Jeroen de Boer
20 augustus 2026, 15:24

Hein Brekelmans van Triodos Bank: 'Ik ben nu lobbyist voor een beter financieel systeem'

De lastigste opgave bij het vergroenen van de economie ligt niet bij het uitrollen van duurzamere technologie en producten, maar bij de dingen waar we mee moeten stoppen, zegt econoom Hein Brekelmans van Triodos Bank. ‘Er is genoeg geld voor verduurzaming, maar te veel investeringen gaan nog de verkeerde kant op.’

Interview Hein Brekelmans Econoom en advocacy manager Hein Brekelmans van Triodos Bank. | Credits: Triodos Bank

‘Waar vind je nou een bedrijf dat zegt: ik doe iets waar ik goed geld mee verdien, maar dat schadelijk is voor de wereld. Dus ik stop ermee.’ Hein Brekelmans stelt de vraag enigszins retorisch, maar het onderliggende punt is serieus. De afbouw van economische activiteiten die schadelijk zijn voor klimaat en maatschappij is vele malen lastiger dan het lanceren van een nieuw bedrijf met een duurzame missie.

Brekelmans kan erover meepraten. Ruim elf jaar werkte hij als bankier bij ABN Amro mee aan de financiering van onder meer duurzame startups en grotere projecten voor bijvoorbeeld windenergie. ‘Dat was heel leuk werk. Ik kon elk jaar wel naar een prijsuitreiking waar duurzame bedrijven in het zonnetje werden gezet. Maar terugkijkend denk ik: eigenlijk zou er ook een prijs moeten zijn voor ondernemingen die durf tonen door vrijwillig te stoppen met een niet-duurzame activiteit.’

Lobbyist voor een beter financieel systeem

Afgelopen februari maakte Brekelmans de overstap naar Triodos Bank, waar hij zich als advocacy manager op strategisch niveau inzet voor structurele duurzame verandering in de financiële sector, ondersteund door het economische researchteam van de bank. ‘Simpel gezegd ben ik nu lobbyist. Niet zozeer voor de bank, maar voor een beter financieel systeem.’

Zo spant Brekelmans zich in om wetgeving rond biodiversiteit in Nederland beter verankerd te krijgen. ‘In het VK is wettelijk vastgelegd dat je bij ruimtelijke projecten vooraf hard moet kunnen maken dat er sprake is van een netto winst op het gebied van biodiversiteit. Die moet er per saldo minstens 10 procent op vooruit gaan. We zijn nu met Kamerleden in contact om dat op de politieke agenda te krijgen in Den Haag. Dat doen we niet alleen als Triodos, maar ook met andere partijen, waaronder ingenieursbureau Arcadis, energiebedrijf Eneco en bouwbedrijf BAM.’

Integrale kijk op duurzaamheid

Geloof in een brede benadering van duurzaamheid ligt ook aan de basis van Brekelmans’ keuze om over te stappen naar de relatief kleine Triodos Bank. ‘Lang heb ik gedacht dat je de meeste impact kunt maken als je een grote bank zoals ABN Amro een beetje kunt veranderen. Maar voor mij was de nieuwe strategische visie, die in het najaar van 2025 werd gepresenteerd, wel een kantelpunt.’

Die nieuwe strategie legde andere accenten met een nauwere focus wat betreft de aandacht voor duurzaamheid en klimaat. Brekelmans: ‘Dat vormde voor mij een natuurlijk moment om de balans op te maken. Na elf jaar wilde ik graag verder met de vragen die me het meest bezighouden, en die liggen bij de bredere agenda: systemische vraagstukken, natuur, circulariteit en afbouw. Dat vind ik bij Triodos.’

Voor Brekelmans zelf is een integrale kijk op duurzaamheid dus steeds belangrijker geworden. ‘Daar horen wat mij betreft ook de lastige discussies bij over schadelijke activiteiten waar je afscheid van neemt.’ De bank uit Driebergen maakt op dit vlak heldere keuzes. Zo financiert Triodos Bank geen investeringen in olie- en gasprojecten, terwijl de rest van de bancaire wereld daar nog flink mee worstelt.

Minder fossiele energie

In de primaire energieconsumptie hebben olie, kolen en gas wereldwijd nog altijd een aandeel van meer dan 80 procent. ‘Hernieuwbare energie groeit hard, maar zorgt op mondiaal niveau nog niet voor daadwerkelijke verdringing van fossiele energie’, zegt Brekelmans. ‘Dat is wel essentieel om de opwarming van de aarde af te remmen. Anders blijft duurzaamheid salade naast de patat.’

Geld is hierbij geen neutrale factor, stelt Brekelmans: ‘Elke euro die je investeert in olie of gas, kun je niet steken in het versnellen van de transitie naar een duurzamer energiesysteem.’

Een kleinere bank als Triodos kan hierbij een voortrekkersrol vervullen, maar om echt systeemverandering te bewerkstelligen is veel meer nodig. Brekelmans erkent dat dat allesbehalve eenvoudig is. ‘De financiering van verduurzaming kampt niet met een tekort aan kapitaal, maar met een direction gap. Te veel investeringen gaan nog de verkeerde kant op.’

Om dat patroon te doorbreken is regelgeving cruciaal. Brekelmans: ‘Een aantal Europese landen, waaronder Nederland, heeft een wettelijk verbod op het financieren van de productie, verkoop of distributie van clustermunitie. Op die manier zou je ook restricties kunnen opleggen voor fossiele financiering. Dat lijkt misschien nog ver weg, maar zoiets is niet ondenkbaar.’

Rendement voor aandeelhouders versus maatschappelijke waarde

Misschien nog wel uitdagender is het afdwingen van een koerswijziging bij grote olie- en gasbedrijven zelf. Shell heeft onder topman Wael Sawan een beleid ingezet waarbij afscheid wordt genomen van investeringen in duurzame energie, terwijl het bedrijf fossiele bezittingen bijkoopt. ‘Op zich neem ik het een bedrijf als Shell niet kwalijk dat ze doen wat ze doen’, zegt Brekelmans. ‘De onderneming is in handen van aandeelhouders die de directie als opdracht hebben gegeven om zoveel mogelijk geld te verdienen. Daar handelt het bedrijf naar.’

Triodos laat volgens Brekelmans zien dat het wel mogelijk is om met een beursnotering maatschappelijke impact op één te zetten en tegelijkertijd een eerlijk rendement te behalen. ‘Toch zie je bij veel bedrijven een eenzijdige focus op aandeelhoudersrendement.’ Dat heeft mede te maken met het al dan niet verankeren van maatschappelijke doelen in de juridische structuur van een onderneming.

Praktisch gezien lijkt het niet erg realistisch om van bestaande bedrijven te eisen dat ze hun juridische structuur aanpassen om maatschappelijk welzijn beter te borgen, erkent Brekelmans. ‘Dat zou heel ver gaan. Maar je kunt ook vanuit de andere kant redeneren. Als het voor nieuwe bedrijven de standaard wordt om maatschappelijke doelen centraal te stellen, kan er extra druk ontstaan op bestaande bedrijven die dat niet doen. Zeker als ze klanten dreigen te verliezen, wanneer ze op de oude voet blijven doorgaan.’

Consument helpen om andere keuzes te maken

Het zou daarbij ook helpen als consumenten sterker worden geprikkeld om duurzame keuzes te maken. ‘Je kunt van een gezin met een modaal inkomen op dit moment niet verlangen dat ze niet meer naar Barcelona vliegen – met vliegtickets die drie keer zo goedkoop zijn als de trein en een twee keer snellere reistijd’, vindt Brekelmans.

Het feit dat kerosine onbelast is, werkt als een enorme verkapte subsidie voor de luchtvaart. ‘Dus als we willen dat mensen minder vliegen, zou je op z’n minst vliegtickets duurder kunnen maken door kerosine te belasten. Aan de andere kant kun je treintickets goedkoper maken en zwaarder investeren in snelle treinverbindingen. Dat moet dan wel Europees gebeuren, zodat je geen concurrentie houdt van goedkopere vluchten net over de grens.’

Klimaatschade voor de economie: komt de politiek in actie?

Mogelijkheden genoeg dus om beleid duurzamer in te richten, maar vooralsnog lijkt er niet heel veel te veranderen in het politieke momentum. Zelfs na een zomer van hittegolven en droogte in Europa.

Zo poseerde minister-president Rob Jetten deze maand in een Shell-overall bij een nieuwe fabriek voor groene waterstof in Rotterdam, maar liet hij na om in een nationale persconferentie de klimaaturgentie uit te lichten.

Economen van Triodos Bank grepen de gelegenheid wel aan en publiceerden in augustus een speciaal rapport over de economische gevolgen van de hitte. De conclusie: ‘De keuze die we hebben is om ons te blijven abonneren op steeds kostbaardere zomers, door onze inspanningen om klimaatverandering te beperken te blijven uitstellen, of om klimaatverandering te gaan behandelen als de letterlijk brandende noodsituatie die zij vormt voor ons welzijn en onze economieën.’

Brekelmans put hoop uit het feit dat de economische schade van extreem weer bedrijven en hun aandeelhouders steeds directer raakt. ‘Marktpartijen voelen de financiële pijn zelf. Het zou mooi zijn als er vanuit die hoek meer druk komt op de politiek om de oorzaken van klimaatverandering aan te pakken.’

‘Adaptatiemaatregelen blijven nodig, maar daarmee los je de kern van het probleem niet op. Daarvoor is echt mitigatie nodig. Het is dus voor iedereen nog steeds belangrijk om in actie te komen, of het nu gaat om het aanschrijven van Kamerleden, het tekenen van een petitie of meedoen met een klimaatmars.’

Lees ook:

Zonnepanelen wekken steeds meer energie op, maar ze helemaal zelf produceren doen we (nog) niet

'Zonne-energie heeft een belangrijke mijlpaal bereikt. En niemand had het door', kopte Bloomberg begin augustus.Alle landen ter wereld hebben nu gezamenlijk 3 terawatt aan capaciteit voor de opwek van zonne-energie. Dat is bijna een verdriedubbeling ten opzichte van 2022. Volgens analisten van BloombergNEF komt er het komende decennium nog zo’n 6 terawatt aan capaciteit bij.Ook met de hoge temperaturen van deze zomer was zonne-energie van groot belang. De vraag naar elektriciteit steeg door de inzet van airco's, terwijl kerncentrales juist moesten worden stilgelegd door het warme (koel)water. Een nieuw rapport van energiedenktank Ember laat zien dat energie uit zon de meeste vraagpieken tijdens de hittegolven in de middag kon opvangen. Op de heetste dagen werd tot 17 procent meer zonne-energie geproduceerd, wat hielp om het elektriciteitsnet te stabiliseren.Alleen tegen de avond moesten gascentrales extra draaien, waardoor energieprijzen de lucht in schoten. Volgens Ember kan batterijopslag helpen om ook de energiebehoefte in de avonden in te vullen met hernieuwbare energie uit zon. Zonne-energie: Europa moet werken aan eigen productiecapaciteit Maar het succes van de energietransitie mag niet alleen worden afgemeten aan hoeveel stroom we opwekken, zegt Gerard de Leede. Hij is medeoprichter van de circulaire Nederlandse zonnepanelenproducent Solarge. 'Het is tijd om verder te kijken dan alleen megawatts. Door geopolitieke ontwikkelingen is de volgende stap minstens zo belangrijk: zorgen dat Europa ook zelf de technologie produceert die duurzame energie opwekt.'Europa beschikt over de kennis, innovatiekracht en productiecapaciteit om hoogwaardige zonnepanelen te ontwikkelen, zegt De Leede. Hij doelt daarbij echter vooral op de laatste stap in het proces: de productie van modules die zijn samengesteld uit een reeks zonnecellen. Naast Solarge zijn onder andere Elsun en Energyra hiermee actief op de Nederlandse markt.Dat betekent overigens niet dat we geen complete zonnepanelen van buiten de grens halen: in 2024 importeerde Nederland voor bijna 1,5 miljard euro aan zonnepanelen uit China. Weinig onderdelen voor zonnepanelen in Europa geproduceerd Kijk je naar de onderdelen die nodig zijn voor de productie van zonnecellen, dan is de Nederlandse productiecapaciteit minder hoopgevend – om niet te zeggen 'praktisch nul'. Voor de productie heb je bijvoorbeeld heel zuiver silicium nodig, ook wel polysilicium genoemd. Europa heeft slechts één producent van polysilicium: het Duitse Wacker. Dat levert zo’n 60.000 ton per jaar, grotendeels voor toepassingen in de chipindustrie.De Nederlandse scaleup Resilicon wil in Delfzijl ook een fabriek bouwen voor zeer zuiver polysilicium, met een jaarcapaciteit van in eerste instantie 26.000 ton. De financiering daarvoor moet nog rondkomen.Heb je die polysilicium, dan moet dat bovendien nog in blokken (ingots) gegoten worden, en daarna in schijfjes (wafers) gezaagd. Die vormen de basis van zonnecellen. Europa heeft, in tegenstelling tot China, nog nauwelijks eigen productiecapaciteit voor het maken van ingots en het verzagen daarvan tot wafers.Ook voor de stap daarna, waarbij de wafers van zuiver silicium worden bewerkt zodat ze zonne-energie kunnen omzetten in elektriciteit, beschikt Europa over beperkte eigen productiecapaciteit. Onderzoek en productie in Europa Hoopvolle ontwikkelingen zijn er wel. Het Spaanse Sunwafe heeft bijvoorbeeld plannen voor een fabriek voor ingots en wafers. De bouw daarvan moet volgend jaar beginnen. Het Franse HoloSolis wil rond dezelfde tijd zonnecellen gaan produceren.In Nederland is er SolarNL, een breed publiek-privaat consortium dat werkt aan de ontwikkeling en industrialisatie van innovatieve zonnetechnologieën. Eén van de beoogde uitkomsten daarvan is een zonnecelfabriek in Nederland met grootschalige productie. Nederland wil hierbij vooral inzetten op zogenoemde flexibele zonnefolie op basis van perovskietcellen. Het kabinet heeft onlangs 49 miljoen euro extra financiering aan het consortium toegekend. Lees ook:Nieuwe technologie voor recyclen zonnepanelen is potentiële zilver- en siliciummijn voor Nederland 4 innovaties die zonne-energie verder brengen dan panelen op je dak: van auto’s en gevels tot textiel en houtbatterij 'Elke voorspelling over de 'magische' opkomst van zonne-energie blijkt te voorzichtig'