Paul van Liempt 11 februari 2022, 11:03

Vooruit kijken kan weer, maak er dan ook gebruik van

Alles wijst er op dat corona voorlopig voorbij is en we vanuit het oude normaal weer met frisse blik naar de toekomst kunnen kijken. Als we iets geleerd hebben is het wel dat jojo-beleid geen beleid is. De boodschap voor alle doelbewuste leiders moet zijn: neem de lange termijn serieuzer dan ooit.

Liempt Journalist Paul van Liempt schrijft wekelijks een column over leiderschap.

In discussies die het nieuws beheersen over MeToo en het extra belasten van vermogens, valt op hoe de oude reflex van verwerven en verdedigen weer opspeelde. Een reflex die hoort bij het eten-of-gegeten-worden model. Je hebt macht verworven en wil die met alle mogelijk middelen verdedigen. Vlak voor je ten onder dreigt te gaan rest er nog maar één verdedigingsmiddel: ‘ik begrijp er niets van, vroeger was dit heel normaal.’

Gedragswetenschappers weten hoe moeilijk het is uit die oude modus te raken. Kijk maar naar politici die eraan gewend zijn hooguit tot de volgende verkiezingen vooruit te kijken. Of CEO’s die de ogen vooral nerveus gericht houden op het volgende kwartaal. Ze hebben een plek verworven en verdedigen die plek door het vizier op de korte termijn te richten. En als de lange termijn prevaleert, heeft dat meer met het persoonlijke- dan met het algemene belang te maken. Zoals bij Mark Rutte, die zijn positie vooral aanhoudt, om het record van langstzittende premier te breken.

Nina Nohria en Paul Lawrence, hoogleraren aan de Harvard Business School, schreven het boek ‘Driven. How Human Nature Shapes Our Choices.’ Om met je bedrijf vooruit te komen, heb je naast verwerven en verdedigen nog twee andere drijfveren nodig: je verbinden met anderen en de behoefte de wereld te begrijpen. Omdat je contact, betekenis en doelen nodig hebt. In vroeger tijden zou het worden afgedaan als soft en onzakelijk, schrijven Paul Polman en Andrew Winston (fans van de hoogleraren) in hun boek Netto Positief. ‘Maar in werkelijkheid is het voldoen aan basale menselijke behoeften een krachtig pad naar zakelijk succes.’ Wie als bedrijf deze drijfveren op lange termijn nastreeft, zorgt dat het leven van haar werknemers door goed betaalde banen verbetert. Maar helpt vooral bij de zoektocht naar persoonlijke doelen, waardoor iedereen zich met hart en hoofd aan het bedrijf verbonden voelt.

In De Telegraaf las ik een interview met Unilever-bestuurder Hanneke Faber, die als hoogste baas van de voedingstak van de multinational de jacht op duurzame groei grondig onder handen heeft genomen. In het spoor van Paul Polman wil ze de planeet redden, door vooruit te kijken en tegelijk met beide benen op de grond te blijven staan. ‘Je moet én langetermijndoelen hebben én elk kwartaal leveren. Dat is goed voor iedereen. (…) Langs de speerpunten minder verspilling, meer plantaardig, gezonder en met minder CO2-uitstoot.’

Provocerend zegt ze: ‘Ik zou journalisten ook willen uitdagen: vraag bedrijven naar de kwantitatieve onderbouwing van doelen die ze stellen. We deinzen er niet voor terug het verhaal te vertellen, of het nu lukt of niet.’ Nu de politiek nog, waar de papieren werkelijkheid te vaak regeert. Het beste voorbeeld geeft hoogleraar energietechnologie David Smeulders in Trouw: ‘Vorig jaar nog betaalde ons land 200 miljoen euro aan de Denen, zodat wij een deel van de groene stroom die in Denemarken werd opgewekt mochten meetellen alsof die uit Nederland kwam.’ Je schiet flink tekort, maar voldoet op papier aan de Europese doelstellingen. Kortetermijnmisleiding, hoog tijd voor een echt nieuw elan.

Paul van Liempt

Biden: elke 80 kilometer vier laadpalen in de VS. Kans voor Nederland?

Nog dit jaar maakt Bidens kabinet 615 miljoen dollar (540 miljoen euro) vrij om staten te ondersteunen met het uitbreiden van hun laadinfrastructuur. Om aanspraak te maken op het geld moeten staten wel eerst hun plannen aan de overheid presenteren. “We gaan staten niet voorschrijven hoe ze dit moeten doen. Maar ze moeten wel aan de basisnormen voldoen", zei de Amerikaanse minister van Transport, Pete Buttigieg, op een persconferentie. De laadbehoefte is voor elke staat anders gezien de grote verschillen tussen stedelijke en landelijke gebieden. “Het is maatwerk. Daarom vragen we staten het initiatief te nemen”, aldus Buttigieg. Lees ook: terwijl de VS inzet op laadpalen, wordt in Europa gewerkt aan een laadinfrastructuur voor waterstof Helft elektrische auto’s Biden wil dat in 2030 de helft van alle nieuw verkochte auto’s elektrisch of hybride is. Daarbij moeten een half miljoen laadpalen komen. In de verklaring donderdag werd deze ambitie verder gespecificeerd. Langs staat doorkruisende snelwegen moet iedere 50 mijl (83 kilometer) een laadstation met vier laadpunten komen. 80 procent van de kosten van de infrastructuur wordt betaald uit de federale schatkist. Lees ook: rijden meer vrachtwagens straks ook op elektriciteit? Laadpaal kans voor Nederland Mogelijk bieden de plannen uit Amerika kansen voor Nederlandse bedrijven. Ons land kent veel bedrijvigheid op het gebied van laadpalen. EVbox, met een fabriek in Amersfoort, en Alfen uit Almere zijn spelers van voormaat op de wereldmarkt voor laadpalen. Daarbij komen Fastned (Amsterdam), Allego (Arnhem) en NewMotion (overgenomen door Shell) die bouwen aan een paneuropees laadnetwerk. Niet alleen de laadpalen, maar ook de software maken Nederland populair, zei hoogleraar Systems & Control aan de TU Eindhoven Maarten Steinbuch tegen de Volkskrant. De communicatie tussen auto, laadpaal en het internet levert waardevolle informatie op over het laadgedrag van automobilisten. Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.