Marc Seijlhouwer 02 februari 2022, 09:59

Grote beloftes: groene waterstof uit afval in Egypte

Het bedrijf H2-Industries heeft grote plannen: 300.000 ton groene waterstof per jaar, gemaakt van afval. De fabriek komt in Egypte. Hoe werkt dat, en waarom denkt het bedrijf zo’n grote fabriek te kunnen bouwen?

Egypt picture landfill with LOHC silo Een afvalberg met in het middelpunt een waterstoffabriek - is dit de toekomst? | Credits: H2-Industries

De fabriek moet bij de ingang van het Suez-kanaal komen. Daar komt het afval uit het Middellandse Zeegebied terecht: van plastic en kledingresten tot rioolwater. Uit al die dingen kun je waterstof maken via een vrij ingewikkeld proces. Je laat het afval zonder zuurstof, en met een paar speciale bacteriën ‘broeien’. Zo ontstaan een paar grondstoffen die gebruikt kunnen worden voor veevoer én er ontstaat waterstof. Haal de waterstof eruit, en je kunt deze gebruiken als groene brandstof. Er komt ook CO2 vrij bij dit proces, maar H2-Industries wil die afvangen en ook verkopen als grondstof.

Waterstof vloeibaar maken

De beoogde plek voor de fabriek naast het Suez-kanaal is niet toevallig. H2-Industries wil namelijk een groot netwerk van waterstoftransport opzetten. Dat doen ze door waterstof te binden aan andere moleculen, waardoor het spul vloeibaar is bij kamertemperatuur en dus makkelijk meekan in een olietanker. Het kanaal is dan een perfecte doorvoerroute.

H2-Industries kreeg recent een paar miljoen aan investeringen binnen. De ontwikkeling van de Egyptische waterstoffabriek is één van de grote projecten die met dat geld van de grond moet komen. Maar wanneer de fabriek er precies moet komen en hoe H2-Industries aan het nodige afval komt, dat is allemaal nog onduidelijk. De ambitie is in ieder geval groot: 300.000 ton waterstof per jaar. Ter vergelijking: de Nederlandse industrie gebruikt nu 800.000 ton waterstof per jaar, maar die is van grijze origine.

Meer lezen over waterstof? Bekijk dit dossier.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Het inzicht ontbreekt in hoe we duurzame ontwikkelingsdoelen halen in 2030

In 2015 stelden de Verenigde Naties zeventien duurzame ontwikkelingsdoelen op. Deze Sustainable Development Goals (SDG’s) gaan onder andere over voedselzekerheid, duurzame economieën en milieubescherming. Als we de doelen op tijd halen dan zijn in 2030 onder andere honger en armoede de wereld uit. Maar er is een probleem. Voor veel doelen is namelijk niet duidelijk hoe we ze willen bereiken. Dat maakt het moeilijk om te beoordelen hoe ver we zijn. De tegenstelling met de doelen rondom het Klimaatakkoord is groot. Hier geven een groot aantal scenario’s beleidsmakers concrete handvaten over wat nodig is om ‘aan Parijs’ te voldoen: de noodzakelijke emissiereductie op verschillende momenten in de tijd of zelfs de capaciteit aan windmolens. “Dat maakt wat er moet gebeuren voor iedereen veel duidelijker.”Bij de duurzame ontwikkelingsdoelen ontbreken die concrete scenario’s. Daardoor hebben beleidsmakers minder inzicht in welke beleidsmaatregelen nodig zijn. Dit vertraagt de voortgang. Voor zover Van Vuuren het kan beoordelen, ziet de voortgang er niet goed uit. We zijn niet veel opgeschoten. “En met covid erbij zijn we er eerder nog een stap op achteruit gegaan.” Van Vuuren vindt het belangrijk om voor de duurzame ontwikkelingsdoelen scenario’s te kunnen maken. Net als voor de klimaatdoelen gebeurde. Voor de SDG’s is de noodzaak wellicht nog groter omdat de oplossing voor het ene probleem, het andere probleem kan vergroten. Bijvoorbeeld voor het bestrijden van honger gebruiken we misschien kunstmest en water. Dat werkt klimaatverandering in de hand en leidt tot waterschaarste en vervuiling. Daarom werkte Van Vuuren met een grote groep vooraanstaande internationale onderzoekers aan een beperkte set van indicatoren als basis voor verkenningen. Lees het onderzoek hier. Duurzame ontwikkelingsdoelen onder de loep De wetenschappers hielden de zeventien doelen onder de loep en bedachten hoe deze in verkenningen te gebruiken zijn. Zo definieerden ze geen honger aan de hand van het aantal calorieën die een persoon dagelijks binnenkrijgt. Wat ze vooral wilden was een wetenschappelijke basis bieden en een gemeenschappelijke taal ontwikkelen. Een soort standaard. Daarnaast biedt het raamwerk een mogelijkheid om doelen aan elkaar te koppelen. "Er zijn ook oplossingen die nuttig zijn voor meerdere doelen tegelijkertijd.” De zeventien duurzame ontwikkelingsdoelen hebben 169 onderliggende subdoelen (targets) en 232 indicatoren. In hun raamwerk brengen de wetenschappers het aantal indicatoren terug naar 36. “Als je aan deze 36 voldoet, dan voldoe je in principe aan de SDG’s”, stelt Van Vuuren. Die beperkte set maakt het mogelijk voor andere wetenschappers of beleidsmakers om aan de slag te gaan met scenario’s. Scenario’s die ons vertellen wat we moeten doen om in een bepaald jaar bepaalde doelen te halen. “Dat maakt het concreet.” 2030 halen wordt krap. Tegelijkertijd waarschuwt Van Vuren voor cynisme als we doelen niet halen. Voor klimaat, bijvoorbeeld. “Het doel is om die 1,5 graad te halen. Maar als je die 1,5 graad mist dan moet je niet bij de pakken neerzitten. Nee. Dan is het nog belangrijker om ervoor te zorgen dat je niet naar 1,7 of naar 1,8 gaat.” Zo kijkt hij ook naar de duurzame ontwikkelingsdoelen. Lees ook: Wat ASN Bank mist in de duurzame ontwikkelingsdoelenSchrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.