Marc Seijlhouwer 10 maart 2022, 10:26

Recorduitstoot van CO2 in 2021, door duur gas en veel kolen

De CO2-uitstoot uit de wereldwijde energiesector was in 2021 hoger dan ooit tevoren. Een inhaalslag na de pandemie en relatief duur gas zorgden voor meer kolengebruik, met alle CO2-gevolgen van dien.

Kolencentrale tjechie Een kolencentrale in Tjechië | Credits: Adobe Stock

Dat blijkt uit de nieuwste jaarbalans van het Internationaal Energieagentschap (IEA). De uitstoot nam met 6 procent toe ten opzichte van 2020 en kwam uit op 36,3 miljard ton. Dit terwijl ook de hernieuwbare energie-opwek hoger was dan ooit en hard blijft groeien.

Het record heeft twee oorzaken. Ten eerste was er veel meer energie nodig in 2021 om de achterstanden, ontstaan door lockdowns, ziekte en andere beperkingen, in te halen. Deze energie kwam bovendien voor een groter deel dan eerder van kolen omdat de gasprijs sinds september explosief steeg.

Kolencentrales zorgden voor 15,3 miljard ton CO2-uitstoot. De stijging kwam vooral uit de Verenigde Staten en Europa, gebieden die normaal relatief veel gas verstookten om energie op te wekken. Door weer terug te gaan naar kolen spaarden energiebedrijven geld uit, maar ze braken ook met een trend. Het gebruik van kolen was al een paar jaar steeds minder gunstig. Ook in China steeg het gebruik van kolen, maar dit kwam door een hogere energiebehoefte na de pandemie.

Lees ook: Nieuwe energiecentrale: elektrische vrachtwagens op een berg

Oorlog in Oekraïne

De hoge gasprijzen gooiden roet in het eten. Aangezien de Russische invasie van Oekraïne voor nog meer paniek in de gasmarkt zorgt, valt te verwachten dat ook 2022 een recordjaar zal worden voor elektriciteit uit kolen. Wel zijn Europa en de VS naarstig op zoek naar duurzamere alternatieven voor gas.

Het oliegebruik zal in 2022 vermoedelijk ook hoger liggen. In 2021 lag dit nog aanzienlijk lager dan voor de pandemie omdat internationale luchtvaart nog steeds maar op een fractie van de normale capaciteit opereerde. Nu Europa en Amerika steeds meer coronaregels loslaten, zal ook het luchtverkeer langzaam herstellen, met meer vraag naar olie als gevolg.

Lees meer: Hernieuwbare brandstoffen voor de Europese luchtvaart: haastige spoed is soms wél goed

Duurzame stroom

Toch is het overzicht van 2021 niet alleen negatief. De duurzame energie-opwek uit zon en wind steeg met respectievelijk 170 en 270 terawattuur. In totaal kwam er 8.000 terawattuur uit duurzame bronnen. Het IEA rekent kernenergie bij deze hernieuwbare stroom.

Uiteindelijk is er toch maar één sobere conclusie mogelijk, volgens het IEA. De wereld heeft geen gehoor gegeven aan de oproep om na de coronapandemie in te zetten op duurzaam herstel. Zodra het kon, ging men terug naar het gebruik van fossiele brandstoffen.

Ook de investeringen in duurzame energie blijven achter; volgens het IEA moet er de komende twee jaar minstens een biljoen (1.000 miljard) dollar geïnvesteerd worden in duurzaam herstel en groene stroom. Tot nu toe lijkt er slechts 400 miljard aan investeringen te zijn.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Hoe werkt het materialenpaspoort?

Veel wijsheden zijn te herleiden naar oude spreekwoorden. Zoals: wat niet weet, wat niet deert. Het klinkt bureaucratisch, maar door op te schrijven wat er aan materialen in een object (gebouw) zit, wordt er beter met die materialen omgegaan. En dat helpt weer bij duurzaam gebouwbeheer en het aangaan van de uitdagingen in de sector. Zoals omschreven staat in het Madaster, waar de paspoorten staan opgeslagen, bevatten de materialenpaspoorten “informatie over de kwaliteit, herkomst en vindplaats van materialen en producten die worden gebruikt bij de constructie van gebouwen en andere bouwobjecten en geven inzicht in de materiele, circulaire en financiële (rest)waarde van deze eigendommen.” Zie daar het nut van het materialenpaspoort. Hoe werkt het materialenpaspoort? De gebouwde omgeving is verantwoordelijk voor de hoogste CO2-uitstoot wereldwijd (39 procent), onderverdeeld in 28 procent operationele CO2 (verwarmen, koelen en verlichting) en 11 procent vanuit bouwmaterialen en onderhoud. In een eerder artikel sprak Change Inc. met Christa de Vaan van Arup, ook over het paspoort. Haar advies: het paspoort moet wel goed worden gebruikt. “Pas als het materialenpaspoort zich ook echt gaat richten op de gebruikersfase, en als daarin goed wordt bijgehouden wat er wordt veranderd of aangepast, dan gaat het paspoort haar functie krijgen.” In het zogeheten materialenpaspoort wordt dus per gebouw beschreven wat er aan materiaal is verwerkt, met daarbij ook de levensduur. Bij sloop of hergebruik (zoals bij verkoop) van een gebouw, weten de eigenaren dan welke materialen zijn gebruikt. De kunst is wel dat eigenaren dat goed bijhouden. Wat wordt er vervangen of vernieuwd, waar loopt een beheerder tegenaan? Als de informatie up-to-date is, is hij ook waardevol. Wat is het Madaster? Om alles centraal en ook officieel vast te leggen, is het Madaster (de naam is een knipoog naar het kadaster) in het leven geroepen. Hier worden online alle materialen en producten uit de gebouwde omgeving vastgelegd. Ook de materialen die bij de constructie zijn gebruikt. Zoals mooi omschreven staat op de site van Madaster: “Zo wordt elk gebouw een reservoir van materialen.” Voor wie is het materialenpaspoort van toepassing? Het materialenpaspoort is in het leven geroepen voor de eigenaars en de gebruikers van gebouwen. In het materialenpaspoort is te zien wanneer er wat moet worden vervangen, en wat nog eventueel jaren mee kan. Een nieuwe eigenaar kan dan meteen zien hoe hij of zij het gebouw duurzaam in moet richten. Doordat alles in het Madaster staat wordt hergebruik eenvoudiger en is er minder verspilling. Een goed voorbeeld van een gebouw dat circulair is opgezet, is The Greenhouse in Utrecht, een restaurant en vergaderlocatie. Alles in dat gebouw is gestandaardiseerd waardoor onderdelen makkelijk uit elkaar te halen en opnieuw te gebruiken zijn. Lees meer over de mogelijke rol van de eindgebruikers in de bouw, waardoor de vraag naar duurzame oplossingen kan groeien. Wat is de toekomst van het materialenpaspoort? Het vorige kabinet wilde begin 2022 beslissen of het materialenpaspoort verplichte kost zou worden in de bouw. Dat is nog niet wettelijk vastgesteld. Vooralsnog vindt het Transitieteam Circulaire Bouweconomie dat er onvoldoende inzicht is om een wettelijke verplichting te verantwoorden. Er zou nog te weinig ervaring zijn met het materialenpaspoort en de alternatieve oplossingen. Wat in ieder geval is bereikt door dit transitieteam: vanaf 2023 moeten alle uitvragen verplicht 100 procent circulair zijn voor alle overheden en gemeenten. Door wie is het materialenpaspoort bedacht? Architect Thomas Rau is van mening dat waardeloos afval niet bestaat en gebruikt of versleten materiaal een waardevolle grondstof kan zijn voor nieuwe producten of toepassingen, zo liet hij weten bij een virtuele bijeenkomst van PwC. Het materialenpaspoort werd in 2011 al geïntroduceerd door Rau zelf.Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.