Paul van Liempt 03 december 2021, 09:12

Waarom is het voor leiders zo lastig om helder en duidelijk te zijn?

Dankzij een paar welbespraakte reizigers aan boord van de KLM-vluchten uit Johannesburg en Kaapstad, die op Schiphol kwamen vast te zitten, kregen we weer lesjes in organisatie- en communicatiekunde. Waarom is het zo lastig om helder en duidelijk te zijn?

Banner paul van liempt1 Columnist Paul van Liempt schrijft wekelijks over het thema leiderschap

Kort nadat de financiële crisis ruim tien jaar geleden uitbrak ging het opeens een stuk minder goed met een vriend van me. Iemand met een rustig, opgeruimd karakter die al twaalf jaar naar volle tevredenheid bij hetzelfde bedrijf werkte. Maar zijn bedrijf was door de crisis uit het lood geslagen en zocht naar manieren om te overleven. Van die zoektocht werd nauwelijks melding gemaakt aan het personeel. Summiere, cryptische updates werden afgewisseld met onverwachte oekazes. Niemand wist waar hij aan toe was.

Het leidde tot onrust, achterbaks gedrag van mensen die vooral nog oog hadden voor het eigen hachje, een groeiend roddelcircuit en incidentele woede-uitbarstingen tijdens de lunch in het bedrijfsrestaurant. Beslissingen werden er niet genomen, alles werd steeds weer uitgesteld. Het was onduidelijkheid troef. De sfeer in het ooit zo plezierige bedrijf was grondig verpest, wat de resultaten niet ten goede kwam. Toen mijn vriend na twee jaar werd ontslagen, overheerste vooral de opluchting. Nu wist hij waar hij aan toe was. Alles beter dan aan een touwtje bungelen.

“Ze hadden geen idee. Er was geen plan”

Hoe belangrijk het is om helder te zijn in crisissituaties kregen we te horen van Stephanie Nolen, Global Health-verslaggever van The New York Times, toevallig één van de passagiers aan boord van de KLM-vlucht uit Johannesburg. Ze liet op twitter weten dat 30 procent van de passagiers geen mondkapje droeg en daar door medewerkers ook niet op werd aangesproken: “Ik ben boos op alle mensen op mijn vlucht die geen mondmaskers droegen.” Bij terugkomst twitterde ze: “Ik heb de beste kant van de mens gezien onder wetenschappers en zorgmedewerkers in Zuid-Afrika. Ik heb de slechtste kant gezien op Schiphol.” De Volkskrant vat haar woede-uitbarsting samen: “Chaos is de beste manier om zoveel mogelijk mensen te besmetten.” Ze had geen moeite gehad met een duidelijk en helder plan van mondkapjes-testen-isolatie voor de volksgezondheid, maar begreep niets van de totale chaos.

Een andere passagier, ondernemer Herman Steenhuis, laakt in de Volkskrant en NRC het ‘uren wachten in een gore bende.’ Hoe kwam het? “Ze hadden geen idee. Er was geen plan.” De urenlange frustratie dreigde tot een kookpunt te stijgen: “Rond 1 uur ‘s nachts merkte ik dat bepaalde groepen in opstand wilden komen. Daarmee ben ik naar de marechaussee gelopen: ‘We gaan zo hieruit stormen, wat ga je daaraan doen?’ Dat was helemaal niet ons plan, maar ja, zij namen ons niet serieus, dan wij hen ook niet.” Pas toen, na negen uur wachten, werd er geluisterd: “Ik ben de GGD managementadvies gaan geven: ‘Jullie moeten ons vanaf nu elk kwartier informeren over de stand van zaken.'”

Behoorlijk ontluisterend, maar erger is nog dat we aan dit soort onduidelijkheid gewend zijn geraakt, na weer een coronapersconferentie vol hals over de kop genomen, halfbakken maatregelen. Zelfs de hand in eigen boezem steken bleef hangen in ongeloofwaardigheid. Hier zie je dat goed leidinggeven echt zou helpen. Met een plan voor de lange termijn, waarin je ondubbelzinnig aangeeft wat de koers is. Daarvoor moet je wel diep kunnen nadenken. Daarvoor moet je ook het lef hebben niet iedereen voortdurend te willen pleasen. En daarvoor heb je echte empathie nodig voor iedereen die de dupe is van al die besluiten. Maar empathie is helaas nog altijd een schaars goed.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Meer CO2 uit biomassa, maar minder uit fossiele brandstof

Biomassa is de belangrijkste hernieuwbare bron van energie in Nederland: 53 procent van alle hernieuwbare energie komt uit de verbranding, vergisting of andere energie-opwek van biomassa. Dat het zo’n groot deel is, komt onder anderen omdat biomassa bij kan worden gestookt in elektriciteitscentrales (samen met kolen of gas)., en omdat biomassa warmte kan leveren, iets dat met zonne- of windenergie niet makkelijk is. De nieuwe cijfers van het CBS laten zien dat het gebruik van biomassa voor energie in 2020 onverminderd populair is. De uitstoot door biomassa steeg met 16 procent naar 19 megaton CO2. Daarmee is biomassa verantwoordelijk voor maar liefst 11 procent van de totale uitstoot in ons land. Is biomassa slecht voor het milieu? Biomassa is dan ook een populaire manier om ‘duurzamer’ te worden. De klimaatdoelen voor 2030 en 2050 rekenen de CO2-uitstoot van biomassa namelijk niet mee. Waarom niet? De CO2 die vrijkomt bij het verstoken of vergisten van hout, plantenafval of andere biomassa is ‘verse’ CO2. De bomen en planten hebben het broeikasgas de afgelopen decennia uit de atmosfeer gehaald en gebruikt om te groeien. Door het te verbranden komt deze CO2 weer terug in de atmosfeer, maar is er netto geen CO2 bijgekomen. Dat is anders bij fossiele brandstoffen zoals kolen, olie of gas. Deze brandstoffen hebben tienduizenden jaren geleden CO2 opgenomen. Door deze nu te verbranden, voeg je dus broeikasgassen toe aan de atmosfeer, en die veroorzaken mede de opwarming. Toch is biomassa controversieel. Om de opwarming tegen te gaan is het namelijk niet alleen zaak om CO2-neutraal te zijn; idealiter komt er minder CO2 in de atmosfeer. Tegenstanders van biomassa zien liever dat er hoogwaardige toepassingen komen van hout en planten. In gebouwen of meubels bijvoorbeeld, of als isolatie. Dit past in het SER-advies, dat verbranding van biomassa afraadt. Minder fossiel, meer biomassa Biomassa is op veel manieren beter dan fossiele brandstoffen. De nieuwste cijfers lijken er ook op te wijzen dat biomassa vaak fossiele brandstoffen vervangen. Het gebruik daarvan daalde namelijk met 18 procent. Voor een groot deel komt die daling dus doordat men overstapt op biomassa. Als Nederland helemaal CO2-vrij wil worden, moet ook het gebruik van biomassa op termijn aan banden. De politiek worstelt hier echter mee, omdat biomassa een relatief eenvoudige en betaalbare manier is om (bijvoorbeeld) hernieuwbare warmte te leveren. Waterstof, een andere potentieel groene brandstof voor warmte, is voorlopig nog veel te duur.