Fitria Jelyta 05 mei 2017, 09:15

BNP Paribas klimaatneutraal aan het eind van 2017

BNP Paribas heeft de ambitie om eind 2017 klimaatneutraal te zijn. Hiervoor gaat de bank de CO2-uitstoot van zijn activiteiten verminderen.

Shutterstock 558399994

Om dat te bereiken, wil BNP Paribas zoveel mogelijk gebruikmaken van hernieuwbare energie in zijn vestigingen wereldwijd. De CO2-uitstoot die niet direct kan worden teruggedrongen, wil de bank compenseren door te investeren in hernieuwbare energie en het gebruik van duurzame alternatieven voor verwarming.

Groene energie

Zo werkt de bank samen met de GoodPlanet Foundation aan biovergistingsinstallaties in India. Deze installaties moeten voldoende groene energie opleveren voor 12.000 huishoudens.

Eerder wist de bank de CO2-uitstoot van zijn werknemers met 15 procent per werknemer terug te dringen. Dit draagt bij aan de ambitie van BNP Paribas om zijn totale CO2-uitstoot in 2020 met 25 procent te hebben verminderd. Daarnaast past BNP Paribas maatregelen toe om het energieverbruik van zijn gebouwen en datacenters, dat wereldwijd een totale oppervlakte heeft van 7 miljoen vierkante meter, te besparen.

Geen geld voor kolencentrales

“In de afgelopen jaren hebben we een aantal belangrijke stappen ondernomen op basis van ons klimaatbeleid. Zo hebben we besloten de financiering van hernieuwbare energie in 2020 te verdubbelen naar € 15 mrd en zijn we gestopt met het financieren van kolencentrales”, zegt Jean-Laurent Bonnafé, CEO van BNP Paribas, in een persbericht.

“Dit nieuwe doel om onze eigen activiteiten ‘klimaatneutraal’ te maken, maakt het mogelijk voor ons om een stap verder te komen in onze bijdrage aan de strijd tegen klimaatverandering.”

Klimaatbeleid

Om zijn klimaatbeleid vorm te geven, wil de bank in 2020 € 100 mln hebben vrijgemaakt voor investeringen in duurzame energiestart-ups. Daarnaast werkt de bank aan de transparantie van de milieuvoetafdruk van zijn financieringen en wordt een methode ontwikkeld om bedrijven te beoordelen op hun milieuvoetafdruk. Deze methode moet een grote rol spelen bij de investeringsbeslissingen van BNP Paribas.

Lees ook:

Bron: BNP Paribas | Foto: BalkansCat / Shutterstock.com

‘Combineer sterke punten van gangbare en biologische veeteelt’

Dat concluderen wetenschappers van Wageningen University & Research in het rapport ‘Sustainability of livestock production Systems. Comparing conventional and organic livestock husbandry’. Voor dit rapport maakten de wetenschappers een analyse van 183 wetenschappelijke artikelen waarin gangbare en biologische veeteeltsystemen van melkvee, vleesrunderen, varkens, vleeskuikens en leghennen werden vergeleken.Duurzame systemenUit het rapport blijkt dat door het combineren van de sterke punten van gangbare en biologische landbouw, bestaande veeteeltsystemen kunnen worden verbeterd en nieuwe duurzame systemen kunnen worden worden ontwikkeld.Volgens de onderzoekers is een duidelijk voordeel van de gangbare veehouderij de hoge productiviteit, wat bijdraagt aan voedselzekerheid. Zo is er minder arbeid per dier nodig, is de output hoger en ligt het landgebruik lager.Biologische veeteeltGangbare veeteeltsystemen zijn echter minder duurzaam wat betreft duurzaamheid en milieu, stellen de onderzoekers. Biologische veeteelt heeft volgens hen bijvoorbeeld minder impact op de lokale biodiversiteit en levert minder risico op antibioticaresistentie van bacteriën. Daarnaast hebben biologische veehouders lagere bouwkosten en een hogere opbrengst per dier, stellen de wetenschappers.Het combineren van de sterke punten van beide soorten veeteeltsystemen, is nog een uitdaging, concluderen zij tegelijkertijd. De huisvesting van de dieren en de mogelijkheid van uitloop moeten worden afgewogen op basis van dierenwelzijn, opbrengst, productiviteit, infectierisico’s en het plezier dat mensen eraan beleven om koeien in de wei te zien staan. Zo moet het gebruik van antibiotica zoveel mogelijk worden beperkt, terwijl tegelijkertijd het welzijn van zieke dieren moet worden gegarandeerd.Biologische productenVerder pleiten de onderzoekers voor meer tussensystemen. Zij menen dat er een markt is voor producten die duurzamer zijn geproduceerd, maar niet als biologisch kunnen worden aangemerkt. Deze producten hebben een toegevoegde waarde voor de consument, maar zijn betaalbaarder dan volledig biologische producten.Bron: Wageningen University & Research | Foto: Shutterstock.com