Hidde Middelweerd 14 december 2016, 07:07

Nieuwe technologie laadt smartphones op met bewegingen

Onderzoekers aan de Michigan State University hebben een technologie ontwikkeld die smartphones in staat stelt om op te laden door menselijke bewegingen, zoals swipen, typen en wandelen.

Telephone 586266 1920

Dat meldt de universiteit in een persbericht. Het onderzoeksteam presenteerde de bevindingen in het wetenschappelijke tijdschrift Nano Energy.

Energie opwekken

De onderzoekers hebben een zogeheten nanogenerator ontwikkeld, die energie opwekt door middel van menselijke bewegingen. De generator bestaat uit verschillende flinterdunne lagen die als een vlies over het touchscreen van een smartphone heen zitten.

Door materialen als silicium, polyimide en ferroelectret in de generator te verwerken, beschikt elk laagje over geladen deeltjes. Dit zorgt ervoor dat de nanogenerator energie opwekt als er bijvoorbeeld geswiped of getypt wordt.

“Met deze technologie zijn we goed op weg naar wearables en smartphones die aangedreven worden door enkel menselijke bewegingen”, zegt hoofdonderzoeker Nelson Sepulveda in het persbericht. “Ik verwacht dat mensen hun smartphone binnenkort nog maar één keer per week hoeven op te laden.”

Gevouwen

Wat de technologie nog interessanter maakt, is dat deze krachtiger wordt wanneer het materiaal gevouwen wordt. Sepulveda: “Wanneer het materiaal gevouwen wordt, wordt de hoeveelheid spanning die het opwekt exponentieel vergroot.”

Andere toepassingen

De technologie heeft een laag gewicht, is flexibel, schaalbaar, goedkoop en robuust, stellen de onderzoekers. Hierdoor is deze toepasbaar op een schare aan andere producten, zoals draadloze koptelefoons, tablets en andere producten met een touchscreen. 

Bron: Michigan State University | Foto: public domain

China biedt tegenwoordig ‘Duitse degelijkheid’ in zonnepanelen

Dat blijkt uit het rapport Solar PV Module Reliability Scorecard 2016 van technisch adviesbureau DNV GL. De meest betrouwbare apparatuur komt volgens DNV GL van het Mexicaanse Kyocera en het Chinese Phono Solar. Maar eigenlijk zijn er tegenwoordig nauwelijks nog slechte zonnepanelen, blijkt uit de scorekaart.Levensduur van zonnepanelenOngeveer 85 procent van de 234 gigawatt aan zonnepanelen die wereldwijd in gebruik zijn, is jonger dan vijf jaar. DNV GL krijgt in toenemende mate vragen van klanten over de prestaties op de lange termijn, zowel vanuit de kopers als de leveranciers van zonnepanelen. Weliswaar voldoen alle geteste zonnepanelen aan de meest gebruikte kwaliteitsstandaarden, maar daarin is weinig aandacht voor de levensduur.“Die standaarden zijn allemaal actief geworden in de laatste tien tot vijftien jaar”, vertelt senior consultant renewables Paul Raats van technisch adviesbureau DNV GL. “Toen was levensduur niet de focus van fabrikanten.”Zware testsDe prijs van zonnepanelen is tussen 2010 en 2013 met 57 procent gekelderd. Tegelijkertijd hebben fabrikanten de garantieperiode voor hun producten opgeschroefd van 10 naar 25 jaar. Dat is lang. “Ook al is een zonnepaneel een apparaat zonder bewegende delen, licht en temperatuurverschillen zorgen er toch voor dat de modules degraderen en achteruit gaan in kwaliteit”, zegt Raats.Om aan de klantvraag naar betrouwbare data over levensduur tegemoet te komen, onderwerpt DNV GL de apparatuur aan zware duurtests. “Eigenlijk doen we dezelfde tests als die zijn voorgeschreven door de standaarden, maar dan intensiever”, zegt Raats “In onze methode krijgen de leveranciers een vier keer zo zware test op hun dak. Met dit terugkerende onderzoek, proberen wij een bijdrage te leveren aan de verdere ontwikkeling van de markt voor zonnenpanelen.”Zonnepanelen van goede kwaliteitDNV GL concludeert dat een groot aantal fabrikanten zonnepanelen van prima kwaliteit weet te leveren. De zonnepanelen van acht van de tien fabrikanten kennen na de duurtest een achteruitgang in prestaties die kleiner is dan 3 procent.“In onze methode krijgen de leveranciers een vier keer zo zware test op hun dak"Opvallend is dat het daarin niet uitmaakt of een zonnepaneel uit China of uit Duitsland afkomstig is. “Panelen uit China zijn niet slechter in termen van slijtage of het aantal defecten”, zegt Raats. Van de best geteste zonnepanelen komt ongeveer 60 procent zelfs uit China. Dat ligt in lijn met het totale marktaandeel van de grootmacht.Dat was in het verleden wel anders, vertelt Raats: “Drie tot vier jaar geleden vroegen investeerders daarom nog om zonnepanelen uit een bepaald land, of van een bepaald merk.”DuitslandVooral Duitse producten hadden een imago van hoogstaande kwaliteit, vervolgt hij: “Een Pakistaans bedrijf ging een zonnepark bouwen en wilde per se panelen van Bosch, om er maar zeker van te zijn dat de apparatuur uit Duitsland kwam.”Ook schortte het er nogal eens aan de afhandeling van bestellingen uit Azië. Raats: “Wanneer je een paar jaar geleden een container zonnepanelen bestelde in China, bleek geregeld dat de order niet compleet was of dat er hier een daar een paneel van een ander merk werd meegestuurd.”Dat is niet meer zo. Een zorg minder voor investeerders dus. “En dat bewustzijn is sinds een paar jaar ook ingedaald bij kopers”, constateert Raats. “Bedrijven vragen niet langer om Duitse spullen, maar om apparatuur van ‘German-like quality’, met Duitse degelijkheid.”Bron: DNV GL | Foto header: Alan Levine, Creative Commons (cropped by DuurzaamBedrijfsleven) | Foto in-tekst: Walmart, Creative Commons (cropped by DuurzaamBedrijfsleven)