Willemien Groot 16 juni 2015, 10:23

Hoe een datacentrum en viskwekerij kunnen samenwerken

Een volledig ecosysteem van nieuwe bedrijven moet een vervallen fabrieksterrein in Cleveland nieuw leven inblazen. Centraal in het project staat een viskwekerij in combinatie met een datacentrum.

7249861196 925e378544 k

Het Foundry Project is vernoemd naar de staalfabriek Foundry die in 2012 failliet ging door de economische crisis. Sindsdien is het complex verlaten. Volgens ondernemer J. Duncan Storey staat het Foundry Project model voor alles waar Cleveland, in de Amerikaanse staat Ohio, zich in wil onderscheiden, zoals duurzaamheid, stadslandbouw en het creëren van banen in arme wijken. Storey wil de fabriek en het bijbehorende terrein renoveren en nieuw leven inblazen.

Op het terrein is onder meer een viskwekerij voor zeebaars gepland, een ondergronds datacentrum, een boomgaard, een kassencomplex en een boerenmarkt een kookschool. Met het project is een bedrag van ongeveer $ 25 mln dollar gemoeid. Dat is inclusief de renovatie van het vervallen fabrieksgebouw, waar ruimte vrijkomt voor jonge, startende bedrijven.

Ecosysteem

Het datacentrum levert restwarmte aan de viskwekerij. Het afval fungeert als meststoffen voor de boomgaard en en het kassencomplex. Die leveren op hun beurt het organisch afval aan een biomassa-installatie voor het datacentrum. De vis en groenten vinden deels hun weg naar een wekelijkse boerenmarkt, waar buurtbewoners kunnen leren hoe ze die moeten klaarmaken. 

Volgens de ondernemer hebben twee bedrijven inmiddels een intentieverklaring getekend voor afname van de zeebaars. De kwekerij zou in 2016 de deuren moeten openen. Voor de bouw van een datacentrum is nog geen belangstellende gevonden. Volgens de initiatiefnemers is dat een kwestie van tijd. De locatie ligt bovenop een knooppunt van snelle netwerkverbindindingen.

Bron: Cleveland.com, ZDNet, Foundry Project | Foto: Tim, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)

Hoe Airbus de luchtvaart wil elektrificeren

Het plug-in toestel van Airbus heeft een spanwijdte van 9,5 meter. De twee 30 kilowatt sterke elektromotoren krijgen stroom uit 120 lithium-ion batterijen. Het hele toestel is opgetrokken uit koolstofcomposiet, en weegt daardoor minder dan 500 kilo. De maximale kruissnelheid bedraagt 219 kilometer per uur.Het toestel ziet er uit als een klaar product, maar dat is het niet. Met een reikwijdte van een uurtje vliegen is het vliegtuig niet geschikt voor de commerciële markt. De E-Fan laat wel zien waar Airbus heen wil met elektrisch vliegen.Volledig elektrisch vliegenDe volgende stap is een vierzitter, gebaseerd op hetzelfde concept. Het concern mikt voor 2050 op een passagiersvliegtuig met 100 stoelen. Eerder al liet Airbus doorschemeren dat het bezig is met de ontwikkeling van hybride vliegtuigen, die elektrisch kunnen opstijgen en landen. Die toestellen krijgen zeventig tot 90 stoelen en moeten al in 2030 het luchtruim kiezen.Airbus is niet de enige speler in de innovatierace naar elektrische luchtvaart. Maar het bedrijf is wel de eerste grote speler die inzet op volledig elektrisch vliegen. Die andere vliegtuiggigant, Boeing, werkt samen met Cambridge University aan hybride toestellen. Ook Diamond Aircraft en Siemens werken samen aan een hybride toestel. De Britse start-up Faradair Aerospace heeft zoekt financiering voor een hybride vliegtuig, dat zowel elektrisch als op biodiesel vliegt.Bron: ITProPortal, Betanews