Dimitri Reijerman 19 augustus 2015, 13:46

Noors oliefonds desinvesteert in Daewoo wegens kappen regenwoud

De Noorse centrale bank, verantwoordelijk voor de reusachtige oliefondsen, desinvesteert in de Zuid-Koreaanse bedrijven Daewoo International en staalconcern Posco.

15003308554 ba936acaff k

Het Norges Bank Investment Management, dat wordt beheerd door de centrale bank van Noorwegen, heeft momenteel bijna € 800 mrd. Het fonds heeft aangegeven dat het zijn belangen in Daewoo International en staalconcern Posco gaat afstoten, meldt Eco-Business.

Volgens de centrale bank investeren de Zuid-Koreaanse bedrijven in projecten waarbij in Zuidoost-Azië tropische regenwouden worden gekapt om plaats te maken voor palmolieplantages. Om dezelfde reden desinvesteert het fond ook in de Maleisische firma's Genting Bhd en IJM Corp Bhd. Afhankelijk van het belang gaat het om miljoenen tot honderden miljoenen euro's.

Omstreden palmolieproject

De Noorse centrale bank, die claimt dat al zijn beleggingen een duurzaam karakter hebben, zegt dat Posco en Daewoo betrokken zijn bij een omstreden palmolieproject in het Indonesische Papua.

Volgens de plannen moet er 32.500 hectare regenwoud worden gekapt om plaats te maken voor palmolieplantages. Het bedreigde stuk regenwoud wordt door het Wereld Natuur Fonds als ecoregio aangemerkt vanwege de bijzondere biodiversiteit.

Het Noorse oliefonds stelt dat de deelnemende bedrijven, ondanks herhaalde verzoeken, niet hebben kunnen aantonen hoe zij de kap van de betreffende stukken regenwoud kunnen voorkomen.

Ook zouden er aanwijzingen zijn dat er delen van het regenwoud in brand worden gestoken om land vrij te maken voor de oliepalm, een methode die verboden is in Indonesië. Bovendien zouden de Maleisische bedrijven regenwoud hebben gekapt in een gebied dat is aangemerkt als habitat van de orang-oetan.

Bron: Eco-Business | Foto: Aul Rah, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)

RWE mengt waterstof uit Duitse windenergie bij in gasnet

De installatie van RWE in het Duitse Ibbenbüren is geïnstalleerd door het Britse ITM Power. Het elektrolyse-systeem gebruikt overschotten aan stroom om water te splitsen tot waterstof en zuurstof.“Binnen 15 jaar zal de helft van alle elektriciteit in Duitsland uit duurzame, maar ook grotendeels onvoorspelbare energiebronnen komen”, zegt Arndt Neuhaus, CEO van RWE Duitsland. “Energieopslagsystemen worden dan een essentieel onderdeel van ons elektriciteitssysteem.”Met een vermogen van 150 kilowatt is het power-to-gas-systeem niet de grootste duurzame waterstofproducent van Duitsland. De omzettingsefficiëntie van 86 procent maakt het systeem wel een van de meest efficiënte in zijn soort.Aardgasleidingen als accuBijzonder is ook dat het systeem de waterstof direct toevoegt aan het Duitse aardgasnetwerk. De bestaande leidingen en aardgasbuffers dienen zo ook als opslagruimte voor het waterstofgas. Een warmtekrachtkoppeling van RWE zet het mengsel van aardgas en waterstof naar behoefte weer om in stroom en warmte.Andere power-to-gas-installaties slaan de duurzame waterstof vaak op in pure vorm op in tanks, of laten het met CO2 reageren tot methaan. Methaan is het hoofdbestanddeel van aardgas, bijmengen is in dat geval dan ook geen probleem.Op het Waddeneiland Ameland heeft netbeheerder Stedin al wel een kleinere proef uitgevoerd met het bijmengen van waterstof in het lokale gasnet. Dat kon volgens de netbeheerder tot een percentage van 20 procent.Bron: RWE, ITM Power | Foto: Chrishna, via Flikcr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)