Matthias Bertrand 02 juni 2023, 11:46

Groen licht voor grootschalige lithiumwinning in Europa

De Portugese regering heeft het licht op groen gezet voor de eerste lithiummijn in het noorden van het land. Verwacht wordt dat er voldoende lithium zal ontgonnen worden voor de productie van 500.000 elektrische auto’s per jaar.

Adobe Stock 376575366 In Australische lithiummijnen worden dergelijke machines gebruikt om explosieven de grond in te boren | Credits: Adobe Stock

De Europese Unie heeft het tempo van haar energietransitie opgevoerd en verdubbelt haar inspanningen om zich te ontdoen van fossiele brandstoffen. Het risico bestaat echter dat zij voor batterijen, en vooral voor het hoofdbestanddeel daarvan, lithium, afhankelijk wordt van andere landen. Daarom heeft de Portugese regelgevende instantie het licht op groen gezet voor een nieuw mijnbouwproject in Barroso, in het noorden van het land.

Ontginning lithium vanaf 2026

Savannah Resources, het grootste Europese bedrijf dat zich toespitst op de lithiumsector in de Europese Unie, zal de grondstof ontginnen. Het bedrijf is sinds 2019 bezig met exploratie in Portugal, waar lithium van vergelijkbare kwaliteit blijkt te zijn als dat wat in Australië, een van de grootste producenten ter wereld, wordt gedolven.

In Barroso is het de bedoeling om genoeg lithium te winnen voor de productie van 500.000 elektrische wagens per jaar. “Dat is een uiterst belangrijke verwezenlijking, niet alleen voor de ontwikkeling van het project, maar ook voor de ontwikkeling van de lithiumindustrie in Portugal”, aldus Dale Ferguson, directeur van Savannah. De aandelenkoers van het bedrijf maakte een sprong van 22 procent na de aankondiging.

Portugal is goed op weg om het eerste land in Europa te worden dat een zo’n grootschalig lithiumproject opstart, hoewel de EU momenteel niet meer dan 1 procent van haar verbruik van dit “witte goud” zelf wint. Volgens Barroso moet de ontginning tegen 2026 van start gaan.

Raffinaderij in Portugal

Savannah hoopt 100.000 ton spodumeen, het mineraal dat lithium, aluminium en silicaat bevat, uit het gesteente te winnen. Dit mineraal kan vervolgens worden geraffineerd tot lithium voor industrieel gebruik. Het bedrijf hoopt later ook een raffinaderij in Portugal te bouwen.

De Financial Times wijst er echter op dat het project op lokaal verzet stuit, met name van milieugroeperingen. United in Defense of Covas do Barroso, een lokale gemeenschapsgroep die tegen het project is, zei het besluit te “veroordelen” en “verbijsterd” te zijn over de aanvaarding ervan, gezien de potentieel “verwoestende ecologische en sociaal-economische gevolgen.”

Lees ook:

Het gaat om de uitvoerbaarheid van de energietransitie

Kabinet en beleidsmakers zouden kunnen weten waar het in de kern bij de grote crises om draait, want het zijn niet de minsten die zich zorgen maken over de kloof tussen beleid en uitvoering. Voormalig vicepresident van de Raad van State en minister van staat Herman Tjeenk Willink vindt dat in de uitvoering van het beleid pas echt aan het licht komt hoe sterk het bestuur is en dat zie je volgens hem vooral heel duidelijk bij de bedrijfsmatige overheid. In De Groene Amsterdammer maakt hij een analyse die voortborduurt op zijn inzichtelijke boek ‘Grote denken, kleiner doen.’ Hij stelt: ‘Managers met hun eigen normenpatroon bepalen sterker dan vroeger de gang van zaken op de werkvloer, niet de ambtenaren die oog in oog met de burgers staan en weten wat de noden zijn. De zeggenschap over de uitvoering van beleid is, met andere woorden, verschoven naar degenen met verstand van procesmanagement, controlemethodes en prestatiemetingen.’ In een interview met EW maakt voormalig president van de Algemene Rekenkamer Arno Visser een gelijksoortige ontleding, maar dan in fellere bewoordingen: ‘Den Haag zit vol beleidsmakers. Gek woord. Je kunt helemaal geen beleid maken. Je maakt alleen papier. Iedereen die beleid maakt, gaat elke dag naar kantoor om papier te maken. En nog meer papier. Van die wereld moeten we ook af. Van die schijnwereld waarin we elkaar gevangen houden. In stukken, modellen, schema’s, stroomschema’s, financieringssystemen, bekostigingssystemen. In constructies… beleidsconstructies.’ Die scheiding tussen beleid en uitvoering bestaat al veel langer dan we denken, zegt Visser. Het is een ‘paradigma’ uit de jaren zeventig en dus niet gemakzuchtig te framen als ‘neoliberalisme.’ Volgens hem werkt het niet. In EW zegt hij: ‘We hebben met z’n allen bedacht dat je op de ene plek beleid maakt en dat op een andere plek uitvoert. Wij gaan over het wat en jullie gaan over het hoe. Dat werkt niet. Maar we zitten tot op de dag van vandaag wel met de gevolgen. Mensen die beleid maken, maar niet weten wat uitvoerbaar is.’ In De Telegraaf maakte bestuurskundige Paul Frissen zich afgelopen weekend druk over hetzelfde fenomeen. De emeritus hoogleraar bestuurskunde aan Tilburg University, schrijver van het boek ‘De Integrale Staat’, zegt wat hem vooral steekt: ‘Veel beleid wordt gemaakt vanuit de gedachte dat politici en ambtenaren wel weten wat goed voor ons is.’ Tjeenk Willink pleit voor verandering om het vertrouwen met burgers te herstellen. ‘Druk van buitenaf is nodig. Burgers, de professionals op de werkvloer, de artsen, onderwijzers, politieagenten moeten zeggen: “Zoals u het wilt, daar in Den Haag, zo werkt het niet, zo worden problemen niet opgelost. Dus daar kunnen we niet aan meewerken.”’ Dit besef lijkt wel langzaam tot Den Haag door te dringen. De jacht op vakmensen die de energietransitie mogelijk moeten maken is geopend. En de ‘Kamerbrief over versnellingsaanpak energietransitie’ bevat een bijlage over het lang verwaarloosde hoofdpijnpunt ‘versnellingsopties vergunningverlening.’ Onder energietransitie: ‘Het bestaand juridisch instrumentarium biedt versnellingsmogelijkheden die vaker ingezet kunnen worden. Het gortdroge proza van de Kamerbrief daargelaten, lijkt de nieuwe weg nu ingeslagen. Het kan zelfs goed nieuws voor de stikstofcrisis betekenen.