Romy de Weert 12 juni 2023, 15:09

Amerikaans bedrijf haalt CO2 uit zeewater en maakt groene waterstof

Het Amerikaanse Equatic gaat tonnen CO2 uit de oceaan halen door zeewater te elektrolyseren. De groene waterstof die daarbij vrijkomt, wordt door luchtvaartbedrijf Boeing gebruikt als groene brandstof.

Equatic Equatic gebruikt een techniek die de opgeslagen CO2 uit het water haalt, waarbij groene waterstof vrijkomt. | Credits: Equatic

Zo’n 30 procent van de jaarlijkse CO2-uitstoot wordt geabsorbeerd door oceanen, weet Equatic. Het bedrijf gebruikt een techniek die de opgeslagen CO2 uit het water haalt, waarbij groene waterstof vrijkomt.

Meer dan een wetenschappelijk experiment

“Verhoudingsgewijs bevat oceaanwater 150 keer meer CO2 dan de lucht. Het is daarom veel effectiever om CO2 uit oceaanwater te verwijderen dan uit de lucht”, vertelde Gaurav Sant, oprichter en directeur van Equatic eerder.

Sant is naast oprichter van Equatic ook professor civiele en milieutechniek en directeur van het UCLA’s Institute for Carbon Management. Onderzoekers van dat instituut ontwikkelden het nieuwe elektrolyseproces. De methode die Sant ontwikkelde, is meer dan een wetenschappelijk experiment. Met Equatic brengt hij de theorie in praktijk.

CO2 uit zeewater wordt groene waterstof

Het proces werkt als volgt: het zeewater stroomt door een buis naar een tank. Daar splitst een elektrolyser het water in waterstofgas en zuurstofgas. De CO2 wordt gemineraliseerd – dat betekent dat de CO2 verandert in gesteente. Nadat de CO2 is afgevangen, wordt het opgeslagen in ondergrondse, lege gas- en olievelden, of zoutformaties.

Wat overblijft is CO2-arm water. Het waterstofgas wordt afgevangen en kan worden gebruikt als groene brandstof. Het zuurgehalte in het water is hoger dan eerst, en daarom lost Equatic er een alkalisch gesteente in op. Daardoor blijft de natuurlijke samenstelling intact. “Het zeewater dat in de oceaan wordt geloosd is net zo schoon als toen het uit de oceaan is gehaald”, schrijft Equatic. Het enige verschil is dat er minder CO2 in het water zit.

Het Amerikaanse bedrijf heeft een vijfjarige overeenkomst gesloten met luchtvaartbedrijf Boeing. Equatic zal voor Boeing 63.000 ton CO2 afvangen en 2.100 ton groene waterstof produceren. De hoeveelheid verwijderde CO2 is ook meetbaar ‘tot op de gram’, zegt Equatic tegen Forbes. Dat is belangrijk vanwege de groeiende scepsis rond CO2-compensaties, zoals de projecten die gecertifieerd zijn door Verra.

100 kilo CO2 per dag

Equatic draaide een pilot in Los Angeles. Daar werd 100 kilo CO2 per dag uit de oceaan gehaald, waarbij er een paar kilo groene waterstof vrijkwam. Een grotere testfabriek wordt eind volgend jaar geopend in Singapore. Daar moet jaarlijks zo’n 3.500 ton CO2 worden afgevangen. Het is de bedoeling dat tegen 2030 grote fabrieken in staat zijn om jaarlijks 1 miljoen CO2 te verwijderen en 35.000 ton waterstof te produceren.

Meer lezen?

Eten we meer vleesvervangers als de producten in het vleesschap liggen?

Een pakje met 'rulstukjes' ligt drie maanden lang in hetzelfde schap als het rundergehakt bij zeventig filialen van de Lidl. Met andere populaire vleesvervangers, zoals vega kipstukjes, vega shoarma schnitzel en de vega burger gebeurt hetzelfde. Wageningen Universiteit, WRI en Lidl willen op die manier onderzoeken of consumenten zo verleid kunnen worden om vaker plantaardig te eten. "Ons doel is dat onze klanten zien hoe makkelijk en lekker het is om af en toe een dagje geen vlees te eten en zo onze impact op het klimaat te verkleinen", zegt Chantal Goenee, die bij Lidl verantwoordelijk is voor duurzaamheid en gezondheid. De afgelopen jaren werd het vegetarische en vegan assortiment van Lidl al flink uitgebreid, zegt zij. "Toch ziet Lidl dat er meer moet gebeuren en daarom gaan we de zichtbaarheid en vindbaarheid van vleesvervangers verhogen. Zo willen we steeds meer van onze klanten kennis laten maken met onze vegetarische producten." Komende drie maanden wil Lidl de plantaardige vervangers ook lager prijzen dan het vlees. Positief effect Wageningen Universiteit en WRI gaan onderzoeken of consumenten in de Lidl daadwerkelijk vaker voor plantaardig zullen kiezen. Behalve dat de aankopen van klanten van de Lidl zullen worden bekeken, worden er ook interviews onder consumenten afgenomen. "Om de eiwittransitie te versnellen is het presenteren van het plantaardige alternatief naast de dierlijke tegenhanger mogelijk effectief, met name voor mensen die af en toe minder vlees willen eten", zegt Monique van der Meer, onderzoeker Marketing en Consumentengedrag aan de Wageningen Universiteit. "Vergelijkbare voorgaande studies tonen een positief effect op verkopen van plantaardige alternatieven." Ook het betrokken World Resources Institute heeft eerder een soortgelijk onderzoek gedaan. "Als consumenten in de supermarkt kiezen voor klimaatvriendelijker voedsel, maakt dat een belangrijk verschil", zegt vice-president Stientje van Veldhoven. "De vraag is hoe voedselproducenten en supermarktketens zo effectief mogelijk kunnen inspelen op zo'n verandering. We zijn blij om hier samen met Lidl Nederland en Wageningen nader onderzoek naar te doen. We hopen dat dit project veel andere retailers zal inspireren om praktische stappen te ondernemen in het veranderen van hun aanbod en daarmee bij te dragen aan een lagere footprint." Na drie maanden maken de onderzoekers de balans op. De Lidl is niet de eerste supermarkt die experimenteert met het op een andere manier presenteren en onder de aandacht brengen van vleesvervangers. Ook Jumbo voert, in zeven winkels in Nederland, een dergelijke pilot uit. Dit zeggen experts: Hoe verder de producten uit elkaar liggen, hoe bewuster de consument de keuze maakt, zei Hein Heijnen, expert op het gebied van toegepaste neuromarketing, sales en beïnvloedingspsychologie daar eerder over. "Als je dus wilt stimuleren om een vleesvervanger te kopen, dan kan dat op deze manier. De consument zoekt balletjes voor in de soep, ziet een vegetarische variant en denkt: waarom niet? Door de producten op deze manier te positioneren, maak je de drempel lager." Nudgen, oftewel op een positieve manier de vleesvervanger onder de aandacht brengen, kan ook. "Dat is iets anders, dan wat hier gebeurt. Dan zet je bijvoorbeeld het schap met de vleesvervangers meer in het zicht, of zet je er een foto bij van mensen die ernaar kijken. Onbewust denkt ons brein dan: waar kijken die mensen naar? Daar moeten we meer van weten." Volgens Heijnen hebben mensen van nature moeite met verandering. "Daar komt bij dat hele generaties zijn opgegroeid met het idee dat vlees eten gezond is, dat het goed voor je is. We zijn op die manier geconditioneerd en moeten als het ware heropgevoed worden. Daar ligt een grote opgave voor de overheid en de fabrikanten. Als we het belangrijk vinden dat mensen vaker plantaardig eten, dan moeten we ervoor zorgen dat die mensen daar ook een gevoel bij krijgen." De vraag is, zo stelt gedragspsycholoog Chantal van den Berg, of mensen vlees en vleesvervangers zien als eenzelfde product-klasse. "Waar verwacht jij dat de vleesvervangers liggen in de supermarkt? Dat is iets waar je goed onderzoek naar moet doen. Het zit in kleine nuances. Uit onderzoek bleek bijvoorbeeld eerder dat mensen er niets van begrepen dat een supermarkt de yoghurtdrank voortaan bij de melk wilde zetten. Die worden gezien als andere producten en die horen niet bij elkaar. Maar je moet ergens beginnen. Dit is een eerste stap."Lees ook: Niemand in Europa eet meer vleesvervangers dan wij NederlandersVleesvervangers in het schap leggen, is dat slim of niet?Voor het eerst minder kortingen op vlees in de supermarkt