Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 01 december 2011, 12:07

Roland Berger: ‘Offshore wind goedkoper door samenwerking’

Offshore windenergie is op dit moment nog duurder dan vele alternatieve energiebronnen, zowel fossiel als hernieuwbaar. Door de ketensamenwerking te verbeteren kan offshore windenergie goedkoper worden, concludeert adviesbureau Roland Berger.

Juiste banner 2021

Offshore windenergie maakt gebruik van de sterke zeewind. De kosten voor offshore windenergie zijn echter tweemaal zo hoog vergeleken bij windenergie op land.

Samenwerken

Samenwerking tussen de spelers die actief zijn op het gebied van offshore windenergie zouden de kosten kunnen verlagen. Maarten de Vries en zijn collega Arnoud van der Slot, associate en partner bij Roland Berger stellen: “De offshore windenergie bedrijven moeten zich gaan realiseren dat ze hun concurrentievoordeel juist kunnen versterken door samen te werken en hun expertise te delen."

Het plaatsen van een offshore windpark is een complexe aangelegenheid, waar veel verschillende partijen bij betrokken zijn. “Deze complexiteit heeft ervoor gezorgd dat het ontwerp en de bedrijfsvoering van windparken nog nauwelijks is geoptimaliseerd voor de zware eisen die op zee gelden.”

“De oplossing hiervoor ligt bij de industrie zelf: er moet meer en beter samengewerkt worden over de gehele waardeketen. Van het ontwerp van de windparken tot het onderhoud ervan,” aldus Van der Slot.

De bouw van windmolenparken zou volgens het adviesbureau meer centraal moeten worden geregeld. Er moet een aannemer worden aangesteld die verantwoordelijk is voor zowel het ontwerp van het windpark als de aanschaf van onderdelen voor de bouw. Bepaalde delen kunnen hierbij uitbesteed worden aan onderaannemers. Het grote gewin hiervan is dat er een centraal aanspreekpunt is. Dit vermindert de complexiteit van het proces.

Daarnaast behoort het sluiten van strategische allianties waarin verschillende partijen hun technologische expertise en ervaring kunnen samenbrengen ook tot de mogelijkheden.

Deze week vindt in de RAI in Amsterdam ‘s werelds grootste offshore windenergie conferentie plaats, de EWEA (European Wind Energy Association). De EWEA streeft ernaar om in 2020 zo’n veertig gigawatt aan offshore windenergie te realiseren.

Bron: Roland Berger

Foto: flickr.com, alh1

'We moeten een Groen Deltaplan optuigen' (Hans van der Noordaa, ING)

“Wat we nu zien is de schaduwzijde van jaren van enorme economische groei, met consequenties die we niet konden of niet wilden zien,” zegt Van der Noordaa. “Er zijn een aantal fundamentele veranderingen nodig.” Van der Noordaa is CEO Banking Benelux en sinds 2006 lid van de raad van bestuur van de ING Groep N.V. Met een omzet van 55 miljard euro in 2010 is de groep het 12e bedrijf ter wereld gemeten naar omzet. De bank en verzekeraar zet sinds de eeuwwisseling in op maatschappelijk verantwoord ondernemen. De inspanningen werpen hun vruchten af. In oktober eindigde het bedrijf op de 64e plaats van de 500 bedrijven geanalyseerd in de Newsweek Green Rankings, een gerespecteerde duurzaamheidsbarometer. Dilemma’s “Het begint bij jezelf,” legt Van der Noordaa uit. “ING opereert sinds 2007 volledig klimaatneutraal door het gebruik van groene energie en het compenseren van onze gebouwen, zakenreizen en datacentra. Daarnaast hebben we elk jaar doelstellingen om ons energieverbruik terug te dringen.” “Maar de grootste impact van een bank als ING zit uiteraard in de projecten die wij financieren. Een voorbeeld: jaarlijks investeren wij ongeveer €3 mrd in energieprojecten. In 2005 was nog 2 procent daarvan voor hernieuwbare energie. Inmiddels is dat 29 procent.” ING heeft strikte criteria opgesteld waar ze wel en niet in investeert, en is daar transparant in. Geen dierproeven, geen bont. Aan de andere kant neemt ING bijvoorbeeld niet fundamenteel stelling tegen investeringen in de defensie-industrie. Van der Noordaa is realistisch. “We investeren niet meer in clusterbommen,” zegt hij. “Maar als een dochterbedrijf van een gerenommeerd, beursgenoteerd concern één onderdeel levert voor een militair apparaat, kunnen we het hele concern dan niet meer financieren? Dat zijn moeilijke vragen, die we stuk voor stuk zorgvuldig afwegen. Die discussie gaan we ook graag aan met de buitenwereld.” “We hebben wél de keuze gemaakt om niet meer te investeren in visserij die niet volledig duurzaam is. Dat heeft ons klanten gekost, maar dat is waar je voor staat als bank.” De business case van duurzaamheid In september publiceerde het Economisch Bureau van ING het rapport ‘Hernieuwbare energie in Nederland tot 2020’. Eén van de conclusies van het rapport was dat de “financiële business case van investeringen in groene assets (…) nog lang niet altijd solide [is].” “We merken dat veel technologieën nog in de kinderschoenen staan. Als bank kunnen we het risico voor die technologieën niet alleen dragen,” stelt Van der Noordaa. Hij ziet een oplossing in publiek-private samenwerkingen. “Als de overheid garant kan staan voor een deel van het risico, dan werkt dat heel effectief. We zijn nu bezig om samen met het ministerie van Economische Zaken en pensioenfondsen een groene investeringsmaatschappij op te zetten.” “In de tussentijd moeten we ons realiseren dat het potentieel van laaghangend fruit enorm is. Ik ben er voorstander van dat we eerst huizen goed isoleren, voordat we zonnepanelen aan alle daken gaan hangen.” Groen Deltaplan De naweeën van de financiële crisis uit 2008 vormen een bemoeilijkende factor. Om nóg zo’n crisis te voorkomen zijn de globale BASEL III-richtlijnen vastgesteld. Onder deze regels moeten banken een grotere en veiligere kapitaalbuffer aanhouden. “De verhoogde veiligheid van de richtlijn is goed,” stelt Van der Noordaa. “Maar voor een echte energietransitie zijn grote investeringen nodig. Omdat we meer kapitaal moeten aanhouden, kunnen we minder investeringen doen, waaronder in groene energie.” In hetzelfde rapport ‘Hernieuwbare energie’ concludeerden de onderzoekers van het economisch bureau, in samenwerking met CE Delft, dat er 100 miljard nodig is om een energietransitie in 2020 te realiseren. “Dit kunnen we alleen bereiken als we een lange termijninvestering durven te maken,” stelt Van der Noordaa. “We kunnen de gordijnen dichtdoen en hopen dat het weggaat. We kunnen ook een Groen Deltaplan optuigen. Een grootse samenwerking tussen de publieke en private sector. Een samenwerking met visie, en een langjarige commitment.” Banken manoeuvreren in een lastig spanningsveld. Toch is Van der Noordaa optimistisch. “De trend zet zich door, het is onomkeerbaar.” Foto: ReclameWeek