Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 25 april 2014, 15:21

Mini-waterkrachtcentrale voor arme regio's

Studenten aan de Technische Universiteit van Mexico hebben een mini-waterkrachtcentrale ontwikkeld voor arme regio’s met gebrek aan schoon drinkwater en elektriciteit.

Pluvia800

Het instrument, dat zij Pluvia hebben genoemd, is in eerste instantie bedoeld om regenwater om te zetten in drinkwater. Tijdens het proces hebben de studenten een manier gevonden om tegelijkertijd elektriciteit op te wekken. Daarvoor heeft het slechts drie dingen nodig: regenwater, een pomp en een microturbine. Het regenwater wordt opgevangen in een dakgoot of zelfs op een stuk plastic.

Vervolgens zorgt een kleine waterpomp ervoor dat het met met enige kracht door een regenpijp stroomt waarin een micro-turbine is geplaatst. De turbine gaat draaien en produceert elektriciteit. De kleine waterkrachtcentrale levert genoeg stroom om batterijen van 12-volt op te laden, net voldoende om enkele LED-lampjes te laten branden.

Het regenwater stroomt vervolgens door een koolstof-filter waar het wordt gezuiverd. Het instrument is inmiddels getest in een van de vele arme wijken van Mexico-Stad. Het resultaat is drinkwater dat schoner is dan het water dat in Mexico-Stad uit de kraan komt, zegt een van de studenten.

De studenten werken aan een krachtiger versie van de turbine en zoeken naar mogelijkheden om de energie op te slaan.

In de sloppenwijken van ontwikkelingslanden is elektriciteit of schoon drinkwater zelden of nooit aanwezig. Als de prijs en de distributie laag en eenvoudig blijft, is de mini-waterkrachtcentrale al een hele verbetering.

Bron: IEEE Spectrum | Foto: Technological University of Mexico

 

Autorecycling belangrijk, kennis Nederlander laag

Een afgedankte auto wordt tegenwoordig voor 95 procent hergebruikt. Een deel daarvan is bestemd voor energieterugwinning (12 procent) tijdens de verbranding van shredderafval in afvalenergiecentrales. Andere gerecyclede materialen vinden een nieuwe bestemming in bijvoorbeeld de bouw. IJzer gaat naar de hoogovens waar het wordt omgesmolten. Vanaf 2015 is de 95 procent recycling van autowrakken wettelijk vastgelegd. De gemiddelde Nederlander schat dat percentage volgens het expertisecentrum veel lager in: zo’n 59 procent. Ook de verwerkingsbijdrage van € 45,- schatten ze ruim twee keer te hoog in. Tijd voor een voorlichtingscampagne, volgens ARN. Auto Recycling Nederland is in 1995 opgericht door onder meer de Nederlandse autobranche in Nederland om de hoeveelheid afval van afgedankte auto's drastisch te verminderen. Een extra aanleiding voor de campagne is het aantal oude auto’s dat niet wordt geregistreerd voor demontage. Van de circa 300.000 auto’s wordt jaarlijks 10 procent niet volgens de juiste methoden verwerkt. Bij oneigenlijke verwerking wordt de hele auto verbrand in een ijzersmelter of het autowrak verdwijnt naar het buitenland. Dat is weliswaar goedkoper, maar levert ook meer vervuiling op. Dat percentage moet omlaag, volgens Janet Kes van ARN. Cradle to Cradle De 95 procent recycling betekent overigens niet dat al het materiaal van de oude auto gebruikt wordt om een nieuwe auto te maken. Dat is erg lastig, volgens Kes. “Een 17 jaar oude auto is samengesteld uit andere onderdelen dan een nieuwe.” Een Cradle to Cradle-systeem voor auto’s zit er volgens haar dan ook niet in. De gerecyclede materialen lenen zich beter voor toepassing in de bouw en als straatmeubilair. Zo worden plaatsnaamborden tegenwoordig niet van aluminium gemaakt, maar van het composietmateriaal BlueRoots. Sinds 2011 maakt ARN gebruik van de Post-Shredder Technologie (PST), waardoor de scheiding van materialen aanzienlijk is verbeterd. Bron: ARN | Foto: ARN