Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 13 maart 2019, 13:17

Klimaatakkoord: doel 2030 waarschijnlijk niet gehaald

Het kabinetsdoel om in 2030 49 procent minder CO2 uit te stoten, wordt waarschijnlijk niet gehaald. Dit concluderen het Centraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in hun doorrekeningen van het ontwerp van het klimaatakkoord. De voorgenomen maatregelen kosten jaarlijks € 1,6 tot € 1,9 miljard en vallen daarmee lager uit dan eerder berekend; het PBL hield rekening met € 3 miljard.

Drawdown klimaatverandering

Het kabinet wil in 2030 48,7 megaton CO2 minder uitstoten dan in 1990. Het ontwerp-klimaatakkoord zoals dat er nu ligt, realiseert volgens de beide planbureaus een CO2-reductie tussen 31 en 52 megaton. Het akkoord kan leiden tot grote stappen in de energietransitie, maar tegelijkertijd is er nog veel werk aan de winkel, stellen het CPB en PBL. "Er moeten politieke keuzes gemaakt worden waarmee onzekerheden over het precieze effect van de voorgestelde maatregelen afnemen." 

CPB-doorrekening

Het CPB heeft een aantal maatregelen niet meegerekend, zegt Laura van Geest, directeur van het planbureau, omdat de maatregelen “niet eenzijdig afdwingbaar zijn door de overheid en onvoldoende concreet uitgewerkt zijn.” Eén van die maatregelen is de voorgestelde bonus/malusregeling, waarbij bedrijven een boete moeten betalen als ze teveel CO2 uitstoten.

Lees ook: Klimaatakkoord: 'De grootste uitdaging zit in de periode na 2030" 

Klimaattafels

Voor het klimaatakkoord werden aan vijf klimaattafels maatregelen uitgewerkt. De energiesector kan de grootste besparing realiseren: 18,3 tot 21 megaton aan uitstoot. Het doel voor deze sector was 20,2 megaton. De grote reductie is volgens de planbureaus mogelijk doordat de capaciteit van de hernieuwbare energie de komende jaren sterk toeneemt.

Na de energiesector heeft de industriesector de grootste reductie. Hier wordt het beoogde doel van 14,3 megaton echter naar verwachting niet gehaald. In de ramingen komt de reductie uit tussen 6,0 en 13,9 megaton. De grote bandbreedte wordt aangehouden omdat onduidelijk is hoe bedrijven reageren op de maatregelen. De voorgestelde bonus/malusregeling deed eerder veel stof opwaaien.

In de mobiliteitssector kan maximaal 8 megaton bespaard worden, de landbouwsector kan maximaal 4,6 megaton besparen. In de gebouwde omgeving is de geschatte reductie het kleinste, met maximaal 3,7 megaton. Dit komt vooral doordat onzeker is hoe succesvol de wijkgerichte aanpak is die gemeenten moeten uitvoeren. Gemeenten moeten de komende jaren per wijk bepalen hoe ze van het aardgas af gaan.

Lees meer over het klimaatakkoord:

Bron: Planbureau voor de Leefomgeving | Afbeelding: Adobe Stock

De rol van zeewier in de energietransitie

De Noordzee als oneindige energieleverancierDe oppervlakte van de Noordzee biedt een enorme capaciteit voor zeewierteelt. In de Integrale Kennis- en innovatie Agenda (IKIA) staat de ambitie om op veertienduizend vierkante kilometer van het Nederlandse deel van de Noordzee zeewier te telen.Dat maakt zeewier een bijna oneindige grondstof en daarmee een geschikte bron van hernieuwbare energie. “Eén hectare zeewier levert per jaar zo’n 50 ton droge stof op”, zegt Jaap van Hal, innovatiemanager bij TNO. “Dat is genoeg om 27 nieuwbouwhuizen van warmte te voorzien.”Vloeibare energiedragersIn het laboratorium in Petten wordt 50 kilo zeewier per dag verwerkt voor verschillende toepassingen. Het is wereldwijd het eerste laboratorium dat zich op deze schaal volledig richt op zeewierverwerking. In het lab wordt het zeewier gesplitst in suikers, eiwitten en mineralen. Die worden vervolgens opgewerkt tot halffabricaten."Met één hectare zeewier kun je 27 nieuwbouwhuizen van warmte voorzien"Die halffabricaten kunnen ontwikkeld worden tot vloeibare energiedragers, vergelijkbaar met diesel of kerosine. “Als vloeibare brandstof kan het ingezet worden voor het wegtransport, de scheepvaart en op termijn de luchtvaart. In combinatie met elektrificatie van het personenvervoer gaan deze energiedragers een grote rol spelen in de energietransitie”, zegt Van Hal.Verbinder in de marktketenIn het laboratorium ontwikkelt TNO samen met partners ook kleinschaligere toepassingen van zeewier. “Een startup komt bijvoorbeeld bij ons langs, omdat ze op zoek zijn naar componenten uit biomassa met een bepaalde eigenschap. Vervolgens meldt zich een bedrijf dat wil verduurzamen en op zoek is naar alternatieve grondstoffen voor een product. Die partijen brengen wij in een waardeketen bij elkaar. Bijvoorbeeld in publiek-private samenwerkingen.”Een voorbeeld daarvan is Macro Cascade. In dit project worden hoogwaardige zeewierproducten ontwikkeld in verschillende parallelle processen. De reststromen uit die processen worden vervolgens gebruikt voor de productie van biobrandstof en bemesting. Zo wordt de gehele waardeketen van zeewier benut.Verwerking van zeewier nog in de kinderschoenenZeewier wordt op dit moment nog niet op grote schaal geteeld. Dat komt niet alleen doordat de vraag daar op dit moment niet groot genoeg voor is, maar ook doordat de regelgeving dat nu nog niet toelaat. “Willen we het op grote schaal gaan telen voor uiteenlopende toepassingen, dan moeten we dezelfde Noordzeegebieden voor verschillende doeleinden kunnen gebruiken”, zegt Van Hal. “De huidige regelgeving voorziet daar niet in.”Bovendien wijst Van Hal erop dat er nog veel geleerd moet worden. “We moeten onze kennis over zeewier nu in rap tempo opbouwen. Kennis over wanneer je moet oogsten, hoe de logistiek eruit ziet, hoe je het bewaart, hoe je het verwerkt voor verschillende toepassingen. De landbouwsector bouwt voort op zo’n tienduizend jaar ervaring. Daarmee vergeleken staat onze kennis van zeewierverwerking nog in de kinderschoenen.”VooroplopenDat moet snel veranderen, als Nederland voorop wil lopen in het toepassen van zeewier. “We staan nu redelijk vooraan, maar inmiddels hebben verschillende Europese landen een nationaal zeewierprogramma. Dat betekent concurrentie, maar het biedt natuurlijk ook mogelijkheden om van elkaar te leren.”Er is dus momentum, maar er is ook noodzaak. “We zullen steeds afhankelijker worden van biomassa voor onze energievoorziening”, zegt Van Hal. “Als we de klimaatdoelstellingen van Parijs willen halen, dan moeten we ook de mogelijkheden van zeewier benutten.”Lees meer over TNO:TNO en Madaster zetten in op circulair bouwen op basis van feiten TNO bepaalt restwaarde bouwproducten met tool TNO werkt aan biomassa innovaties in RwandaDit is het tweede artikel in het drieluik over zeewier. Volgende week volgt het laatste artikel over CO2-reductie.Afbeelding: TNO