Anna Roos van Wijngaarden 09 maart 2023, 08:30

Leidinggevenden krijgen (te) flinke bonus voor CO2-reducties

Bijna alle grote bedrijven in Europa deelden vorig jaar bonussen uit aan leidinggevenden die aanstuurden op CO2-reducties. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van PwC en de London Business School. De koppeling van beloningen en klimaatdoelen zou de weg naar net zero moeten versnellen. Maar die doelen zijn vaak niet ambitieus en niet goed meetbaar. Is zo’n bonus niet gewoon greenwashing?

Schermafbeelding 2023 03 07 om 20 50 41 Bijna alle grote bedrijven in Europa deelden vorig jaar bonussen uit aan leidinggevenden die CO2-reducties realiseerden.

Van de bedrijven in de Stoxx Europe 50-index die in 2022 hun CO2-doelen haalden, ontvingen leidinggevenden gemiddeld 86 procent van het beschikbare bonusgeld. De helft kreeg zelfs de volle pot. Ter vergelijking: de uitbetaling van niet-klimaat gerelateerde bonussen is gemiddeld 75 procent.

De onderzoekers trokken een alarmerende conclusie: slechts 14 procent van de bedrijven hanteert een klimaatgelinkt beloningssysteem dat echt goed in elkaar steekt. Groene investeerders kunnen die systemen dus niet gebruiken om de duurzame prestaties van een bedrijf in te schatten.

In het rapport maken PwC en de London Business School binnen de vijftig grootse Europese bedrijven onderscheid tussen de 14 grote uitstoters en 36 bedrijven die minder CO2 uitstoten. Dit is relevant, omdat meer dan 200 institutionele beleggers samenwerken in Climate Action 100+ om juist de grootste uitstoters te motiveren om hun uitstoot te verminderen. Het is interessant voor deze beleggers om te weten of een beloningssysteem gekoppeld aan CO2-reductie werkt als extra duwtje in de rug.

Waarom belonen naar CO2-reductie niet werkt

Om de ‘groene’ beloningssystemen van de vijftig bedrijven van het onderzoek te beoordelen, hebben de onderzoekers vier criteria gewogen: het aandeel van CO2-doelen in de totale bonussom, de meetbaarheid van het emissiedoel, de transparantie over het beloningssysteem in het jaarverslag, en of het beloonde doel bijdraagt aan het halen van het einddoel; zoals CO2-neutraal zijn in 2050.

De meerderheid van de grootste Europese bedrijven scoort op alle vier niet best. Om te beginnen vermeldt 71 procent van de veertien CO2-intensieve bedrijven expliciet in het jaarverslag hoeveel van de te vergeven bonussom afhangt van emissiedoelen. Voor 6 procent van hen is dat aandeel te laag voor duurzame investeerders, die gemiddeld een weging van 10 tot 20 procent voor klimaatdoelen willen zien.

Uit het onderzoeksrapport blijkt dat een ruime minderheid van de bedrijven niet concreet vermeldt hoe de timeline van de reductie eruit moet zien, bijvoorbeeld 15 procent reductie in 2025 en 35 procent in 2030. Dat laat veel ruimte voor interpretatie en ondermijnt het vertrouwen van groene investeerders. Bovendien legt slechts een tiende van de bedrijven uit hoe de kortetermijnprestaties precies leiden tot het einddoel, meestal net zero.

Op de doelen zelf valt ook nog wat aan te merken. Zo meld een ander rapport over de status van CO2-intensieve bedrijven dat slechts 9 procent van hen op dit moment voldoende doet om de CO2-uitstoot in lijn te brengen met de klimaatdoelen van Parijs. Het is dus de vraag of het überhaupt eerlijk is om die (onderdoende) prestaties te belonen.

Beloon alleen relevante prestaties

CO2-gelinkt belonen is op dit moment dus niet effectief. Dat komt mogelijk doordat het nog in de kinderschoenen staat, maar dat is geen excuus. Daarom is het zaak dat bedrijven een logische match gaan vinden tussen hun ‘impact hotspots’ en de manier waarop ze belonen. Anders ‘halen bedrijven het doel, maar missen ze het punt’, zegt Alex Edmans, professor of finance bij de London Business School.

Volgens Edmans delen veel bedrijven bonussen uit aan de hand van duurzame doelen die voor hen helemaal niet zo relevant zijn. Op dit moment is de trend bijvoorbeeld om CO2-reducties te belonen, maar een bedrijf in de chemie is misschien veel meer gebaat bij een prestatiesysteem dat watervervuiling beloont. En een voedingsproducent zou de grondkwaliteit op één kunnen zetten. Zo’n mismatch is niet alleen een klimaatgemis, het heeft ook een financieel risico. Edmans: “Alleen het belonen van ESG-dimensies die relevant zijn voor dat bedrijf, lonen”.

Lees ook:

Zo ziet Nederland eruit als de natuur veel meer ruimte krijgt

Wat als we in 2050 in een groen land leven? In een nieuwe ruimtelijke verkenning presenteert het PBL hoe dat eruit zou kunnen zien. Het is zeker geen voorspelling voor de toekomst, maar laat wel zien in welke richting de Nederlandse samenleving zich kan ontwikkelen. Nationale parken Het PBL schetst onder andere dat het toekomstige Nederland veel meer natuurparken kan hebben. De meeste natuurgebieden zijn met elkaar verbonden en op de kaart is te zien dat er veel natuur is bijgekomen. Het Natuurnetwerk Nederland is volledig gerealiseerd en om aan de internationale en Europese doelen tegemoet te komen is daaraan nog eens 150.000 hectare (1.500 km2) nieuwe natuur toegevoegd. In deze grootschalige groenstructuur gaan natuurlijke processen hun gang en is er ruimte voor soorten waarvoor eerder te weinig leefgebied was, zoals kraanvogels, wilde paarden, wolven en wisenten. Ook is er ruimte voor recreatie. Mensen maken gebruik van de vele kleinschalige kampeerterreinen en de trekkershutjes aan de randen van de parken om te genieten van al het moois dat Nederland te bieden heeft. Steden In dit toekomstscenario ondergaan ook de steden een transformatie. Zo beschrijft het PBL dat natuur en water reiken tot ver in de steden. Dit groen en het water brengen veel rust met zich mee. Zo hangt er in een stad als Eindhoven een ontspannen sfeer langs de rivier de Dommel die vanuit het landelijk gebied de stad in loopt. Niet alleen mensen, maar ook planten en dieren profiteren van het ‘landstedelijk’ groen. Circulaire economie Daarnaast heeft de circulaire economie in dit toekomstbeeld een vlucht genomen. Op allerlei plekken worden spullen gerepareerd en opgewaardeerd, omdat producten zo zijn ontworpen dat dit eenvoudig kan. In de vele commerciële kringloopwinkels is tegenwoordig van alles te vinden. Ze vormen de nieuwe bibliotheken: ze lenen nog steeds boeken uit, maar ook apparaten, gereedschappen en meubels. Landbouw Het landelijk gebied wordt gekenmerkt door klimaatbestendige landschappen met veel natuur en bos. Door de eiwittransitie is de intensieve veehouderij verdwenen. Het landbouwgebied is natuurinclusief en hoogtechnologisch ingericht. Duurzaam waterbeheer speelt een centrale rol. Industrie De industrie is in dit groene land niet volledig verdwenen, maar wel veranderd. De schoorstenen stoten nu heel andere gassen uit dan vroeger. Het stinkt nog wel af en toe, maar het is een heel stuk minder ongezond, dankzij strenge regelgeving en handhaving. Bovendien zijn de grote haven- en industrieclusters gekrompen met 20 procent. Dat heeft een zichtbare impact gehad op meerdere plekken in Nederland. Denk aan de regio Rotterdam, Vlissingen en Terneuzen. Keuzes Naast het groene scenario heeft het PBL ook nog drie andere toekomstvisies geschetst. Bij de één hebben grote bedrijven de leiding, bij de ander ligt de macht bij de burgers. Het laatste toekomstscenario gaat in op verdere digitalisering en maakt de afstand tussen Nederland en de rest van de wereld nog kleiner dan deze nu al is. Met de vier scenario’s wil het PBL presenteren welke verschillende beleidskeuzes er gemaakt kunnen worden en wat de invloed daarvan is. Beleidsmakers hoeven dus niet te kiezen voor één scenario. Al moeten er in de toekomst wel scherpere keuzes gemaakt worden dan nu, stellen de onderzoekers. “We moeten voorbij de korte termijn van steeds één kabinetsperiode van vier jaar kijken”, zegt onderzoeker David Hamers. “Deze scenariostudie biedt beleidsmakers handvatten voor het uitzetten van lijnen naar de toekomst. Alleen zo kan het kabinet in samenwerking met andere partijen succesvol keuzes maken voor de belangrijke transities waarvoor de Nederlandse samenleving staat.” Verder lezen? Dit zijn de duurzame thema’s van de waterschapsverkiezingenWat als heel Nederland vegan wordt?De natuur 'aan het infuus': onderzoekers enthousiast over bodemtransplantatieNederland in het groenste scenario.