Joyce de Thouars 01 augustus 2018, 10:22

Hoe Borealis zijn CO2-uitstoot met 360.000 ton reduceert

Chemieconcern Borealis stoot elke vijf dagen 5.000 ton CO2 minder uit door het verbeteren van zijn energie-efficiëntie. De gerealiseerde kostenbesparingen worden in innovatieprojecten gestoken.

6240379593 d135c76812 o

Martijn van Koten, executive vice president bij Borealis, noemt de opwarming van de aarde een van de grootste uitdagingen wereldwijd. "Daarom is het terugbrengen van emissies een van de drie gebieden waar we in onze duurzaamheidstrategie op focussen."

Verbeteren van energie-efficiëntie

Het Oostenrijkse bedrijf, dat Polyolefinen (zoals polypropyleen en high-density polyethyleen), basischemicaliën en kunstmest produceert, implementeerde met behulp van DNV GL een ISO 50001-gecertificeerd energiemanagementsysteem. Het doel is om tegen 2020 de energie-efficiëntie met 10 procent ten opzichte van 2015 te verbeteren.

De werknemers van Borealis zijn ook bij het energieplan betrokken. Een Energy Efficiency Engagement Tour langs Europese locaties vond plaats om de ‘energiecultuur’ te versterken en ook individuele werknemers aan te sporen hun energie-efficiëntie met 10 procent te verhogen.

Energie-efficiëntie levert CO2- en kostenbesparingen op

Concreet moet de daling in energieverbruik tot een CO2-reductie van 360.000 ton per jaar leiden. Om dit in perspectief te zien is het vergelijkbaar met de uitstoot van 80.000 personenwagens gedurende een jaar.

Een verbeterde energie-efficiëntie is ook goed voor de portemonnee. De gerealiseerde kostenbesparingen wil Borealis investeren in nieuwe innovatieve projecten, die bijdragen aan het versterken van het energienetwerk, waarin veel kunststof wordt gebruikt (zoals in de isolatie van stroomkabels en coating van pijpleidingen).

ISO-50001 in Nederland

In Nederland behaalde ICL-IP als een van de eerste chemiebedrijven het ISO-50001 certificaat. Het bedrijf dat onder andere vlamvertragers, desinfecteermiddelen en speciale batterijen voor energieopslag produceert, bracht sinds 2015 het elektriciteitsverbruik met 19 procent terug en het gasgebruik met 12 procent.

Bron: Borealis | Foto: Adobe Stock

Noord-Holland gaat circulair bouwen

Deze afspraken sluiten aan bij de landelijke ambitie. In 2023 wil de Nederlandse overheid al circulair aanbesteden en uiterlijk in 2050 moet de gebouwde omgeving volledig circulair zijn ingericht. Dat laatste staat in de transitieagenda Circulaire Bouweconomie. Momenteel inventariseert het team dat de transitieagenda heeft opgesteld ‘wat nodig is’. Tot 2021 zijn de focuspunten: marktontwikkeling, meten, beleid, wet- en regelgeving en kennis en bewustwording.Download het rapportDe plannen van de provincie Noord-Holland en Bouwend Nederland kunnen helpen bij het vergroten van kennis, omdat zij met vier circulaire testprojecten starten. In de pilots is onder meer aandacht voor circulaire ontwerpprincipes, de creatie van circulaire grondstoffen en waarde-terugwinning.Van ‘down-cycling’ naar recycling of ‘up-cycling’“In de bouw wordt circa 95 procent van het afval gerecycled”, zegt Niels Doodeman, voorzitter Bouwend Nederland regio Randstad Noord.  “Echter, daarbij gaat de kwaliteit van de grondstof veelal achteruit door vermenging met materiaal van een lagere kwaliteit: puin dat wordt verwerkt in asfalt bijvoorbeeld. In een circulaire economie zullen we meer materiaal hoogwaardig hergebruiken, bijvoorbeeld zodat kozijnen ook weer dienst gaan doen als kozijnen. Als sector merken we dat de politiek dit vaak wel wil, maar dat we in de praktijk op drempels stuiten.”Mogelijke oplossingen voor deze hindernissen zijn ontwikkelingen op het gebied van modulariteit, standaardisatie, kennisdeling en samenwerking, open data en passende wet- en regelgeving.Lees verder: 5 ontwikkelingen die circulaire bouw versnellenOntwikkelingen op het gebied van circulair bouwenProvincie Noord-Holland en Bouwend Nederland zijn niet de enige die aan de slag gaan met circulair bouwen. Zo bundelden Economic Board Utrecht en Alliantie Cirkelregio Utrecht in 2017 regionale voorbeeldprojecten van circulaire bouw en demontage met als doel ervaringen en inzichten te delen. Ook doen zij in het rapport een aantal aanbevelingen.Download het rapportAl doende leert menPilots geven inzicht in hoe circulariteit in de praktijk vorm krijgt en waar de hindernissen en kansen liggen. Rijksvastgoedbedrijf, Rijkswaterstaat, De Bouwcampus en NEN pleiten daarnaast voor eenduidig taalgebruik, heldere kaders en bouw-brede afspraken. Dit kan ervoor zorgen dat circulair bouwen niet de exceptie blijft, maar de norm wordt. Met dat doel richtten zij het Platform CB’23 op. In oktober starten drie actieteams met het formuleren van de eerste bouw-brede afspraken.Lees verder: Deze stappen maken circulair bouwen mainstreamKlimaat niet vergetenNaast circulariteit is in de vier pilotprojecten ook aandacht voor klimaatverandering. “We moeten op alle vlakken rekening houden met de impact die klimaatverandering op onze leefomgeving heeft, zoals hittestress (overmatige warmte) in binnensteden en water dat na hoosbuien niet weg kan stromen in dicht-gebouwde gebieden. Door anders te ontwikkelen en te bouwen. Ook daar dragen wij als overheden en bouwers graag samen aan bij”, aldus Joke Geldhof, gedeputeerde Ruimtelijke Ordening van de provincie Noord-Holland.Met dat doel hebben provincie Noord-Holland en Bouwend Nederland afspraken gemaakt om tijdens de ontwikkeling van plannen vroegtijdig de effecten van klimaatverandering in beeld te brengen en de uitkomsten daarvan mee te nemen.Ingenieurs- en adviesorganisatie Arcadis helpt bedrijven, steden en landen met het bedenken van oplossingen voor de effecten van klimaatverandering. In onderstaande podcast vertelt David van Raalten, Europees directeur watermanagement bij Arcadis, hoe onder andere bedrijven zich kunnen aanpassen aan klimaatverandering én waarom dat belangrijk is. Bronnen: provincie Noord-Holland & Bouwend Nederland | Afbeeldingen: Adobe Stock en provincie Noord-Holland