Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 03 april 2013, 13:41

Amerikaanse bank groenste ter wereld

De Amerikaanse investeringsbank Citigroup is de groenste bank ter wereld. In de ranglijst is een opmerkelijk verschil tussen Europese en Amerikaanse banken.

Dreamstimefree 10231317 e1364989246665

De Amerikaanse bank Citigroup is door analisten van Bloomberg verkozen tot ’s werelds groenste bank van 2012. De opgestelde ranglijst is gebaseerd op leningen en investeringen in duurzame energieprojecten door 62 banken uit 23 landen, maar ook op maatregelen om de eigen huishouding te verduurzamen. De banken in de top van de ranglijst hebben hun notering vooral aan windenergie te danken.

Zo ook Citigroup. De bank investeerde onder meer in een groot Amerikaans windpark, dat genoeg elektriciteit levert voor 44.000 huishoudens. “Het afgelopen jaar was er een grote push in de VS om windprojecten nog voor de afschaffing van het belastingvoordeel te realiseren,” verklaart Marshal Salant van Citigroup. Dankzij alle investeringen – ook van JPMorgan en Morgan Stanley – nam het aantal windturbines in de VS in 2012 met 28 procent toe, waardoor het de grootste vorm van nieuw geïnstalleerde energie werd.

Zon versus wind

Vanwege de populariteit besloot het Amerikaanse congres in januari 2013 om het belastingvoordeel te behouden. Analisten van Bloomberg verwachten dit jaar echter een kleinere toename van windenergie in de VS, maar zien in zonne-energie een goed alternatief om dit gemis op te vangen. Door de massale focus van banken op windenergie werd in zonne-energie namelijk onvoldoende geïnvesteerd.

In Europa ligt bij de banken de focus juist wél op zonne-energie. Door de economische crisis, waarvan de gevolgen vooral in het zonnige Zuid-Europa merkbaar zijn, liep het aantal investeringen en leningen vergeleken met 2011 echter met 11 procent terug tot een totaal van $269 mrd (€210 mrd). Het Spaanse Banco Santander moest hierdoor zijn koppositie aan Citigroup afstaan, maar blijft wel de koploper van Europa.

Niet in de sleur

Het Zwitserse Credit Suisse ging in 2012 niet in deze negatieve sleur mee en was juist bij méér duurzame energieprojecten betrokken. Zo investeerde de bank $92 mln (€70 mln) in het Amerikaanse SolarCity, leverancier van zonnepanelen voor particulieren, bedrijven, lokale overheden en ngo’s.

De Deutsche Bank valt in positieve zin op. Europa’s grootste bank is steeds meer betrokken bij projecten buiten Duitsland, omdat in het thuisland de subsidies voor duurzame energieprojecten zijn gekort. Vandaar dat de Duitse bank in 2012 een rol speelde bij de overname van de Franse zonnepanelenfabrikant Tenesol door het Amerikaanse SunPower, waarmee $165 mln (€130 mln) was gemoeid.

Ook in Azië is zonne-energie onder de banken de meest geliefde investering. De groenste banken – Mitsubishi, Mizuho en Sumimoto –  komen uit Japan, waar door de kernramp van 2011 veel hernieuwbare energieprojecten tot wasdom worden gebracht. Analisten verwachten dat de zonnemarkt de komende vier jaar alleen al in Japan met $16,6 mrd (€13 mrd) toeneemt.

Het complete rapport van Bloomberg wordt in mei bekendgemaakt.

Bron: Bloomberg

Foto: Wealthwise via Google Images

Citigroup: €0,20 per watt in 2020 voor zonnepanelen

Deze verwachting is verrassend omdat de meeste prognoses een stuk hoger uitvallen dan deze geschatte €0,20. Het hoge tempo waarmee de prijzen dalen heeft zelfs de grootste optimisten binnen de zonne-industrie verbaasd.Toch lopen de meningen nog steeds sterk uiteen over wat de toekomst voor prijs zal brengen en wat reorganisaties binnen de fabrikanten kunnen betekenen. Veel fabrikanten, voornamelijk uit China, hebben zonnepanelen onder de kostprijs verkocht in een moordende concurrentiestrijd. Het Chinese Suntech, ooit de grootste fabrikant ter wereld, ging daardoor recent al failliet. De markt is in opschudding en zal zichzelf opnieuw moeten balanceren.Uiteenlopende meningenToch is de verwachting van analisten nog steeds dat de prijs van zonnepanelen zal blijven dalen. Zo werkt het Amerikaanse Department of Energy met de aanname dat zonne-energie $1 (€0,78) per watt in 2020 zal kosten. In deze situatie zou energie geleverd worden voor ongeveer $60 (€47) per megawattuur. Dit betekent dat zonne-energie goedkoper wordt dan kolen en gas. De helft van die voorspelde kosten komt voor rekening van de zonnepanelen zelf, de andere helft zijn kosten zoals adapters, installatiekosten en de kosten van vergunningsaanvragen.Bloomberg New Energy Finance deelt de mening van Citigroup. De Australische regering schat de prijs juist veel hoger. Zij voorspellen een prijs van $140 (€109) per megawattuur in 2020. De meningen verschillen kortom sterk.Wet van MooreCitigroup denkt dat de prijzen wel eens sterk zouden kunnen zakken. Daarvoor heeft de bank twee verschillende scenario’s geschetst voor de prijsontwikkeling van zonnepanelen. Het eerste scenario is gebaseerd op ervaringen uit voorgaande jaren. Hieruit blijkt dat bij elke verdubbeling in geïnstalleerde capaciteit, de kosten van PV-panelen met 22 procent is gedaald – een variatie op de bekende Wet van Moore.Als deze trend zich gaat voortzetten kan de capaciteit van PV zonne-energie stijgen naar 500 GW in 2020, welke nu ligt op 100 GW. In dit scenario komt Citigroup uit op een prijs van $0,53 (€0,41) per watt. Dat zijn dan alleen de kosten voor de zonnepanelen. Deze schatting is grofweg gelijk aan die van de Department of Energy.In het tweede scenario is de investeringsbank optimistischer. Daarvoor baseert Citigroup zich op de observatie dat de kosten voor zonne-energie tot nu toe zijn geëvalueerd in drie fasen. Na de experimentele fase en de industrieontwikkelingsfase zijn we nu beland in de massaproductiefase. Volgens de bank zal de massaproductie de kosten voor zonnepanelen naar beneden drijven tot $0,25 per watt (€0,20) bij implementatie op utiliteitsschaal. Ook de extra kosten worden verwacht met een zelfde factor te dalen.Foto: Russf via Flickr.com