Kaz Schonebeek 14 mei 2024, 15:13

Op IJsland opent de grootste CO2-afvang- en -opslaginstallatie ter wereld

De ‘Mammoth’ is ’s werelds grootste installatie voor het afvangen en opslaan van CO2. Het is de tweede commerciële ‘Direct Air Capture and Storage’ faciliteit van het Zwitserse Climeworks op IJsland.

B0f9bc2622fc453ddc011d21537dee621 ezgif com webp to jpg converter De Mammoth staat in het IJslandse Ölfus, niet ver van hoofdstad Reykjavik. | Credits: Climeworks

Op IJsland is ’s werelds grootste installatie voor het afvangen van CO2 geopend. Als de ‘Mammoth’ van het Zwitserse Climeworks later dit jaar op volle toeren draait, haalt hij jaarlijks 36.000 ton koolstof uit de lucht – ongeveer de hoeveelheid CO2 die 4000 Nederlanders per jaar produceren. De afgevangen CO2 wordt in de bodem opgeslagen.

In 2021 had Climeworks een primeur met de eerste commercieel opererende ‘Direct Air Capture and Storage’ (DACS) installatie ter wereld. Op dezelfde locatie in het zuidwesten van IJsland opende de ‘Orca’, die jaarlijks 4.000 ton CO2 uit de lucht haalt. Bedrijven betalen Climeworks voor koolstofkredieten om de eigen uitstoot te compenseren. Speelgoedfabrikant Lego sloot bijvoorbeeld onlangs een overeenkomst met Climeworks ter waarde van 2,4 miljoen dollar.

Modulair systeem

Climeworks heeft een modulair systeem van ventilatoren en luchtwassers ontwikkeld om CO2 uit de lucht te halen. De Mammoth bestaat uit 72 van zulke modules, elk ter grootte van een kleine personenauto. Buitenlucht wordt de installatie ingezogen, waar CO2 aan een chemisch filter hecht. Met stoom wordt de CO2 van de filters losgeweekt. Het mengsel van water en CO2 wordt vervolgens minimaal 800 meter diep de grond in gespoten. Daar reageert de CO2 met basalt in de bodem, waardoor een nieuw mineraal ontstaat. Zo wordt de koolstof permanent in de grond opgeslagen.

De locatie op IJsland is niet willekeurig gekozen. De DACS-techniek vraagt zelf behoorlijk wat energie. Die moet duurzaam worden opgewekt om te voorkomen dat de klimaatwinst direct teniet wordt gedaan. Groene energie is er op IJsland in overvloed. De installatie staat in een vulkanisch gebied waar geothermische warmte in grote hoeveelheden voorhanden is. De vulkanische bodem is ook bij uitstek geschikt om CO2 in op te slaan.

Groot, groter, grootst

De Mammoth dreigt snel weer van de troon gestoten te worden. In Texas werkt het bedrijf Stratos aan een installatie die jaarlijks maar liefst 500.000 ton CO2 uit de lucht kan verwijderen. De eerste delen van die faciliteit gaan naar verwachting volgend jaar open. De Amerikaanse overheid investeert miljarden dollars om de markt voor het afvangen en opslaan van CO2 van de grond te krijgen. Een consortium waar Climeworks onderdeel van uitmaakt, heeft in dat kader 50 miljoen dollar subsidie gekregen om in Louisiana een installatie te bouwen die jaarlijks een miljoen ton CO2 uit de lucht kan halen. Die installatie moet in 2030 operationeel zijn.

Lees meer:

Voor voedselgigant Nestlé is verduurzamen ook in het eigen belang

Nestlé brengt de visvervanger later dit jaar op de markt onder het merk Garden Gourmet. Het plantaardige product komt beter uit de test dan de dierlijke variant, zegt directeur food Valerie van Schaick. “Dat is voor het eerst. Ik zie dit echt als een opsteker. Willen we dat mensen meer plantaardig gaan eten, moeten we met goede producten op de proppen komen. We proberen het voedselsysteem daar te brengen waar het heen moet. Dat lukt alleen met goede alternatieven voor vlees en vis.” Gezondere voeding Dat ook gezondheid een grote rol speelt, blijkt uit een recente aandeelhoudersvergadering van Nestlé. Daar eisten aandeelhouders dat de fabrikant gezondere voeding gaat lanceren. De oplopende zorgkosten van een steeds ongezondere wereldbevolking zijn daarvoor het belangrijkste argument. Van Schaick verzekert dat in de productontwikkeling veel aandacht uitgaat naar het gezondheidsaspect. “De overstap naar een meer plantaardig dieet heeft invloed op de vitaminen en nutriënten die we binnenkrijgen. Daar houden we rekening mee. Onze producten moeten bijdragen aan een gezond dieet, wat betekent dat we kritisch kijken naar de ingrediënten en de hoeveelheid proteïne en vezels. De voedingswaarde doet ertoe: Nutriscore A is de standaard waarop we ontwikkelen.” Intrinsiek gemotiveerd Nestlé is het grootste voedingsconcern ter wereld. In 2023 boekte het een omzet van 97,8 miljard euro. Daarmee streeft het concurrent Unilever voorbij, dat zijn ESG-doelen onlangs heeft afgezwakt. Hoe wordt daar bij Nestlé naar gekeken? “Onze blik is vooral op onszelf gericht en op de doelen die wij willen behalen. Als bedrijf zijn we intrinsiek gemotiveerd om te verduurzamen. We willen het, maar zullen ook wel moeten. De wereld levert de ingrediënten waarvan we onze producten maken. Daarom moeten we er alles aan doen om ervoor te zorgen dat we deze ingrediënten behouden. Zonder cacao geen chocolade. Zonder koffiebessen geen koffie. Verduurzamen is in ons eigen belang.” In het duurzaamheidsrapport van Nestlé wordt het doel van 2025 beschreven als haalbaar. Dan wil het bedrijf 20 procent minder broeikasgassen uitstoten ten opzichte van 2018. Aan het einde van 2023 is de reductie 13,58 procent. In 2030 moet de uitstoot met 50 procent zijn afgenomen ten opzichte van 2018, om vervolgens een uitstoot van netto nul te bereiken in 2050.Fabriek in Servië Om de ingrediënten te behouden, investeert Nestlé onder andere in koffieplanten. Die krijgen steeds vaker te maken met periodes van enorme droogte, wat ze lang niet altijd overleven. Daarom worden koffieplanten ontwikkeld die beter bestand zijn tegen droogte. Ook opende de voedselgigant onlangs een fabriek in Servië, waar het vleesvervangers gaat produceren. “Servië is het thuisland van de Europese soja. Het is logisch om het daar te verwerken waar het wordt geteeld. Samen met lokale boeren zijn we regeneratieve landbouwpraktijken aan het ontwikkelen en uitrollen. Daarbij zijn een gezonde bodem, biodiversiteit en watergebruik belangrijke thema’s. Het mooie is dat de soja er kwalitatief beter van wordt. Dat maakt het voor ons extra interessant, want betere soja betekent betere producten“, aldus Van Schaick. Wereldwijd De opgedane kennis kan overal ter wereld worden opgedaan en verspreid. “Als we oplossingen vinden, kunnen we die op grote schaal uitrollen. Die massa maakt het waardevol. Wat we leren in Europa, kunnen we toepassen in Amerika. Een idee afkomstig uit Azië kan weer worden geïmplementeerd in Afrika. Als internationale speler kunnen we oplossingen verspreiden over de hele wereld. Dat creëert snelheid en maakt onze rol als bedrijf aanzienlijk.” Radicale keuzes Die aanzienlijke rol stelt de voedselfabrikant in staat om radicale keuzes te maken die de bedrijfsvoering in één klap flink verduurzamen. Zou dat niet effectiever zijn? “Dat is niet de strategie waar wij voor kiezen. Als bedrijf willen we consumenten en ketenpartners geleidelijk meenemen in de transitie. We zeggen niet: zo moet het en wel vanaf nu. We wijzen niet met de vinger. Zouden we dat wel doen, stoten we een grote groep mensen misschien af. Dat willen we niet, en daarom is die inclusieve toon belangrijk. We willen mensen inspireren en motiveren om duurzame keuzes te maken op een positieve manier, met lekkere recepten en producten.” Boer als boeman “Daarnaast helpt het niet om van de boer de boeman te maken”, vervolgt Van Schaick. “Boeren willen echt wel veranderen, maar willen de risico’s niet alleen dragen. Dat is logisch. Momenteel loopt er een project waarin we samen met melkveehouders, Vreugdenhil Dairy Foods en Wageningen University & Research onderzoeken hoe we de uitstoot van de koeien kunnen verminderen. Het project wordt onder andere door Nestlé gefinancierd. Vorig jaar zijn we van start gegaan en de totale looptijd is acht jaar. Het financiële risico wordt niet gedragen door de boeren, waardoor we dingen kunnen testen. De opgedane kennis delen we. Zo komen we verder.” Lees ook: Europeanen eten steeds minder vleesChangemaker Kadir van Lohuizen legt met zijn camera de wereldwijde voedselketen vast: ‘Beelden zeggen veel’Sterrenchef Emile van der Staak over de plantaardige keuken: ‘Culinaire leiders kunnen het groot maken’