Bas Joosse 29 maart 2019, 15:11

ArcelorMittal wil waterstof gebruiken voor ijzerproductie

Staalproducent ArcelorMittal gaat in Hamburg een testfabriek bouwen waarin waterstof gebruikt kan worden om ijzer te produceren. Voor de productie van ijzer wordt nu nog aardgas of steenkool gebruikt.

Adobestock staalfabriek

De waterstof gaat gebruikt worden in een zogeheten direct-gereduceerd ijzer (DRI)-fabriek. Hier wordt ijzererts gereduceerd doordat de ijzererts reageert met gas of steenkool. Het resultaat van de reactie is ijzer.

Waterstof

ArcelorMittal gebruikt in de DRI-fabriek in Hamburg aardgas voor de reactie. Het aardgas wordt in de nieuwe proeffabriek in eerste instantie vervangen door grijze waterstof, om economisch te kunnen opereren. De grijze waterstof ontstaat uit aardgas. In de toekomst moet de fabriek ook groene waterstof kunnen gebruiken, als dat in een toereikende hoeveelheid beschikbaar is.

“Onze fabriek in Hamburg beidt ideale voorwaarden voor dit innovatieve product”, stelt Frank Schulz, CEO van ArcelorMittal Duitsland, “Het gebruik van waterstof als reducerend middel gaat getest worden in een nieuwe hoogoven.” De proeffabriek krijgt een capaciteit van 100.000 ton per jaar.

Zweedse fabriek

De fabriek heeft veel gelijkenissen met een fabriek die in Zweden gebouwd wordt. Daar sloegen energiebedrijf Vattenfall, staalbedrijf SSAB en mijnonderneming LKAB de handen ineen om kolen en cokes die nu gebruikt worden om ijzererts te reduceren, te vervangen door waterstof. De fabriek kan volgens een eerder haalbaarheidsonderzoek de totale CO2-uitstoot van Zweden met tien procent verlagen.

Verduurzaming

ArcelorMittal is de grootste staalproducent ter wereld; in 2018 produceerde het bedrijf 92,5 miljoen ton staal en werd 58,5 miljoen ton ijzererts geproduceerd. Het van oorsprong Luxemburgse bedrijf werkt op meer manieren aan een toekomst waarin de CO2-uitstoot verder verlaagd wordt.

Zo werkt de staalproducent in Zuid-Frankrijk samen met polymeerproducent Covestro. De polymeerproducent maakt gebruik van de CO2 en koolmonoxide die bij ArcelorMittal vrijkomen na de productie van staal. In de staalfabriek in Gent wordt de CO2 uit de afvalgassen hergebruikt door Dow Chemicals en het Amerikaanse bedrijf LanzaTech.

Bron: ArcelorMittal | Afbeelding: Adobe Stock

Rapport: nieuw beleid nodig voor circulaire kledingbranche

Dat stelt Ecopreneur, de Europese federatie van duurzame bedrijven in een rapport over een circulaire toekomst voor de kledingindustrie.Volgens de organisatie wordt op dit moment 73 procent van alle gebruikte kleding verbrand en wordt slechts 1 procent van de vezels gerecycled. Om circulair te worden, zijn volgens Ecopreneur een aantal systeemveranderingen nodig. Zo moeten de businessmodellen anders en moet het principe van kleding verkopen tegen de laagste prijs, verschuiven naar een model waarbij true pricing een rol speelt. Landen moeten regels opstellen voor circulaire fashion en die ook handhaven.BeleidEcopreneur pleit voor beleid waarmee innovatie gestimuleerd wordt: onderzoeksprogramma’s met subsidies, belastingkortingen en een focus op kledingrecycling. Hierbij moet gerekend worden met de ‘true price’, waarin ook rekening gehouden wordt met de effecten en kosten van de productie. Door economische voordelen moet circulaire kleding goedkoper worden en moet ‘lineair’ geproduceerde kleding juist duurder worden.RegelgevingOok moet het mogelijk worden om de herkomst van kleding te achterhalen en moet de export van kleding en herbruikbaar afval naar producerende landen mogelijk worden.Voor de Europese Unie ziet Ecopreneur een belangrijke rol. Een circulaire kledingeconomie biedt kansen, zowel voor Europa als voor de landen waar kleding geproduceerd wordt. Een circulaire kledingeconomie kan wereldwijd volgens een samenwerkingsverband van de Europese kamers van koophandel € 161 miljard opleveren. Om de voordelen te verzilveren, moet de kledingindustrie wel meteen aan het werk, stelt het rapport.“Zonder beleid kan een circulaire economie nooit mainstream worden. Dit rapport wil de organisaties en industrie een basis geven voor het beleid”, stelt Douwe Jan Joustra, hoofd circulaire transformatie bij kledingmerk C&A.Circulaire modellenDe roep om een circulair model in de kledingindustrie is niet helemaal nieuw. Veel kledingmerken zetten ook al in op een meer circulaire werkwijze. Zo verzamelde kledingmerk H&M in 2017 bijna 18.000 ton gebruikte kleding. In 2017 ondertekenden 21 kledingmerken, waaronder Marks & Spencer en H&M, al een convenant om de introductie van een circulair businessmodel te versnellen. Kledingmerk The North Face begon vorig jaar met het verkopen van tweedehands kleding. Met de refurbished kleding wil het merk een stap zetten naar een circulair model.Lees ook: ‘Kledingindustrie moet over koudwatervrees voor circulaire kleding heenstappen’Bron: Ecopreneur | Afbeelding: Adobe Stock