Eelco Brandes 29 juli 2016, 15:07

Chemische industrie in 2020, deel 1: Concurrentiekracht

De Nederlandse chemiebedrijven hebben grote ambities voor 2020. Drie strategische doelstellingen moeten de sector daarbij helpen. In de eerste editie van het drieluik wordt belicht: concurrentiekracht.

Factory 644982 960 720

De chemische industrie in Nederland streeft naar een toekomst waarin de industrie concurrerend, duurzaam, innovatief en zorgvuldig kan ondernemen, schrijft de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) in het Beleidsplan 2016-2020.

Bovendien moet de sector groeien en internationaal kunnen excelleren, en worden gezien als een onmisbare schakel in de duurzame samenleving, aldus VNCI.

Om de chemiebedrijven in staat te stellen hun ambities te verwezenlijken, heeft de VNCI samen met zijn leden drie strategische doelstellingen geformuleerd voor 2020:

  • 1 Concurrentiekracht
  • 2 License to operate
  • 3 Maatschappelijke waarde

Concurrentiekracht

Om in 2020 meer concurrentiekracht te hebben, streeft de chemische industrie in Nederland naar de realisatie van grootschalige chemische recycling. Hierdoor stijgt de hoeveelheid gerecyclede materialen naar 6 procent (op weg naar 10 procent in 2030).

“Dit komt mede doordat knelpunten in wet- en regelgeving op het gebied van reststromen zijn weggenomen en doordat de overheid het aanleggen van de infrastructuur voor het verwaarden van reststromen faciliteert”, aldus VNCI in het beleidsplan.

Carbon Leakage

De branchevereniging richt zijn pijlen ook op een aangepast Europees emissiehandelssysteem ETS (European Trading System). “Dit voorkomt carbon leakage en verbetert de mondiale concurrentiepositie van de Europese energie-intensieve industrie. De chemische industrie opereert zodoende in een gelijk speelveld voor energie.”

Verder vindt VNCI het van belang dat de inzet van biomassa voor de productie van materialen op dezelfde wijze wordt gewaardeerd en gestimuleerd als voor energie-inzet. En dat versterking van de chemieclusters vruchten afwerpt.

“Bestaande bedrijven moeten blijven investeren in hun productielocaties. In meerdere pilots en grootschalige demo’s moet opschaling van duurzame innovatie plaatshebben en er wordt geïnvesteerd in chemici op alle opleidingsniveaus”, aldus het rapport.

Zaterdag en zondag volgen deel 2 en 3 van het drieluik.

Bron: VNCI | Foto: public domain

Nieuw platform koppelt consument aan duurzame boer

Met Boeren & Buren koopt de consument direct van boeren uit zijn regio. Zo krijgt de consument, vers, lokaal en duurzaam voedsel, en de producent een eerlijke prijs voor zijn producten, stelt het platform. Leden bestellen van tevoren online hun producten, zonder abonnement of vast pakket.“Doordat alles op bestelling wordt geoogst of bereid, is het gegarandeerd vers en gaat boeren zonder overschotten naar huis”, zegt Marc-David Choukroun, medeoprichter van Boeren & Buren, in een persbericht.Alle ‘buurderijen’ worden lokaal georganiseerd door een verantwoordelijke, die een locatie regelt en boeren en consumenten uit de regio samenbrengt. Via de nieuwe Nederlandse website gaat Boeren & Buren op zoek naar mensen die het netwerk in hun buurt willen helpen uitbouwen.Duurzame landbouwBoeren & Buren werd in 2011 in Frankrijk opgericht om de lokale landbouw te ondersteunen en de transitie naar duurzame landbouw te bevorderen. Door de keten te verkorten, kunnen boeren zelf hun prijzen bepalen en ontvangen zij meer dan 80 procent van de verkoopprijs.“Dat is vele malen meer dan via de reguliere verkoopkanalen, waar ze het meestal met veel minder dan de helft moeten doen, of soms zelfs met verlies verkopen”, zegt Choukroun.In Frankrijk is het platform volgens Boeren & Buren een groot succes. Inmiddels zijn er meer dan een miljoen leden en zevenhonderd aangesloten ‘buurderijen’. Ook in andere landen, zoals België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk is Boeren & Buren naar eigen zeggen succesvol.Bron: Boeren & Buren | Foto: Boeren & Buren (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)