Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 06 april 2017, 13:30

Energie-intensieve industrie gaat megabesparing toch realiseren

De energie-intensieve industrie heeft een akkoord gesloten voor een energiebesparing van 9 petajoule in 2020. Daarmee voldoet zij aan de verplichting uit het Energieakkoord.

Shutterstock 341073080

Dat schrijft minster Henk Kamp van Economische Zaken in een brief aan de Tweede Kamer. Lange tijd leek het erop dat de energie-intensieve industrie deze doelstelling niet zou gaan halen. De bedrijven liepen daarmee het risico dat de regering via wetgeving de afspraken uit het energieakkoord moest gaan afdwingen. De betrokken industriepartijen weten dat met het pakket in extremis te voorkomen.

Kamp: “Met het Energieakkoord uit 2013 heeft het kabinet, samen met alle betrokken maatschappelijke partijen, een belangrijke stap in de energietransitie gezet. Met de uitvoering van het Energieakkoord liggen we goed op koers, maar de energie-intensieve industrie bleef nog achter. Met dit akkoord nemen ook zij uiteindelijk hun verantwoordelijkheid om te komen tot een forse energiebesparing.”

Een door de industrie zelf gesloten akkoord heeft voor Kamp de voorkeur boven verplichtende maatregelen vanuit de overheid. “Dit besparingsakkoord past het beste in de aanpak die we met de partijen van het Energieakkoord beogen en toont aan dat alle partijen van het Energieakkoord gecommitteerd blijven aan het uiteindelijke doel ervan: een duurzame energievoorziening in een CO2-arme samenleving.”

Flexibiliteit

De energie-intensieve bedrijven hebben in het akkoord individuele besparingsafspraken gemaakt die optellen tot totaal 9 Petajoule. Dit staat gelijk aan een hoeveelheid gas en elektriciteit die verbruikt wordt door 135.000 huishoudens. Haalt een bedrijf  zijn individuele doelstelling niet, dan is het bedrijf verplicht tot het voldoen van een financiële sanctie. Onderling kunnen bedrijven wat ze meer besparen of te weinig, uitruilen.

Hans de Boer, voorzitter van werkgeversorganisatie VNO-NCW: “De afspraken van dit akkoord geven de bedrijven de flexibiliteit en ruimte om te zorgen dat de doelen uit het Energieakkoord gehaald worden.”

De verplichting van besparing van 9 Petajoule vloeit voort uit het Energieakkoord. Hierin was een totale energiebesparingsdoelstelling van 100 Petajoule opgenomen.

De energie-intensieve sector omvat bedrijven uit onder meer de raffinageindustrie, chemische industrie en de metaalsector. Deze bedrijven zijn verantwoordelijk voor een groot deel van het energieverbruik en de totale uitstoot van CO2 in Nederland.

Het voorstel van de industrie is positief beoordeeld door het Energieonderzoek Centrum Nederland, (ECN). Het plan zal verder worden afgestemd met de partijen van het Energieakkoord.

Kamp wijst in zijn brief op het voorbeeld van Tata Steel. Het bedrijf streeft verbetering van energie-efficiëntie na in haar warmbandwalserij op haar vestiging in IJmuiden. Tata Steel vervangt twee energieslurpende ovens door ovens die werken volgens een ander principe. Dit is een investering voor de lange termijn, waarbij strategisch ingezet wordt op CO2- en energiebesparing en niet op korte termijn financieel rendement, aldus de minister.

Bron: Rijksoverheid | Foto: Zhao jian kang/Shutterstock

Mijlpaal voor Fastned met break-even snellaadstations

De operationele kosten van deze twee Fastned-stations waren vorige maand gedekt door de inkomsten, meldt Fastned.Fastned, dat bouwt aan een Europees netwerk van snellaadstations, zag in maart zijn eerste twee stations het break-even-punt passeren. Dit betekent dat de uitgaven voor het operationeel houden van deze stations, zoals stroom, netaansluiting, licentiekosten, locatiehuur, schoonmaak en onderhoud, zijn gedekt door de inkomsten op die stations. Fastned verwacht dat in de komende maanden steeds meer stations het break-even-punt zullen passeren.Elektrische auto'sDe operationele kosten per station liggen volgens het bedrijf laag. Alle 58 Fastned-stations zijn onbemand en worden centraal aangestuurd vanuit het hoofdkantoor. Het volgende financiële doel is dan ook de dekking van deze centrale kosten.Aangezien deze centrale kosten slechts zeer beperkt toenemen wanneer er nieuwe stations worden toegevoegd aan het netwerk, dalen deze kosten per station bij iedere uitbreiding van het netwerk. De laatste stap naar winstgevendheid van de onderneming betreft dekking van afschrijvingen en financieringslasten.De Fastned-stations zijn voorbereid op een sterke groei van het aantal elektrische auto's. De capaciteit kan eenvoudig worden uitgebreid door plaatsing van meer en snellere laders. Door de lage operationele kosten en grote capaciteit heeft elk Fastned-station dus ook een grote verdiencapaciteit.Bart Lubbers, medeoprichter Fastned: "Na vijf jaar investeren is het fantastisch om te zien dat de eerste stations nu break-even draaien. Dit is echt een mijlpaal. Het is de verdienste van het hele Fastned-team en de ruim 1.600 mensen die in een vroeg stadium hebben geïnvesteerd. De omzet bij alle stations groeit en het toenemende aantal elektrische auto's ondersteunt deze trend."Lubbers was eerder te gast in DuurzaamBV Radio. Beluister hier de podcast:Bron en foto: Fastned