Jeroen de Boer
20 februari 2026, 13:28

Wat doet het coalitieakkoord met klimaat en stikstof? Uitstoot broeikasgassen daalt, vooral bestaande industrie profiteert

Het coalitieakkoord van D66, CDA en VDD zorgt voor een daling van de uitstoot van broeikasgassen. Maar er zijn ook keerzijden: vooral de bestaande, zware industrie profiteert en er is geen budget voor natuuruitbreiding.

cpb coalitieakkoord Jetten klimaat stikstof milieu natuur energietransitie Partijleiders Henri Bontenbal (CDA) en Rob Jetten (D66). | Credits: Getty Images

Wat doet het coalitieakkoord met de uitstoot van broeikasgassen, de stikstofcrisis en de energietransitie in Nederland? Uit de vrijdag gepubliceerde doorrekening van het Centraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) blijkt dat de beoogde investeringen voor klimaat, natuur, energie en landbouw deels positief uitpakken, maar soms ook eenzijdig zijn.

Het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA bevat een aantal grote investeringen voor de landbouw, natuur, stikstofreductie en het klimaatbeleid. Zo wil de minderheidscoalitie 20 miljard euro uittrekken voor een integraal pakket gericht op landbouw, natuur en de stikstofaanpak.

Hieronder valt onder meer 2,75 miljard euro voor een vrijwillige beëindigingsregeling voor veehouders in de periode tot en met 2035. Ook wordt er 9 miljard euro vrijgemaakt voor incidentele compensatie voor boeren in zones rondom kwetsbare natuurgebieden.

Op het gebied van klimaat en energie zet de coalitie fors in op subsidiëring van bedrijven om te verduurzamen, plus investeringen in infrastructuur om netcongestie aan te pakken.

Uitbreiding SDE++ en lagere elektriciteitskosten voor zware industrie

De SDE++-regeling met duurzaamheidssubsidies voor bedrijven wordt in het akkoord verlengd met zes nieuwe rondes. Die hebben een jaarlijks budget van 8 miljard euro tot en met 2032. Daarnaast mikt de coalitie op uitbreiding van de capaciteit voor windenergie op zee tot 40 gigawatt in 2040.

Verder krijgt de energie-intensieve industrie extra steun. Tot en met 2035 is er in totaal 8,1 miljard euro beschikbaar om de kosten van elektriciteit te dempen, onder meer via de Indirecte Kostencompensatie (IKC). Bij die regeling kunnen bedrijven met hoge stroomkosten door het Europese heffingssysteem voor CO2-emissies compensatie krijgen.

Het CPB concludeert dat de minderheidscoalitie in de periode tot 2030 per saldo 1,1 miljard extra investeert in klimaat en milieu ten opzichte van het huidige beleid. Voor bedrijven resulteert dit in een lastenverlichting van een half miljard euro. Voor huishoudens is het financiële effect van het klimaatbeleid neutraal.

Lagere uitstoot van broeikasgassen, nadruk op bestaande industrie

Het coalitieakkoord zorgt volgens de analyse van het CPB en PBL voor extra reductie van broeikasgassen, met 70 tot 75 procent lagere emissies in 2040. Daarbij gaat het vooral om emissiereducties in de industrie. Wel is er volgens de twee bureaus nog aanvullend beleid nodig om ervoor te zorgen dat Nederland in 2050 klimaatneutraal is.

De investeringen in windenergie op zee hebben niet alleen een nationaal effect, maar beïnvloeden ook de internationale energiemarkt. Door de sterke toename van de Nederlandse elektriciteitsproductie uit wind stijgt de export van groene stroom. Dit laat de broeikasgasemissies uit elektriciteitsproductie ook buiten Nederland dalen.

De subsidies voor de SDE++-regeling maken elektrificatie voor bedrijven aantrekkelijker, vooral in combinatie met de maatregelen die de elektriciteitsprijs voor grootverbruikers verlagen. Dat stimuleert investeringen in hernieuwbare energie en CO2-besparing.

De sterke focus op subsidies heeft wel een keerzijde. Door de forse financiële steun voor bestaande energie-intensieve bedrijven zijn er minder kansen voor nieuwe, innovatieve ondernemingen, waarschuwt het CPB.

Stikstofdoelen halen blijft grote uitdaging

Ondanks de miljardeninvesteringen blijft het halen van de stikstofdoelen voor 2035 een grote uitdaging. Het maatregelenpakket van 20 miljard euro kan een serieuze stap zijn, maar de plannen zijn niet voldoende om de stikstofdoelen te realiseren.

Stikstofreductie moet volgens het akkoord vooral komen van de krimp van de veestapel door beëindigingsregelingen en de overgang naar emissiearme stallen. Een belangrijk punt van onzekerheid is echter de uitwerking van voorgenomen regelgeving.

Veel normen, zoals de grondgebondenheidsnorm en de zonering rondom natuurgebieden, moeten de komende jaren nog concreet worden ingevuld. Zonder een duidelijke uitwerking en heldere afspraken met provincies bestaat het risico dat de beschikbare subsidiebudgetten niet volledig benut worden.

Geen budget voor natuuruitbreiding

Het CPB en het PBL zijn positief over het effect van de subsidies voor zones rondom kwetsbare natuur- en watergebieden op het natuurherstel. Ongeveer de helft van de totale uitgaven van 9 miljard euro tot en met 2035 wordt ingezet voor het extensiveren van landbouwgrond en het uitbreiden van agrarisch natuurbeheer. Dat zorgt niet alleen voor minder stikstofuitstoot, maar vermindert ook het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en gaat verdroging van de natuur tegen.

Tegelijkertijd merken de twee planbureaus op dat succes van het beleid afhankelijk is van een forse versnelling van de extensivering van de landbouw. Daarbij signaleren ze dat het coalitieakkoord wel budget vrijmaakt voor herstel en beheer, maar geen middelen reserveert voor natuuruitbreiding. Volgens het PBL is dergelijke uitbreiding juist noodzakelijk om op de lange termijn te kunnen voldoen aan de Europese Natuurherstelverordening.

Lees ook:

Opmerkelijk: Japan valt voor de Mibot, een ultracompact e-wagentje dat ook Europese ambities heeft

De markt voor ultracompacte elektrische stadsautootjes krijgt dit jaar een nieuwe impuls met de komst van een nieuwe variant in Japan: de Mibot. Het elektrische wagentje met een lengte van 2,5 meter, een breedte van 1,13 meter en een hoogte van bijna 1,5 meter kreeg afgelopen jaar al veel publiciteit.De eerste exemplaren van de Mibot rolden in december van de loopband en fabrikant KG Motors wil vanaf april dit jaar 300 tot 500 exemplaren per maand gaan produceren, meldt Clean Technica. Doel is om op te schalen naar 800 tot 900 nieuwe auto's per maand om op een jaarproductie van zo'n 10.000 stuks te komen. Opmerkelijk Soms stuit je als redactie op nieuws waarbij een wenkbrauw omhoog schiet. Die ene vreemde innovatie, een onverwacht effect van klimaatverandering of een staaltje menselijke onhandigheid. Opmerkelijk dus. In deze rubriek deelt Change Inc. bijzondere vondsten en ontwikkelingen.Mibot ziet ook mogelijkheden in Europa Uitvinder Kazunari Kusunoki gaf afgelopen jaar aan nadrukkelijk te kijken naar exportmogelijkheden voor de Mibot: 'Vooral in Europese steden en delen van Azië, waar de wegen relatief smal zijn en er veel korte ritjes worden gemaakt - kunnen ultracompacte voertuigen zoals de Mibot effectief zijn.' Nederland lijkt daarbij volgens Clean Technica een logische springplank om te starten in Europa.Als de Mibot op de Europese markt verschijnt, gaat het Japanse elektrische autootje de concurrentie aan met onder meer de Citroën Ami/Opel Rocks-e en de Fiat Topolino.[caption id="attachment_174256" align="aligncenter" width="900"] Elektrische mini-auto's: de Citroën Ami (linksboven), de Fiat Topolino (rechtsboven) en de Mibot (onder). | Credits: Getty Images/ KG Motors/Mibot[/caption]De elektrische stadsautootjes hebben allemaal vergelijkbare kenmerken. Zo heeft de Mibot een actieradius van 100 kilometer, met een topsnelheid van 60 kilometer per uur. De standaardprijs van 1 miljoen yen komt overeen met ruim 5,5 duizend euro.De Citroën Ami heeft een vanafprijs van 8,5 duizend euro, en heeft in de standaarduitvoering een actieradius van 75 kilometer met een topsnelheid van 45 kilometer per uur. De Fiat Topolino heeft vergelijkbare specificaties met een vanafprijs van bijna 10 duizend euro. Compacte elektrische wagentjes: lagere milieu-impact De compacte elektrische stadswagentjes onderscheiden zich op een aantal punten positief van andere elektrische modellen. Zeker voor elektrische SUV's geldt dat ze zich kenmerken door de relatief grote afmetingen. Dat heeft deels te maken met de ruimte die nodig is voor grotere accupakketten. Maar het materiaalgebruik (veel staal en glas) van SUV's zorgt intussen wel voor een verhoudingsgewijs hoge CO2-voetafdruk.De lichte stadskarretjes hebben een beperkte milieuvoetafdruk bij de productie. Of ze uiteindelijk een positieve impact hebben op duurzame mobiliteit binnen steden, hangt vooral af van het zogenoemde substitutie-effect.Als compacte elektrische wagentjes in de plaats komen van grotere en zwaardere auto's bij het stedelijke vervoer, kan dat milieuwinst opleveren. Helemaal als ultracompacte modellen onderdeel worden van deelautonetwerken. Het verhaal wordt anders als stedelingen dit type vervoer massaal gaan gebruiken als alternatief voor bijvoorbeeld (niet-elektrische) fietsen. In Nederlandse steden zou de milieubalans dan wel eens negatief kunt uitpakken.De vergelijking met de elektrische fietsen ligt hier voor de hand: als alternatief voor (fossiele) bromfietsen kun je ze duurzaam noemen. Aan de andere kant zorgen fietsen met elektrische aandrijving (accumateriaal, kritieke grondstoffen) voor een zwaardere milieubelasting vergeleken met menselijke trapaandrijving. Lees ook:Opmerkelijk: Zelfhelend materiaal laat windturbinebladen wel honderden jaren meegaan Infographic: Zo elektrificeert de autoverkoop in Europa, terwijl fossiel krimpt Opmerkelijk: Dit bedrijf maakt ultradunne, uitrolbare zonnepanelen voor in de ruimte