Sabine Sluijters 10 juni 2021, 14:51

Shell belooft schoorvoetend beterschap en versnelt verduurzaming van activiteiten

Shell belooft sneller te beginnen met het verduurzamen van zijn activiteiten. Dat schrijft CEO Ben van Beurden vandaag in een bericht op LinkedIn. De topman reageert daarmee voor het eerst op het bevel dat de rechter twee weken geleden uitsprak waarin het oliebedrijf wordt opgedragen zijn beleid sneller in lijn te brengen met de Klimaatdoelen van Parijs. Maar helemaal van harte gaat het niet.

Shell tankstation De strategie van Shell is gericht op de reductie van CO2 per eenheid verkocht product. Foto: Adobe Stock

De rechtbank in Den Haag oordeelde twee weken geleden dat Shell zijn CO2-emissies in 2030 met 45 procent moet reduceren ten opzichte van 2019. Daar moet het bedrijf van de rechter onmiddellijk mee beginnen, of het nou in hoger beroep gaat of niet. Met dit bericht laat Van Beurden weten dat Shell zal voldoen aan de eis.

Uitspraak draagt niets bij aan reductie CO2

Maar dat gaat niet van harte. Van Beurden schrijft in zijn bericht dat Shell overweegt om het vonnis aan te vechten bij een hogere rechter. Ook laat hij weten nog steeds ‘teleurgesteld te zijn’ over de uitspraak. Volgens de topman was het juist Shell die de toon aangaf in de transitie van de oliesector, door als eerste aan te kondigen niet alleen de eigen, maar ook de emissies van zijn klanten te willen terugbrengen. Ook blijft Van Beurden het onterecht vinden dat Shell ‘als enige’ op de vingers wordt getikt door de rechter en denkt dat de uitspraak niets bijdraagt aan de reductie van CO2.

Directeur Donald Pols van Milieudefensie die de rechtszaak tegen Shell aangespannen heeft zegt in een reactie ‘ambivalente gevoelens’ te hebben bij het bericht van Van Beurden. “Het is hoopgevend dat Van Beurden reageert. Want het laat zien dat de urgentie van de zaak is doorgedrongen tot het hoogste niveau binnen het bedrijf. Het laat zien dat hij de uitspraak serieus neemt.”

Pols: bedenkingen bij de boodschap van Van Beurden

Tegelijkertijd heeft Pols ook bedenkingen bij de boodschap van Van Beurden. Want in het bericht herhaalt Van Beurden dezelfde argumenten die het bedrijf ook tijdens de rechtszaak aanvoerde en laat weten dat Shell zijn strategie ‘niet zal aanpassen, maar versnellen’. Want volgens Van Beurden weet het bedrijf allang dat het, net als iedereen, haast moet maken met het bereiken van de doelstellingen van Parijs om zo de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 graad. Daarvoor heeft Shell volgens de topman al duidelijke doelen gesteld.

Daarmee blijft de topman dus vasthouden aan een strategie die volgens de rechter ‘niet concreet’ is en ‘vol met voorbehouden’. “Het beleid van Shell is gericht op het verlagen van de CO2-intensiteit van de producten die het verkoopt”, zegt Pols. “Dat is een relatieve doelstelling. Want als ze meer producten verkopen, stijgt alsnog de CO2-uitstoot. De rechter heeft gezegd dat Shell in absolute zin zijn CO2-uitstoot terug moet brengen. Maar daar reageert Van Beurden niet op. Dat roept bij mij de vraag op of ze de uitspraak wel goed hebben gelezen.”

De wereld zou er niks mee opschieten

In zijn post laat Van Beurden weten dat Shell gewoon door zal gaan met het produceren van olie en gas. ‘Omdat de wereld het nodig heeft’ en consumenten daarom vragen. “Want wat zou er gebeuren als Shell van vandaag op morgen opeens zou stoppen met het verkopen van benzine en diesel”, vraagt Van Beurden zich af. “De CO2-uitstoot van Shell zou zeker afnemen. Maar de wereld zou er niks mee opschieten. Want de vraag naar diesel blijft ongewijzigd en vrachtwagenchauffeurs en automobilisten zouden gewoon naar een andere benzinepomp rijden.”

Onvoldoende laten doordringen

Volgens Pols is dit een herhaling van zetten. “Dit is precies de argumentatie die Shell ook tijdens de rechtszaak aanvoerde en waar de rechter korte metten mee gemaakt heeft. De rechter heeft geoordeeld dat Shell een zelfstandige verantwoordelijkheid heeft om de CO2 terug te dringen, onafhankelijk van wat de samenleving doet.” Dat Van Beurden daar nu weer op terugkomt laat volgens Pols zien dat ze de uitspraak nog onvoldoende tot zich hebben laten doordringen.

In zijn bericht schrijft Van Beurden verder dat Shell de inkomsten uit fossiele activiteiten nodig heeft om financieel aantrekkelijk te blijven voor investeerders. Dat is opmerkelijk omdat de druk op Shell om te verduurzamen vanuit beleggers de afgelopen jaren juist significant toeneemt, een trend die ook bij andere oliebedrijven zichtbaar is.

Activistische aandeelhouders

Zo krijgt de activistische beleggersgroep Follow This, die Shell sinds 2015 oproept zijn beleid in lijn te brengen met de klimaatdoelen van Parijs, steeds meer steun. Tijdens de laatste aandeelhoudersvergadering van Shell stemde maar liefst 30 procent van de aandeelhouders voor een klimaatresolutie van Follow This. Drie jaar geleden kreeg de resolutie nog maar 5,5 procent. Bij drie Amerikaanse oliebedrijven ConocoPhilips, Philips 66 en Chevron werden de klimaatresoluties van Follow This dit jaar met een meerderheid van de stemmen aangenomen.

Afgezien van de belofte om de bestaande strategie versneld uit te voeren wijst Van Beurden in zijn bericht vooral ook naar de samenleving en overheden. Want de energietransitie is ‘een te grote uitdaging voor één bedrijf alleen’, daar moet iedereen aan bijdragen.

Een leidende rol

Hij pleit daarom voor helder en consistent overheidsbeleid en samenwerking tussen en met overheden, andere bedrijven en klanten om de vraag naar duurzame energie te laten groeien. Want dat is volgens Van Beurden de snelste manier om een CO2-arme energievoorziening te realiseren, een uitdaging waarin Shell ‘een leidende rol zal blijven spelen.’

In zijn bericht kondigt de topman aan dat Shell gaat zoeken naar manieren waarop ze de CO2-emissies nog verder kunnen verlagen. Daarvoor zal Shell de komende jaren ‘harde maar berekende’ maatregelen nemen. Hoe die eruit zien is nog onbekend, maar Pols laat weten dat Milieudefensie de ‘vinger aan de pols’ zal houden.

    

Het is de vraag hoe lang investeerders oliebedrijven nog als gunstige belegging zullen beschouwen als zij zich niet snel aanpassen aan de energietransitie. Bij Exxon Mobil greep activistische aandeelhouder Engine no1 in door drie nieuwe bestuurders aan de bestuurstafel te laten plaatsnemen. Daarmee willen ze het bedrijf bewegen een duurzamere koers te gaan varen, want een slecht klimaatbeleid is niet goed voor de portemonnee.

In de warmtetransitie is het creëren van maatschappelijk draagvlak de grootste uitdaging

De energietransitie speelde zich in de perceptie van velen tot voor kort voornamelijk af in de wind- en zonne-energie. Dat ook voor warmte veel energie nodig is, bleef lange tijd buiten beschouwing. Het was een van de redenen voor Rard Rijcken (50) om in 2018 bij Eteck aan de slag te gaan. “Warmte was niet echt existent. Dat deden 10 jaar geleden een paar enthousiastelingen.” Daarin is de afgelopen paar jaar flink verandering gekomen.Helft energie gaat op aan warmteTerecht want onze behoefte aan warmte, om te koken, ons huis te verwarmen en te douchen kost veel energie. Van de totale hoeveelheid energie die Nederland jaarlijks opsoupeert gaat ongeveer de helft naar de productie van warmte. Twintig procent daarvan is bestemd voor de industrie, bijvoorbeeld voor het maken van staal, en 10 procent voor de landbouw, zoals voor het verwarmen van kassen. Maar het grootste deel, zo’n 50 procent wordt door huishoudens verstookt.Die warmte komt nu nog voornamelijk van fossiele brandstoffen, wat de nodige CO2-uitstoot tot gevolg heeft. In het Klimaatakkoord is dan ook opgenomen dat in 2030 1,5 miljoen en in 2050 alle woningen in Nederland aardgasvrij moeten zijn. Afgezien van de nieuwbouw die sinds 2018 zonder gasaansluiting moet worden opgeleverd, is daar tot nu toe bijzonder weinig van terechtgekomen.Van het gas af niet doeltreffendDat is geen wonder vindt Rijcken. Volgens de Eteck-directeur wordt de weerbarstigheid van de realiteit onderschat. “De uitspraak ‘we gaan van het gas af’, vind ik niet doeltreffend. De ambitie moet zijn om maximale impact te maken op de verduurzaming van de warmte- en koudevoorziening in Nederland. Daarbij moet je ook aspecten als leveringszekerheid en kosten meenemen, want een verwarming moet het gewoon doen, en betaalbaar zijn.”Eteck levert duurzame warmte en koude uit lokale bronnen. Het gebruikt daarvoor de warmte en koude uit ondiepe lagen van de bodem of uit andere lokale bronnen die voorhanden zijn, zoals warmte uit een meer, zonne-energie of restwarmte. Omdat het verwarmingswater daarmee hooguit 12-16 graden wordt, zal het in de wijk of de woning tot de juiste temperatuur gebracht moeten worden. “Dat doen we zo duurzaam mogelijk, waarbij we gebruiken maken van duurzaam opgewekte elektriciteit en zo min mogelijk gebruikmaken van gas.”Strategiche dilemma's met grote impactRijcken heeft jarenlange ervaring in de energiesector waar hij als general counsel van Nuon de splitsing van dit bedrijf en de verkoop aan Vattenfall begeleidde. Die ervaring bracht hem in 2010 in Zweden waar hij verantwoordelijk werd voor de strategische heroriëntatie van Vattenfall wat onder andere betekende dat het bedrijf ging inzetten op duurzame energie. Rijcken was begin 40 toen hij als CEO leiding ging geven aan de dienstverlenende tak van Vattenfall Duitsland, Zweden en Nederland. Een positie die uiteindelijk niet beklijft. “Ik ben geen CEO. Daar heb ik het geduld niet voor. Ik krijg energie van strategische dilemma’s met grote impact. Het bouwen van merken, het transformeren van bedrijven.”Dat is precies waarvoor Jaap van Eck, eigenaar van Eteck en telg van de familie die in 1895 de onderneming stichtte, Rijcken in 2018 aantrok. “Ik ben bij Eteck aan de slag gegaan om het bedrijf te laten groeien en te organiseren”, zegt Rijcken. Mede onder zijn leiding groeide het bedrijf de afgelopen jaren van 35 man personeel naar 95. Tussen 2010 en 2018 nam Eteck de WKO-portefeuilles van o.a. Essent, Nuon, Imtech en Eneco over. Inmiddels heeft het bedrijf 220 projecten, bouwt het 90 nieuwe systemen en is het onderweg naar meer dan 100.000 aansluitingen, waarmee het de grootste duurzame warmte- en koude-exploitant van Nederland is. “Wij zijn heel hard bezig een bedrijf te bouwen dat een mega opgave heeft”, zegt Rijcken.De echte opgaveEn die opgave zit hem volgens Rijcken niet in de techniek of het betaalbaar krijgen van de warmtetransitie. “De grootste opgave is het creëren van maatschappelijk draagvlak voor een transitie die niet iedereen op voorhand omarmt. Wij leveren collectieve oplossingen. Maar in de meeste huizen van particulieren zit nu een individuele warmtevoorziening. Dit is voor 90 procent een gasgestookt CV-ketel en bij hoge uitzondering zijn ze voorzien van een individuele warmtepomp. Die huishoudens zijn gewend om zelf te beschikken over hun warmtebron. Ze kunnen hem zelf aan- en uitzetten of vervangen. Om de warmtetransitie mogelijk te maken zullen twee-derde van die mensen over moeten gaan op een collectieve oplossing omdat het technisch niet anders kan of dat het anders onbetaalbaar wordt.”Dat zal niet zonder slag of stoot gaan, denkt Rijcken. “Als je ziet hoe de maatschappij nu ingericht is, dat is heel autonoom en individualistisch. Vakbonden zijn op hun retour, sociale cohesie staat onder druk. Maar om de warmtetransitie te kunnen realiseren en betaalbaar te houden zullen we het met z’n allen moeten doen. De collectiviteit gaat dus toenemen.”Gebruikmaken van bestaande warmteDe collectieve oplossingen waar Rijcken op doelt zijn systemen die gebruikmaken van bestaande warmte, zoals aquathermie (oppervlaktewater), zon-, aardwarmte of (datacenter)restwarmte. Die technieken zijn bekend en te verdelen in drie soorten: als eerste grootschalige en hoog temperatuur collectieve oplossingen zoals geothermie waarbij een diepe boring in de aarde wordt gedaan en waarmee hele bestaande buurten verwarmd worden. De kassenbouw in het Westland maakt al jaren gebruik van deze techniek en steeds meer gemeentes onderzoeken de mogelijkheden.Een tweede optie is wat we kennen als stadsverwarming. Ook dat is een grootschalige collectieve warmtevoorziening waarbij wijken met behulp van een warmtenet voorzien worden van warmte uit gasgestookte centrales of afvalverbranding. Zo levert de AVR bijvoorbeeld restwarmte aan 160.000 woningen en bedrijven.Tenslotte bestaan er collectieve technieken voor meer lokale oplossingen met lage temperatuur, waarin Eteck actief is en waarbij de warmte uit ondiepe lagen van de grond gehaald wordt, uit oppervlaktewater of uit laagtemperatuur restwarmte van bijvoorbeeld een datacenter of supermarkt. Eteck gebruikt bijvoorbeeld de warmte uit het oppervlaktewater van een kanaal of een meer of een vijver in de buurt. De warmte en de koelte uit dat water breng je naar een systeem in de grond, de warmte-koudeopslag, waardoor je het kan inzetten wanneer de vraag er is. In combinatie met een warmtepomp werk je de temperatuur vervolgens op waarmee je een gebouw kunt verwarmen. Op dit moment zijn 415.000 huishoudens aangesloten op collectieve warmtenetten in Nederland. Binnen 9 jaar moeten dat 1,5 miljoen zijn. Ruim drie keer zoveel dus.Duizenden woningen van het gas afHet is logisch om voor zo’n grote opgave te zoeken naar grootschalige oplossingen waarmee duizenden woningen tegelijk ‘van het gas’ gehaald kunnen worden. Toch is dit niet de manier om de warmtetransitie vlot te trekken, denkt Rijcken. “Voordat een hele wijk, met alle verschillende types woningen van oud en nieuw en huishoudens met verschillende inkomens door elkaar allemaal op een lijn hebt, ben je zo 10 jaar verder. Want maar weinigen zullen meteen zeggen: je hebt groot gelijk, ik doe mijn CV weg en ik kom bij jou op het net. Dat lukt alleen als het ofwel veel voordeliger is, of als het moet. En het voordeel is voor een Nederlander al snel als het goedkoper is. Maar dat is het niet.”Want de meeste huizen hebben radiatoren die hoogtemperatuur warmte gebruiken van minimaal 70 graden. Die zijn niet geschikt voor de lagere temperaturen waarmee duurzame systemen werken. Dat betekent dat de woning aan de binnenkant aangepast moet worden met wandverwarming of vloerverwarming. Bijkomend voordeel is wel dat daar in de zomer ook koeling doorheen kan, wat een airco weer overbodig maakt.Vooruitgang boeken met kleine stapjes“Om de transitie te laten slagen moeten we mensen bij de hand nemen en vooruitgang boeken met kleine stapjes in de goede richting. We moeten ze meenemen in de overgang van een bepaalde vorm van comfort waarbij je zelf bepaalt of je CV aan of uit staat, naar een systeem dat geleidelijk aan gaat, waarin je meer afhankelijk bent van derden, en waarin je niet kan switchen van leverancier.” Want eenmaal aangesloten op een collectief warmtenet, is overstappen zo goed als onmogelijk.Ondanks deze uitdagingen is de doelstelling van het klimaatakkoord haalbaar, denkt Rijcken, mits we behoedzaam te werk gaan. “Het is niet gemakkelijk, dat zeker. Maar met Eteck wil ik vertrouwen winnen en laten zien dat het wèl kan. Daarom moeten we vandaag doen wat vandaag mogelijk is. Zoals in Doetinchem waar we 27 woningen aangesloten hebben op een collectieve warmtepomp waarmee we het gasgebruik met 60 tot 70 procent kunnen reduceren. Ook in Egmond aan Zee, waar we 74 woningen in overleg met de VvE van het gas af halen. Dat is impact. Als we dat overal doen en vooral als we acceptatie creëren dat het zo kan, dan maak je een kans in deze transitie.”Het installeren van hybride warmtepompen kan ook een substantiele bijdrage leveren aan het halen van de klimaatdoelen in 2030. Voor het gebruik van laagtemperatuur warmtebronnen is een goed geisoleerde woning een voorwaarde. Maar er zijn alternatieven die ook werken in oude tochtige huizen.