Thijs ten Brinck 26 februari 2016, 09:56

Tot € 60.000 'korting' met combinatie wind en zon

Netbeheerder Liander bespaart voor zijn klanten met windturbines én zonnepanelen tienduizenden euro’s. Het Friese loonbedrijf Westra heeft de primeur van een duurzame dubbele aansluiting.

172104 Volvo Microsoft Band 2

Felle zon en harde wind gaan in Nederland bijna nooit samen. Op basis van weerdata van het KNMI heeft Liander becijferd dat zonnepanelen en windturbines slechts 3 procent van de tijd tegelijkertijd het maximale vermogen leveren.

€ 20.000 tot € 60.000 voordeel

Zonnecentrales en windmolens die bij elkaar in de buurt staan, kunnen volgens de netbeheerder daarom van dezelfde aansluiting op het stroomnet gebruikmaken.

“Doordat de wind- en zonenergie elkaar aanvullen en één kabel delen, hoeft het elektriciteitsnet niet onnodig te worden verzwaard”, zegt Liander in een persbericht. “Bovendien ontstaat er een veel stabielere energievoorziening. De elektriciteitskabel wordt optimaal gevuld met energie waardoor er minder energie op het net verloren gaat.”

1.200 duurzame kansen

Alleen al in het verzorgingsgebied van Liander staan er volgens de netbeheerder 1.200 windturbines op plaatsen waar ook ruimte is voor zonnepanelen. De businesscase van een zonnecentrale komt zonder de investering in een eigen aansluiting veel eerder uit.

De netbeheerder deelt zijn kennis met de collega’s, zodat duurzame stroomproducenten in heel Nederland gebruik kunnen maken van het concept cablepooling.

Bron: Liander, NOS | Aqua Mechanical, via Flickr Creative Commons (Cropped byDuurzaambedrijfsleven)

 

Kees Noorman: “Als we niet innoveren, dan overkomt het ons”

Oram is de grootste ondernemersvereniging in regio Amsterdam en brancheorganisatie voor de Amsterdamse haven en industrie. “Onze missie is om het vestigingsklimaat in Amsterdam op korte, maar ook op lange termijn goed te houden”, zegt directeur Kees Noorman in een uitzending van DuurzaamBV Radio. “Op welke wijze kunnen we de stad competitief laten blijven met andere regio’s in de wereld?”Volgens Noorman is, naast bereikbaarheid en de arbeidsmarkt, ook duurzaamheid hierbij een steeds belangrijker thema.Zo vinden er in de Amsterdamse haven verschillende initiatieven plaats om het gebied te verduurzamen. De Amsterdamse haven is de vierde grootste haven ter wereld, na Rotterdam, Antwerpen en Hamburg. Volgens Noorman zitten de bedrijven in het havengebied momenteel in een transitiefase."Als je je ogen sluit voor innovatie, dan komt je einde sneller dan je denkt"“De vraag is, hoe kunnen we ons transformeren naar andersoortige activiteiten?”, zegt de directeur. “Het is voornamelijk hard nadenken over hoe de toekomst eruit ziet.” Volgens hem is de circulaire economie een interessant thema voor het Havenbedrijf Amsterdam, omdat dat gaat over het terughalen van ladingstromen. De vraag is echter of er zulke grote stromen zijn.“We richten ons nu dus veel meer op herindustrialisatie en toegevoegde waarde van het havenindustrieel complex”, zegt Noorman. Dat betekent volgens hem dat de haven een ander meetinstrument toepast om bedrijven toe te laten in het industrieel gebied. “Je kijkt steeds meer naar: wat voegt het bedrijf toe aan de arbeidsmarkt, wat voegt het toe aan innovatie, wat voeg het toe aan de kwaliteit van de leefomgeving?”Partijen verbindenVolgens de directeur is er voor Oram een grote rol weggelegd als verbinder. “Wat je vaak ziet is dat grote bedrijven innovaties niet meer in huis kunnen ontwikkelen”, zegt Noorman. “Die kopen dat in, of ontwikkelen dit via joint ventures buiten hun eigen organisatie. Daarvoor proberen we zoveel mogelijk partijen te verbinden om met elkaar tot nieuwe ideeën te komen.”De directeur stelt dat de wetgeving hierbij soms in de weg staat. “De wetgeving sleept in veel gevallen achter de innovatie aan.” Dat geldt volgens de directeur voor wetgeving met betrekking tot grondstoffen en afval, maar ook voor andere takken. “Als je kijkt naar de hele innovatie op het gebied van de Airbnb’s en de Uber’s, daar zie je eigenlijk al iets wat concreet, realistisch en economisch haalbaar is, maar waar wetgeving nog achterloopt.”Kleinschalig en flexibelDat heeft ook te maken met de invloed van grote bedrijven, die steeds meer druk voelen van innovatieve, nieuwe bedrijven, stelt Noorman. “Ik ben er zo langzamerhand wel van overtuigd dat als je je ogen sluit voor die innovatie, dat je einde sneller komt dan je denkt. We moeten investeren, want als we het zelf niet doen, dan overkomt het ons."Noorman ziet dan ook kansen voor bedrijven die kleinschalig en flexibel zijn. “Er is geen obstakel voor verduurzaming, behalve als je de wens hebt om nog steeds zo groot te zijn als dat je nu bent”, zegt de directeur. “Als je de schaal wilt vasthouden, zal de innovatie niet snel komen, maar als je accepteert dat je eerst terug stapt om daarna misschien te groeien, dan is de innovatie beter haalbaar.”Transitie naar duurzame energieAls belangrijkste transitie voor Amsterdam noemt Noorman de energietransitie, die volgens hem te maken heeft met de stad zelf, het consumptiegedrag, maar ook met het afstand nemen van fossiele brandstoffen en overstappen naar een hernieuwbare economie. "Dat heeft directe gevolgen voor de wijze waarop men in de stad reist, verblijft en de wijze waarop men energie consumeert.”De huidige lage prijzen van grondstoffen, zoals olie, zetten volgens Noorman echter een rem op de productie van duurzame energie. “De stijging van kosten en prijzen zal ertoe leiden dat mensen hun gedrag veranderen. Anders niet.”