André Oerlemans
12 februari 2025, 06:00

Verkoop zonnepanelen met 30 procent gedaald, maar Nederland haalt nu al klimaatdoel 2030

De spectaculaire groei van de Nederlandse zonne-energiemarkt is voorbij. Het afgelopen jaar daalde het aantal verkochte zonnepanelen met 30 procent ten opzichte van recordjaar 2023. Toch is er ook goed nieuws: Nederland heeft zijn zonne-energiedoel voor 2030 nu al gehaald, in de zakelijke markt zet de groei de komende jaren door en steeds meer zonnestroom wordt opgeslagen in batterijen.

Zonnepanelen 2 Met name op daken van woningen werden minder zonnepanelen gelegd. | Credits: Adobe Stock

Dat blijkt uit het Nationaal Solar Trendrapport 2025 van Dutch New Energy Research. De groei van het aantal zonnepanelen in 2024 was volgens de onderzoekers de laagste in de afgelopen tien jaar. Maar een lagere groei is nog steeds groei. In totaal werd er vorig jaar voor 3,4 gigawattpiek aan zonnestroomvermogen geïnstalleerd, een toename van 14 procent.

Doel 2030 gehaald

Het totale vermogen van alle zonnepanelen in Nederland liep daardoor op naar 27,7 gigawattpiek. Dat is al meer dan het klimaatdoel van 25,7 gigawattpiek, dat Nederland in zijn Integraal Nationaal Plan Energie en Klimaat voor 2030 heeft gesteld. Gerekend per hoofd van de bevolking zijn we ook nog steeds Europees kampioen zonne-energie, gevolgd door Duitsland en Oostenrijk.

Huishoudens zorgen voor laagterecord

Het krimp zit vooral in de markt voor huishoudens. Die legden het afgelopen jaar 52 procent minder zonnepanelen op hun daken, wat zorgde voor een laagterecord. De oorzaken zijn inmiddels bekend. Door de naderende afschaffing van de salderingsregeling – waarbij ze hun geleverde zonnestroom kunnen aftrekken van de energierekening – daalt de animo onder huishoudens om panelen aan te schaffen. Ook zijn de lucratieve stroomprijzen die bij het begin van de oorlog in Oekraïne de lucht in schoten verleden tijd. De stroomprijzen lagen vorig jaar overdag 36 tot 80 procent lager dan in 2023.

Verder zijn alle ‘makkelijke’ daken van woningen al voorzien van zonnepanelen. Die liggen op 36 procent van alle Nederlandse woningen en op de helft van alle koopwoningen. De andere woningen hebben vaak lastige daken voor panelen of hebben eigenaren die dit niet kunnen betalen.

Behoefte blijft

Toch denkt hoofdonderzoeker Hrvoje Medarac van DNE Research dat de vraag van huishoudens in de toekomst weer zal stijgen. “Met 80.000 nieuwe A-labelwoningen per jaar blijft er behoefte aan duurzame energiemogelijkheden. Zonne-energie blijft een van de meest concurrerende opties. Dit is slechts een deel van de markt dat zal blijven bestaan. Woningcorporaties hebben hun duurzaamheidsdoelen. Een deel van de huishoudens die renovaties ondergaan, zal zonnepanelen gebruiken als een lange termijnoptie voor energie”, somt hij op.

Dieptepunt

In de zakelijke markt, lees: de grote zonneparken en daken van bedrijven, daalde het aantal verkochte panelen het afgelopen jaar slechts met 4 procent ten opzichte van 2023. Toch was ook daar sprake van de laagste groei in verkopen in het afgelopen decennium. Dat het in die markt minder gaat, is ook te zien aan de grotere projecten die op stapel staan en die een SDE-subsidie hebben ontvangen. In die pijplijn zat vorig jaar voor ‘slechts’ 6,4 gigawattpiek aan projecten, volgens DNE Research een dieptepunt in de afgelopen jaren. Tekenend in dit verband is ook de aankondiging van Sharp Energy Solutions. ‘s Werelds grootste fabrikanten van zonnepanelen trekt zich terug uit de Europese zonne-energiemarkt vanwege de slechte vooruitzichten en sluit op 31 maart na dertig jaar zijn Europese divisie in Hamburg.

Accelereer jouw duurzame transitie

Zit jij midden in de duurzame transitie (of sta je nog aan het begin) en kun je wel wat inspiratie, hulp en kennis gebruiken? Kom op 23 juni naar Transition2026 in Amsterdam en laaf je aan de kennis en inzichten van pro’s en peers. De eerste sprekers zijn bevestigd, het belooft een wervelende dag te worden.

Bekijk programma

In de zakelijk markt viel de terugval mee. Overal, zoals hier in Almere, werden vorig jaar nieuwe zonneparken geopend. | Credit: Willem Jan de Bruin Fotografie

Stabiele toekomst

Toch blijft DNE Research positief over de toekomst en voorspelt het een stabiele groei. De prognose voor de komende drie jaar laat in geen enkel scenario een verdere daling van de jaarlijkse toegevoegde capaciteit zien, maar zelfs een lichte verbetering van de markt, stelt het bureau. “De belangrijkste doelstellingen voor 2030 – 55 procent minder uitstoot en 39 procent aandeel hernieuwbare energie – kunnen niet worden bereikt zonder zonne-energie”, zegt hoofdonderzoeker Medarac.

Meer batterijcapaciteit

Een andere positieve trend die het rapport schetst is de toename van de Nederlandse batterijcapaciteit. In 2023 verdriedubbelde
die al naar 621 megawattuur en eind 2024 verwacht DNE dat er opnieuw 942 megawattuur aan nieuwe capaciteit is geïnstalleerd. De onderzoekers zien dat steeds meer bezitters van zonnepanelen een thuisbatterij aanschaffen om de stroom van hun eigen dak op te slaan. Dat maakt installaties meer rendabel, verhoogt het eigen gebruik en vermindert de netcongestie op het overvolle elektriciteitsnet.

Combinatie geeft boost

De combinatie van dit alles kan de energiemarkt weer een boost geven, is de verwachting binnen de sector. “Een belangrijke ontwikkeling die de zonnestroomsector op korte termijn vooruit zal stuwen, is de integratie van zonnestroom met energiemanagement, opslag en conversie. Een energie managementsysteem (EMS) in combinatie met een batterijsysteem zal in de nabije toekomst een integraal onderdeel gaan zijn van elk zonnestroomsysteem”, zegt Wijnand van Hooff, algemeen directeur van brancheorganisatie Holland Solar.

Minder zonnepanelen uit China

De cijfers in het rapport tonen een enorme afname van het aantal ingevoerde zonnepanelen uit China. Hoewel nog steeds 90 procent van alle panelen uit China komt, werd er vorig jaar voor 6 miljard euro geïmporteerd, tegen 10 miljard in 2023. Daardoor exporteerde Nederland ook minder Chinese panelen naar andere Europese landen. Die daling werd niet opgevangen door andere producenten. Wel groeide het aantal zonnepanelen in China zelf met 63 procent. Inmiddels staat de helft van de wereldwijde zonne-energiecapaciteit in China: ruim 1 terawattpiek.

Zelf panelen produceren

“Gezien het feit dat bijna alle zonnepanelen worden geïmporteerd uit China en China in 2024 alleen al meer dan 320 gigawatt aan zonnepanelen installeerde, is het mogelijk dat China een deel van zijn verkoop heeft omgeleid om aan de binnenlandse vraag te voldoen. Voor de EU zou dit een vroeg signaal kunnen zijn dat de productiecapaciteit moet worden vergroot”, zegt Medarac van DNE.

Kom 23 juni naar Transition2026 in Amsterdam: De toekomst van duurzaamheid begint hier

Claim je ticket

Lees ook:

Stroomtekort? De oplossing ligt op de Noordzee, zegt Jan Vos van NedZero

Wel kant-en-klare verduurzamingsplannen op de plank hebben liggen, maar daar voorlopig weinig mee kunnen. Dat lot treft een groot deel van de zogeheten Cluster-6 bedrijven in ons land. Het gaat onder meer om glasfabrieken, baksteenproducenten en grote partijen die voedingsmiddelen, papier en karton maken. Driekwart van hen krijgt voorlopig geen zwaardere netaansluiting, blijkt uit onderzoek. Met als gevolg? Vertraging van de CO2-reductiedoelen. En dat is nog niet alles. Het betekent ook dat deze spelers langer aangewezen zijn op fossiele brandstoffen uit het buitenland. Maar die leggen nu juist een grote druk op hun businesscase. Veel energie-intensieve industrie Hoe zijn we hier beland? En - net zo belangrijk - wat valt er tegen te doen? Die vragen stellen we aan Jan Vos, bestuursvoorzitter van NedZero, de branchevereniging voor windenergie. Daarnaast is hij bestuurslid van VNO-NCW en vicevoorzitter van de NVDE, de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie. “In Nederland hebben we ruim een halve eeuw enorm kunnen profiteren van de gasbel in Groningen. Daardoor hebben we hier veel energie-intensieve industrie. Nu we dat gas niet meer uit de grond kunnen halen, zijn we aangewezen op de import van fossiele brandstoffen. Tot 2022 kwamen die voornamelijk uit Rusland en dat was nog relatief goedkoop. Nu importeren we LNG uit Qatar en de Verenigde Staten, verhoudingsgewijs een stuk duurder. Als Europees continent hadden we altijd al te maken met energieprijzen die 20 tot 30 procent hoger lagen en dat verschil is de laatste twee jaar alleen maar groter geworden. Energie bepaalt voor een groot deel de kostprijs van industriële bedrijven. Die kunnen als gevolg van deze ontwikkeling nog maar amper concurreren met spelers die op andere continenten actief zijn.” Maar dat kunnen we toch oplossen door de transitie naar duurzame energie? “Absoluut! Maar daarvoor heb je wel een aantal randvoorwaarden nodig. In een land als Noorwegen, met al z'n hoogteverschillen, kun je goedkope energie opwekken met waterkracht. Turkije heeft dat natuurlijk voordeel met geothermie en landen als Spanje en Portugal met zonne-energie. In Nederland zelf spelen al die voordelen niet. Ja, het waait hier vaak, maar we zijn een dichtbevolkt landje met mensen die liever niet naar hoge turbines kijken. Vier jaar geleden oordeelde de Raad van State dat er nieuwe normen moeten komen voor windmolens op land. De overheid blijft een beslissing daarover maar uitstellen, waardoor deze hele markt nu volledig op z'n gat ligt. Wat we wel hebben is de Noordzee, dé plek waar we op grote schaal elektriciteit kunnen winnen. Als je alle plannen meerekent, kunnen we na 2030 zeker driekwart van Nederland op deze manier van stroom voorzien. Het gaat om 120 GW, te vergelijken met het vermogen van ruim 100 kolencentrales.”Industrie onder de loep Veel industriële processen in Nederland draaien nu nog grotendeels op olie, gas en (een beetje) kolen. Ongeveer 90 procent van die processen kunnen worden geëlektrificeerd. De industrie is nu nog verantwoordelijk voor bijna een derde van de CO2-uitstoot in ons land. Het doel is om die uitstoot in 2030 met 67 procent te hebben teruggebracht ten opzichte van 1990. Het Planbureau voor de Leefomgeving kwam in oktober met een rapport naar buiten waaruit blijkt dat deze doelen waarschijnlijk niet gehaald worden.De businesscase kan niet uit Eind goed al goed, zou je denken. Maar hiermee is het hele verhaal nog niet verteld. Het opvoeren van die energieproductie op de Noordzee gaat momenteel namelijk niet van een leien dakje. In Nederland konden recente aanbestedingen op veel minder belangstelling rekenen dan eerder. Belangrijkste oorzaak? Vos wijst op het overheidsbeleid. Die maakt de productie van stroom op de Noordzee onnodig duur. “Het aanleggen van zo'n offshore windpark kost miljarden euro's. Een producent moet dat geld in twintig tot dertig jaar terugverdienen. In de huidige omstandigheden zijn de marges te klein. Dit heeft een aantal oorzaken. Zo wordt de prijs van stroom bepaald door de laatste productiefactor in de keten, in dit geval de gascentrale. Komt er meer duurzame stroom, dan wordt de prijs van gas relatief hoger. De centrale kan namelijk minder lang draaien. Dit prijsmechanisme zou de overheid eigenlijk moeten ontkoppelen, zoals men in Duitsland bijvoorbeeld al gedaan heeft.” Speelt ook de opgelopen inflatie een rol? Daardoor zijn de investering van windenergie op zee snel opgelopen. “Dat klopt. Bovendien hebben we nog steeds te maken met een verstoring in de supply chain, als gevolg van de coronacrisis. Die galmt in deze sector heel lang na, omdat je goederen vaak al vijf, zes of zelfs zeven jaar van tevoren inkoopt. Verder hebben we veel last van de rentestijging. Dit zijn kapitaalintensieve projecten, waardoor de rente enorme invloed heeft op de businesscase. En wat je ook niet moet vergeten is dat op veel meer plekken in de wereld offshore windparken worden gebouwd. De capaciteit van het materiaal is beperkt, wat de prijs verder omhoog stuwt.” Je bent ook kritisch op het invoedingstarief dat de netbeheerders willen invoeren. “Dit betekent dat we moeten gaan betalen om de duurzame stroom van windmolen op zee in het elektriciteitsnet te krijgen. Dat gebeurde tot nu toe nooit. Daardoor wordt het voor partijen nóg moeilijker om hun businesscase rond te krijgen en lopen nieuwe projecten vertraging op. Mijn oproep aan de beleidsmakers in Den Haag? Wimpel de investeringen aan het elektriciteitsnet niet af op de industrie en de bouwers van windmolenparken. En - heel belangrijk - houd de wetgeving eenvoudig. Het plaatsen van een turbine op zee, die net zo hoog is als de Eiffeltoren is al ingewikkeld genoeg.” Lees ook: Novar steekt zijn nek uit en start bouw grootste zonnepark van NederlandWaarom nog maar één procent van het gas in Nederland groen is: ‘Er moet snel duidelijkheid komen’Weer een wereldprimeur: warmtepomp op waterstof kan honderdduizenden slecht geïsoleerde woningen vergroenen