Jeroen de Boer
10 juni 2026, 07:08

Nieuwsupdate: Nederlandse CO2-uitstoot daalt door groei windenergie en wonderbatterij Donut Lab zwaar onder vuur

De uitstoot van broeikasgassen van Nederland is in het eerste kwartaal gedaald, mede dankzij de groei van windenergie. Verder in het nieuws: Nederlandse huishoudens verspillen minder voedsel en wonderbatterij van Finse startup krijgt vernietigende kritiek.

CO2-uitstoot Nederland windenergie kolen | Credits: Jesse de Meulenaere / Unsplash,.com

Daling Nederlandse CO2-uitstoot: meer wind, minder kolen

De uitstoot van broeikasgassen is in het eerste kwartaal van dit jaar met 5 procent gedaald tot 42,2 miljoen ton CO2-equivalent. Het grootste deel van de daling zit in de uitstoot van koolstofdioxide (CO2), blijkt uit woensdag gepubliceerde cijfers van het CBS.

De belangrijkste bijdrage aan de uitstootdaling in Nederland kwam van de elektriciteitssector, waar de emissies met liefst 12,5 procent afnamen. Dat kwam vooral doordat er minder stroom werd opgewekt met kolencentrales, terwijl de productie van elektriciteit uit windturbines relatief hoog was. In de mobiliteitssector zakte de CO2-uitstoot mede door minder verbruik van in Nederland verkochte diesel, als gevolg van sterke prijsstijgingen. Diesel die over de grens wordt getankt, telt niet mee in de “Nederlandse uitstoot.

Lees ook: Van de 20 grootste CO2-uitstoters hebben maar 2 landen geen doel voor netto nul-emissies

Nederlandse huishoudens gooien nog ‘maar’ 1 maaltijd per week weg

Nederlandse huishoudens verspilden in 2025 gemiddeld 25,5 kilo voedsel per persoon. Dat komt neer op het gewicht van één maaltijd per week, zo blijkt uit onderzoek van het Voedingscentrum dat eens in de drie jaar wordt gedaan. Trendmatig daalt de voedselverspilling, want in 2015 werd er gemiddeld nog 36 kilo voedsel per persoon weggegooid.

Vooral brood, groente, fruit, aardappelen en zuivel belanden nog relatief vaak bij het afval. Het onderzoek laat zien dat 81 procent van de Nederlanders onderschat hoeveel voedsel er wordt verspild. Het Voedingscentrum benadrukt ook dat minder eten weggooien gunstig is voor de portemonnee. Het afgelopen jaar werd 7 procent van de gekochte hoeveelheid voedsel verspild; dat komt neer op een bedrag van 100 euro per persoon per jaar.

Lees ook: Is halvering voedselverspilling in 2030 nog haalbaar? ‘We moeten het aanpakken bij de bron’

Sterke steun in Europa voor energie-onafhankelijkheid en schone energie

De oorlog in het Midden-Oosten lijkt gunstig uit te pakken voor de politieke steun van Europeanen om de eigen energievoorziening te verduurzamen. Een peiling van YouGov in opdracht van onder meer klimaatorganisatie Transport & Environment laat zien dat er in vijf grote Europese landen duidelijke steun is voor het beperken van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. In Spanje, Duitsland, Frankrijk, Italië en Polen vindt gemiddeld drie op de vijf respondenten dat Europa veiliger wordt als de import van fossiele brandstoffen wordt afgebouwd.

Liefst acht op de tien respondenten staan positief tegenover meer Europese samenwerking op energiegebied, ongeacht de politieke voorkeur. Centrum-rechtse kiezers staan het meest positief tegenover maatregelen voor elektrificatie op basis van hernieuwbare energie.

Lees ook: Investeringen in duurzame energie dit jaar bijna dubbele van fossiel

Cultuursector gaat zich met eigen beraad bezinnen op klimaat

Afgelopen jaar organiseerde Nederland het Nationaal Burgerberaad Klimaat en dat heeft een inspirerende werking. Op sectorniveau komt er een opvolger in de vorm van het Cultuurberaad Klimaat. Dit vindt plaats in het najaar als initiatief van een brede coalitie van culturele brancheverenigingen en andere instellingen.

Een groep van vijfenzeventig cultuurmakers moet zich gaan buigen over de rol van kunst en cultuur in de klimaattransitie. Op 9 juni gaat de wervingscampagne van start. Cultuurmakers kunnen zich via een website opgeven, waarna op basis van criteria als leeftijd, gender, regio, functie en cultuurdiscipline via een lotingsysteem een zo representatief mogelijke groep wordt samengesteld voor het Cultuurberaad.

Lees ook: Dit is de effectiefste manier om mensen aan te sporen tot klimaatactie, blijkt uit onderzoek

Wonderbatterij van Finse Donut Lab zwaar onder vuur

In de batterijwereld wordt reikhalzend uitgekeken naar de komst van zogenoemde vastestofbatterijen (solid state). Die hebben in theorie grote voordelen voor elektrisch rijden: een hogere energiedichtheid die de actieradius vergroot en snelle laadtijden. Tegelijk zijn er nog serieuze technische obstakels te overwinnen. Des te verrassender was het dan ook dat de onbekende Finse startup Donut Lab begin dit jaar aankondigde een werkende solidstatebatterij te hebben ontwikkeld. Die zou dit jaar worden geleverd voor elektrische motorfietsen.

Doordat Donut Lab mondjesmaat details vrijgaf, groeide de scepsis. Batterijonderzoeker Ziroth stelt in een nieuwe reportage van 45 minuten op zijn YouTube-kanaal dat er vrij hard bewijs is dat de batterij van Donut Lab een klassieke lithiumionbatterij is, meldt Interesting Engineering. Als dit wordt bevestigd, komt Donut Lab in zwaar weer, omdat het bedrijf geld heeft opgehaald bij beleggers met een heel andere belofte. In een reactie zegt Donut Lab  achter zijn ‘technische data en toezeggingen’ te blijven staan.

Lees ook: De race om de solid state-batterij is losgebarsten: deze autofabrikanten strijden om de hoofdprijs

Ook in de media:

  • Grote banken zetten nog steeds in op financiering fossiele sector (Banking on Climate Chaos)
  • Afvalwater kan dienen als bron voor kleuren van kleding, in plaats van verf (TU Delft)
  • Energiecoöperaties winnen zaken bij ACM over toegang tot stroomnet (Telegraaf)
  • Nieuwe El Niño kan productie van wind- en zonne-energie in Europa raken (Edie)
  • In de prijs van een smarpthone wordt gemiddeld € 141 aan milieukosten niet meegenomen (Refurbed)
  • Nieuwe SDG-impactwijzer voor bedrijven in Nederland als impacttool (SDG Nederland)

Groot Nederlands project versnelt duurzame chemie met robotlabs en AI, zodat we straks zonder aardolie kunnen

‘Verduurzaming in de chemie is voor flink wat producten veel complexer, vergeleken met uitdagingen in de energietransitie. Bij elektriciteit maakt het niet uit of elektronen die door je computer stromen van een windturbine of een kolencentrale komen. Maar als je op aardolie gebaseerde bouwstenen in zeep, verf of medicijnen wilt vervangen door moleculen uit biologische reststromen, wordt het een stuk ingewikkelder. Dat geldt specifiek voor producten die zijn opgebouwd uit mengsels van complexe moleculen.’Hoogleraar fysisch-organische chemie Wilhelm Huck van de Radboud Universiteit Nijmegen opereert aan de wetenschappelijke frontlinie van wat je gerust de grootste opgave voor de verduurzaming van de economie in de komende vijfentwintig jaar kunt noemen. ‘Het gaat niet alleen om een academische koerswijziging, maar vooral ook om een industriële omslag’, zegt Huck.[caption id="attachment_180579" align="alignright" width="300"] Hoogleraar fysisch-organische chemie Wilhelm Huck. Crecdit: Marcel van Hoorn.[/caption]Eén van de belangrijkste opgaven is hoe je alledaagse producten als zeep en verf met behoud van hoge kwaliteit grootschalig produceert zónder aardolie. Huck denkt dat de sleutel ligt bij het drastisch versnellen van onderzoeksprocessen in de chemie met behulp van ‘robotlabs’ en kunstmatige intelligentie (AI). Dat is ook de kern van het project Big Chemistry, waarvoor hij als wetenschappelijk directeur fungeert.Huck werkt nauw samen met zo'n vijfentwintig collegawetenschappers aan de universiteit in Eindhoven, Nijmegen, Groningen en bij onderzoeksinstituut Amolf. Daarnaast is hij bestuurslid van de stichting Big Chemistry, samen met Marcel Wubbolts en Stan Gielen.Gielen voert als voorzitter van de stichting onder meer de regie over het koppelen van wetenschappelijke innovatie aan impact voor het bedrijfsleven. ‘De interesse vanuit het bedrijfsleven is behoorlijk groot; we hebben inmiddels contacten met zo’n vijftig bedrijven die gebruik willen maken van onze R&D-faciliteiten voor pilotprojecten’, zegt hij. Big Chemistry: AI en robotlabs Big Chemistry is een samenwerkingsverband van drie universiteiten (Radboud Universiteit Nijmegen, TU Eindhoven en Rijksuniversiteit Groningen), onderzoeksinstituut Amolf en de Fontys Hogeschool in Eindhoven. Het project startte eind 2023 en loopt tot 2030, gesteund door een subsidie van 97 miljoen euro van het Nationaal Groeifonds. De volautomatische chemische laboratoria (robotlabs) zijn een belangrijk onderdeel van het project. Daar worden continu tests gedaan met bijvoorbeeld basisoplossingen voor het produceren van mengsels. De testresultaten leveren hoogwaardige data op over de samenstelling en eigenschappen van mengsels, waarmee AI-modellen kunnen worden getraind. Doel is dat de AI-modellen daardoor betere voorspellingen gaan doen over potentiële nieuwe mengsels en de daarvoor benodigde complexe moleculen. Op basis van de output van AI-modellen kunnen ook weer praktijktests worden gedaan in de robotlabs. Zo kan de cyclus van chemisch onderzoek drastisch worden versneld. Het onderzoek van Big Chemistry richt zich op toepassingen voor persoonlijke verzorging (o.a. zeep), de verfindustrie, medicijnen en voeding. Er zijn enkele onderzoeksprojecten met bedrijven uit deze sectoren. Daarnaast kunnen ondernemingen voor hun R&D-activiteiten testaanvragen doen bij de robotlabs van Big Chemistry. Tot de doelen van het project behoren onder andere het opleveren van nieuwe duurzame producten, de verduurzaming van bestaande producten en een besparing van 10 miljoen euro op de R&D-kosten van bedrijven. Daarnaast moeten 225 mensen worden opgeleid op het gebied van data- en AI-gedreven chemie.AI is nog niet slim genoeg voor de chemie Een belangrijke uitdaging voor de toepassing van AI in de chemie is de beschikbaarheid van hoogwaardige data, legt Huck uit. ‘Het is in de scheikunde lastig om goed te voorspellen wat er met bijvoorbeeld de kwaliteit van verven en coatings gebeurt als je de samenstelling van mengsels aanpast. Een manco van huidige AI-modellen is dat ze hoofdzakelijk worden gevoed met taaldata. Je hebt veel meer chemische data nodig voor een beter begrip van complexere moleculen en mengsels. Daarvoor zijn de robotlabs belangrijk.’Hoewel Big Chemistry zich inhoudelijk beperkt tot toepassingen die liggen in de hoek van verfproducten, persoonlijke verzorging, medicijnen en voedingsingrediënten, zijn er wel raakvlakken met andere initiatieven die zich richten op de inzet van AI voor chemisch onderzoek.Zo is er contact met de startup CuspAI van hoogleraar Max Welling, die afgelopen jaar 100 miljoen dollar aan groeifinanciering ophaalde. CuspAI richt zich onder meer op een aantal belangrijke onderwerpen op het gebied van duurzaamheid, zoals het identificeren van materialen die op een efficiëntere manier CO2 uit de lucht filteren (metal-organic frameworks).‘Je kunt AI-modellen inzetten om potentieel geschikte nieuwe materialen te identificeren, maar het helpt daarvoor enorm als je betere chemische data hebt’, zegt Huck. ‘Efficiënte testfaciliteiten zijn ook cruciaal om te bepalen of nieuwe formules in de praktijk werken. Daarin kun je elkaar ondersteunen.’ Voordeel robotlabs voor bedrijven De robotlabs van Big Chemistry bieden een nieuwe infrastructuur waar verschillende bedrijven gebruik van kunnen maken. Huck: ‘Voor individuele bedrijven is het vaak duur om zo’n lab zelfstandig op te zetten. We richten ons op thema’s die voor verschillende ondernemingen interessant zijn om de waarde van de laboratoria te vergroten.’Ondernemingen kunnen in de vroege R&D-fase ideeën testen in de labs. ‘Als daar interessante resultaten uit voortvloeien, kunnen bedrijven zelf vervolgstappen zetten. Omdat ze dan al meer weten over een nieuwe aanpak, wordt het investeringsrisico lager.’ 'Kwaliteit uitzonderlijk hoog' Binnen Europa zijn de activiteiten van Big Chemistry potentieel van grote strategische waarde, gelet op de uitdagingen waar de chemiesector voor staat. Onder meer in Rotterdam voelt de basischemie zware concurrentiedruk uit China, terwijl er tegelijk een noodzaak is om te verduurzamen.Hoe onderscheidend is de combinatie van robotlabs en AI als je kijkt naar wat er buiten Europa gebeurt? Voorzitter Gielen van Big Chemistry zegt dat er inmiddels vergelijkbare projecten zijn gelanceerd, onder meer in Canada en China: 'Wat betreft de innovatiekracht doet Big Chemistry het helemaal niet slecht. In onze robotlabs kun je bijvoorbeeld in drie minuten tests doen die voorheen een paar dagen in beslag namen. Dat is een enorme vooruitgang.’‘Tegelijk is het zo dat we hier drie labs hebben van elk zo’n twintig bij twintig meter, terwijl er in China momenteel robotlabs worden gebouwd die per stuk de omvang van een voetbalveld hebben. Het niveau van de investeringen is daar van een andere orde.’[caption id="attachment_180580" align="alignright" width="300"] Stan Gielen, voorzitter van de stichting Big Chemistry. | Credits: Marcel van Hoorn[/caption]Toch zijn Nederland en Europa hiermee niet bij voorbaat kansloos, zegt Gielen. ‘De kwaliteit van het wetenschappelijk onderzoek is hier uitzonderlijk hoog en dat bepaalt mede hoe effectief de inzet van zelfsturende labs en AI is.’Tekenend is dat er vanuit China interesse is voor de activiteiten van Big Chemistry. Gielen: ‘Aan de ene kant is dat natuurlijk positief, want je wilt als wetenschap de mensheid in brede zin dienen. Maar het is uiteraard niet de bedoeling dat de commerciële waarde van kennis die hier wordt ontwikkeld, weglekt naar landen als China. Dus daar gaan we wel voorzichtig mee om.’ Strategisch belang voor Europa Volgens Gielen is het essentieel dat er binnen Europa een nieuw ecosysteem wordt opgebouwd voor een duurzame chemische industrie. ‘We kijken met Big Chemistry al naar mogelijkheden om een gemeenschappelijke basis te creëren met wetenschappelijke instituten in Duitsland, zodat databases onderling toegankelijk en uitwisselbaar worden. Positief is ook dat we binnen het project al 150 mensen hebben opgeleid op hbo- en universitair niveau.’Als Europa de toekomst van de eigen chemiesector serieus neemt, moeten overheden wat Gielen betreft de komende jaren doorpakken met gerichte financiële steun. ‘De resultaten van ons eigen project stemmen hoopvol, maar het zou zeer jammer zijn als dat bijvoorbeeld in 2030 stopt. Ik wil er daarom nu al voor pleiten bij de Nederlandse regering om ook daarna strategisch te investeren in dit type projecten, met een duidelijke kruisbestuiving tussen wetenschap en bedrijfsleven. Dan kun je ervoor zorgen dat we in Europa een duurzame en autonome basis ontwikkelen voor de chemische industrie.’ Lees ook:Grote industrie blijft onmisbaar in transitie Rotterdamse haven: 'De installaties blijven bestaan, de brandstoffen veranderen' Van bioplastics tot duurzame vliegtuigbrandstof: Delfzijl hotspot voor nieuwe economie Hoogleraar energie en duurzaamheid Gert Jan Kramer: 'Nederland moet knoppen zo zetten dat concurrentienadeel verdwijnt'