Marc Seijlhouwer 03 juli 2020, 09:00

Plannen voor grootste blauwe waterstoffabriek in Engeland

Het Noorse oliebedrijf Equinor wil in 2026 een grote waterstoffabriek bouwen, waarbij de CO2 die vrijkomt bij productie wordt opgeslagen. Met een vermogen van 600 megawatt is het dan de grootste blauwe waterstoffabriek ter wereld, volgens Equinor. Het plan past in de strategie van de oliereus om in 2050 minimale hoeveelheden CO2 uit te stoten.

Saltend chemicals industriepark

De fabriek komt in het Saltend Chemicals Park bij Hull, in het noordwesten van Engeland. Dit industriegebied kent veel bedrijven die nu gas gebruiken, maar met de komst van de waterstoffabriek kunnen ze overstappen op waterstof. Ook de lokale energiecentrale kan gedeeltelijk overstappen; een mix van 30 procent waterstof en 70 procent aardgas moet volgens Equinor mogelijk zijn.

Bij de productie van waterstof uit aardgas komt CO2 vrij. In deze fabriek wordt de CO2 echter afgevangen en opgeslagen in grote reservoirs. En omdat de industriebedrijven overstappen van gas op deze waterstof, spaart men jaarlijks bijna een miljoen ton CO2 uit.

Lees ook: Cementproducent wil 400.000 ton CO2 opslaan in de zeebodem

Investering nog onzeker

De bouw van de fabriek is echter verre van zeker. Zoals veel waterstofprojecten is er zelfs nog geen definitieve beslissing genomen om te investeren; die komt pas in 2023. De fabriek moet dan in 2026 operationeel zijn. Equinor wacht vermoedelijk nog op eventuele subsidies van de Britse overheid en kijkt of de techniek om CO2 op te slaan goedkoper wordt.

Dit jaar verwacht het bedrijf dat de Noorse regering (die 67 procent van de aandelen heeft) een beslissing maakt over een Noors CO2-project. Is die positief, dan zal Equinor in 2024 zijn eerste commerciële CO2-opslagproject starten. Dat project kan dan als blauwdruk gelden voor het Britse project dat het bedrijf gisteren aankondigde.

Bijna klimaatneutraal

Equinor heeft net als andere olie- en gasbedrijven plannen om in 2050 ‘bijna klimaatneutraal’ te zijn. Dat kondigde het bedrijf begin dit jaar aan. In 2030 moet de uitstoot daarom al 30 procent lager liggen dan in 2005. CO2-opslag kan bijdragen aan dit doel, zolang het bedrijf nog olie en gas blijft oppompen en verkopen.

Lees ook: Noors energiebedrijf wil in 2050 'bijna klimaatneutraal' zijn

Bron: Equinor | Beeld: px Group

Dankzij kunstmatige intelligentie is er 50 procent minder antibiotica nodig op de boerderij

De laatste jaren is er veel gaande in de melkveehouderij rondom digitalisering en efficiëntieverhoging. Dat heeft alles te maken met de druk van consumenten die aanvullende eisen stellen rondom diergezondheid en -welzijn. Daarnaast heeft de sector te maken met de steeds strengere milieuwetgeving en de hogere productiekosten voor een liter melk. Boeren moeten dus heel goed kijken naar hun bedrijfsvoering om niet in de min te komen. Een manier om te besparen is sneller en efficiënter werken met een gezondere veestapel. Een gezonde koe is immers minder snel ziek en produceert meer melk. Connecterra helpt boeren om processen te optimaliseren door snelle en accurate inzichten te geven rondom vruchtbaarheid, gezondheid en bedrijfsprocessen.Lees ook: Nieuw veevoer verlaagt uitstoot van koe met 30 procentEmmy Koeleman, Global Communications Manager bij Connecterra legt uit hoe het werkt: “Connecterra heeft een sensor ontwikkeld die nauwkeurig de bewegingen van koeien meet. Middels modellen hebben we uit deze data kunnen bepalen wanneer een koe ligt, staat, of herkauwt. Dit is belangrijk om te weten wat ´normaal gedrag´ van een koe is en welk gedrag afwijkt. Een afwijking in loop- of liggedrag kan bijvoorbeeld betekenen dat een koe ziek is of juist vruchtbaar. De veehouder weet dan wanneer hij actie moet ondernemen. Door deze gedragsdata vervolgens te koppelen aan andere data op het bedrijf, ontstaat een unieke dataset die wij omzetten in inzichten en het Ida (Intelligent Dairy Assistant) platform noemen. De veehouder ziet deze inzichten in de Ida-app” 50 procent minder antibioticaDe veehouder kan feedback geven op de inzichten die hij in de app ziet. De terugkoppeling leert de kunstmatige intelligentiemodellen bijvoorbeeld of een koe inderdaad ziek was, of dat er wellicht iets anders aan de hand was. Dit maakt de app steeds slimmer. En alle gebruikers van het platform geven zulke feedback.Koeleman: “Uit de praktijk blijkt dat door het voorspellende vermogen van onze technologie dierziektes tot wel twee dagen eerder opgespoord worden. Vaak veel eerder dan dat de boer iets afwijkends ziet aan het dier. De boer is immers niet dag en nacht in de stal.""Uit een wetenschappelijk studie die we hebben gedaan op een aantal melkveebedrijven blijkt dat dit rervoor zorgt dat er meer dan 50 procent minder antibiotica nodig is. Simpelweg omdat de dieren eerder behandeld kunnen worden en minder ernstig, of helemaal niet, ziek worden. Dat zijn heel concrete resultaten van de technologie op basis van kunstmatige intelligentie. Dit kan een boer echt helpen in de bedrijfsvoering.”Kapitaalinjectie van 8 miljoenIn 2018 haalde Connecterra binnen de series A ronde  – een investeringsrondes die start-up bedrijven kunnen doorlopen – €2.5 mln op. Onlangs werd bekend dat Connecterra ook de series B investeringsronde voor start-ups succesvol heeft afgerond. Dit betekent een nieuwe kapitaalinjectie van €7.8 mln om het marktaandeel en de capaciteit van het bedrijf verder te vergroten, voornamelijk in Noord-Amerika, Europa, Australië en Nieuw Zeeland. Investeringspartners zijn onder andere ADM Capital (investeerder in de AgTech unicorn Aero Farms), Kersia (een expert op het gebied van voedselveiligheid in de voedselketen) en impact-investeerder Pymwymic.  Koeleman twijfels er niet aan dat de markt voor slimme oplossingen in de melkveehouderij groter wordt: “De wereldwijde vraag naar zuivel gaat alleen maar groeien. In Azië zie je dat de lactose-intolerantie per generatie afneemt en dat men meer zuivelproducten gaat consumeren. Maar er zit een grens aan de groei. Om de vraag naar meer zuivel op te vangen zijn meer koeien niet een duurzame oplossing. De oplossing zit in het efficiënter maken van de bedrijven." En daar is nog veel winst te boeken. De verschillen in melkopbrengst per koe lopen nogal uiteen, van 5 tot 10 liter per dag in sommige ontwikkelingslanden tot 35 liter per dag in Nederland. Nederlands melkveehouders lopen wereldwijd voorop als het gaat om efficiëntie, maar ook hier kunnen we nog wel wat verbeteren op het gebied van ziektepreventie. "In de Verenigde Staten zie je grote bedrijven met veel werknemers. Door onze technologie kan hier nog veel worden bespaard op arbeid.”SamenwerkenOmdat een melkveehouder ook te maken heeft met zuivelverwerkers, de voerleverancier en de veearts, kijkt Connecterra niet alleen naar het individuele melkveebedrijf. Koeleman: “Ons doel is om de hele zuivelketen meer te verbinden en transparanter te maken met onze technologie. Stakeholders hebben ook steeds meer behoefte aan data en inzichten over bijvoorbeeld hun toeleverende melkveebedrijven. Daarom werken we ook veel samen met ketenpartijen en zijn we partner binnen het Farming for Generations-project van Danone, een van de grootste zuivelverwerkers van de wereld. Binnen dit driejarige project zoeken we naar de beste tools en oplossingen voor melkveehouders om het bedrijf duurzamer te maken”Lees ook: In Finland tankt men straks koeiengas direct bij de boerderijBron: Connecterra | Beeld: Adobe Stock