Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 07 oktober 2013, 10:14

Topman Shell heeft spijt van schaliegasboringen VS

Vertrekkend Shell-topman Peter Voser is ongelukkig over de weinig succesvolle exploratie van Amerikaans schaliegas.

Shell via Flickr e1381133651536

De topman zegt dat zondag in een interview met de krant Financial Times. “De onconventionele bronnen hebben niet opgebracht wat gepland was,” aldus Voser. Shell heeft zeker €18 mrd geïnvesteerd in de exploratie van zogenoemde 'onconventionele' olie- en gasbronnen, schrijft de Financial Times.

De oliemaatschappij kondigde afgelopen augustus een afschrijving aan van €1,5 mrd op de activiteiten in de VS en kondigde aan de Amerikaanse schaliegas-portefeuille te gaan herzien. Volgens Voser moeten deze activiteiten de komende jaren op de rails worden gezet.

Te optimistisch

De bestuurder waarschuwde ook voor te veel optimisme over de exploratie van schaliegas elders in de wereld. Het idee dat omvang van de vondsten in de VS ook elders geëvenaard kunnen worden, noemde Voser “een hype”. In China heeft Shell wel 22 bronnen geboord, maar de uitkomsten daarvan zijn nog onzeker. De kosten van de exploratie in China zijn volgens Voser hoger dan in de VS.

Verder zei Voser dat de problemen in Alaska voor hem “een grote persoonlijke teleurstelling” waren. Shell heeft daar de afgelopen jaren veel problemen ondervonden met de techniek en met milieu- en andere regelgeving. Volgens de topman is het onzeker of er “in 2014 of 2015” nog in het probleemgebied in Alaska zal worden gewerkt.

Voser vertrekt aan het einde van dit jaar als topman van Shell. Hij wordt opgevolgd door Ben van Beurden, die verantwoordelijk was voor de divisie Downstream (raffinage en verkoop).

Bron: ANP

Foto:  . Shell via Flickr

Koersdaling oliebedrijven kan financiële crisis veroorzaken

Door Jeroom Remmers* Begin augustus publiceerde Shell zijn halfjaarcijfers. De winst daalde van $6 mrd naar $2,4 mrd en de koers met 20 procent. Ook bij ExxonMobil kelderde de winst. En deze tegenvallers gaan nog veel erger worden, als we analisten mogen geloven. [caption id="attachment_58196" align="alignright" width="165"] Jeroom Remmers, VBDO[/caption] De oorzaak is echter een heel andere dan die van de huidige koersdalingen. Analisten spreken over een ‘Carbon Bubble’, vanwege overgewaardeerde voorraden olie, gas en steenkool. Over enkele jaren kunnen deze voorraden voor meer dan 50 procent afgeschreven worden, omdat ze nooit uit de bodem gehaald mogen worden op basis van internationale klimaatafspraken. Niet alleen Standard & Poor’s, maar ook het Internationale Energie Agentschap waarschuwden hier al voor. Klimaatafspraken Wat zijn die klimaatafspraken ook alweer? De meeste VN-landen hebben afgesproken dat toenemende CO2-emissies wereldwijd een temperatuurstijging van maximaal 2 graden Celsius mogen veroorzaken. Het laatste IPPC-rapport dat vorige week in Zweden is gepubliceerd, geeft de noodzaak opnieuw aan om deze grens niet te overschrijden. Ondanks tegenwind – denk aan de financiële crisis, tegenwerkende landen en bedrijven – is de kans zeker aanwezig  dat het toch lukt om in 2015 internationaal vergaande CO2-reducerende doelen en maatregelen af te spreken. Persoonlijk schat ik die kans op meer dan 75 procent. De druk vanuit vooruitstrevende landen, consumenten,  grote investeerders die samenwerken in het Carbon Disclosure Project en 'groene' bedrijven is namelijk ook erg groot. Koolstofbudget Maar afspraken zouden slecht nieuws zijn voor ‘Big Oil’. Het gaat namelijk betekenen dat zij een groot deel van hun bewezen reserves niet mogen verbranden. Hoeveel precies? Rekent u even mee. Het resterende koolstofbudget van de wereld wordt geschat op 900 à 1075 gigaton om onder de 2 graden Celsius te blijven. Van de bewezen wereldreserves aan koolstofvoorraden is 75 procent in handen van overheden, de rest is van private bedrijven. Gesteld dat het resterende koolstofbudget evenredig verdeeld wordt tussen overheden en bedrijven, dan kunnen bedrijven nog tussen de 125 en 275 gigaton uitstoten. De totale bewezen reserves van bedrijven aan olie-, gas-, en steenkool staan echter gelijk aan 762 gigaton CO2. Dat betekent dus dat tussen de 60 en 80 procent van alle beheerde reserves momenteel in handen van bedrijven eigenlijk  onbruikbaar en onbrandbaar zijn. Die staan echter al wel op de balans van de Shells en de ExxonMobils van deze wereld ingeboekt. Voor investeerders betekent dit dus een bijzonder groot risico: zullen zij hun geld ooit nog terugzien? De 6.000 grootste bedrijven ter wereld met weinig aandacht voor duurzaamheid leverden de afgelopen zeven jaar 5,5 procent rendement op. De meest duurzame bedrijven 16,4 procent. Daarmee dreigt de volgende economische zeepbel zoals we die ook al zagen in de ICT- en bankensector. Toezichthouders zoals de AFM en DNB zouden moeten waarschuwen voor deze Carbon Bubble, zoals de Bank of England dat al doet. De BBC, de New York Times, de Financial Times en de World Bank gaven dezelfde boodschap af. In de VS desinvesteren universiteiten en steden als New York, San Francisco en Seattle uit de Big Oil-bedrijven. Ook in Nederland beginnen steeds meer partijen vragen te stellen aan bijvoorbeeld pensioenfondsen over de Carbon Bubble. Langetermijninvesteerders merken immers vooral de gevolgen. De volgende zeepbel Het is dus tijd voor een verschuiving van investeringen in fossiele  energie naar duurzame energie. Dat is vooral vanuit de economische overtuiging dat we een Carbon Bubble moeten voorkomen. Daar komt bovenop dat investeren in duurzame energie en cleantech-bedrijven zowel financieel als maatschappelijk een hoger rendement oplevert, blijkt uit diverse bronnen. Volgens Amerikaanse beleggingsadviseurs Aperio Group en Green Alpha is een fossiel-vrij portfolio uit financieel oogpunt zelfs beter. Ook er is volgens  een artikel in de Harvard Business Review 2012 van Osmosis Investment Management  – een vermogensbeheerder uit de Londense City – een positieve relatie tussen duurzaamheid en rendement. Hun analyse wijst uit dat 6.000 van de grootste bedrijven ter wereld met weinig aandacht voor duurzaamheid, de afgelopen zeven jaar 5,5 procent rendement hebben opgeleverd bij een gemiddelde winstmarge van 6,3 procent. De meest duurzame bedrijven (met o.a. lage CO2-emissies en weinig energie- en watergebruik) leverden daarentegen een rendement op van 16,4 procent bij een gemiddelde winstmarge van 12,7 procent. Meer investeringen in duurzaamheid gaat niet alleen financiële instabiliteit voorkomen, het gaat ook meer geld opleveren. --- Jeroom Remmers is projectmanager Corporate Social Responsibility bij de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling VBDO. Hij coordineert hier de bezoeken aan aandeelhoudersvergaderingen van 70 beursgenoteerde bedrijven, waaronder Shell. Voor meer info: www.vbdo.nl en duurzaamaandeel.nl.