Hidde Middelweerd 23 augustus 2018, 12:02

MHI Vestas levert 100 exemplaren van krachtigste windturbines ter wereld

De Moray Offshore Windfarm, die 22 kilometer uit de kust van Schotland verrijst, heeft honderd enorme windmolens besteld bij MHI Vestas. De zogeheten V164-windturbines hebben een capaciteit van 9,5 megawatt per stuk, waarmee de totale capaciteit van het offshore windpark op maar liefst 950 megawatt uitkomt.

Mhi vestas windmolen

Vestas werd in oktober 2017 al geselecteerd als leverancier van windturbines voor de Moray Offshore Windfarm. Nu is de samenwerking bekrachtigd met de ondertekening van een overeenkomst.

Windenergie

Het Schotse windpark heeft inmiddels een contract getekend met de Britse overheid, voor de levering van groene stroom tegen een prijs van £ 57,50 per megawattuur. Dit is een forse kostenreductie, aangezien vergelijkbare projecten, die momenteel in aanbouw zijn, stroom leveren voor ongeveer £ 140 per megawattuur, meldt MHI Vestas.

Het toont aan dat offshore windenergie een steeds interessantere bron van energie begint te worden, die steeds beter kan concurreren met fossiele energie.

Offshore windparken

De wateren voor de Britse kust worden steeds intensiever ingezet voor de opwekking van windenergie. Zo wordt momenteel Hornsea One gebouwd, een windpark met een capaciteit van 1,2 gigawatt.

Ook Nederland en Belgie hebben grootste plannen op het gebied van offshore windenergie. Nederland kondigde onlangs de bouw van nog eens drie grote offshore windparken aan: IJmuiden Ver, Hollandse Kust West en Ten Noorden van de Waddeneilanden. Gezamenlijk moeten de drie windparken een capaciteit van 7 gigawatt krijgen.

België maakte onlangs bekend dat het twee keer zoveel ruimte op de Noordzee reserveert voor de opwekking van windenergie. In 2030 moet er 4 gigawatt aan geïnstalleerde capaciteit zijn gerealiseerd.

Lees ook:

Bron & afbeelding: MHI Vestas

Liander zet in op duurzaamheid met nieuw schakelstation

Het schakelstation, te vinden in Groenlo, wordt eind 2019 in gebruik genomen. Het contract voor de bouw van het station werd onlangs getekend door Liander en Huisman Etech. In de aankomende tijd worden het detailontwerp en de bouwvergunning aangevraagd.DuurzaamheidDe focus op duurzaamheid dient ook als pilot, stelt Liander in een persbericht. Met de bouw van het schakelstation hoopt de netbeheerder te leren hoe de duurzame initiatieven in de toekomst breder toegepast kunnen worden. Opschaling is belangrijk voor Alliander, moederbedrijf van Liander, die de ambitie heeft om in 2023 klimaatneutraal te opereren.Circulaire economie en zonnepanelenHet nieuwe schakelstation moet duurzaam worden dankzij verschillende initiatieven. Zo wordt het station op natuurlijke wijze gekoeld, met behulp van de afgegraven grond en de kelder. Bij de bouw wordt daarnaast zoveel mogelijk gebruikt gemaakt van hergebruikte en biobased materialen. Daarnaast wordt het skelet van het gebouw gemaakt van Nederlands hout, in plaats van beton. Het hout is afkomstig uit een bos waar, meteen na de kap, weer nieuwe bomen geplant worden.Ook op het gebied van energie worden duurzame slagen gemaakt. Zo wordt het schakelstation uitgerust met zonnepanelen en verbruikt het de helft van de energie die andere schakelstations gebruiken, mede dankzij de natuurlijke koeling en de natuurlijke verwarming van de bodem in de winter.CO2-uitstootOok op het gebied van CO2-uitstoot maakt het station een belangrijke slag: het houdt meer CO2 vast dan het uitstoot. Dit wordt bereikt door het gebruik van nieuwe materialen te beperken en door geen gebruik te maken van een klimaatinstallatie.Bron & afbeelding: Liander