André Oerlemans
20 februari 2024, 11:30

TNO gaat onderzoek doen naar witte waterstof in Nederland en Antillen

TNO gaat in Nederlandse steenkoollagen onderzoek doen naar de aanwezigheid van witte waterstof. Ook in de Antillen wordt gekeken of dit natuurlijk gevormde gas aanwezig is.

Getty Images 1404041789 Witte of natuurlijke waterstof uit de bodem wordt gezien als oneindige, schone energiebron. | Credits: Getty Images

Dat antwoordt
minister Rob Jetten van Klimaat en Energie op vragen van Tweede Kamerlid Silvio Erkens van de VVD, naar aanleiding van verhalen in buitenlandse media. Daarin wordt witte waterstof een onuitputtelijke schone energiebron genoemd, waar je net als bij olie en gas naar kunt boren in de bodem. In landen als Australië en Mali wordt dat al met succes gedaan.

Kans is klein

Witte of natuurlijke waterstof wordt in diepere ijzerrijke grondlagen gevormd door chemische reacties van heet water met ijzer. Het waterstofgas stroomt daarna naar boven en hoopt zich op in ondieper gesteente. Dat soort geologische omstandigheden komt in Nederland nauwelijks voor. Vanwege boringen naar olie, gas en geothermie is de Nederlandse bodem goed in kaart gebracht. Daarom acht Jetten de kans klein dat er witte waterstof wordt gevonden. “Voor zover bekend zijn er in de duizenden Nederlandse boringen in de diepe ondergrond nooit significante hoeveelheden waterstof gemeten en zijn er nergens in Nederland natuurlijke emissies van waterstof waargenomen”, stelt de minister.

Witte waterstof onder steenkool

Toch sluit hij de kans dat er wel degelijk witte waterstof in de bodem zit niet uit. Volgens Jetten zijn private bedrijven en investeerders vrij om hier onderzoek naar te doen. Natuurlijke waterstof kan namelijk ook voorkomen onder steenkoollagen en die heeft Nederland wel, bijvoorbeeld in Limburg. In het Franse steenkoolgebied Lotharingen ontdekten onderzoekers in oktober 2023 een enorme voorraad witte waterstof in een ondergronds reservoir. Ze schatten dat daar 46 miljoen ton witte waterstof onder de grond zit. Ook in Spanje zitten waarschijnlijk grote voorraden in de bodem.

Limburg en Antillen

Daarom is TNO recent begonnen met een inventarisatie van de potentiële aanwezigheid van waterstof in de Nederlandse ondergrond. Vanwege de overeenkomsten tussen de steenkoollagen in Nederland en Frankrijk kijkt TNO of er ook hier gas uit de bodem kan worden gewonnen. Daarnaast kijkt Nederland naar de overzeese Caraïbische gebieden. Daar zijn de geologische omstandigheden in de ondergrond volgens Jetten wel zodanig, dat er natuurlijke waterstof gevormd kan worden.

Groene opvolger van olie

In andere landen zijn ze een stuk enthousiaster over de potentie van witte waterstof. De Amerikaanse Geological Society (GSA) concludeerde in 2022 in een voorlopig onderzoeksmodel dat natuurlijke waterstof tot 2100 de helft van alle benodigde groene waterstof in de wereld kan leveren. Wel honderden megatonnen per jaar. De Geological Society van London noemt deze ‘gratis’ waterstof de groene opvolger van olie. Het Amerikaanse bedrijf Natural Hydrogen Energy LLC (NH2E) heeft al succesvolle boringen naar het gas gedaan.

Kijk hier naar de video van Natural Hydrogen Energy LLC over het boren naar witte waterstof:

Nederlandse experts

Volgens Jetten kunnen Nederlandse marktpartijen en kennisinstellingen vanwege hun kennis en expertise een rol spelen in de zoektocht naar natuurlijke waterstof in het buitenland. Nu al zijn Nederlandse experts betrokken bij het in kaart brengen van de stand van zaken op dit gebied en het ontwikkelen van een zogeheten roadmap. Volgens Jetten zou Nederland het klimaatneutrale gas kunnen importeren, als het in voldoende mate wordt gevonden.

Lees en kijk ook:

Financieren banken zichzelf de ondergang in? De ECB hint daar wel op

Is het overdreven om banken ‘fossiele junkies’ te noemen? Vroeger, toen we als samenleving nog niet veel mis vonden met brandstoffen als olie, kolen en gas, misschien wel. Maar inmiddels, nu banken bijna negen jaar na het klimaatakkoord van Parijs nog altijd investeren in de fossiele industrie, kun je toch wel van een hardnekkige afhankelijkheid spreken. De bewijzen daarvan stromen immers binnen. Zo kopte The Guardian eind vorig jaar dat banken sinds het Parijs-akkoord biljoenen euro’s in fossiele projecten in ontwikkelingslanden pompten. Ook ontdekten Investico en Follow The Money dat Nederlandse banken die publiekelijk aangaven te stoppen met fossiele financiering, gebruikmaken van ‘loopholes’ om het geld toch die kant op te krijgen. En zelfs nu Milieudefensie een rechtszaak heeft aangespannen tegen ING, sputtert de laatstgenoemde tegen dat het stoppen met de financiering van fossiele brandstofwinning de klimaatproblematiek niet zal oplossen. Terwijl experts van onder meer het Internationaal Energieagentschap wel degelijk zeggen dat we nú met fossiele beleggingen moeten stoppen om de opwarming van de aarde nog te beperken tot 1,5 graden Celsius. Negen van de tien banken Het meest recente bewijs dat banken worstelen met hun fossiele portfolio komt van de Europese Centrale Bank (ECB). Die toonde aan dat het beleid van 90 procent van de Europese banken niet in lijn is met het klimaatakkoord van Parijs. Negen van de tien banken in de EU blijken te investeren in bedrijven die maar weinig klimaatactie nemen. Daarmee houden ze niet alleen het fossiele systeem in stand en vertragen ze de overgang naar een schonere economie, volgens de ECB zetten ze ook hun eigen bestaanszekerheid op het spel. “Deze uitkomst verrast ons niet”, vertelt Quentin Aubineau van BankTrack, een non-profit die het klimaatgedrag van de financiële sector monitort. “Ngo’s en wetenschappers verzoeken banken al langere tijd om te stoppen met het financieren van bedrijven die niet voldoen aan het klimaatakkoord van Parijs. We worden dan vaak uitgemaakt voor activisten. Het feit dat deze studie en de bijbehorende boodschap afkomstig is van de gerenommeerde ECB, een instituut dat absoluut niet activistisch genoemd kan worden, maakt duidelijk hoe urgent de situatie is.” Benchmarks Aubineau roemt de ECB voor zijn concrete manier van het meten van klimaatbeleid onder banken. “De analyse is gebaseerd op de plannen van bedrijven waar banken financiering aan verlenen. Dus niet de uitgesproken ambities van die bedrijven om klimaatneutraal te zijn in 2050, maar hun harde plannen voor de komende vijf jaar. Die heeft de ECB vervolgens getoetst aan benchmarks die in lijn zijn met het klimaatakkoord van Parijs. Veel van de bedrijven zitten onder de benchmark, terwijl banken er toch nog in investeren. Dat is echt heel erg relevant om te weten.” Relevant, vindt hij, omdat er een groot verschil zit tussen uitgesproken intenties en daadwerkelijke actie. “Veel banken zeggen dat hun klanten zich hebben gecommitteerd aan een pad richting een net-zero economy in 2050. Maar in de praktijk houden die zich nog volop met olie- en gasprojecten bezig. Zowel met de uitbreiding van huidige projecten, als nieuwe. Heel weinig banken hebben echt gezegd: hier gaan we niet meer in investeren.” In gesprek Dat worden er wel steeds meer. Zo maakte de Britse bank Barclays, een beruchte belegger in fossiele brandstofprojecten, bekend om te stoppen met het financieren van nieuwe olie- en gasvelden. Ook ING kondigde vorig jaar aan om zulk soort investeringen te staken. Toch vindt Aubineau de algehele inspanning van de financiële sector beperkt, of te laat. Bovendien hebben banken het in de voorgaande gevallen vaak alleen over directe financiering aan fossiele bedrijven, projectfinanciering genoemd. “Maar dat betreft slechts 4 procent van fossiele investeringen”, legt Aubineau uit. “Er zijn nog veel meer andere manieren waarop banken kunnen investeren in olie- en gas. Bijvoorbeeld door middel van obligaties.” Zelf geven banken aan dat ze in gesprek gaan met hun vervuilende klanten. Dat vertelde ook ING-topman Steven van Rijswijk bij de meest recente presentatie van de jaarcijfers van de bank. Maar volgens Aubineau is dat te laat. “Twee of drie jaar geleden kon je dit nog zeggen, met een duidelijke deadline voor je klanten in het achterhoofd. Maar de klanten met wie banken toen beweerden in gesprek te zijn, ontwikkelen nog altijd nieuwe fossiele projecten. Een gesprek alleen blijkt dus niet genoeg om invloed te hebben.” Eigenbelang De ECB geeft aan dat het óók in het economische belang van de banken zelf is om klimaatbewuster beleid te voeren. Uit de analyse blijkt namelijk dat 70 procent van de Europese banken vatbaar is voor rechtszaken en andere juridische actie, aangezien ze publiekelijk verbonden zijn aan harde klimaatafspraken. Dat kan in de eerste plaats leiden tot financiële schade, onder meer door het gevaar van zogeheten gestrande activa. Dat zijn bijvoorbeeld olievelden die verplicht buiten werking gesteld zijn, maar die wel nodig geweest waren voor het rendement van een bank. Bovendien kunnen rechtszaken, al helemaal in het geval van verlies, zorgen voor reputatieschade. De ECB redeneert daarom dat een passend klimaatbeleid ook vanuit eigenbelang een verstandige keuze is. Rode lijn Hoe moet dat bewuste klimaatbeleid van banken er dan uitzien? Volgens BankTrack is dat heel simpel: bedrijven uitsluiten die vervuilend beleid voeren. “Het feit dat er banken bestaan die fossiele projecten uitsluiten en alsnog renderen, laat zien dat het mogelijk is om geld te verdienen als duurzame bank. We zien enkele leiders op dat vlak, vooral kleinschalige banken. La Banque Postale in Frankrijk heeft het beste beleid, aangezien het fossiele brandstoffen volledig aan het uitfaseren is met 2030 als deadline. Ook Danske Bank en Handelsbanken (respectievelijk Deense en Zweedse banken, red.) sluiten olie- en gasprojecten uit, ook als het gaat om bijvoorbeeld obligaties. Wat deze banken goed doen, samen met bijvoorbeeld echte klimaatbanken als Triodos, is dat ze een duidelijke grens trekken en klanten die fossiele projecten op- of voortzetten geheel uitsluiten. Dit zijn namelijk niet bedrijven die zich willen committeren aan het klimaatakkoord van Parijs.” Lees ook: Zo escaleerde de klimaatoproep van Follow This aan oliegigant ExxonMobilVier veelbelovende klimaatinnovaties waar Bill Gates zijn miljoenen in investeertHet Parijs-akkoord kan de EU duizenden miljarden euro’s besparen