Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 20 januari 2014, 17:03

Zeewolde koploper in gemeentelijke duurzaamheidsranglijst

De koplopergemeente op het gebied van duurzaamheid is Zeewolde. Iedereen kan vanaf vandaag, via de duurzaamheidsranglijst GDI-2014, de prestaties van zijn gemeente inzien.

Panta Rhei ANWB Vrijwilligers e1390224943392

De stichting Duurzame Samenleving, die sinds 2006 een wereldranglijst van duurzame landen publiceert, heeft alle 408 Nederlandse gemeenten op zestien punten getoetst. Het is voor het eerst dat alle Nederlandse gemeenten langs zo'n groene meetlat worden gelegd. Dit wordt gedaan aan de hand van een de nieuwe index, de GDI-2014.

Zestien criteria

De zestien criteria waarmee Duurzame Samenleving de gemeenten vergeleek waren niet alleen gericht op het energieverbruik of de kwaliteit van het water, lucht en natuur. Punten als onderwijs, sociale zekerheid, gezondheid, sport, veiligheid, werkgelegenheid en de financiële status van gemeenten zijn ook vergeleken. Gezamenlijk bepalen deze punten hoe duurzaam een gemeente daadwerkelijk is, aldus de stichting.

Volgens organisatieadviseur Geurt van de Kerk, één van de samenstellers van de duurzaamheidsindex, geeft GDI-2014 gemeenten – in een paar muisklikken – inzicht in de status van duurzame ontwikkeling. Zo komen sterke en punten van verbetering boven tafel. Op de website van de GDI-2014 kan iedereen vanaf vandaag het resultaat van zijn of haar eigen gemeente inzien.

Kop- en achterlopers

Van de provincies is Flevoland de koploper op het gebied van duurzaamheid, gevolgd door Friesland en Gelderland. De opgespoten provincie scoort hoog dankzij haar grote oppervlakte aan natuurgebieden en aandeel in hernieuwbare energie: Flevoland is de provincie met de meeste windmolens.

Zuid-Holland scoort het slechtst van de twaalf provincies, onder meer door hoge consumptie (en dus meer afval), mindere waterkwaliteit en hoge concentraties fijnstof in de lucht. Ook Groningen, Noord-Holland, Drenthe en Limburg scoren laag op het gebied van duurzaamheid.

Van de Kerk geeft aan dat de index nog volop in ontwikkeling is: "We hebben bijvoorbeeld de gegevens van de uitstoot van CO2 in gemeenten verzameld, maar nog geen kans gezien om deze op een statistisch verantwoorde manier in de index te krijgen." Hij hoopt dat gemeenten en andere geïnteresseerden willen bijdragen aan verbetering van de index.

Grote steden

Van de zes steden met meer dan 200.000 inwoners behaalt Tilburg de hoogste score in de ranglijst.  Amsterdam, Den Haag en Rotterdam staan bijna onderaan. De waslijst met bijvoorbeeld start-ups of initiatieven die zich bezighouden met duurzaamheid in steden wordt alsmaar groter. Aangezien het aantal duurzame onderneming géén criteria is geeft de index wellicht dan ook een vertekend beeld.

Er zijn dan ook bezwaren tegen de GDI-2014. Zo is bijvoorbeeld de Lochemse wethouder Thijs de la Court, met positie #65 in de Duurzame 100 van Trouw, niet te spreken over de duurzaamheidsindex.

Volgens de la Court zijn de zestien punten waarop de index is gebaseerd te willekeurig en te grofmazig. "Er is sprake van een selectieve beoordeling", zegt hij. "Hier hebben gemeenten niets aan."

Ideale uitgangspositie

Wethouder duurzaamheid Gerben Dijksterhuis van Zeewolde is blij met de koppositie van zijn gemeente in de GDI-2014. Zeewolde dankt die positie onder andere aan haar windenergiebeleid. "Het is voor ons in Flevoland makkelijker windmolens te plaatsen dan op het ‘oude’ land. Onze uitgangspositie is ideaal, die voorsprong hebben we."

Maar het duurzame beleid van Zeewolde wordt niet alleen bepaald door windenergie. Dijksterhuis: "We proberen lokale initiatieven te koppelen aan het bedrijfsleven. Ons streven is om straks de duurzame energie en het voedsel die in onze regio wordt geproduceerd, ook echt in onze eigen gemeente te consumeren." Volgens Dijksterhuis is een duurzaamheidsindex niet zaligmakend: "Maar onze positie geeft aan dat we op de goede weg zijn.”

De index is gebaseerd op openbare bronnen van het CBS en van organisaties als het Planbureau voor de Leefomgeving en ministeries.

Bron: ANP & Trouw | Foto: ANWB Vrijwilligers via Flickr

#DWARSBOOM: Pomms' schudt patatgeneratie wakker met bio-snacks

Het idee om biologische snacks aan het Nederlandse publiek aan te bieden ontsproot in 2009 uit het brein van Ruud Boeve en Niels Tijthoff. Ze begonnen klein bij de grote festivals: festivalgangers houden wel van een snack - zolang het maar duurzaam is. Vijf jaar later openen Boeve en Tijthoff op 30 januari de allereerste Pomms'-snackbar in het centrum van Rotterdam.Deze week in DWARSBOOM legt mede-eigenaar Ruud Boeve uit waarom een biologische snackbar een waardevol goed is voor een duurzame toekomst.Wat doet Pomms' precies?"Pomms’ is in 2009 opgericht met de ambitie om elke dag de allerlekkerste friet en kroketten te maken. Dit doen we zo puur mogelijk, dus zonder geur-, kleur- en smaakstoffen of dubieuze e-nummers. In 2010 zijn we gestart met de verkoop van verse biologische friet op evenementen en sindsdien zijn we sterk gegroeid. Afgelopen jaar hebben we bijvoorbeeld gestaan op North Sea Jazz, Mysteryland, De Wereld draait buiten, Best Kept Secret en Amsterdam Open Air. Daarnaast worden de Pomms’ kroketten momenteel via de groothandel verkocht aan de betere horecazaken in Amsterdam, Utrecht en Maastricht. Tenslotte wordt op 30 januari de eerste Pomms’ vestiging geopend op de Coolsingel in Rotterdam."Hoezo vindt Pomms' het belangrijk om met biologisch voedsel te werken?"Toen wij ouder werden gingen we ons verdiepen in voedsel, waar het vandaan komt en wat ermee gebeurt. En van wat je dan te weten komt word je vaak niet vrolijk. Kijk maar naar alle misstanden die de laatste paar jaar naar buiten zijn gekomen. Wij vinden het belangrijk dat de dieren een goed leven hebben gehad en dat de aardappels en kruiden niet bespoten worden met gif. En dan kom je al heel snel uit bij biologisch voedsel."Waarom hebben jullie gekozen voor snacks en niet voor 100 procent gezond voedsel? Hoe zijn jullie op dit idee gekomen?"Mensen zullen altijd friet en kroketten willen eten, het is namelijk gewoon erg lekker. Wij denken dat je mensen de plezierige dingen in het leven niet moet afpakken maar de leuke dingen zo lekker en gezond mogelijk moet maken. Dus we gebruiken verse aardappels in de schil en voor de kroketten alleen mooie, pure ingrediënten. We hebben echte mayonaise, maar dan wel zonder suiker. En we bakken in hele goede olie - rijstolie."Waar komen de ingrediënten vandaan?"De ingrediënten komen zoveel mogelijk direct bij de biologische boer vandaan. Dit is door onze groei helaas niet altijd meer mogelijk maar de ingrediënten zijn wel altijd volledig traceerbaar. Het vlees komt van biologische koeien uit de wei en de kaas voor de geitenkaaskroketten is gemaakt van Hollandse boerengeitenmelk. De Texelse garnalen in de garnalenkroketten worden duurzaam gevangen door kotter TX-65 en dagvers gepeld aan de Waddenkust. De verse biologische kruiden komen van boer Andre uit Drenthe en het paneermeel is gemaakt van echt brood van bakker Gerard."Voorheen was Pomms’ te vinden op festivals. Jullie gaan nu een winkel openen in Rotterdam. Hoezo de uitbreiding?"Het is altijd ons plan geweest om uiteindelijk vaste vestigingen te openen. Op evenementen hebben we heel goed kunnen testen hoe erop onze producten wordt gereageerd. We hebben op evenementen in het hele land gestaan, letterlijk van Groningen tot Maastricht. Nu is de tijd rijp om de volgende stap te zetten en uiteindelijk heel Nederland te laten genieten van onze producten."Wat is jullie doel met dit biologische initiatief?"De lekkerste biologische friet en biologische kroketten maken, iedere dag weer. En dit willen we doen voor zoveel mogelijk mensen. Veel horecaconcepten roepen dan “we willen 25 zaken openen in de komende vijf jaar”. Ook wij hebben de ambitie om meerdere vestigingen te openen en iedereen te laten genieten van Pomms’. Echter, wij kiezen er bewust voor om geen aantal of periode te noemen. Wij willen alleen groeien als we de beste kwaliteit kunnen handhaven. We maken zelf alle producten en gebruiken hiervoor natuurlijke ingrediënten. We kunnen dus niet de groothandel bellen als de ingrediënten op zijn."Hoe zien jullie de toekomst met Pomms?"Zolang we plezier hebben en de consument blijft net zo enthousiast dan zal Pomms’ doorgroeien. Doelstelling hierbij is dat Pomms’ een begrip wordt in Nederland en dat iedereen een Pomms’ frietje of Pomms’ kroketje kan kopen wanneer hij of zij daar zin in heeft. In de eigen Pomms’ snackbar of in de betere horeca in Nederland."Voor meer informatie over Pomms' klik hier.Foto: pomms