Marc Seijlhouwer 10 april 2020, 17:41

Annemieke Nijhof over de coronacrisis: "Watersector moet verantwoordelijkheid nemen"

Achter de horizon gloort een nieuwe economie. In de CrisisCast kijken we verder dan de coronacrisis met vooruitstrevende leiders. Hoe ziet Annemieke Nijhof, boegbeeld van de Topsector Water en Maritiem en voormalig CEO van ingenieursbureau Tauw, deze crisis?

Scheepvaart waterstof adobestock

De coronacrisis maakt alles anders. Ook voor Nijhof, die merkt dat een gesprek via videobellen veel meer focus vraagt. Ze mist de menselijke interactie; mensen zijn minder ongeremd, maken minder snel een grapje bij een videogesprek. “Ik leer daarmee waar ik energie vandaan haal: de onverwachte wendingen in een persoonlijk gesprek, die mis ik.”

Maar meer dan dat ziet Nijhof de effecten van het coronavirus op ‘haar’ sector, de Nederlandse maritieme en watersectoren. Vooral in de maritieme sector is er nu al een crisis. “Dat zijn veelal private bedrijven. Als een grote opdrachtgever dan een order cancelled, komt meteen de continuïteit van het bedrijf in gevaar.” Nijhofs grootste vrees is dat de sector omvalt. Daarmee zou Nederland kennis verliezen die het in eeuwen tijd op heeft gedaan. “Dat is het zwartste scenario.” 

In de CrisisCast legt Nijhof uit wat de Topsector Water en Maritiem doet om de watersector stabiel te houden.

Eerlijker delen

Maar Nijhof heeft ook hoop. “De crisis laat eens te meer zien dat er zonder water geen leven is, geen eten. Dit is een kans om nationaal en internationaal onze verantwoordelijkheid te nemen. De drinkwatersector kan zo met een factor tien, twintig, dertig groeien. Maar dan moeten we wel willen. We zijn nu mondjesmaat bereid om welvaart te delen met ontwikkelingslanden. Nu blijkt dat we als wereld kwetsbaar zijn. Als we daarom de hele wereld op ons gezondheidsniveau willen krijgen, moeten we meer en eerlijker delen.”

In de CrisisCast schetst Nijhof een beeld van hoe dat eruit kan zien.

Leiderschap tijdens coronacrisis

Leiders moeten in crisistijd niet teveel met zichzelf bezig zijn, weet Nijhof. Toen ze in zware tijden bij Tauw begon ontdekte ze dat leiderschap twee dingen beslaat. “Mensen vragen zich af: is deze persoon competent en ervaren? Maar daarnaast kijken ze naar iemands betrouwbaarheid, eerlijkheid. Heeft deze persoon het beste met ons voor? Dat is nu de belangrijkste vraag. Zo kijkt men ook naar Mark Rutte: hij weet in deze onzekere tijden niets zeker, maar vraagt om vertrouwen van het volk.”

Leiders moeten ondertussen niet te veel in zichzelf geloven, maar vooral in de geniale mensen om hun heen. “En je moet jezelf niet opgebruiken. Zorg dat je projecten of oplossingen aanjaagt, maar laat ze na verloop van tijd ook los.”

Bekijk de video voor het hele gesprek met Annemieke Nijhof. Of luister als podcast:

 

Beeld: Adobe Stock

20 procent van de vrachtwagens in Europa rijdt leeg rond. Heeft Uber de oplossing?

“De transportindustrie heeft helaas nog niet zoveel vooruitgang geboekt op het gebied van verduurzaming als andere industrieën”, stelt Mark Hulland, operations manager van IPP. Het bedrijf levert pallets-as-a-service. Dat werkt als volgt: IPP levert pallets aan klanten, haalt ze na gebruik weer op, repareert ze en stuurt ze door naar de volgende klant. Doordat IPP eigenaar blijft en de pallets tussentijds repareert, worden ze jarenlang hergebruikt in plaats van weggegooid of verbrand.Wegtransport is een grote factor in het model. En dat geldt niet alleen voor IPP. Wegtransport is verantwoordelijk voor 75 procent van de uitstoot van de transportsector in Europa, weet Hulland. “Daarom zien wij het als onze verantwoordelijkheid om de manier waarop we onze ladingen vervoeren beter en efficiënter te maken.”Lege kilometersConcreet betekent dit het aantal transportkilometers per rit zo laag mogelijk houden, vrachtwagens zo vol mogelijk laden en ‘lege kilometers’ voorkomen. Vooral dit laatste is in Europa een uitdaging, schreef professor Cathy Macharis van de Vrije Universiteit Brussel in een opiniestuk voor Transportmedia in 2017.'Wij zien het als onze verantwoordelijkheid om het transport van onze ladingen beter en efficiënter te maken'“Uit onderzoek blijkt dat in Europa 20 procent van de vrachtwagens leeg rondrijdt. Meer zelfs, gemiddeld is elke vrachtwagen maar voor 56 procent gevuld en voor binnenstedelijk vervoer ligt dat percentage op amper 38 procent”, stelt Macharis. Dat biedt mogelijkheden voor verbetering.Uitgebreid netwerkOm het aantal transportkilometers zo laag mogelijk te houden heeft IPP een uitgebreid netwerk opgezet van opslagdepots en klanten. Pallets worden zo altijd van en naar de dichtstbijzijnde locatie gebracht. In de ideale situatie rijden vrachtwagens na een klus direct door naar een volgende klus, in plaats van eerst terug te keren met een lege laadruimte.Dat klinkt logisch, maar is nog niet zo eenvoudig te organiseren. IPP laat bestellingen door externe transportbedrijven uitvoeren. Dat betekent dat de planning mede afhankelijk is van hun beschikbaarheid. “In het verleden lukte het daardoor niet altijd om vraag en aanbod van pallets optimaal te matchen”, zegt Hulland.Slimme softwareDe slimme software van Uber Freight, de tak die zich op transport richt, biedt een oplossing voor dat probleem. Uber ontwikkelde een digitaal platform dat verschillende vervoersbedrijven en leveranciers aan elkaar koppelt. Het platform geeft inzicht in de ladingen die de komende tijd op het programma staan, de beschikbaarheid van chauffeurs en vrachtwagens en de tijd die op locatie nodig is om een lading in of uit te laden.Het platform bestaat al een paar jaar in Amerika, maar werd pas in het voorjaar van 2019 in Europa gelanceerd. De Europese markt voor transport behoort tot de grootste en meest geavanceerde ter wereld; toch bestaat 85 procent van de transportbedrijven uit kleine tot middelgrote vervoerders, stelt Uber. Voor deze vervoerders, net als voor leveranciers als IPP, is technologie essentieel om in de behoeften van hun klanten te voorzien en daarbij zo efficiënt mogelijk te werken.Uber Freight koos voor Nederland als startpunt van het Europese avontuur. IPP was een van de eerste leveranciers die zich aansloot bij het platform. Het was voor beide partijen dus een pilot.5 procent minder kilometersDe samenwerking heeft interessante resultaten opgeleverd, vertelt Hulland. IPP biedt twee verschillende soorten pallets aan: pallets die vanuit de depots komen en pallets die rechtstreeks van de ene retailer naar de volgende gaan. “In het laatste geval hebben we de afstand die de pallets afleggen met 5 procent weten terug te brengen sinds de introductie van Uber Freight.”'Met een uitgebreid netwerk aan depotlocaties kunnen we onze pallets vanaf een zo kort mogelijke afstand leveren'Doordat IPP via Uber Freight met meerdere transporteurs kan werken, is het mogelijk om transporteurs zo dicht mogelijk bij de locaties van de retailers te vinden. Hulland: “Dit heeft ons geïnspireerd om nog eens goed naar het transport van pallets uit onze depots te kijken. We hebben een heel netwerk aan depotlocaties, dat we nu verder gaan uitbreiden. Zo kunnen we ook die pallets vanaf een zo kort mogelijke afstand leveren. De voordelen daarvan gaan we komend jaar zien.”Het platform bespaart IPP niet alleen kilometers, maar ook kosten en tijd. “Voorheen moesten we zelf alle vervoerders nabellen. Met elke keer dat je dan nee te horen krijgt en verder moet bellen, wordt je keuze en daarmee ook je onderhandelingsruimte kleiner. Nu kunnen we meer tijd besteden aan onze planningen en optimalisatie van ons netwerk.”Lees ook: CEO Faber Halbertsma: 'Wij geloven echt in het circulaire businessmodel'Beeld: IPP