Danny Wessels 01 augustus 2022, 10:00

Hoe maken we data duurzaam? Zonder megawatt geen megabit

Datacenters verbruiken een heleboel stroom. In tijden van netcongestie kan dat, zeker in Nederland, problemen geven. De sector moet hier zelf iets aan doen, zegt Danny Wessels van energiebedrijf Eaton.

Douglas county pipes De kelder van een datacenter van Google. | Credits: Google

De pandemie heeft de digitalisering versneld. De meeste technologie die voor de digitalisering nodig was, bestond gelukkig al. De invoering ervan is alleen sneller gegaan. Digitalisering heeft uiteraard tal van voordelen, maar brengt ook grote nieuwe uitdagingen met zich mee.

Groeien en groei afremmen

Hoe kan de datacentersector beide doelen dienen? Hoe kun je groeien en tegelijk groei afremmen? Dat is een vraag waar de energie- en datacenterindustrie de komende tijd een goed antwoord op moet hebben. Bovendien gaat het niet alleen over het energieverbruik voor dataproductie en -opslag. In vrijwel elke sector neemt de vraag naar elektrische energie enorm toe. Dat brengt voor datacenter-operators nog eens extra uitdagingen met zich mee: hoe garandeer je voldoende beschikbaarheid (tegen een reële prijs) van schaarse, nieuwe energieproductie?

Deze uitdaging speelt bijvoorbeeld in Dublin: de stad is uitgegroeid tot een belangrijke Europese datahub, en hun datacentra leggen momenteel beslag op ongeveer 11 procent van de Ierse energienetwerkcapaciteit. Er wordt gewaarschuwd dat dit percentage aanzienlijk zal stijgen. Daarom heeft de overheid hier ook een grote rol in: die bepaalt de regels en richting voor de energiemarkten en zal complexe en ingrijpende beslissingen moeten nemen over hoe energie wordt geproduceerd, beheerd en wie voorrang krijgt bij het stroomverbruik.

Zeewolde en Meta

Ook in ons land is dit een actuele kwestie. In Zeewolde zou Meta, het moederbedrijf van onder meer Facebook een enorm datacentrum bouwen. De techgigant had al een principeovereenkomst met de gemeente voor de aankoop van 200 hectare landbouwgrond waarop een datacenter van 166 hectare zou komen. Het geschatte energiegebruik zou zo’n 1.380 gigawattuur zijn, omgerekend is dat gelijk aan het stroomverbruik van zo’n 460.000 gezinnen. Door verzet in de Eerste en Tweede Kamer heeft Meta toch van de bouw afgezien.

Datacentra en hun rol bij de energietransitie

Belanghebbenden in de datacentersector – van big tech en service providers tot projectontwikkelaars en vastgoedeigenaren – zijn gewend om altijd de energie te krijgen die ze nodig hebben. Maar gezien de explosief stijgende vraag in alle sectoren is dat niet meer zo vanzelfsprekend. De datasector kan stellen dat digitalisering leidt tot minder vraag elders (verkeer, logistiek en transport), maar dan nog blijft het beslag van dataopslag en -verkeer op het totale energienet enorm. Dus zal deze sector serieus werk moeten maken van duurzaamheid, blijkt uit een studie van BloombergNEF. Daarmee moet ook nagedacht worden over de rol van het datacenter. Zeker nu TenneT bekend maakte dat het net vol zat in Noord-Brabant en Limburg.

Lees ook: Wie krijgt bij netcongestie voorrang?


Er zullen nieuwe maatstaven en een nieuwe aanpak voor het ontwerp en de activiteiten van datacentra nodig zijn. Ook zal er iets moeten gebeuren met het energieverbruik van de totale telecominfrastructuur, die een nog veel grotere energiebehoefte heeft dan die van de datacenterindustrie. We gaan op alle terreinen veel meer data toepassen en moeten tegelijk onze energiebehoefte terugschroeven en verduurzamen.

De verhouding weer in evenwicht brengen

Het op elkaar afstemmen van data en energie is een unieke kans voor de energiemarkt. Voor datacenters ligt er een uitgelezen mogelijkheid om de relatie met energie te vernieuwen: datacenters zijn niet alleen grootverbruiker van stroom, maar kunnen zich ook ontwikkelen tot locaties die het energienet ondersteunen met nieuwe energiediensten en met opslag en opwekking van energie. Denk aan zonnepanelen op de daken van de centers.

Nu loopt de verhouding tussen energie en data misschien scheef, maar beide moeten snel weer op elkaar worden afgestemd. In sommige gevallen zullen ze ook in fysieke zin naar elkaar toekruipen.

Sector coupling (het verbinden van verschillende sectoren om (groene) stroom zo efficiënt mogelijk te benutten) is daarmee een belangrijk thema voor de datacenterindustrie dit jaar. Er zijn al voorbeelden van hoe dat eruit zou kunnen zien in de praktijk. In de komende jaren moeten we grote stappen zetten om de verhouding tussen data en energie weer in evenwicht te brengen. Datacenters kunnen dan, in plaats van een probleem, een wezenlijk onderdeel zijn van de oplossing voor de energietransitie.

Danny Wessels is Field Product Manager Power Quality bij Eaton, een Amerikaans-Iers energiebedrijf.

Hoe Australië zich wapent tegen klimaatverandering: is het nog op tijd?

Australië heeft een grote hoeveelheid plant- en diersoorten. Een van de pronkstukken van het land is het Great Barrier Reef, het koraalrif aan de oostkust. Maar het staat er niet goed voor met het rif. Eerder dit jaar vond de zesde massableking plaats, de eerste stap voordat koraal daadwerkelijk sterft. Dat komt door de steeds vaker voorkomende hittegolven in oceanen. Bosbranden en overstromingen Het land kampt ook steeds vaker met hevige bosbranden en overstromingen. Bosbranden horen enigszins bij het land, omdat het zorgt voor vruchtbare bodems. Maar het is zorgwekkend dat de branden steeds vaker voorkomen en intenser van aard zijn. Het probleem is dan dat de natuur geen tijd meer heeft om zich te herstellen. Op dit moment worden 1918 inheemse diersoorten bedreigd met uitsterven, blijkt uit recent onderzoek. Dat is 8 procent meer dan in 2016. Bosbranden volgen elkaar in rap tempo op. Doordat bosbranden regelmatig voorkomen, heeft de natuur aangeleerd om snel te herstellen.De afgelopen maanden worden delen van het land geteisterd extreme regenval, gevolgd door overstromingen. Tientallen mensen kwamen om het leven en tienduizenden moesten hun huis ontvluchten. Ook hevige regenval en overstromingen komen vaker voor in het land, maar dit jaar zijn alle eerdere records gebroken. In Brisbane viel in februari in drie dagen maar liefst 66 centimeter. Dat is net zoveel als dat er in Londen in een heel jaar valt. Klimaatontkenning Hoewel de overstromingen deels te verklaren zijn door het weerfenomeen La Nina, speelt klimaatverandering een grote rol bij het toenemende aantal rampen. De Climate Council schreef in een statement: “Klimaatverandering is geen voetnoot bij het verhaal van de overstromingen. Het ís het verhaal.” En dat verhaal kent een lange geschiedenis van ontkenning in Australië. De conservatieve regering, die tot afgelopen maand ruim negen jaar lang de koers bepaalde, was terughoudend met klimaatbeleid. Sterker nog: een beleid rondom klimaat ontbrak volledig. Het gebrek aan klimaatbeleid heeft een oorzaak: Australië is ’s werelds grootste exporteur van steenkool. Ze verdienen er veel geld aan en bovendien wordt de eigen stroom nog grotendeels opgewekt met de vervuilende fossiele brandstof. Tijdens de klimaattop in Glasgow bleek dat Australië de hoogste broeikasgassenuitstoot door steenkool ter wereld heeft, bijna het dubbele van China. Ondanks de vervuilende industrie en de schade hield de regering jarenlang stug vast aan steenkool. Tijdens de campagneperiode voor de nieuwe regeringskandidaten ging deze video viral, waarin oud-premier Scott Morrison gekscherend een blok steenkool presenteert in het parlement. “This is coal, don’t be afraid!”.Biedt de nieuwe premier hoop? In maart koos de Australische bevolking een nieuwe regering. Volgens de peilingen was klimaatverandering het belangrijkste thema voor 29 procent van de kiezers. Meer dan 75 procent van de bevolking maakt zich ernstige zorgen om klimaatverandering en wil dat steenkoolmijnen worden gesloten. De verkiezingen zijn mede daardoor ook gewonnen door Labor en de Groenen, die een compleet ander ingericht klimaatbeleid willen dan de conservatieven. Met Anthony Albanese als nieuwe premier, hoopt de bevolking op een regering die klimaatverandering serieus aanpakt. Tijdens zijn overwinningstoespraak beloofde Albanese een supermacht te worden voor hernieuwbare energie. En in een recente speech verzekerde hij landen als Japan en Indonesië dat Australië weer ‘serieus genomen kan worden door andere landen’ als het om klimaatafspraken gaat. Net na zijn aantreden scherpte Albanese de klimaatdoelen voor 2030 aan: de broeikasgassenuitstoot moet in dat jaar met 43 procent zijn teruggebracht ten opzichte van 2005. De vorige regering hield een vermindering van 26 procent aan. Vooralsnog moet Albanese zich eerst bewijzen tegenover de bevolking. Want sceptische geluiden zijn er ook. In plaats van kolenmijnen sluiten, worden er steeds meer mijnen geopend. Met overheidssteun. De kersverse Albanese zei namelijk kort na zijn aantrede dat ‘hij niet per se tegen het openen van nieuwe steenkoolmijnen is’. Het is duidelijk dat de Labor partij van Albanese de fossiele industrie niet te hard wil raken. Is groen herstel onderweg, maar is het nog op tijd? Hoewel een vernietigend rapport van internationale wetenschappers over de toestand van het milieu een rampzalig toekomstscenario voor het land schetst, is er nog steeds hoop. Het rapport, dat de wetenschappers vorig jaar al maakten, werd pas afgelopen week gepubliceerd. De conservatieve Morrison-regering heeft het al die tijd tegengehouden. Volgens het onderzoek gaat het allesbehalve goed met het milieu. Zo heeft het land meer zoogdiersoorten verloren dan enig ander continent. Minstens 19 Australische ecosystemen vertonen tekenen van instorting. De grootste oorzaak is volgens de onderzoekers het gebrek aan geld en coördinatie tussen de deelstaten. Maar er kan nog iets aan gedaan worden, zeggen experts. Australië moet als een gek strakker beleid maken rondom klimaatverandering formuleren en de emissiereductieverplichtingen herzien. Steenkoolmijnen moeten afbouwen en zonne- en windenergie moeten veel meer gestimuleerd worden. Er is immers ruimte zat. Bovendien wordt duurzaamheid in het land door steeds meer bedrijven als ernstig probleem gezien, en het bedrijfsleven handelt daar naar. Zo investeert Andrew Forrest, een van de rijkste zakenmannen van Australië (goed voor 27,5 miljard Australische dollar) en oud-CEO van mijnbouwbedrijf Fortescue Metals Group, steeds vaker in duurzame projecten. Met zijn Minderoo Foundation ontwikkelde hij bijvoorbeeld een systeem om real-time plasticvervuiling op aarde in kaart te brengen. Kort geleden richtte hij Fortescue Future Industries (FFI) op, de groene energietak van de Australische ijzerertsgigant Fortescue Metals. Hij wil daarmee 'de grootste elektrolysefabriek ter wereld' bouwen voor groene waterstof. De minister van milieu, Sussan Ley, zei naar aanleiding van het rapport dat ze verwacht dat ze volgend jaar wijzigingen in de milieuwetten in het parlement zou introduceren. Of de inspanningen van het land nog op tijd zijn om een catastrofe te voorkomen, moet de komende jaren blijken. Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.