Jos Mans 10 januari 2025, 12:20

CES ‘25: van opblaasbare kassen tot een zonnewagen die het wél redt

Las Vegas staat deze week weer in het teken van de CES (Consumer Electronics Show), de grootste techbeurs ter wereld. De stad bruist van nieuwe producten en technologie: van robots en AI tot tv-schermen en elektrische voertuigen. Tussen alle glitter en gadgets speelt duurzaamheid gelukkig ook een rol.

G63 A0593 motion blur scaled 1 1000x670 Het Amerikaanse Aptera presenteert dit jaar zijn nieuwste ultrazuinige zonnewagen. | Credits: Aptera

Techbedrijven doen hun best om op te vallen met innovaties die zowel slim als milieubewust zijn. Wat waren de meest duurzame onthullingen op CES 2025? Change Inc. licht vijf doorbraken uit die een groene toekomst beloven.

Opblaasbare kas

Het Zuid-Koreaanse Midbar (Hebreeuws voor ‘woestijn’) komt met een oplossing om gewassen te verbouwen in uitdagende klimaten. De Airfarm is een opblaasbare kas die binnen 4 uur kan worden opgezet en direct kan worden gebruikt, beloven de makers.

Om gewassen te laten groeien in de opblaaskas wordt de aeroponische methode gebruikt: een manier om planten te laten groeien zonder aarde. Met een speciaal nevelsproeisysteem weten ze de zogenaamde ademhaling van wortels te bevorderen. Dit systeem verbruikt 90 procent minder water dan ‘reguliere’ boerderijen. AI-technologie is verantwoordelijk voor de temperatuur en luchtvochtigheid in de kas.

De opblaasbare boerderij is beschikbaar in twee maten. Een versie van 3 meter bedoeld voor educatie, onderzoek en thuisgebruik. De variant van 6 meter is bedoeld voor commerciële toepassingen.

Airfarm sleepte dit jaar een CES Innovation Award in de wacht met zijn vinding.

Biologisch afbreekbare batterij

De Singaporese start-up Flint komt met een volledig biologisch afbreekbare batterij, gemaakt van papier en milieuvriendelijke materialen. Men stelt dat de batterij binnen zes weken afbreekt zonder schadelijke stoffen achter te laten. Daarbij zou hij veiliger, duurzamer en goedkoper zijn dan de standaard lithium-ion batterij.

De batterij maakt gebruik van hydrogel en bevat in plaats van kobalt en lithium vooral zink en mangaan. Het ontwerp is niet alleen veiliger, maar ook aanzienlijk minder belastend voor het milieu. Met een huidige capaciteit van 600 milliampère-uur is de batterij ideaal voor apparaten die weinig stroom verbruiken, zoals afstandsbedieningen en bureaulampen. Flint werkt echter aan verbeteringen om ook apparaten zoals smartphones, laptops en zelfs elektrische voertuigen van stroom voorzien.

Flint heeft 2 miljoen dollar aan financiering opgehaald en is in gesprek met meer dan twintig bedrijven uit de consumentenelektronica, defensie en ruimtevaart. Proeven tonen aan dat de batterij niet alleen duurzamer is, maar ook betaalbaarder. De eerste commerciële productie wordt eind dit jaar verwacht, met uitbreidingen naar markten zoals de VS, China en India.

Parasol en koelbox met superzonnecellen

Het bedrijf Anker introduceert een parasol met perovskiet-zonnecellen, een technologie die volgens het bedrijf lichter, goedkoper en efficiënter is dan traditionele siliciumcellen. De zonnecellen zouden beter presteren bij fel licht en zelfs dubbel zo effectief zijn in schaduwrijke omgevingen. Met een capaciteit van 100 watt via usb-c biedt de parasol de mogelijkheid om apparaten op te laden. Zo kunnen drankjes ter plekke worden gekoeld in de door Anker bijgeleverde EverFrost-koelbox.

De koelbox zelf, beschikbaar in drie formaten, belooft eten en drinken tot 104 uur koel te houden met batterijen die ook als powerbanks kunnen worden gebruikt. De batterijen zijn oplaadbaar via zonne-energie, een stopcontact, usb-c of een autoaansluiting.

Met een geplande lancering in de zomer van 2025 claimt Anker duurzame oplossingen te bieden voor avonturiers en stedelijke gebruikers. Wat de vinding moet gaan kosten, is nog niet bekend.

Zonnewagen die het wél redt

LightYear is het niet gelukt, maar het Amerikaanse Aptera houdt vol. Het presenteert dit jaar de nieuwste editie van zijn ultrazuinige zonnewagen, uitgerust met 700 watt geïntegreerde zonnecellen. Die moeten zorgen voor een dagelijks bereik van 64 km op zonne-energie, waardoor de meeste bestuurders niet hoeven op te laden. Op een volle batterij kan de auto tot 643 km rijden.

Het futuristische driewielige ontwerp werd mede ontwikkeld met Pininfarina, het Italiaanse designhuis dat eerder werkte aan iconische Ferrari-modellen. Met toegang tot hun windtunnel in Turijn streeft Aptera naar een ultralage luchtweerstand, wat de energie-efficiëntie verder verbetert.

Aptera, dat in 2011 moest stoppen door geldgebrek, keerde in 2020 terug na een succesvolle crowdfundingcampagne. Hoewel het bedrijf nu dichter bij massaproductie lijkt te zijn, blijft voldoende financiering een grote uitdaging.

Weg met al die batterijen en kabels

De Powerfoyle-zonnecellen van start-up Exeger beloven een fundamenteel probleem op te lossen: de noodzaak om apparaten op te laden. Deze innovatieve zonnecel zet licht, van zonlicht tot kaarslicht, om in energie en kan naadloos worden geïntegreerd in producten zoals koptelefoons en toetsenborden. Hierdoor wordt opladen overbodig en zijn wegwerpbatterijen, die jaarlijks miljarden keren worden weggegooid, verleden tijd.

De technologie is geïnspireerd op fotosynthese en maakt gebruik van een flexibel materiaal dat licht omzet in elektriciteit. Powerfoyle-zonnecellen zijn schokbestendig, waterdicht en kan verschillende texturen aannemen, zoals leer of staal.

Met klanten als Adidas en Philips en toepassingen in producten die zichzelf van energie voorzien, ziet oprichter Giovanni Fili een wereld waarin kabels niet meer nodig zijn. “Onze kleinkinderen zullen lachen om kabels”, voorspelt hij.

Lees ook:

Grote, oude stalen bruggen kun je ook recyclen: zo gaat Rijkswaterstaat dat doen

Rijkswaterstaat heeft een vergunning gekregen voor een zogeheten circulaire werf op het Duivelseiland, waar de dienst een groot braakliggend terrein bezit. Daar worden de stalen brugdelen en betonnen leggers de komende decennia tijdelijk gestald en opgeknapt voor hergebruik. Sommige delen zijn wel dertig meter hoog. Circulair in 2030 Rijkswaterstaat wil in 2030 volledig circulair werken. Dat betekent: werken zonder afval met hergebruik van grondstoffen. Het uiteindelijke doel is een klimaatneutrale en duurzame infrastructuur. Veel bruggen en viaducten zijn gebouwd met staal en beton. Dat heeft veel impact op het klimaat. De staalindustrie is wereldwijd verantwoordelijk voor 9 procent van alle CO2-uitstoot. De betonindustrie voor 8 procent. Staal en beton van bruggen en wegen hergebruiken kan dus veel CO2-uitstoot voorkomen. Nationale Bruggenbank Dat is wat Rijkswaterstaat de komende 35 jaar dan ook wil gaan doen. Om bruggen een tweede leven te geven heeft Rijkswaterstaat in 2021 de Nationale Bruggenbank gelanceerd. Daar komen vraag en aanbod van overheden samen, om hergebruik zo makkelijk mogelijk te maken. De komende jaren worden veel verouderde bruggen, tunnels en wegen uit de jaren zestig en zeventig vervangen of gerenoveerd. Alleen al in Zuid-Holland gaat het om dertien bruggen, acht tunnels en dertien wegen. Veel onderdelen kunnen opgeknapt en gerecycled worden. Maar omdat niet alle projecten tegelijk lopen, is een eigen werfterrein nodig om die tijdelijk op te slaan en te renoveren, voordat ze hergebruikt worden. Dat werfterrein is nu gevonden in Dordrecht. “Zo kunnen er circulaire treintjes ontstaan die het hergebruik van materialen en onderdelen mogelijk maken”, stelt Rijkswaterstaat. Stalen brugdelen hergebruiken De grote stalen brugdelen die in 2028 vrijkomen bij de vervanging van de Keizersveerbrug op de A27 bij Raamsdonksveer kunnen bijvoorbeeld hergebruikt worden bij de renovatie van de Spijkenisserbrug bij Spijkenisse na 2030. Die delen worden tijdelijk in Dordrecht opgeslagen, net als de betonnen liggers van de viaducten van de A9 bij Badhoevedorp en de ringweg Groningen. Verder doet Rijkswaterstaat onderzoek naar het hergebruik van stalen brugdelen van diverse bruggen in het zuidwesten van Nederland. “Dat is wat we willen vanuit duurzaamheidsperspectief. Om de aarde te sparen, zullen we zuiniger om moeten gaan met onze grondstoffen. Dit werfterrein is een belangrijke randvoorwaarde om circulariteit en hergebruik mogelijk te maken en vooral te intensiveren”, stelt Rijkswaterstaat.Duivelseiland in Dordrecht.Geluidsoverlast voorkomen Het werfterrein ligt straks aan de Oude Maas. Om de zware bodemvervuiling van voormalige bedrijven op het schiereiland af te dekken, wordt het hele terrein verhard. De werf dient tegelijkertijd als werkplaats om brugdelen te gritstralen, lassen, gutsen, slijpen, hakken, hameren en zagen. Om het lawaai daarvan in te perken, moet Rijkswaterstaat geluidsisolerende tentzeilen om de werf plaatsen en moet bij het gritstralen een kap op de straalkop gezet worden. Zo moet geluidsoverlast voor omwonenden voorkomen worden. De herinrichting van het schiereiland begint dit jaar. Eind 2026 wordt het terrein in gebruik genomen. Beton gerecycled Het recyclen van bruggen en betonnen leggers is niet de enige manier waarop Rijkswaterstaat volledig circulair wil worden. Ook betonnen liggers van viaducten krijgen een tweede leven. Zo worden de liggers die vrijkomen bij de verbreding van de A9 tussen Badhoevedorp en Holendrecht gebruikt voor het vervangen van de Kaagbrug in de A44, een van de oudste snelwegen in Nederland. Ook de 40.000 ton betonpuin die vrijkomt uit de sloop van twee viaducten op de A9 wordt hergebruikt. Renewi heeft een geavanceerd recyclingproces ontwikkeld dat gecertificeerd betongranulaat en betonzand kan maken van dit puin. Daardoor kan het gebruikt worden in nieuw beton, in plaats van in ophoogmateriaal of wegfunderingen. Door dit soort innovaties kan de bouwsector het doel uit het nationale Betonakkoord halen om in 2030 alle betonreststromen volledig circulair toe te passen. Lees ook: Hoe maak je een weg CO2-neutraal en circulair? Deze bedrijven laten het zienHuidige wegenbouw moet op de schop voor kleiner, duurzaam wegennetSamenwerking Rijkswaterstaat en Croonwolter&dros: ‘We zijn met deze tunnel de grenzen aan het verleggen’Rijkswaterstaat zet in op verlaging CO2-uitstoot asfaltsector