Jeroen de Boer
19 juni 2026, 11:08

Opmerkelijk: Datacenters op plekken die kwetsbaar zijn voor extreem weer, lopen miljardenrisico's

De AI-boom gaat gepaard met druk om in hoog tempo grote datacenters neer te zetten. Opvallend genoeg wordt bij de locatiekeuze niet altijd rekening gehouden met de risico’s van extreem weer door klimaatverandering. Volgens een nieuw rapport lopen ruim 150 geplande datacenters verhoogde risico’s op fysieke schade.

extreem weer klimaat datacenter ai In de VS en Australië worden datacenters vaak gebouwd in droge, hete gebieden. | Credits: Valkyrie Pierce via Unsplash

De AI-revolutie zorgt voor een ongekende groei van investeringen in datacenters die extra rekenkracht moeten bieden. Wereldwijd zijn er inmiddels plannen voor de bouw van 2.595 datacenters, blijkt uit een inventarisatie van onderzoeksbureau XDI. Tegelijk neemt op veel plaatsen de kans op schade door extreem weer toe.

Bij 6 procent van de geplande locaties voor datacenters blijken er relatief hoge risico’s te zijn op fysieke schade door extreem weer. In totaal gaat het om 154 datacenters die kwetsbaar zijn voor bijvoorbeeld extreme hitte, droogte of overstromingen. Dat lijkt mee te vallen, maar gelet op de omvang van de investeringen gaat het om miljardenrisico’s, volgens XDI.

Regionaal zijn er bovendien flinke verschillen. Opvallend is bijvoorbeeld dat Frankrijk op een totaal van 28 geplande datacenters liefst 10 locaties heeft in de categorie met hogere klimaatrisico’s. Dat is dus ruim een kwart van het totaal.  Het gaat hier vooral om potentiële schade door extreme hitte.

Voor Nederland zijn plannen voor 12 nieuwe datacenters geanalyseerd, waarbij het risico op overstromingen van locaties op land de belangrijkste factor is. Volgens de onderzoekers is er in een kwart van de bouwspecificaties van Nederlandse datacenters niet specifiek rekening gehouden met klimaatrisico’s.

Opmerkelijk

Soms stuit je als redactie op nieuws waarbij een wenkbrauw omhoog schiet. Die ene vreemde innovatie, een onverwacht effect van klimaatverandering of een staaltje menselijke onhandigheid. Opmerkelijk dus. In deze rubriek deelt Change Inc. bijzondere vondsten en ontwikkelingen.

Datacenters op zee bij windparken mogelijk interessante optie

Voor datacenters in Nederland biedt de Noordzee mogelijk een alternatief voor de bouw op land. Donderdag maakten de Nederlandse startup Project Enki en energieleverancier Vattenfall bekend onderzoek te gaan doen naar geschikte locaties voor datacenters op zee.

De hoofdreden is dat de productie van elektriciteit van offshore windparken zo direct kan worden ingezet om een nabijgelegen datacenter van stroom te voorzien, zodat het overvolle stroomnet niet extra wordt belast. De zee kan ook een rol spelen bij het koelen van de servers.

Project Enki en Vattenfall willen in de onderzoeksfase kijken naar infrastructuur die zich boven zeeniveau bevindt. Dan kan het bijvoorbeeld gaan om accomodatieplatforms op zee, waar werknemers verblijven tijdens de bouw van nieuwe windparken. Die platforms hebben vaak geen functie meer als een windpark is voltooid en kunnen dus plek bieden aan datacenters.

De woordvoerder van Project Enki laat desgevraagd weten dat oude en olie- en gasplatforms niet worden uitgesloten als locatie voor datacenters, maar dat diverse factoren − waaronder de afstand tot een windpark − meespelen bij de haalbaarheid van businesscases.

Vanuit klimaatperspectief is in elk geval interessant dat platforms op de Noordzee sowieso ontworpen moeten worden om bestand te zijn tegen extreme weersomstandigheden. Mogelijk biedt dat een extra reden om te kijken naar datacenters op zee.

Lees ook:

De prijs van een liter elektriciteit: hoe de E-truck de kosten voor transportondernemers kan verlagen

De sterke schommeling van dieselprijzen in de afgelopen maanden bracht extra onzekerheid voor transportondernemers. Tussen april 2025 en februari 2026 bewogen prijzen tussen de 1,509 euro en 1,695 euro per liter, terwijl eind maart een recordhoogte van 2,224 per liter werd bereikt.Een dergelijke stijging van bijna 40 procent van de brandstofkosten heeft grote impact op de marges en de operationele bedrijfsvoering van transportbedrijven. Interessant in dit verband is de vergelijking met elektriciteitsprijzen voor E-trucks. Vattenfall bracht dit onlangs in kaart in een scenariovergelijking. De prijs van een liter elektriciteit Hoewel een liter elektriciteit fysiek niet bestaat, bied dit concept wel een mooi vergelijkingsinstrument voor transportondernemers die een afweging willen maken tussen E-trucks en dieselvrachtwagens. Uitgangspunt is dat een traditionele truck gemiddeld 25 liter diesel per 100 kilometer verbruikt, wat neerkomt op 4 kilometer per liter.Een moderne E-truck verbruikt voor diezelfde afstand gemiddeld 110 kilowattuur, oftewel 1,1 kilowattuur per kilometer. Door deze cijfers naast elkaar te leggen, ontstaat een heldere vergelijking: 1 liter diesel staat energetisch gelijk aan ongeveer 4,4 kilowattuur elektriciteit.Rekenvoorbeeld Stel dat een liter diesel 2 euro kost, dan is iedere laadsessie met een prijs onder de 0,45 euro per kilowattuur kostenbesparend. Als de dieselprijs 1,60 per liter is, dan ligt het omslagpunt voor elektrisch bij laadsessies onder de 0,36 euro per kilowattuur.Dit betekent dus dat zodra 4,4 kilowattuur aan stroom goedkoper is dan één liter diesel, de overstap naar elektrisch rijden direct een besparing op de energiekosten oplevert. Invloed op kosten bij elektriciteit groter Een belangrijk verschil tussen elektriciteit en diesel bij de inkoop is de mate waarin een ondernemer de kosten per eenheid energie kan beïnvloeden. Waar de dieselprijs  grotendeels buiten de invloedssfeer van de transporteur ligt, biedt elektriciteit diverse knoppen om aan te draaien. De kosten van stroom zijn namelijk sterk afhankelijk van de laadlocatie, variërend van laden op depot en het gebruik van laadlocaties bij klanten, tot publieke laadpunten.Vattenfall bracht een aantal scenario's in kaart voor respectievelijk een E-truck en een dieseltruck die 100.000 kilometer afleggen. De totale kosten voor een E-truck variëren dan grofweg tussen de 18.700 euro 37.400 euro op jaarbasis.Bij dieselvrachtwagens liggen deze kosten, afhankelijk van aannames over de marktschommelingen van dieselprijzen, tussen de 37.725 euro en 55.600 euro voor dezelfde afstand. In het meest gunstige scenario kan de besparing op brandstofkosten voor een E-truck oplopen tot circa 65 procent ten opzichte van diesel, en de minimumbesparing ligt in de scenario-analyse op 1 procent. Operationele businesscase E-truck wordt sterker Hoewel de investering in een E-truck hoger is vergeleken met de aanschaf van een dieseltruck, wordt de operationele businesscase vam de elektrische variant steeds sterker. Mede door aanvullende factoren zoals de nieuwe vrachtwagenheffing die op 1 juli 2026 ingaat en de inkomsten uit Emissiereductie-eenheden (ERE’s).De transitie naar elektrisch transport gaat echter over meer dan alleen de prijs per kilometer; het raakt de kern van de bedrijfsvoering. In de MarktRappodcast van Vattenfall gaan experts hierover uitgebreid in gesprek onder leiding van Peter Kortstra.Robert Gunsing (Mobilyze), Maxime van Gelder en Jocco Nieuwenhuis (Vattenfall) bespreken de ontwikkeling van E‑trucks en de complexiteit van de businesscase.Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Vattenfall. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.