Marc Seijlhouwer 11 augustus 2020, 17:36

Elektriciteitsverbruik industrie wordt een groot probleem

Er is veel meer duurzame elektriciteit nodig om de klimaatdoelen te halen dan kabinet en planbureaus nu denken. Dat bleek uit een doorrekening van NRC, waaruit naar voren kwam dat waterstofplannen in 2030 al tot 30 procent extra duurzame elektriciteit vragen. Maar er is een ander onderbelicht probleem: de Nederlandse industrie die overstapt van aardgas naar duurzame stroom om dingen te produceren.

Adobestock industrie samenwerking acm

“In 2030 komt 70 procent van alle elektriciteit uit hernieuwbare bronnen.” Zo staat het zwart op wit in het Klimaatakkoord dat dit kabinet uit wil voeren. Maar die 70 procent komt in gevaar nu het kabinet ook aangeeft in te willen zetten op waterstof. De industrie moet daarnaast processen elektrisch te maken, zodat er minder fossiele brandstof nodig is in deze sector. Voor die ontwikkelingen is namelijk een heleboel extra groene stroom nodig, en die is nog niet meegenomen in de ambitie voor uitbreiding van zon, wind en biomassa over tien jaar.

Vier tot vijf keer meer stroom nodig

Dat wordt een probleem. Chemiepark Chemelot in Limburg zegt bijvoorbeeld dat het in 2050 vier keer meer stroom zal gebruiken als nu door elektrificatie. Hoeveel dat in 2030 is weet het park nog niet, maar het zal meer zijn dan nu. En in het Klimaatakkoord staat dat de industrie groener kan worden door processen elektrisch te maken. Maar daarmee stijgt het stroomverbruik van de sector van 8 naar 24 terawattuur.

Lees ook: Afvalbedrijf experimenteert met afvang van CO2

Waar die stroom vandaan moet komen, is vooralsnog onduidelijk. Chemelot zoekt ‘actief de samenwerking met de andere bedrijven, (kennis)instellingen en betrokken overheden, om gezamenlijk deze ambities waar te kunnen maken’, aldus de website. Maar concrete plannen voor een groot wind- of zonnepark voor stroomvoorziening is er nog niet.

Volgend jaar praten

Dit is volgens Martien Visser, lector Energie & Netwerken bij de Hanzehogeschool Groningen en Manager Corporate Strategy bij Gasunie een onderbelicht probleem. “Er staat in het Klimaatakkoord dat partijen hier volgend jaar over gaan praten. Maar daar blijft het bij; er zijn geen concrete plannen om de extra stroomvraag te realiseren.” Volgens Visser is dit een structureel probleem, dat alleen opgelost kan worden door het hele systeem aan te pakken.

De groei van duurzame elektriciteit is namelijk een kip-ei-verhaal: er komen alleen nieuwe zon- en windparken als er genoeg vraag is (bijvoorbeeld van de industrie), maar de vraag komt alleen als er voldoende aanbod is. “Er zijn nu al momenten dat duurzame stroom te goedkoop is. Dat maakt het minder aantrekkelijk om erin te investeren. Als er meer wind- en zonneparken komen, zal de stroom nog goedkoper worden – totdat de vraag toeneemt.”

Maar zelfs als die vraag stijgt is het probleem niet opgelost, zegt Visser. “We moeten al gigantisch veel bijbouwen met de huidige, soms ongunstige prijzen, alleen maar om de 70 procent van het huidige elektriciteitsverbruik te verduurzamen. Als je dan nog meer duurzame elektriciteit wil installeren voor de industrie is dat niet zo makkelijk haalbaar.” Dit is overigens niet alleen een probleem in Nederland, maar in heel Noord-West Europa.

Wind laat zich niet regelen

Wat ook in de weg zit is dat duurzame stroom, bijvoorbeeld van wind, moeilijk te regelen is – je weet niet wanneer er een overschot aan wind is. “In theorie kan je een deel van de industrie laten werken zoals graanmolens vroeger: alleen produceren als het waait. Maar veel processen moeten continu gebeuren.”

Uiteindelijk betekent dat volgens Visser dat ook processen die elektrisch kunnen, soms nog deels op fossiele brandstof moeten draaien. Hybride systemen die – in ieder geval tot ver na 2030 – zowel op windstroom als op aardgas kunnen draaien. “En die installaties hebben dan niet als primair doel dat ze duurzamer zijn, maar dienen vooral om stroom te verbruiken als er overproductie is – zodat de prijs van duurzame stroom redelijk blijft.” In 2050 moeten die hybride installaties zonder aardgas kunnen, bijvoorbeeld door waterstof te gebruiken – dan is Nederland immers fossielvrij. Dan moet dan wel een waterstofmarkt worden ontwikkeld, en daarmee zijn we weer aan het begin van het verhaal. Want de ontwikkeling van zo’n waterstofmarkt vergt veel elektriciteit. 

Lees ook: Waterstof uit Groningen krijgt duurzame toepassing in lokale industrie

Beeld: Adobe Stock

Milieuorganisaties teleurgesteld over plasticregels kabinet

Afgelopen week, aan het eind van de inspraaktermijn, reageerden de milieuorganisaties op het wetsvoorstel dat de minister in juni indiende. De organisaties zijn niet tevreden over het wetsvoorstel. “Het ontbreekt aan visie en de regering doet niets meer dan volgens Europese regels moet”, vertelt Buurman aan de telefoon. “Terwijl dit het uitgelezen moment is om meer te doen tegen plasticafval. In maatschappij en bedrijfsleven is er momentum.” Festivals en maaltijdbezorgers stappen bijvoorbeeld over op herbruikbare bekers en verpakkingen. En afvalverwerkers kunnen steeds beter en meer plastic scheiden.Buurman ziet dat de overheid dit soort initiatieven niet genoeg steunt. “Nu olie goedkoop is, heeft recycling het moelijk. Ik zou dan graag zien dat de overheid recycling stimuleert, maar dat gebeurt niet.”Lees ook: Plastic pact gaat volgend jaar van startNiet serieus genomenAl voor het wetsvoorstel klaar was, stelden de milieuorganisaties regels en maatregelen voor die de minister mee zou kunnen nemen. Recycling Netwerk Benelux en co. vinden dat ze niet serieus genomen zijn en dat het wetsvoorstel niet ver genoeg gaat. Zo zou er statiegeld op alle verpakkingen moeten komen en zouden ook blikjes met plasticlaag onder de regels moeten vallen.Het wetsvoorstel is gebaseerd op een Europese richtlijn over wegwerpplastic. De Europese milieulobby werkte hard om deze lichtlijn strikt genoeg te maken. Nu lijkt het alsof de regels van die richtlijn niet ver genoeg gingen, gezien de klachten van de (Nederlandse) organisaties. Is het dan terecht om daar nu over te klagen? Buurman: “Toen de richtlijn werd voorgesteld was er maar een jaar om hem rond te krijgen, voor er een nieuwe Europese Commissie zou komen. Dus moest er snel een richtlijn komen die voor alle partijen acceptabel was. Dat werd toen gedaan aan de hand van de top 10 soorten zwerfafval op stranden, en dat is het fundament van de richtlijn en daarmee het Nederlandse wetsvoorstel.”Strengere regelsBuurman erkent dat er nog genoeg schoonheidsfoutjes in de richtlijn zitten. “Maar zo’n richtlijn geeft de lidstaten veel bewegingsvrijheid. Wij hoopten dat Nederland die zou pakken om strengere regels en maatregelen in te stellen. Maar die staan niet in het voorstel.”  Buurman verwacht wel dat de minister iets doet met de commentaren. “We hebben een serieuze stem en dit proces is nog niet voorbij - er zal ook in de Kamer nog over worden gesproken. Misschien zal de regering onze ideeën niet helemaal overnemen, en dat vinden we niet leuk. Maar ik wil wel graag zien dat er íets gebeurt, dat er een visie komt.”Lees ook: Beter recyclebaar hard plastic op komstBron: Recycling Netwerk Benelux | Beeld: Adobe Stock