Jeroen de Boer
06 mei 2026, 07:07

Nieuwsupdate: Directeur Mileudefensie naar Tata Steel en deelauto die netcongestie verlicht breidt uit in Utrecht

Directeur Donald Pols van Milieudefensie maakt een opmerkelijke overstap naar Tata Steel Nederland. Verder in het nieuws: MyWheels vergroot vloot van deelauto’s die als buurtbatterij kunnen dienen in Utrecht en inzet vulkanisch steenpoeder verbetert vruchtbaarheid van cacaoteelt.

Donald Pols van Milieudefensie naar Tata Steel Donald Pols in actie directeur van Milieudefensie. | Credits: Pierre Crom/Getty Images

Donald Pols stapt over van Milieudefensie naar Tata Steel

Van directeur bij Milieudefensie naar hoofd duurzaamheid en corporate communications bij Tata Steel Nederland. Donald Pols ziet het wel zitten, zo bleek uit een aankondiging in een persbericht van woensdag. Pols spreekt van een logische stap: ‘Bij Tata Steel heb ik de kans om te laten zien dat industriële verduurzaming niet alleen afdwingbaar is, maar ook van binnenuit kan worden aangedreven (…). We komen in een fase waarin het echt menens is als we de klimaatdoelen van Parijs willen halen. De tijd van roepen dat het anders moet, is voorbij, nu gaat het om grootschalige ombouw.’

Milieudefensie reageerde teleurgesteld: ‘Wij zijn verrast door het vertrek van Donald Pols en zeer teleurgesteld in zijn keuze om naar Tata Steel te gaan, een van de grootste vervuilers van Nederland. Wij nemen daarom per direct afscheid van hem als algemeen directeur’, liet voorzitter Marty Smits van de Raad van Toezicht weten.

Lees ook: Waarom de toekomst van Tata Steel grote invloed heeft op de energietransitie: Nederland moet kiezen

Nederland kan oliegebruik in vijf jaar met een derde beperken

De hoge brandstofprijzen voor benzine en diesel zijn volgens de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) een goede aanleiding om de afhankelijkheid van olie te verlagen. Nederland importeert nu zo’n 60 miljoen vaten olie per jaar en dat kan volgens een analyse van de NVDE binnen vijf jaar met een derde omlaag.

Dan moet de politiek met een spoedplan wel keuzes durven maken. De NVDE geeft met een menukaart van opties alvast een voorschot. Die omvatten versnelde adoptie van elektrisch rijden, inclusief stimulering van tweedehands elektrische auto’s. Daarnaast kan gekeken worden naar meer thuiswerken, efficiënter autogebruik via carpoolen, het stimuleren van fietsen en gebruik van het openbaar vervoer, verduurzaming van de binnenvaart en extra bijmenging van biobrandstoffen.

Lees ook: Minder afhankelijk van gas: 7 voorbeelden van bedrijven die grote stappen zetten met hernieuwbare energie

MyWheels breidt vloot van V2G-deelauto’s uit naar 250 in Utrecht

Deelautobedrijf MyWheels zet meer elektrische auto’s in die als rijdende buurtbatterij kunnen dienen. In Utrecht komen er 80 elektrische Renault 4-deelauto’s bij die bidirectioneel kunnen laden. Dat wil zeggen dat de auto’s ook stroom aan het net kunnen terugleveren. In totaal komt de vloot elektrische deelauto’s met de zogenoemde Vehicle-to-Grid functies in Utrecht op 250. Hiermee kunnen volgens MyWheels tijdens momenten van piekbelasting van het stroomnet in de vroege avond ruim 6.000 huishoudens een uur lang van stroom worden voorzien.

Eind dit jaar wil MyWheels 500 V2G-auto’s actief hebben in Utrecht. De stad kampt met grote problemen rond netcongestie. Afgelopen maand kondigde de landelijke netbeheerder TenneT aan dat er per 1 juli een tijdelijke stop komt in bepaalde delen van Utrecht voor nieuwe netaansluitingen, vanwege het overvolle stroomnet.

Lees ook: Elektrische auto als batterij voor je huis of bedrijf: 8 dingen die je moet weten over bidirectioneel laden

Nettarieven: prijsprikkel tegen netcongestie in de maak

Het duurt nog tot 2029, maar Nederlanders krijgen te maken met prijsprikkels om minder stroom te gebruiken tijdens piekuren, zoals de namiddag en vroege avond. Netbeheerders hebben voorstellen ingediend bij toezichthouder ACM voor differentiatie van de nettarieven voor kleinverbruikers. Het gaat hierbij om de kosten voor stroomaansluitingen die losstaan van het verbruik.

Het idee is om dagen in te delen in vijf tijdsblokken met variërende nettarieven. Ook komt er een onderscheid tussen zomer (1 april tot en met 30 september) en winter (1 oktober tot en met 31 maart). In de zomerperiode zijn de nettarieven het hoogst in de avondperiode tussen zeven uur ‘s avonds en middernacht. Tussen tien uur ‘s ochtends en vijf uur ‘s middags zijn de tarieven het laagst.  In de winter worden de nettarieven het hoogst tussen vier uur ‘s middags en elf uur ‘s avonds. De meest voordelige nettarieven gelden dan tussen één uur ‘s nachts en zeven uur ‘s ochtends en van tien uur ‘s ochtends tot vier uur ‘s middags.

Lees ook: Snelle oplossingen voor netcongestie vragen serieuze offers van huishoudens en bedrijven: vuurproef voor kabinet-Jetten

Vulkanisch steenpoeder houdt cacaoplantages in betere conditie

Commerciële cacaoplantages die de plek innemen van tropisch regenwoud hebben een aantal grote nadelen. De cacaoteelt put de vruchtbaarheid van de bodem uit en zorgt voor verzuring. Dit betekent dat de grond vaak na twintig jaar niet meer bruikbaar is en er nieuw regenwoud wordt gekapt. Uit onderzoek over het gebruik van vulkanisch steenpoeder op cacaoplantages waar Scientias over schrijft, blijkt dat dit grote voordelen kan hebben.

Experimenten in Brazilië laten zien dat het positief werkt om akkers te bestrooien met vulkanisch gesteente, zeker als dit gebeurt op stukken grond met minder intensieve cacaoteelt die plaatsvindt tussen schaduwbomen. De bodem wordt minder zuur en houdt voedingsstoffen beter vast. Een extra bonus is dat het steenpoeder ook CO2 uit de atmosfeer bindt.

Lees ook: De chocolade van de toekomst wordt in het lab gekweekt

Ook in de media:

  • Verpakkingsorganisatie start winacties bij inleveren flessen en blikjes met statiegeld (NOS)
  • Draadloos laden op zee kan elektrisch aangedreven scheepvaart impuls geven (New Atlas)
  • Voorzitter Eurogroep: energiecrisis is moment van de waarheid voor Europa (BNR)
  • Opvallende stilte na succes van Burgerraad Klimaat (Trouw)
  • Duitsland subsidieert zware industrie met € 5 miljard om emissies broeikasgassen te verlagen (Bloomberg)

De lhbti+-gemeenschap steunen als bedrijf? Met alleen een paradeboot tijdens Pride ben je er niet

Een trots moment voor Pride Amsterdam: het evenement maakt kans op een plek op de immateriële erfgoedlijst van Unesco, een lijst waarop de ‘levende cultuur’ van landen wordt vastgelegd. De botenparade, elke eerste zaterdag van augustus, is inmiddels een vast moment op de marketingkalender van veel bedrijven. Net als andere dagen en momenten die zijn gekoppeld aan de lhbti+-gemeenschap: de Pride Month in juni, Coming Out Day in oktober en Transgender Awareness Week in november.Organisaties houden daar rekening mee, zegt Anna Berbers. Ze is universitair docent Corporate Communicatie aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) en onderzoekt hoe bedrijven communiceren over lhbti+-topics. ‘Die momenten worden vaak gebruikt om hun steun voor de gemeenschap uit te spreken.’Bijvoorbeeld door tijdens de Canal Parade met een eigen boot mee te varen, met campagnes en producten die specifiek op lhbti+’ers zijn gericht, of door het bedrijfslogo te vervangen door een regenboogvariant. Voorbeelden te over, van de jaarlijkse Pride-collectie van Hema tot de speciale omkleedhokjes (‘safe spaces’) in winkels van We Fashion.Corporate social advocacy (CSA) heet dat in jargon. Berbers: ‘Bedrijven die optreden als een advocate, of belangenbehartiger, voor een minderheidsgroep.’ Timing van de boodschap Bij corporate communicatie over lhbti+-topics wordt vaak gekeken naar wat er wordt gezegd. De Amerikaanse onderzoekers James T. Carter (Cornell University) en Michael W. White (University of Massachusetts Lowell) waren benieuwd of ook de timing invloed heeft op hoe de boodschap overkomt. Het maakt zeker uit wanneer je iets zegt, concluderen ze na hun onderzoek, waarvan de resultaten zijn gepubliceerd in Harvard Business Review.In een serie experimenten lieten de onderzoekers lhbti+’ers twee vrijwel identieke bedrijfsverklaringen zien. Alleen de datum van publicatie verschilde: het ene statement was gepubliceerd tijdens Pride Month in juni, het andere op een ander moment in het jaar. Hetzelfde deden de onderzoekers met twee advertenties. Ook hier was het enige verschil het moment waarop de campagne werd gelanceerd.Wat bleek: de verklaringen en advertenties die tijdens Pride waren uitgebracht, werden door lhbti+’ers als significant minder authentiek ervaren. Bedrijven buitelen in juni over elkaar heen met regenboogcampagnes, waardoor moeilijker is te zien of die steun oprecht is of gewoon slimme marketing in de jacht op de ‘queer dollar’.Daar zit namelijk veel geld: in de VS alleen al vertegenwoordigt de lhbti+-gemeenschap een markt van bijna 1,4 biljoen dollar. Daarnaast speelt het vermoeden dat bedrijven op de regenboogtrein stappen om kritiek op hun afwezigheid te voorkomen. Regenboogmarketing en pinkwashing Dat alles heeft invloed op de geloofwaardigheid, duidt UvA-wetenschapper Berbers de resultaten. ‘Buiten “marketingrijke” momenten als de Pride spelen zulke externe factoren niet. Zonder die druk van buitenaf wordt gedrag sneller geïnterpreteerd als waardegedreven, als een signaal dat de motivatie dan wel van binnenuit móét komen.’Opvallend is dat de timing voor hetero- en cisgender mensen, die dezelfde advertenties kregen voorgelegd, niet uitmaakte. Berbers: ‘Lhbti+’ers zijn kritischer op regenboogmarketing en herkennen pinkwashing sneller. Simpelweg omdat ze meer kennis hebben over de manier waarop organisaties lhbti+-topics inzetten voor eigen gewin.’Berbers voerde in Nederland een soortgelijk experiment uit en kwam tot dezelfde conclusie als haar Amerikaanse vakgenoten. Haar experiment draaide om een fictief sportmerk dat regenboogsneakers verkocht waarvan de winst naar een goed doel ging. ‘In het eerste geval werden de schoenen alleen verkocht tijdens Pride, in het tweede geval waren de sneakers een vast onderdeel van de collectie en werd er dus doorlopend gedoneerd. Die continue betrokkenheid leidde tot wat wij een hogere gepercipieerde authenticiteit noemen, en daardoor tot een hogere gepercipieerde legitimiteit.’Dat laatste betekent dat bedrijven zich volgens stakeholders − denk aan de eigen klanten of medewerkers − gedragen op een manier die overeenkomt met de normen en waarden waarvoor ze zeggen te staan. Of juist niet. Donaties aan haatgroepen Neem Amazon, zegt Berbers. Amazon communiceert in de VS frequent over lhbti+-topics en probeert zich naar buiten toe als bondgenoot te profileren.‘Ondertussen weigert het bedrijf te stoppen met de verkoop van transfobe boeken, en is een transgender medewerker uit het bestuur van medewerkersgroep Glamazon gezet omdat ze daar kritische vragen over had gesteld. Verder konden klanten via het goede doelen-programma van Amazon doneren aan anti-lhbti-groepen. Haatgroepen. Meerdere medewerkers hebben om die reden ontslag genomen.’Amazon trok zich vorig jaar net als Meta terug als sponsor van Pride Amsterdam. Dit onder druk van het Witte Huis; de regering-Trump trekt fel van leer tegen diversiteitsprogramma’s, binnen en buiten de overheid. Er waren meer wijzigingen: zo voer Deloitte Netherlands ook niet mee, het bedrijf koos in plaats daarvan voor een minder opvallende ponton langs de kant.Berbers: 'Ik denk dat je wel kunt stellen dat bedrijven die zich bezighielden met lhbtqia+-topics toen de acceptatie hoger lag, en ermee ophouden nu er meer kans is op backlash, het alleen deden om strategische redenen.' Ze ziet ook de opkomst van pinkhushing: bedrijven die hun diversiteitsbeleid wel handhaven, maar daar publiekelijk niets meer over zeggen. Hema als voorbeeld Hema is volgens de UvA-onderzoeker een voorbeeld van een organisatie die 'the walk’ en ‘the talk’ wél succesvol combineert. ‘Zij laten het hele jaar door diverse modellen zien in campagnes. Hema was de eerste met een transgender model in een bh-reclame en de eerste die kinderkleding ging verkopen in plaats van jongens- en meisjeskleding. Het bedrijf verkoopt make-up voor alle huidtypes en in reclames zie je verschillende soorten koppels, ook gay koppels.’En, heel belangrijk: ‘Het interne beleid komt overeen met de boodschap die extern uitgedragen wordt. Ze bieden bijvoorbeeld drie maanden ouderschapsverlof aan álle ouders, ook lhbti+-ouders die via een draagmoeder een kindje krijgen of adopteren.’Berbers deed in 2023 intern onderzoek naar het diversiteitsbeleid van Hema, en stuitte in gesprekken met werknemers ook op kritiek. ‘Een aantal hetero- en cisgender medewerkers vond het allemaal te veel van het goede. De slogan van het bedrijf is ‘Hema voor iedereen’, maar zij hadden het gevoel dat Hema er vooral voor lhbti+’ers is.’ Cruciale representatie Daar zit een spanningsveld, zegt ze. ‘Echt inclusieve communicatie is ontzettend ingewikkeld. Wat voor de ene groep als inclusief voelt, kan door de andere groep als overdreven of uitsluitend worden ervaren. Zeker in een tijd waarin mensen meer tegenover elkaar komen te staan en de acceptatie van lhbti+-personen schrikbarend snel afneemt.’Bedrijven kunnen volgens Berbers een belangrijke rol spelen in het keren van die ontwikkeling. ‘Lhbti+’ers krijgen nog steeds bovengemiddeld vaak te maken met uitsluiting en pesten op de werkvloer. Om te beginnen hebben bedrijven als werkgever de macht – en plicht – om een veilige werkomgeving voor hun medewerkers te creëren. Maar ze dragen ook zorg voor publieke zichtbaarheid. Als bedrijven zich terugtrekken, verdwijnt daarmee cruciale representatie van de lhbti+-gemeenschap in de openbare ruimte.’Representatie die het hele jaar door nodig is. Niet alleen tijdens de botenparade en Pride Month.Dit artikel verscheen oorspronkelijk op MT/Sprout. Lees ook:MT/Sprout presenteert de Inclusive30: deze leiders maken Nederland écht inclusiever Ceo die moreel leiderschap wil tonen, moet meester zijn in het afwegen van verschillende belangen Changemaker Marieke Doolaard (Hema): 'Je moet dingen zo aanpakken dat de klant er blij van wordt'