Rianne Lachmeijer 18 augustus 2021, 09:24

Zeven manieren om duurzaam te beleggen

Steeds meer investeerders kiezen ervoor om duurzaam te beleggen. Maar wat is dat eigenlijk? Er zijn verschillende vormen die allemaal onder duurzaam beleggen vallen. Weet jij als particuliere belegger wat het fonds waarin jij investeert duurzaam maakt? En hoe het kan dat ABP goed scoort in het jaarlijkse onderzoek door de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO), terwijl pensioendeelnemers tegelijkertijd vinden dat het pensioenfonds achterloopt? Dit artikel zet de verschillende manieren van duurzaam beleggen op een rij.

Adobe Stock drone boer landbouw innovatie Investeren in duurzame landbouw is één van de vormen van duurzaam beleggen. | Credits: Adobe Stock

De belangstelling voor duurzaam beleggen neemt nog steeds toe. Zo stroomde er volgens investeringswebsite Morningstar in het eerste kwartaal van dit jaar wereldwijd 19 procent meer geld naar duurzame fondsen. Niet alleen particulieren gaan duurzaam beleggen, maar ook grote professionele beleggers als pensioenfondsen en vermogensbeheerders zetten erop in. Volgens het Global Sustainable Investment Alliance (GSIA) valt 36 procent van al het professioneel beheerd vermogen in de grootste financiële markten onder de noemer duurzaam. Volgens het samenwerkingsverband van duurzame beleggingsorganisaties zijn er zeven verschillende strategieën die onder de noemer duurzaam beleggen vallen:

1. ESG-integratie: synoniem voor duurzaamheid in de financiële sector

ESG is hét woord dat investeerders gebruiken als zij het over duurzaamheid hebben. De afkorting staat voor environmental, social en governance. ESG-integratie betekent dat een belegger systematisch milieu-, sociale en bestuurlijke factoren meeneemt in haar financiële analyse van bedrijven. Het gaat vooral om risico’s verminderen. ’s Werelds grootste vermogensbeheerder Blackrock is een voorbeeld van een partij die hierop inzet. “We zien in toenemende mate een positieve relatie tussen de bedrijven die ESG-factoren effectief managen en langetermijnwaardecreatie”, zei John McKinley van BlackRock’s Sustainable Investing team eerder.

2. Engagement: bedrijven aanspreken op hun gedrag

Een ander woord dat beleggers vaak in de mond nemen als het om duurzaamheid gaat is engagement. Dit houdt in dat een belegger als aandeelhouder in gesprek gaat met een bedrijf over duurzaamheidsthema’s of duidelijk haar stem laat horen op aandeelhoudersvergaderingen. Een opvallende speler op dit gebied is Follow This. Bijna elk jaar dient het een klimaatresolutie in tijdens de aandeelhoudersvergaderingen van grote oliebedrijven. Het doel: ervoor zorgen dat de oliebedrijven zich houden aan het klimaatakkoord van Parijs.

Lees ook: Aandeelhouders stemmen steeds vaker voor het klimaat

3. Screenen: bedrijven toetsen

De derde methode is het screenen van bedrijven op (internationale) normen. Bijvoorbeeld mensenrechten. Zo zijn verschillende financiële instellingen betrokken bij een benchmark van World Benchmarking Alliance (WBA) die bedrijven screent op handhaving van mensenrechten. Het is een jaarlijkse momentopname die de voortgang toont van de grootste bedrijven wereldwijd. Welk beleid hanteren ze en hoe passen ze dat toe in de praktijk? Deze kennis helpt financiële instellingen bij hun beleggingskeuzes. Screening is in die zin te combineren met andere duurzame strategieën zoals engagement en uitsluiting.

4. Uitsluiten: niet (meer) investeren

De vierde aanpak richt zich op uitsluiting van bedrijven, sectoren of landen. Zo zijn er verschillende pensioenfondsen die niet langer in tabak en controversiële wapens investeren. ASN Bank valt op als het om deze aanpak gaat, omdat zij bijvoorbeeld ook niet in de fossiele industrie beleggen. “Hoe kunnen financiële organisaties op een zo eenvoudig mogelijke wijze de klimaatimpact terugbrengen? Door te kijken naar de sector die de grootste negatieve impact op het klimaat veroorzaakt en daarmee te stoppen”, zegt Piet Sprengers, manager duurzaamheidsstrategie en beleid bij ASN Bank.

Lees ook: Wat werkt beter voor verduurzaming: bedrijven buiten sluiten of ermee in gesprek gaan?

5. Best-presterende bedrijven steunen

De vijfde methode richt zich op de best-presterende bedrijven binnen een sector. Vanuit die visie is het mogelijk om bijvoorbeeld in BP te beleggen, omdat zij in 2050 klimaatneutraal willen zijn. “BP verlegt zijn focus van een oliebedrijf met focus op productie, naar een energiebedrijf met focus op klantgerichte oplossingen”, aldus CEO Bernard Looney in een persbericht rond de aankondiging van de koerswijziging. BP is één van de best-scorende grote oliebedrijven in – daar is hij weer – een benchmark van WBA. BP scoort daarin stukken beter dan sectorgenoten als Chevron en ExxonMobil.

6. In thema’s investeren: van de energietransitie tot de oceaan

De zesde manier draait om investeren op bepaalde duurzaamheidsthema’s. Een voorbeeld daarvan is een fonds van vermogensbeheerder BNP Paribas Asset Management dat investeert in beursgenoteerde bedrijven die de oceaan duurzaam gebruiken: van visserij tot kustbescherming en de aanleg van windparken op zee. Robert-Alexandre Poujade hoopt dat meer investeerders in natuurklimaatoplossingen gaan investeren en dan specifiek met betrekking tot ‘de blauwe economie’. “Investeerders moeten inzien dat de oceaan een thema is dat hen aangaat.”

Lees meer: ‘De blauwe economie als investeringskans: ‘dit is het decennium van de oceaan’

7. Impact investeren: duurzaam beleggen 2.0

Als zevende duurzame beleggingsmethode noemt GSIA impact investeren. Hierbij draait het specifiek om het bereiken van een positief resultaat voor de maatschappij of het milieu. Meten en rapporteren zijn hierbij extra belangrijk. Zo stelde Maarten van Dam van impactinvesteerder PYMWYMIC in een interview dat zij impactrendementen net zo duidelijk willen presenteren als financiële rendementen. “Zo zijn we met Fairphone uitgekomen op het rapporteren op vijf matrices, waarin het gewoon heel duidelijk wordt gemaakt in nummers en percentages wat het effect is en waar we naartoe willen groeien. En alleen op dat soort getallen krijg je denk ik grotere vermogens in beweging door net zoveel waarde te hechten aan de impactrendementen.”

Lees ook: Hoeveel invloed heeft een duurzame belegging? Deze investeerder weet het

Oliemaatschappijen dumpten oude platforms maar investeerden nauwelijks in duurzame alternatieven

Dat blijkt uit onderzoek van Bloomberg NEF, een onderzoeksbureau gespecialiseerd in de energietransitie. De opbrengst uit de verkopen staken de oliebedrijven in nieuwe fossiele energieprojecten. Daarnaast werd de opbrengst van het verkopen van oude installaties ingezet voor het afbetalen van schulden of het uitbetalen van dividend aan aandeelhouders. In de periode 2015 en 2020 daalde de olieprijs spectaculair van 115 dollar per vat in 2014 naar onder de 28 dollar in 2020. Inkomsten uit verkopen afgezet tegen investeringen in duurzame energie technologie over de periode 2015-2020 voor de negen grootste oliemaatschappijen ter wereld.Vier keer hoger Uit het onderzoek van Bloomberg NEF blijkt dat de opbrengsten uit de verkopen vier keer hoger waren dan de investeringen die de bedrijven in dezelfde periode deden in schone energie technologieën. Alleen het Noorse Equinor deed het anders. Dit oliebedrijf investeerde meer in groene energie dan de 10 miljard dollar die de verkoop van fossiele installaties opbracht. Bij alle overige oliegiganten staken de investeringen in duurzame energieprojecten schril af tegen de verdiensten uit de verkoop van productie-installaties. Vooral bij ExxonMobil, Chevron en ConocoPhilips was het verschil groot. Zij investeerden gezamenlijk slechts 757 miljoen dollar in schone energie, wat neerkomt op 1 procent van de opbrengsten uit verkopen. Shell verkocht het meest Van alle negen oliebedrijven is Shell absolute koploper in het afstoten van bezittingen. Het bedrijf deed de afgelopen vijf jaar voor maar liefst 50 miljard aan installaties van de hand. De investeringen in groene energie bleven daarentegen steken op zo’n 8 miljard. En hoewel Shell begin dit jaar met een nieuwe strategie kwam, lijkt het geen verandering te brengen in deze verhoudingen. Want ook de komende jaren zal Shell het merendeel (80 procent) van de 19 tot 22 miljard dollar aan totale investeringen naar fossiele activiteiten gaan. Zo stopt het bedrijf 12 miljard in olie en gas en 5 miljard in chemie. Voor hernieuwbare bronnen zoals zon en wind trekt het bedrijf jaarlijks 2 tot 3 miljard dollar uit, ongeveer 12 procent van de totale investeringen. Komende jaren meer verkopen De meeste van de afgedankte productie-installaties liggen in Europa, wat erop kan wijzen dat de druk van aandeelhouders en politiek om CO2 te reduceren een rol speelt bij de beslissing om oude installaties in de uitverkoop te doen. Het is aannemelijk dat oliemaatschappijen de komende jaren veel meer installaties van de hand zullen doen. In 2020 kondigde BP al aan dat het in 2030 40 procent minder olie zal winnen, door actief projecten af te stoten of te sluiten. De vraag blijft of dit ook zal leiden tot meer investeringen in duurzame alternatieven. Terwijl dat wel noodzakelijk is, stelde ook het IEA in zijn rapport 'Net Zero': "Om de klimaatdoelen te halen zullen we 'onmiddellijk' en 'massaal' moeten inzetten op het installeren van alle tot nu toe beschikbare schone energie-technologieën."