Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 04 april 2013, 12:00

Onderhoud windmolens goedkoper door klimmende robot

Onderhoud aan windmolens kan goedkoper, dankzij een nieuw ontwikkelde robot. Hierdoor kunnen de prijzen van windenergie lager worden.

Helical robotics e1365069315107

Het Amerikaanse bedrijf Helical Robotics ontwikkelde een robot, de HR-MP20, die inspectie- en onderhoudstaken kan doen bij zowel windmolens op land als op zee. Omdat monteurs niet meer omhoog hoeven te klimmen wordt onderhoud dankzij de robot efficiënter, gemakkelijker en dus goedkoper.

De robot ziet er uit als een koffer op wielen en is een knap stukje techniek. Met behulp van magneten kan hij namelijk verticaal langs de toren van een windmolen omhoog klimmen. Daarbij kan 9 kilogram aan instrumenten mee omhoog worden genomen, terwijl de robot zelf maar 19 kilogram weegt.

Volgens Bruce Schlee, directeur van Helical Robotics, is de robot een belangrijke stap in de transitie naar duurzame energievoorziening. ‘Het succes van windenergie en andere hernieuwbare energiebronnen hangt af van dit soort nieuwe technologieën. Onze robot verlaagt de kosten van onderhoud en inspectie aan windmolens, waardoor windenergie een betere concurrentiepositie krijgt.’

Als bergbeklimmers

Momenteel is er voor het onderhoud van windmolens ingewikkelde apparatuur en goed opgeleid personeel nodig. Ook zijn de taken vaak nogal omslachtig. Een voorbeeld is de inspectie van de bladen. Dat kan gedaan worden vanaf de grond, maar dan heeft de inspecteur een sterke telescoop nodig. Het kan ook gedaan worden in de toren zelf, maar dan moeten de inspecteurs als bergbeklimmers langs de buitenkant van de toren klimmen.

Recent is de HR-MP20 getest in een windmolenpark in de Amerikaanse staat Minnesota. Daar bleek dat de robot inderdaad handiger was dan conventionele onderhoudsmethodes, onder andere omdat de robot beter bestand is tegen wind en slecht weer.

Bron: CleanTechnica

Foto: Helical Robotics

Bloomberg: Japan wordt tweede grootste zonne-energiemarkt

Door verschillende projecten zal de hoeveelheid zonne-energie installaties in Japan dit jaar flink toenemen, blijkt uit een analyse van BNEF. Het doel is om het huidige geïnstalleerde vermogen van 6,1 gigawatt naar 9,4 gigawatt te brengen. Dit is een stuk hoger dan een eerdere inschatting van het Amerikaanse onderzoeksbureau uit 2012, waarbij werd gerekend op een totaal geïnstalleerd vermogen van 'slechts' 4 gigawatt.“De bijstelling in wat we voor het komende jaar verwachten, is gekomen door de snelle toename van installaties en de onverwacht sterke projecten,” schrijft BNEF in het rapport. De analyse weerspiegeld de ambitie om het belang van alternatieve bronnen in Japan te vergroten,  een idee dat is ontstaan na de kernramp bij Fukushima in maart 2011. Japan is in juli 2011 begonnen met het aanbieden van feed-in tarieven (FIT), om het gebruik van zonne- en windenergie te stimuleren.Een obstakel om de groei te verwezenlijken zou een gebrek aan geschoolde werknemers kunnen zijn, maar ook de hoge systeemkosten om aan de internationale standaarden te voldoen. Prominente rol zonne-energie Een eerder onderzoek van IMS Research wees al uit dat Japan de ambities heeft om op het gebied van zonne-energie een grote groei door te maken. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat Japan voor 2013 nog vijf gigawatt aan nieuw te installeren zonne-energie in het vooruitzicht heeft, waarmee het Aziatische land op een totaal van 12 gigawatt geïnstalleerd vermogen zal komen.De cijfers uit beide onderzoeken komen dan wel niet helemaal overeen, ze hebben wel eenzelfde conclusie: in het land van de rijzende zon krijgt zonne-energie een steeds prominentere rol.Tot nu toe heeft Italië het record van het hoogste aantal nieuw geïnstalleerde installaties binnen een jaar: 7,9 gigawatt in 2011. Naast Japan gaat China dit jaar ook in de buurt van dit record komen: de Chinezen zijn van plan om in 2013 voor 6,2 gigawatt aan zonne-energie te installeren, waardoor het land vermoedelijk een totaal geïnstalleerd vermogen van 10.5 gigawatt bereikt.Bron: BNEFFoto: Commander U.S. 7th Fleet