Marc Seijlhouwer 26 februari 2020, 12:45

Warmtepomp wordt efficiënter met kleine toevoeging

Een toevoeging aan de warmtepomp maakt hem efficiënter, door de restenergie van gassen om te zetten in elektriciteit. Het nieuwe apparaatje kan op elke bestaande warmtepomp geplaatst worden en verbetert de efficiëntie met 5 procent.

Loodgieter installeert warmtepomp bij huis

Onderzoekers van de Amerikaanse Purdue University bouwden een warmtepomp met het extra apparaatje en keken wat de winst was. Het apparaat gebruikt de energie die vrijkomt als het koelgas in een warmtepomp van hoge naar lage druk gaat. Nu gaat die energie verloren. Door een ventiel en een kleine turbine te verbinden aan de gasuitlaat, kun je de energie gebruiken, is het idee.

Lees ook: Verkoop warmtepompen nam vorig jaar met een derde toe

De resultaten zijn bescheiden, maar kunnen toch belangrijk zijn voor het rendement van warmtepompen. De COP (de verhouding tussen geleverde warmte en verbruikte elektriciteit) nam in het lab met 4 tot 7 procent toe bij verwarmen en werd 15 procent beter bij koelen. In de praktijk komt dat neer op een 2,3 procent hogere COP.

Elektriciteit besparen

Dat lijkt weinig, maar het voordeel is dat het apparaat eenvoudig op bestaande warmtepompen geplaatst kan worden en niet veel geld kost. Zo kan iedereen direct 2,3 procent elektriciteit besparen – en alle beetjes helpen. Voor nieuwe warmtepompen kan de toevoeging bovendien de businesscase interessanter maken. Nu zijn warmtepompen nog relatief duur. De techniek is ook toepasbaar voor koelende warmtepompen, die bijvoorbeeld in koelkasten zitten.

Warmtepompen zijn vermoedelijk onmisbaar voor de Nederlandse energietransitie. Als alle woningen van het gas af moeten, kan een warmtepomp alternatieve verwarming leveren. Voorwaarde is wel dat er dan genoeg duurzame stroom beschikbaar is én dat het huis goede isolatie heeft.

Lees ook: Dit is de grootste warmtepomp van Nederland

Hoe werkt het?

Het apparaatje werkt tijdens de zogenoemde 'dampcompressiecyclus' van een warmtepomp. Het koudemiddel, dat in warmtepompen zit en onder druk staat, verliest in één keer de druk, waardoor het middel zijn warmte of koude afgeeft aan de omgeving. Door de decompressie via een ventiel met een kleine turbine te laten stromen, wekt het apparaat een beetje energie op, die normaal gesproken verloren gaat. Zo neemt de totale COP van de warmtepomp toe.

Omdat het apparaat op alle bestaande warmtepompen past (industriële en thuisversies), hopen de onderzoekers hun vondst snel op de markt te brengen. Ze zoeken nu naar partners die het apparaat marktklaar kunnen maken en kunnen installeren.

Lees ook: Nieuw soort warmtepomp draait op restwarmte

Bron: Purdue University | Beeld: Adobe Stock/Purdue University

Duurzaam beleggen in Europa: Waarom een label belangrijk is

ESG-labels bewijzen hun waarde door een gelijk, transparanter, speelveld te scheppen voor vermogensbeheerders en beleggers in een Europese markt met zo 'n 496 miljarden EUR aan beheerd vermogen.Hoe werken deze labels, en hoe helpen ze de vermogensbeheerindustrie en beleggers?Kaf en koren scheiden onder de overvloed aan beleggingsfondsen en strategieën die 'groen' beweren te zijn – dat wil zeggen, die sociale of ecologische 'extra-financiële' voordelen bieden – kan lastig zijn voor beleggers. Labels kunnen duidelijkheid bieden.Ze geven een onafhankelijk beeld van de kwaliteit van duurzaam financieel beheer, de gehanteerde ecologische, sociale en bestuurscriteria (ESG) en het engagement van vermogensbeheerders bij bedrijven of instellingen die aandelen of obligaties uitgeven. Kortom, ze helpen beleggers te beschermen tegen "greenwashing” door ervoor te zorgen dat ESG-maatregelen en -normen rigoureus worden toegepast en duidelijk worden gecommuniceerd.Iets voor iedereenSommige labels bestrijken het volledige ESG-spectrum, andere zijn meer specifiek gericht op het milieu. In bepaalde gevallen wordt prioriteit gegeven aan aspecten van de maatschappelijke impact van verantwoord beleggen.De meeste labels worden toegekend via beoordelingen die gebaseerd zijn op de twee meest gebruikte benaderingen:Een voorkeur voor de best presterende emittenten (“best in class”) De minst duurzame sectoren of emittenten uitsluiten.Europese labeling: Nog een beetje een lappendekenTot op heden bestaan er in Europa nationale keurmerken (in Frankrijk, België, Luxemburg en Oostenrijk) en grensoverschrijdende keurmerken: Zwitserland, Duitsland en Oostenrijk werken met het FNG Siegel, Scandinavische landen met het Nordic Ecolabel.De EU-taxonomie die nu wordt afgerond, maakt de weg vrij voor een pan-Europees ecolabel voor financiële producten – iets waar de Europese Commissie naar streeft – maar het gaat waarschijnlijk pas in 2022 van start.Dus welke labels dekken wat?Frankrijk - SRI-label Ondersteund door het Franse Ministerie van Financiën. Vervangt de Novethic labels. Per 15 januari 2020 is aan 337 (veelal aandelen) fondsen beheerd door 63 bedrijven en goed voor een totaal beheerd vermogen (AUM) van 136 miljard EUR dit label toegekend. Het label geeft aan dat de ESG-selectie die in het fonds wordt doorgevoerd voldoende streng is; het houdt rekening met het beleid inzake engagement en stemming op algemene vergaderingen en vraagt om volledige transparantie. Vereist dat er een document uit de Transparantiecode beschikbaar wordt gesteld aan het publiek dat de ESG-methodologie van elk fonds duidelijk definieert. BNPP AM heeft meer dan 40 fondsen met dit label (aandelen, obligaties, geldmarkt en ETF's) met een totale AUM van zo'n 30 miljard EUR. Daarmee is het Europa's toonaangevende SRI-vermogensbeheerder op basis van dit criterium.Frankrijk - Greenfin Ondersteund door het Franse Ministerie voor de Ecologische en Solidariteitstransitie. Vervangt het TEEC label. Richt zich op de energie- en ecologische transitie, en dus het milieu, in plaats van op het volledige ESG-spectrum.Frankrijk - Finansol Opgericht in 1997. Gericht op de financiering van de sociale solidariteit; het geldt voor zowel beleggingsfondsen als spaarproducten. 5% tot 10% van het vermogen moet worden belegd in maatschappelijk verantwoorde activiteiten. De rest van de portefeuille voldoet aan ESG-criteria. Het label kan aan belang winnen naarmate de Loi PACTE uit 2019 – een wet die een bredere maatschappelijke verdeling van de door bedrijven gecreëerde waarde beoogt – van kracht wordt.België - Towards Sustainability Ontwikkeld door de financiële federatie Febelfin en uitgegeven door Forum Ethibel; een samenwerking van twee erkende universiteiten. Het label is verplicht voor het op de markt brengen van een SRI-thema beleggingsfonds in België. Sinds 2019 zijn 320 fondsen gelabeld die in totaal 138 miljard EUR aan AUM vertegenwoordigen. Drievoudige beoordeling: Sectorale uitsluitingen; volledige integratie van ESG-criteria; monitoring van een reeks SRI-strategieën. Tachtig BNPP AM-fondsen (aandelen, obligaties, geldmarkt, gediversifieerd, index en gestructureerd) met in totaal 53 miljard EUR aan AUM hebben dit label.Luxemburg - LuxFLAG LuxFLAG-labels, opgericht door een onafhankelijke, internationale non-profit organisatie, bestrijken minder fondsen (183 per eind december 2019) dan die in Frankrijk (321 voor het SRI-label) en België (320). De beoordeling wordt opgesplitst in drie subcategorieën: Milieu, ESG en klimaatverandering. Dit kan vermogensbeheerders afschrikken die prioriteit geven aan het verkrijgen van het ESG-label.De visie van BNPP AMAls vermogensbeheerder wil BNP Paribas Asset Management niet in een ‘labeling-race’ vervallen. De BNPP AM Global Sustainability Strategy legt duidelijk vast hoe duurzaam beleggen bij beleggingsprocessen wordt toegepast. Dat is precies wat de certificatiebureaus verifiëren.Ongeacht onafhankelijke certificering en labeling gelooft BNPP AM dat de rigoureuze integratie van ESG-criteria in al zijn beleggingsprocessen de nieuwe standaard voor de asset management industrie wordt.Meer weten over duurzaam beleggen? Lees het op de Investor Corner blog van BNP Paribas Asset ManagementBron: BNP Paribas AM | Beeld: Adobe Stock