Sabine Sluijters 08 juni 2021, 08:47

Netbeheerders lanceren platform voor open innovatie Rethinking Energy

Hoe houden we voldoende capaciteit op het elektriciteitsnet? Hoe zorgen we ervoor dat vraag en aanbod van stroom goed in balans is? Het zijn vraagstukken waar de netbeheerders Alliander, Enexis Netbeheer en Stedin nu al mee worstelen. En met de toename aan variabele energiebronnen zoals zonne- en windenergie zal dat in de toekomst alleen maar toenemen. Oplossingen liggen nog niet voor het oprapen en daarom nemen de netwerkbedrijven hun toevlucht tot open innovatie. Vandaag lanceren zij gezamenlijk het platform Rethinking Energy, dat bedrijven wereldwijd oproept mee te werken aan oplossingen voor deze problemen.

Rethinking energy Met het platform willen de netwerkbeheerders de energietransitie versnellen | Beeld: AdobeStock

Met het platform hopen de netbeheerders de beste technologische oplossingen te vinden om zo de energietransitie te versnellen. Want dat is hard nodig volgens innovatiemanager Pieter Janssen van Enexis Netbeheer: "We hebben een enorme opgave om de energietransitie te faciliteren. De netbeheerders werken hard aan innovaties, en alle hulp van buiten is daarbij zeer welkom.”

Daarbij kijken de organisaties nadrukkelijk over de grens. "Met deze aanpak hebben we de mogelijkheid om wereldwijd oplossingen in kaart te brengen en samenwerkingsverbanden aan te gaan met de beste spelers in de markt", laat Marcel Postema, innovatiemanager bij Alliander in het persbericht weten.

In plaats van steeds opnieuw zelf het wiel uit te vinden willen de netwerkbedrijven samen met andere bedrijven zoeken naar nieuwe of bestaande oplossingen. Aart Jan Zwartscholten, manager Innovatie van Stedin: “We gaan samen leren, om die lessen vervolgens ieder in onze eigen werkgebieden toe te passen."

Lokale energiesystemen mogelijk maken

De eerste twee vraagstukken die het platform heeft uitgezet gaan over het balanceren en stabiliseren van het elektriciteitsnet. Zo vragen de netbeheerders om oplossingen die het inzetten van lokale energiesystemen die los van het elektriciteitsnet staan mogelijk maken. Dit soort zelfstandige energiegemeenschappen zoals een woonwijk of een industrieterrein dat zijn eigen elektriciteit opwekt, zouden een extra laag kunnen toevoegen aan het huidige elektriciteitsnet. Omdat ze niet aangesloten hoeven te worden is netverzwaring niet nodig wat veel kosten bespaart.

Het tweede vraagstuk gaat over het steeds onvoorpelbaarder worden van ons elektriciteitsgebruik. We gaan steeds meer gebruikmaken van elektrische apparaten. De auto is elektrisch, we koken elektrisch, hebben steeds vaker zonnepanelen en een warmtepomp om het huis te verwarmen. Het gebruik van elektriciteit wordt daardoor grilliger en onvoorspelbaarder. Dat maakt het lastig voor netbeheerders om het aanbod van elektriciteit op af te stemmen en te voorkomen dat er niet voldoende stroom is. Het platform zoekt nu naar nieuwe technologiebedrijven die door middel van openbare en commerciële data het gedrag van consumenten en hun energieverbruik kunnen voorspellen.

Internationale belangstelling

Open innovatie is nieuw voor de netwerkbedrijven en kan op internationale belangstelling rekenen. Volgens initiatiefnemer Pieter Paul van Oerle van strategisch adviesbureau nlmtd dat het proces begeleidt hebben bedrijven uit andere landen ook al interesse getoond om hun vraagstukken uit te zetten via het platform. De eerste resultaten worden over een aantal weken verwacht.

World Ocean Day: deze zeven projecten dragen bij aan een gezonder en duurzamer voedselsysteem met oog voor de oceaan

De watersector krijgt verschillende uitdagingen voor zijn kiezen: van biodiversiteitsverlies in de zeeën en oceanen tot watervervuiling. Om innovatie in de sector te versnellen selecteerde het European Institute of Innovation and Technology (EIT) zeven projecten die onderdeel mogen uitmaken van hun community en in aanmerking komen voor financiering.De sector kan een belangrijke bijdrage leveren aan de strijd tegen klimaatverandering, de vermindering van vervuiling en de bescherming van ecosystemen, stelt de Europese Commissie. Deze zeven projecten geven het goede voorbeeld:1. Langer houdbare zeevruchten zonder toevoegingen Het Nederlandse SuSea, de Deense universiteit van Aarhus en de Landbouwuniversiteit van Athene gaan samen nieuwe verwerkingstechnologieën ontwikkelen die de houdbaarheid van zeevruchtproducten verlengen zonder toevoegingen en zonder de producten op te warmen. Hoe zij dat doen? Ze dehydrateren de zeevruchten heel snel met behulp van een gepatenteerd vloeibaar middel dat natuurlijke ingrediënten bevat die de houdbaarheid verdubbelen. 2. Op land gekweekte tonijn Een samenwerking tussen het Duitse Next Tuna GmbH, The Spanish Institute of Oceanography, Wageningen Livestock Research en het Noorse Seafarming System AS moet de eerste duurzame Europese tonijnproductie opleveren. De samenwerkingspartners willen Atlantische blauwvin-tonijn in een milieuvriendelijk aquacultuursysteem op het land kweken. Lees ook: WUR en investeerder Pymwymic gaan samenwerken om de transitie van het voedselsysteem te versnellen3. Afvalwater als grondstof voor visvoer Het Zweedse Cewatech, de Technical University of Denmark en het IJslandse Matis willen sojameel en vismeel als visvoer-ingrediënten overbodig maken. In plaats daarvan willen zij visvoer voor zalm ontwikkelen dat eiwitten op basis van schimmels bevat waarvoor zij afvalwater uit de zetmeelindustrie hergebruiken.  4. Systeem om duurzame viskweek zonder luizenoverlast op te schalen Een consortium van partijen uit het Verenigd Koninkrijk en Noorwegen werken samen aan een systeem dat duurzaam beheerde viskwekerijen de mogelijkheid biedt om op te schalen. Dat doet het door een afvalvrij preventie- en controlesysteem op de markt te brengen dat zeeluizen in toom houdt.   Zeeluizen komen vooral voor in fjorden en in Schotse wateren. Als er te veel van deze parasieten zijn, kunnen ze vervelende wonden veroorzaken bij zalm.  5. Verbinding tussen de academische wereld en de consument Om verduurzaming te versnellen is samenwerking cruciaal. Daarom lanceren het Italiaanse Milcoop BC, Federpesca en Gargano Pesca Consortium samen met de Griekse universiteit Peloponnese en het Duitse Focos een platform waar verschillende belanghebbenden met elkaar het gesprek aan kunnen gaan: van academici tot consumenten.  6. Bescherming van jonge schelpdieren De Nederlandse Stichting Seashell werkt samen met twee Italiaanse organisaties aan de productie van schelpdieren. Het doel van hun schelpdierkweeksysteem is om het welzijn van jonge schelpdieren te garanderen en voedselzekerheid voor toekomstige consumenten te waarborgen. Het project moet een oplossing bieden voor het gebrek aan schelpenzaad waar sommige schelpen-boeren mee kampen.  7. Recirculatiesystemen voor zalm opschalen Onder de naam Just Add Water werken Italiaanse onderzoeksinstellingen samen met het Britse FishFrom aan de opschaling van recirculatiesystemen (RAS) waarmee Atlantische zalm in de gehele Europese Unie wordt gekweekt. Deze methode beperkt water- en energiegebruik tot het minimum.  “Commerciële bedrijven hebben niet altijd de kans om de academische wereld te ontmoeten. Laat staan ermee samen te werken", reageert Andrew Robertson, directeur van FishFrom. Daarom is hij blij dat hij via het EIT Food-netwerk deze partners vond. “Dat wij vervolgens ook nog financiering kregen om deze technologie te ontwikkelen, op de markt te brengen en te exploiteren, is absoluut fantastisch." Kusttoerisme, visserij en offshore windenergie; het zijn sectoren die voor hun inkomsten afhankelijk zijn van de oceaan. Overbevissing, plasticvervuiling en opwarming van de aarde brengen deze opbrengsten in gevaar. Waarom noemt het United Nations Environmental Program (UNEP) juist dit decennium het decennium van de oceaan?