Eva Segaar 02 december 2020, 17:00

Samenwerkingsprogramma vanuit de overheid van start om de energietransitie te versnellen

In 2030 moeten er 1,5 miljoen woningen volgens het Klimaatakkoord verduurzaamd zijn. Maar hoe gaan we dat doen, als we nu al een tekort hebben van 20.000 technici, en de verwachting is dat dat de komende jaren verdubbelt? De Rijksoverheid kondigt nu een programma aan dat de energietransitie moet gaan versnellen.

10591865493 b87a15bc57 o

Mensen Maken de Transitie is de naam van het leer- en innovatieprogramma. Doel is om woningen sneller te verduurzamen. Om dat mogelijk te maken is er een betere ketensamenwerking nodig, naast slimmere productieprocessen en (bij)scholing van werknemers. Dat wil het programma mogelijk maken. 

Lees ook: Offshore windenergie leidt tot 900.000 extra banen

Aardgasvrije proefwijken

Zo gaan onderwijsinstellingen de nieuwe kennis over verduurzaming meenemen in opleidingen. Het programma richt zich verder op mensen en bedrijven die de verduurzaming van bestaande woningen uitvoeren: bouwbedrijven, woningcoorporaties, installateurs, onderhoudsbedrijven en netbeheerders. De bedoeling is om verbinding te zoeken tussen deze groepen en de successen te delen, waardoor de verduurzaming wordt gestroomlijnd en sneller zal gaan.

Daarnaast richt het zich op de instroom van voldoende technici. Deelnemende partijen zullen zoveel mogelijk mensen om- en bijscholen die nu in de bouw en techniek werken. Ook krijgt de energietransitie een prominente plaats in de onderwijsprogramma's van alle technische opleidingen. 

Lees ookDuurzame groei na de coronacrisis, kan dat?

Met z'n drieën de warmtepomp installeren

Zo zijn er voor het aansluiten van een warmtepomp nu nog drie mensen nodig: een installatiemonteur, een monteur en een netbeheerder. Door met dit programma de opleiding aan te passen, is er straks maar één installatiemonteur nodig. Het Mensen Maken de Transitie-programma is een initiatief van onder andere Techniek Nederland, Bouwend Nederland, Netbeheer Nederland, de MBO Raad, Vereniging Hogescholen, de vier Technische Universiteiten in Nederland en vakbond FNV. Het wordt ondersteund door het ministerie van Binnenlandse Zaken. 

In november spraken we Doekle Terpstra, onlangs herkozen om nog eens vier jaar voorzitter van Techniek Nederland te zijn, met Roland Pechtold, CEO van GroenLeven, over dit onderwerp. Toen werd gezegd dat de overheid kan helpen om de energietransitie te versnellen. Dit programma lijkt daarop het antwoord.

Lees ookZonneparken en windparken aansluiten wordt makkelijker

Bron: Rijksoverheid | Beeld: AdobeStock

Nederland bungelt onderaan in duurzaamheid van Europese landen

Nederland staat vijfentwintigste en is daarmee een van de laagst genoteerde EU-landen. De top van de lijst bestaat uit Scandinavische landen: Zweden, IJsland en Denemarken vormen de top 3. Onder Nederland komen grote economieën zoals de Verenigde Staten (32) en China (37). Sommige landen met een laag BBP staan toch verrassend hoog in de lijst. Nepal staat bijvoorbeeld op plek 53, vooral omdat het zoveel natuur heeft. Scandinavië scoort hoog dankzij de combinatie van sociale voorzieningen, intellectuele ontwikkeling en de grote hoeveelheid natuur.Dat Nederland lager scoort heeft een paar oorzaken. Omdat we een dichtbevolkt land zijn is er minder ruimte voor de natuur. Daarnaast is het grondstofverbruik in ons land veel minder efficiënt dan in andere Europese landen. De combinatie van die twee factoren zorgt voor de relatief lage positie op de lijst, achter veel andere Europese landen.Lees ook: Dit zijn de duurzaamste bedrijven om in te investerenHogere score dankzij duurzaamheidDe Global Sustainability Competetiveness Index kwam deze week uit. Hij meet hoe concurrerend landen zijn en neemt daarbij duurzaamheid mee als belangrijk aspect van de posititie. De lijst is een soort alternatief voor de kredietbeoordelingen die bekende bureau’s als Standard & Poor’s en Moody’s uitgeven.Landen die in die traditionele ratings laag scoren, krijgen in dit systeem soms een hoger cijfer, omdat ze - al dan niet bewust - duurzamer zijn dan andere landen. Zo heeft Argentinië bij de kredietbureaus een rating van CCC, terwijl dit in de GSCI een BB+ wordt. De rating van een olieland zoals Quatar wordt juist lager, omdat olie niet voor een duurzame concurrentiepositie zorgt.Investeren in duurzaamheidDe denktank achter deze index gebruikt 117 meetbare criteria om de lijst samen te stellen. De gegevens komen van officiële instanties als het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank. Uiteindelijk zorgen deze criteria voor een rating op vijf gebieden, van sociaal kapitaal tot natuurbeheer en intellectuele kracht. Het is de negende keer dat deze lijst uitkomt.De makers willen graag bewustzijn onder investeerders en het publiek creëren. Nu al willen steeds meer beleggers dat de bedrijven waarin ze investeren een plan hebben voor duurzaamheid. Fossiele bedrijven zijn tegenwoordig risicovolle investeringen. De GSCI laat zien hoe investeerders met feiten en cijfers een duurzame geldbeslissing kunnen nemen.Lees ook: Hoe duurzaam zijn de Nederlandse energieleveranciers?Bron: GSCI | Beeld: Adobe Stock