Jaime Donata 06 juli 2020, 11:51

Hypotheek wordt bij Triodos lager als het huis niet duurzaam is

Vanaf 1 augustus gaat Triodos Bank het maximale leenbedrag voor een woning koppelen aan de energieprestaties van een huis. Eigenaren van een woning met energielabel C of lager kunnen bij Triodos Bank dan nog maar maximaal 90 procent van het aankoopbedrag lenen in plaats van de gebruikelijke 100 procent.

Adobestock 203000216

Jeroen Pels, directeur private banking en hypotheken bij Triodos Bank weet nog niet wat de exacte impact gaat zijn van de aangekondigde verlaging van het maximale leenbedrag, maar de maatregel is vooral bedoeld om mensen in beweging te zetten. “Wij verwachten groei in het segment van kopers van onzuinige, grondgebonden woningen die het verhuismoment direct aangrijpen om te verduurzamen. Al sinds 2017 roep ik dat het niet verantwoord is om op de huidige manier door te gaan met het financieren van woningen, waarvan de energielasten straks enorm gaan drukken op de portemonnee en de verkoopwaarde. En als je dat al drie jaar roept, dan moet je er iets aan doen als hypotheekverstrekker. Wij zien het ook als onze zorgplicht.”

Nadenken over energielasten

De verlaging van het maximale leenbedrag is niet bedoeld om starters op de woningmarkt uit te sluiten. Integendeel, de bank wil starters helpen. De 90 procent geldt alleen voor de mensen die niets doen. Starters die de stap naar B-label of hoger zetten kunnen tegen gunstige rentes tot 106 procent lenen. Daarmee wil Triodos mensen ervan bewust maken dat het energie-label van een huis steeds zwaarder gaat meetellen.

Lees ook: Investering van €500 mln voor duurzame hypotheken

Het is anno 2020 niet meer dan realistisch om energieprestaties geïntegreerd te laten meewegen in woonlasten, taxaties en leennormen, vindt de bank. Pels: “De twee grootste lasten voor een woningeigenaar bestaan uit de hypotheek en vaste lasten zoals gas, water en stroom. Maar die kosten komen allemaal uit dezelfde portemonnee. Daarom is het ook voor starters rendabel om duurzaam te wonen. Het loont eigenlijk altijd. Wij proberen een incentive te geven om na te denken over energielasten – nu en in de toekomst. Zodat mensen zichzelf niet rijk rekenen en later de rekening krijgen.”

Toegroeien naar B-label

Het oude woningarsenaal in Nederland is weinig duurzaam en er zijn in Nederland nog veel mensen die geen label A-of B-woning hebben. Toch is het verduurzamen van oude woningen duurzamer dan nieuwe, energiezuinige woningen bijbouwen.

Pels is niet bang dat het verlagen van het maximale leenbedrag voor oude energie-onzuinige woningen de renovatie en verduurzaming van oude huizen in de weg gaat zitten: “Wij proberen huiseigenaren op allerlei manieren te stimuleren om toe te groeien naar een B-energielabel of hoger. Als je nu een woning koopt met een G-label en je gaat bij ons een duurzaamheidslening aan om je huis te verduurzamen, dan krijg je daar 50 procent rentekorting op. En op het moment dat de verbouwing klaar is en je een nieuw zuinig energie-label heb, dan krijg je alsnog de voordelige hypotheekrente die daarbij hoort.”

Betere energielabels

Triodos Bank adviseert en begeleidt huiseigenaren ook actief bij het inzichtelijk maken van energielasten door te laten zien aan welke knoppen gedraaid kan worden om stookkosten omlaag te brengen. Vanuit die ervaring pleit Pels ook al jaren voor een betere kwaliteit energie-labels: “De huidige overheidslabels kunnen ook worden verleend op afstand, zonder dat iemand een woning zelf heeft gezien. Dat wordt gelukkig anders vanaf 1 januari, maar dat duurt nog een half jaar. Wij hebben als bank onze eigen validatie-instrumenten en werken met energie-prestatie-adviseurs op locatie.”

Lees ook: Deze hypotheek beloont ook kleine investeringen in energiebesparing

Bron: Triodos | Beeld: Adobe Stock

Een succesvolle energietransitie vraagt om een integrale aanpak. Hoe doe je dat?

Froling werkte jaren vanuit een internationaal adviesbureau aan de energietransitie en maakte zich al een tijd druk over het ontbreken van een integrale aanpak. “Deze transitie heeft impact op zóveel verschillende vraagstukken en partijen. Technologische innovatie is nodig, maar het gaat ook over inpassing in het landschap, maatschappelijk draagvlak en betaalbaarheid. Er is niet één partij die al die vraagstukken overziet. Daarom is het belangrijk om veel meer samen te werken.”Via via kwam hij in contact met het Nationaal Watertraineeship en het Nationaal Bodemtraineeship. In deze programma’s komen jonge talenten in aanraking met een breed netwerk aan organisaties en leren ze dus op een overstijgende manier kijken naar vraagstukken. “Zo’n traineeship is precies wat de energietransitie nodig heeft, dacht ik. Je wil jonge mensen opleiden die het totale speelveld overzien.” Zo kwam hij op het idee voor het Nationaal Energietraineeship.NetwerkHet creëren van een netwerk en gezamenlijk jong talent opleiden is een idee dat aanslaat bij organisaties die aan de energietransitie werken. Zij zien ook dat de integrale aanpak ontbreekt, stelt Froling: “Betrokken partijen praten bijna niet met elkaar. Ontwikkelaars zijn bijvoorbeeld verbaasd over de tegenstand die zij op regionaal niveau ervaren, terwijl er een nationaal beleid is. En als je eenmaal een vergunning hebt voor een zonnepark, dan komt het maar al te vaak voor dat de netbeheerder geen ruimte heeft om het park aan te sluiten op het elektriciteitsnet.”'Jonge talenten leren over de grenzen van hun eigen organisatie en hun eigen expertise heen te kijken'Volgens Cees de Wit, energietrainee bij Netbeheer Nederland, komt dat doordat partijen veelal vanuit hun eigen rol redeneren. “Een netbeheerder redeneert vanuit de kosten van het aansluiten van een zonnepark, terwijl een ontwikkelaar juist als doel heeft dat zonnepark zo snel mogelijk aan te sluiten.”Lees ook: Netbeheerder komt met nieuw plan tegen overbelasting van ons stroomsysteemOpen blikJonge talenten zijn volgens Froling de ideale doelgroep om een integraal perspectief op de energietransitie te ontwikkelen. “Of je nu wil of niet, je neemt toch de mores over van de organisatie waar je werkt. Als je net begint, heb je nog een open blik. Bovendien is het oplossen van de klimaatproblematiek het grootste thema van deze generatie en de energietransitie is daar een groot onderdeel van. Zij liggen hier ook echt wakker van. Dat doet iets met hun motivatie.”In het Energietraineeship werken jonge talenten vier dagen per week bij een opdrachtgever. De vijfde dag staat in het teken van hun persoonlijke ontwikkeling. Daarin speelt communicatie een grote rol. “Ze leren zich te verplaatsen in de ideeën, perspectieven en belangen van iemand anders”, zegt Froling.Ten slotte werken zij in multidisciplinaire teams aan cases die de deelnemende organisaties zelf aandragen. Zo leren ze niet alleen hun eigen werkgever goed kennen, maar ook andere organisaties in de energieketen. “Het traditionele traineeship laat starters kennismaken met verschillende afdelingen binnen een bedrijf, zodat zij kunnen beslissen welke positie het beste bij hen past. Wij gaan nog een stap verder en laten hen de hele keten van organisaties zien. Ze leren over de grenzen van hun eigen organisatie en hun eigen expertise heen te kijken.”Niet alleen krijgen de trainees zelf verschillende bedrijven te zien; de bedrijven waar zij voor werken vormen ook een netwerk met elkaar. Volgens Paul Pardaan, productmanager bij deelnemend bedrijf Fudura, is dat een groot pluspunt. “Natuurlijk volg je als bedrijf de ontwikkelingen en ga je partnerships aan. Toch kijk je vaak vanuit je eigen ervaring en expertise naar de marktbehoefte. Het mooie van dit programma is het contact met andere partijen. Je scope wordt breder.”Case: alternatief voor noodaggregatenDe eerste case waar een team van trainees de tanden in mocht zetten was het verduurzamen van tijdelijke energievoorzieningen, aangedragen door Fudura. Deze dienstverlener is onderdeel van netbeheerder Enexis en helpt bedrijven met energiebesparing, verduurzaming en energiezekerheid. De trainees kregen de opdracht een duurzaam alternatief te vinden voor de noodaggregaten die Fudura inzet bij stroomuitval of onderhoud. Die werken nu nog op diesel.De trainees onderzochten alle bestaande manieren om energie mee te nemen en ergens anders toe te passen. Van opslagtechnieken zoals batterijen, waterstof en waterkracht tot brandstoffen als biodiesel en groen gas. “Daarna volgden twee stappen. Allereerst een sanity check: wat is nu beschikbaar, duurzaam en mobiel genoeg? En vervolgens stelden we gebruiksscenario’s op: hoeveel energie is er nodig, hoeveel vermogen en voor hoe lang? Door die twee factoren te matchen, bleven er een paar oplossingen over”, vertelt Cees de Wit, trainee bij Netbeheer Nederland. Voor de kleinere klanten van Fudura kwamen de lithium- en redox-flow batterijen als winnaars uit de bus. Voor grote vermogens, waartoe de meeste klanten behoren, zien de trainees op termijn potentie in waterstof.'Het onderzoek van de trainees laat zien dat er meer mogelijkheden zijn'Voor Paul Pardaan, die de trainees begeleidde, was die uitkomst niet verrassend. Toch heeft Fudura veel geleerd van de trainees. “Wij volgen de ontwikkelingen rondom batterijen nauwlettend, maar brandstoftoepassingen was een nieuwe insteek. Als bedrijf wil je een product snel op de markt brengen, waardoor je soms geneigd bent om de gebaande paden te volgen. Dit onderzoek laat zien dat er meer mogelijkheden zijn.”Complexiteit van de energietransitieEn wat vinden de energietrainees er zelf van? Voor Emil Noordbruis, trainee bij Fudura, was het netwerk een van de redenen om deel te nemen aan het Energietraineeship. “Je leert niet alleen organisaties in het brede werkveld van de energietransitie kennen, maar ook organisaties die betrokken zijn bij de Water- en Bodemtraineeships. Dat heb je bij een regulier traineeship niet.”Volgens Bram Ravestein, energietrainee bij Arcadis, laten alle verschillende perspectieven die naar voren komen in het Energietraineeship zien hoe complex de energietransitie is. “Er zijn zoveel verschillende uitdagingen en belangen. Daarover discussiëren met je medetrainees op al die posities is heel waardevol.”Lees ook: Energietransitie: 'Schaarste op de arbeidsmarkt is geen excuus om niet te bewegen'Beeld: Nationaal Energietraineeship