Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 29 november 2012, 13:53

Overheid kan €300 miljoen besparen op SDE+-regeling

Met het oprichten van een Groene Investeringsmaatschappij kan de overheid €300 mln besparen op de SDE+-regeling en er tegelijkertijd meer uit halen.

2979032807 802d0ec395 o 1 e1354193490727

Kabinet Rutte-II heeft zichzelf als doel gesteld in 2020 16 procent duurzame energie op te wekken. Dat streven ligt hoger dan wat Brussel vraagt. Om daad bij woord te voegen is €25 mrd aan investeringen nodig.

Uit onderzoek van ECN blijkt nu dat het kabinet niet alleen zijn doelstelling kan verwezenlijken, maar dat ook jaarlijks voor €300 mln minder kan doen. De Groene Investeringsmaatschappij (GIM) is hiervoor cruciaal.

Groene Investeringsmaatschappij

De GIM moet een privaatpublieke instelling worden die overheid, banken en pensioenfondsen bij elkaar brengt. Banken ontwikkelen een standaardaanpak voor kredietbeoordeling, institutionele beleggers investeren geld, terwijl de overheid subsidieregelingen aanpast.

Dankzij de medewerking van de overheid en de gestroomlijnde aanpak, kan de GIM voor een lager bedrag geld uitlenen aan duurzame energieprojecten: 1 tot 2 procentpunt op de lening. Investeren in duurzame energie wordt zo goedkoper. Daardoor hoeft er minder te worden gesnoept van de SDE+-regeling – de belangrijkste subsidieregeling voor duurzame energie met een jaarlijks budget van €1,7 mrd.

Daarnaast kan de GIM ervoor zorgen dat pensioenfondsen het aantrekkelijker vinden om geld beschikbaar te stellen voor duurzame energie. Hierdoor kan het leeuwendeel van de benodigde €25 mrd uit private bronnen  komen.

Waar komt de €300 mln vandaan?

Geld lenen kost geld, zoals iedereen met een hypotheek kan ervaren. De SDE+-regeling komt de investeerder tegemoet in de kosten, dus ook rentekosten. Als die omlaag kunnen, hoeft er minder subsidie te worden verstrekt. Het resultaat: €300 mln besparing en een flinke stap dichterbij de doelstelling van 16 procent duurzame energie in 2020.

 Foto: Scris

Meerderheid jongeren wil duurzame producten

Dat blijkt uit onderzoek van merkenvergelijker Rank a Brand onder jongeren tussen de 18 en 25 jaar. Van de vierhonderd jongeren vindt 56 procent het belangrijk om meer groene en eerlijke producten te kopen. Opvallend is echter dat 50 procent van de jongeren niet goed weet waar zij op kunnen letten bij hun aankopen. Verkeerd beeld Het beeld dat jongeren van een merk hebben komt niet altijd overeen met de beoordeling op objectieve criteria voor duurzaamheid. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het beeld dat jongeren hebben van spijkerbroekenfabrikant Levi's. Zo denkt meer dan 40 procent van de ondervraagde jongeren dat Levi's het meest duurzame jeansmerk is, terwijl de merkvergelijker het merk heeft beoordeeld met een middelmatig C-label. Van de duurzaamheid van chocolade zijn de jongeren beter op de hoogte. Twee derde van de jongeren denkt dat de chocolade van Verkade duurzaam wordt geproduceerd.  In een ranking van Rank a Brand krijgt Verkade het op een na hoogste  B-label. Terwijl net zoveel jongeren het submerk 'Puur en Eerlijk' van Albert Heijn, dat een A-label heeft, als duurzaam beschouwen. Definitie blijft onduidelijkDat jongeren merken niet goed kunnen inschatten op duurzaamheid kan te wijten zijn aan onduidelijkheid over de definitie van het begrip duurzaamheid. Van de onderzochte jongeren denkt 45 procent bij duurzaamheid aan merken die hun producten op milieuvriendelijke en eerlijke wijze produceren. Bijna een derde denkt aan producten die langer mee gaan en 16 procent denkt dat een duurzaam merk  het financieel goed doet tijdens de economische crisis. Opmerkelijk is dat, ondanks onduidelijkheid over het begrip duurzaamheid, jongeren wel hun best doen erachter te komen of een merk duurzaam is. Ruim 40 procent van de jongeren zoekt via internet actief naar de duurzaamheid van een bepaald merk. En van die jongeren deelt bijna 40 procent de gevonden informatie met vrienden via social media, e-mail of in gesprekken. Hoewel ruim twee derde van de jongeren let op keurmerken voor onder andere Fair Trade, biologisch en FSC-gecertificeerd, is het niet duidelijk of duurzaamheid ook een doorslaggevende factor is om een aankoop te doen. Bron: Rank a Brand Foto: Toni Almodovar Escuder