Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 04 juni 2014, 07:17

Sungevity gaat met E.ON de zonnemarkt op

Het Amerikaanse zonne-energiebedrijf Sungevity gaat samenwerken met E.ON Benelux. Via de samenwerking wil E.ON het eigen aandeel in zonne-energie vergroten.

Sungevity800

In eerste instantie richt de overeenkomst met de Duitse energiegigant zich op Nederlandse klanten die willen overschakelen op eigen zonnepanelen. E.ON gaat daarbij gebruik maken van de speciale dienstverlening van Sungevity, dat is gericht op service op afstand en keuzevrijheid. Het Amerikaanse bedrijf haalde bij een eerdere investeringsronde  $70 mln op voor onder meer de Europese uitbreidingsplannen. E.ON was een van die nieuwe investeerders.

Sungevity bepaalt met behulp van satellietbeelden en een daktest, inclusief een inventarisatie van de schaduwplaatsen, hoeveel zonnepanelen een klant nodig heeft en hoeveel stroom die panelen produceren. Dat gebeurt op afstand, waardoor voor de offerte geen bezoek aan huis nodig is. Het bedrijf garandeert de voorspelde opbrengst. Voor de klant geeft dat de zekerheid dat hij nooit te veel of te weinig zonnepanelen afneemt.

Op termijn wil Sungevity die service uitbreiden naar andere Europese landen. Het is onder meer actief in Nederland, Australië en de Verenigde Staten waar het de derde zonnepanelenleverancier is voor particulieren. Wereldwijd bedient Sungevity Inc. zo'n 10.000 klanten.

Springplank

Vorige maand nam Sungevity het Nederlandse zonne-energiebedrijf Zonline over. Topman Andrew Birch kondigde toen aan vanuit het hoofdkantoor van het nieuwe Sungevity Nederland de Europese markt te willen veroveren. Beide partijen werkten al langer samen en Zonline zag de overname als een voor de hand liggende stap.

Birch koos Nederland als springplank vanwege het innovatieve klimaat en de hoge energieprijzen. In combinatie met de naamsbekendheid en de omvang van E.ON verwacht hij een 'solide toegang' tot de zonne-energiemarkt die grote kansen biedt. De energiereus levert in Nederland al zonnepanelen aan particulieren en bedrijven.

Voor bestaande klanten verandert er niets door de voorgenomen samenwerking. Zij vallen onder de verantwoordelijkheid van het hoofdkantoor op IJburg, net als nieuwe klanten die via Sungevity Nederland en E.ON Benelux binnenkomen.

Bron: Sungevity, E.ON | Foto: Sungevity

Zonnevliegtuig kan de wereld rond

De Solar Impulse 2 is een grotere en verbeterde versie van de Solar Impulse 1 dat vijf jaar geleden voor het eerst de lucht in ging. De Solar Impulse 1 vloog volledig op zonne-energie van de Amerikaanse Westkust naar de Oostkust. Het toestel brak in totaal zeven wereldrecords tijdens verschillende vluchten in onder andere Europa en Afrika. Dit prototype is echter alleen geschikt voor relatief korte afstanden.De verbeterde Solar Impulse 2 heeft een spanwijdte 72 meter. De vleugels zijn bedekt met 17.000 zonnecellen die vier elektrische propellermotoren aandrijven. Het toestel is groter, zwaarder en heeft meer ruimte voor de piloot. Behalve dat het, net als zijn voorganger, ook 's nachts kan vliegen, moet de verbeterde versie bestand zijn tegen slecht weer. Hierdoor bezit het toestel de capaciteiten om continu door te vliegen. Wereldreis Het zonnevliegtuig is ontwikkeld door de Zwitserse pioniers Bertrand Piccard en André Borschberg. Tijdens de testvlucht slaagde het duo erin om de Solar Impulse 2 gedurende 2 uur en 17 minuten in de lucht te houden. Het toestel behaalde snelheden tot 55.6 kilometer per uur. Deze resultaten zijn volgens de initiatiefnemers zoals verwacht. De komende maanden houden zij meerdere testvluchten.Volgens Piccard en Borschberg kan het zonnevliegtuig in theorie oneindig lang in de lucht blijven. Het is de bedoeling om in 2015 rond de wereld te vliegen. Niet non-stop, want tussendoor wordt om de zoveel dagen van piloot gewisseld. Het vliegtuig begint zijn wereldreis in de Golfregio, vermoedelijk in maart 2015. In totaal is zo’n €1.5 mrd geïnvesteerd in het project.Bekijk het filmpje van de eerste vlucht van de Solar Impulse 2: Bron: Nuzakelijk, CleanTechnica | Foto: Ed Mullin via Flickr