Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 31 juli 2020, 16:09

Tennet versnelt investeringen om wind op zee aan land te krijgen

Netwerkbedrijf Tennet investeert de komende jaren 4 tot 5 miljard euro om het groeiend aantal windparken op zee aangesloten te krijgen op het hoogspanningsnetwerk aan land. In de eerste helft van het jaar investeerde Tennet 1,4 miljard euro in de energie-infrastructuur, 30 procent meer dan over het eerste halfjaar van 2019.

Shutterstock 670519687

Dat heeft Tennet bekendgemaakt bij de publicatie van zijn halfjaarcijfers. De halfjaaromzet steeg van 2,2 miljard naar 2,3 miljard euro, de brutowinst (ebitda) nam toe van 877 miljoen naar 960 miljoen euro.  

Om de opgevoerde investeringsdrift aan te kunnen gaf het staatsbedrijf halverwege juli een 'groene obligatie' uit waarmee 1 miljard euro aan kasgeld werd binnengehaald. In maart kreeg Tennet ook al een kapitaalinjectie van de Europese Investeringsbank (EIB) van 250 miljoen euro. Ook worden er onderhandelingen gevoerd over een forse investering van de Duitse staat in Tennet, in ruil voor een percentage van het aandelenkapitaal. De vraag is of Duitsland een belang neemt in de Duitse dochter van Tennet, of in de overkoepelende holding. 

Stroom voor Nederland en Duitsland

Tennet heeft veel geld nodig om de vele windparken op de Noordzee aan te sluiten op het hoogspanningsnetwerk aan land, en ook de verbindingen naar het achterland in Nederland en Duitsland stevig genoeg te maken. Dat gaat de komende jaren dus 4 miljard tot 5 miljard euro per jaar kosten. In 2019 bleef de teller steken op 3,3 miljard euro. 

Het hoogspanningsnetwerk van Tennet bestrijkt een gebied in Nederland en Duitsland waar in totaal 42 miljoen mensen wonen.

Stopcontacten op zee

Tennet bouwt een systeem van 'stopcontacten op zee', waar windparken op aangesloten kunnen worden. Recent werd Borssele Alpha operationeel, waar twee windparken van het Deense energiebedrijf Ørsted inmiddels hun eerste stroom aan geleverd hebben. Ook het tweede stopcontact Borssele Beta is sinds kort in gebruik genomen. In totaal heeft Tennet nu veertien van deze stopcontacten, twaalf in het Duitse deel van de Noordzee, twee in het Nederlandse deel. 

Lees ook: 1.400 gigawatt: Noorwegen heeft gigantische plannen voor wind op zee

Beeld: Tennet

Kleding: 3 duurzame innovaties uit Nederland

Plantaardig leer van bladafvalLeer is gewild vanwege de levensduur en stoere look, maar heeft van alle kledingmaterialen de grootste milieu-impact. Met name koeienleer zorgt voor broeikasgasuitstoot. Daarnaast is voor de productie van veevoer veel land nodig, wat leidt tot ontbossing en afname van biodiversiteit. Bovendien worden in de bewerking van leer chemische materialen gebruikt. Deze komen meestal in het milieu terecht en veroorzaken gezondheidsproblemen bij arbeiders.Daarom startte een consortium van vier bedrijven deze week een pilot om plantaardig leer te maken van Nederlands bladafval dat voorheen werd gecomposteerd. Het materiaal, genaamd Treekind, werd ontwikkeld door Mira Nameth, oprichter en CEO van Biophilica. Familiebedrijf Den Ouden Groep zamelt het bladafval in op 13 locaties in Nederland. Het leer is naast plantaardig ook recyclebaar.Volgend jaar hopen de partners, die elkaar vonden via biolab BlueCity, een joint venture te starten om het materiaal te produceren en te leveren aan de mode-, meubel- en verpakkingsindustrie.Labfresh: ‘slimme’, antibacteriële kledingWist je dat 70 procent van de ecologische voetafdruk van kleding van het gebruik komt? Met name het wassen kost een hoop energie. Ook gaat de kwaliteit, en daarmee de levensduur erdoor achteruit. Nooit meer je shirts wassen is echter niet bepaald een aantrekkelijke oplossing. De duurzame overhemden van Labfresh zijn wél een oplossing: dankzij een anti-bacteriële en vochtafstotende coating hebben zweet en vlekken geen schijn van kans. Het shirt hoeft volgens Labfresh slechts eens in de drie, vier dagen gewassen te worden.Oprichter Lotte Vink ziet fast fashion als de kern van het probleem: “Kleding is geen wegwerpproduct, maar zo gebruiken mensen het wel.” Kleding is vaak te goedkoop en van lage kwaliteit, waardoor het na een paar maanden al wordt weggegooid. “Tachtig euro voor een overhemd is nog steeds betaalbaar voor veel mensen. Zeker als je bedenkt dat je minder geld kwijt bent aan wassen en dat het product langer mee gaat.”MUD Jeans: milieuvriendelijke spijkerbroekenEen gemiddelde spijkerbroek kost 7.000 liter water, schreef Trouw eerder deze week. Met 2 miljard verkochte broeken per jaar tikt dat behoorlijk aan. Het Nederlandse jeansmerk MUD Jeans doet het anders. Het bedrijf liet voor de tweede keer in vijf jaar zijn milieubelasting doorrekenen. De uitkomst: een MUD Jeans kost gemiddeld 92 procent minder water en 69 procent minder energie.Het gebruik van gerecycled katoen speelt een grote rol in de waterbesparing. Daarnaast wordt het afvalwater bij de leveranciers van MUD Jeans voor een groot deel hergebruikt en gebruiken zij regenwater in het productieproces. Het lage energieverbruik komt door een duurzame verftechniek genaamd e-flow.Lees ook: Het businessmodel van de kledingindustrie piept en kraakt: 'We zijn verslaafd aan lage prijzen'Bron: Trouw / BlueCity | Beeld: AdobeStock