, en omdat de projecten over veel meer gaan dan alleen CO2, noemt de energieleverancier het boscompensatie. “En zo noemen we het gas voortaan ook,” zegt Veefkind. Niet klimaatneutraal of CO2-neutraal, maar bosgecompenseerd gas.

Lees ook: Groene stroom voor Europa: grote bedrijven werken samen aan nieuw windpark

“Corona houdt ons niet tegen om het duurzaamste evenementencentrum van Europa te bouwen”

In 2019 realiseerde Arp met Jaarbeurs nog een recordwinst van 12 miljoen euro. “Die winst leveren we dit jaar weer helemaal in. We hebben helaas ook van 25 procent van de medewerkers afscheid moeten nemen, dat doet pijn. Maar tegelijkertijd blijven we onverminderd investeren in duurzaamheid en innovatie. Laten we door de coronacrisis juist de klimaatcrisis niet uit het oog verliezen.” Duurzame beweging  Het is volgens Arp slim om bijvoorbeeld naar de mobiliteit van medewerkers te kijken. “Maak het voordelig voor mensen om, als er geen lockdown is, met de fiets of, als dat weer veilig kan, met het openbaar vervoer naar het werk te komen. Dat vraagt geen grote investering, maar draagt wel bij aan de verduurzaming van het bedrijf”, aldus Arp.  “We hebben ook het aanbod in onze restaurants aangepast. Als we weer kunnen opschalen na corona, dan werken we vrijwel uitsluitend met lokale producten, bovendien zal 90 procent van het aanbod vegetarisch zijn. De beweging naar het niet gebruiken van single use plastics hebben we al gemaakt.”  De nieuwe Jaarbeurs   Het grote project waar Jaarbeurs mee bezig is betreft het nieuwe bouwplan, dat in december 2019 werd gepresenteerd. “Eind vorig jaar hebben we ons master plan voor het duurzaamste congres- en evenementencentrum van Europa gepresenteerd. Een investering van bijna 300 miljoen euro. Daar gaan we mee door, ondanks corona.” Het plan voorziet in een compleet nieuw hallencomplex. Het huidige complex van 95.000 vierkante meter gaat bijna helemaal tegen de vlakte. Daarvoor in de plaats komt een nieuw complex van 65.000 vierkante meter, voorzien van dakpark en groendak. “Naast een mooie bijdrage ter compensatie van hitte-stress, levert zo’n daktuin ook een bijdrage om overtollig regenwater geleidelijker af te voeren. Op die manier worden de straten en de riolering ontzien. Leefbaarheid, duurzaamheid en aantrekkelijkheid zijn de fundamenten van het plan.”   De toekomst is hybride  De missie van Jaarbeurs is in de woorden van Arp: “een ontmoetingsplek zijn waar mensen graag verblijven, handel drijven, kennis uitwisselen, inspiratie krijgen, plezier hebben, en dat op de meest duurzame, leefbare en gewoon gave plek.”  Is het niet juist vervuilend om in tijden van digitale communicatie mensen van heinde en verre naar één plek te laten komen om elkaar fysiek te ontmoeten? “Mensen willen elkaar fysiek blijven ontmoeten en kennis uitwisselen. Dat kan ook online en dat faciliteren we ook, maar mensen willen elkaar af en toe ook wel écht in de ogen kunnen kijken. De toekomst is hybride. Webinars zijn geen verdienmodel op zichzelf, veel evenementen worden lokaal georganiseerd. Wij doen relatief veel nationale evenementen, veel voor het Nederlandse bedrijfsleven. Dat is geen internationaal vliegen. We stimuleren verantwoord reizen en proberen gasten en bezoekers de trein te laten pakken.”  Webinars zijn geen verdienmodelDat webinars op zichzelf geen verdienmodel zijn voor Jaarbeurs, betekent dus niet dat er niet wordt geïnvesteerd in digitale technologieën. “Daar zetten we zwaar op in. Het is een hybride model, we investeren hier flink in”, zegt Arp. De investering waar de Jaarbeurs-CEO naar verwijst, is het zogenoemde ‘Indoor Positioning System’.  “Je kunt bezoekers en exposanten heel persoonlijk faciliteren tijdens een beurs. Dit systeem is in samenwerking met Samsung ontwikkeld. Het verbindt geomagnetische velden (aardstralen), digitale bakens (‘beacons’) en wifi. De Jaarbeurs gaat deze technologie in coronatijd inzetten voor een veilig anderhalve meterbeleid in de beurshallen. Door gebruik te maken van geomagnetische velden, zijn veel minder beacons nodig in vergelijking tot andere beurzen in de wereld. We hebben maar 10 procent van de beacons nodig. Naast dat het accurater is, scheelt het heel veel plastic en stroom. Wij zijn de eerste op het continent in onze industrie met deze duurzame techniek.” Sustainable Development Goals Om na de nieuwbouw de kwalificatie van meest duurzaam beursgebouw van Europa te kunnen bestendigen, zijn de zeventien Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties voor Arp het uitgangspunt. “We moeten verder gaan. Het is nodig dat bedrijven zich minimaal daarop richten, anders halen we de klimaatafspraken van Parijs niet. We moeten de CO2-uitstoot snel beperken, want de aarde warmt te snel op. Elk bedrijf, elke leider en echt iedereen moet hier een verantwoordelijkheid in nemen. Elke stap telt.”   Naast de duurzame nieuwbouwplannen, het bijna volledige vegetarisch restaurant en de duurzame mobiliteit, betrekt Jaarbeurs zijn elektriciteit van de zonnepanelen op het dak van het huidige Beatrix-gebouw. “We hebben het grootste zonnedak van Utrecht, waardoor 99,8 procent van onze energie groen is.”  Jaarbeurs is met vierhonderd medewerkers een middelgroot bedrijf, maar de economische impact is breder. Uit recent onderzoek van Ecorys blijkt dat Jaarbeurs een economie van samenhangende activiteiten aan de gang houdt met een omzet van ruim 500 miljoen euro per jaar. Ongeveer 3.200 voltijdsbanen zijn daarmee gemoeid. “Maar als grote economische speler in het midden van het land willen we ook sociale impact hebben. Dat doen we bijvoorbeeld door het steunen van de lokale Voedselbank, maar zeker ook door onze samenwerking met het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie.”  Duurzaamheid stimuleren bij kleine ondernemers Zo bevlogen als Arp is over het thema duurzaamheid, exposanten of organisatoren op de beurs halen er soms weleens hun schouders over op. “Veel kleinere bedrijven zijn er nog niet zo mee bezig als wij. Dat veroordeel ik zeker niet, ik zie het eerder als onze verantwoordelijkheid hen daarbij te helpen. Wij gebruiken dit moment om duurzaamheidsproposities te doen naar exploitanten. Voor de vakantiebeurs wordt bijvoorbeeld een aparte duurzaamheidshal ingericht. Dat gaan we ook doen voor de installatiebeurs en de bouwbeurs. Ik kan niet al mijn klanten dwingen in te zetten op duurzaamheid, want dwang is geen duurzaam bedrijfsmodel. Maar we verleiden wel, ik merk dat de interesse groeit.” Versnelling dankzij de coronacrisis  De coronacrisis geeft een versnelling en de klimaatcrisis zal volgens Arp meer dan ooit duidelijk maken dat het leven om meer draait dan winstmaximalisatie. “Ik ben geen communist en ook geen neoliberaal. Uiteindelijk kom je als mens bij de normen en waarden van je ouders uit. Mijn collega en CFO, zei aanvankelijk bij mijn visie op het bouwplan: jouw ambitie op duurzaamheid kost heel veel geld! Maar ook zij raakte al snel overtuigd van nut en noodzaak en we maken er natuurlijk ook een sluitende businesscase van want het moet ook betaald worden.” Arp vervolgt: “Business en duurzaamheid gaan prima samen. Het gaat erom betekenisvol te zijn en waarde te creëren, niet om zo min mogelijk kosten te maken. We moeten het momentum gebruiken om zaken anders aan te pakken. We moeten mensen ook meer verleiden. We moeten duurzaamheid anders gaan framen, ook als iets dat leuk en dus vooral nuttig is. De maatschappelijke en economische relevantie van Jaarbeurs begint bij duurzaamheid, dat leeft in onze club en dat geeft mij energie.”