Willemijn van Benthem 06 juli 2021, 11:37

Loek Radix: “We moeten in actie komen om de continuïteit van Chemelot te waarborgen”

Directeur Loek Radix van Chemelot maakte al eens een energietransitie mee, met de sluiting van de Limburgse mijnen tot gevolg. “Daar zie je nog altijd de littekens van. Als we niet oppassen staat ons een mijnsluiting 2.0 te wachten. Daarom is verduurzaming van de chemie belangrijk dan ooit.” Dat hoeft niet moeilijk te zijn, want Radix heeft plannen genoeg. “Maar Chemelot kan het niet alleen.”

Loek radix chemelot

“We staan voor een lándelijke opgave om voor 49 procent CO2-reductie te hebben gerealiseerd in 2030 ten opzichte van het jaar 1990.” Als je directeur Loek Radix van het chemische industrieterrein Chemelot in Zuid-Limburg vraagt naar de duurzame toekomstplannen richting 2030, steekt hij direct van wal. Het gaat om het grote plaatje, en hij heeft daar concrete plannen voor klaarliggen.

“We volgen drie lijnen. In de eerste plaats gaan we voor lachgasreductie. In de tweede plaats gaan we voor het opslaan van CO2, dat heet CCS, onder de Noordzee en in de derde plaats voor het efficiënter omgaan met energie.” Op de vraag of Chemelot op schema ligt wat dit drieluik betreft, hapert Radix even. “Dat zijn voor een deel plannen die een lange aanlooptijd hebben.” Chemelot werkt al wel aan lachgasreductie en doorlopend aan efficiënter omgaan met energie. “Maar op dit moment vindt CCS nog niet plaats, omdat we daar anderen voor nodig hebben. Als dat eenmaal mogelijk is, kunnen we meteen hele grote slagen maken.”

Lange termijn

Wat betreft de visie voor en de rol van Chemelot in het behalen van de klimaatdoelstellingen in 2050, daar moet Radix even goed voor zitten. Dat is volgens deze directeur een wezenlijk andere aanpak. Daar gaat Chemelot maximaal inzetten op circulariteit, langs twee wegen. “We gaan werken aan de verduurzaming van onze grondstoffen. Daarbij willen we met name grondstoffen circulair maken. Daarnaast is het natuurlijk zo dat we landelijk grote stappen zetten in de elektrificatie van alle processen. Te zijner tijd hebben we daar heel veel groene stroom voor nodig, ook op Chemelot.”

Gedreven positivisme

Zelf noemt Radix zich niet zo zeer positief, en ook niet idealistisch, maar realistisch. Het is voor hem niet de vraag óf we stappen moeten maken, maar wanneer en welke dat dan concreet zijn. “We moeten in actie komen om de continuïteit van Chemelot te waarborgen. Ik kom uit Zuid-Limburg en heb de eerste mijnsluiting meegemaakt. Ik heb met eigen ogen gezien wat voor een ontwrichtende impact dat heeft op een samenleving.”

En hier komt de echte, persoonlijke driver van Radix naar boven. “Die impact was heel heftig op sociaal, economisch en cultureel niveau. Daar zie je overigens nog altijd de littekens van.” Zijn gedrevenheid krijgt een gezicht. Een gezicht van de vele Limburgers die hun baan kwijtraakten in 1974 en thuis kwamen te zitten. Er kwam een einde aan een decennialange mijnbouw in het allerzuidelijkste puntje van ons land. Het was een mokerslag voor veel gezinnen, die nog altijd weerklinkt in de generaties van vandaag.

“De arbeidsparticipatie is hier nog steeds lager dan in de rest van Nederland, de levensverwachting en gezondheidstoestand zijn ook nog altijd minder goed en het aantal tienerzwangerschappen ligt gemiddeld op een hoger aantal dan in de rest van het land.” Het is een emotionele oproep van deze eigenlijk heel nuchtere macro-econoom. “En het is allemaal rechtstreeks terug te voeren op de sluiting van de mijnen. Als we nu zien voor welke uitdagingen we staan bij Chemelot, dan moeten we oppassen dat er niet een mijnsluiting 2.0 gaat plaatsvinden! Dat zou dodelijk zijn voor deze regio. Dát is mijn belangrijkste drijfveer.”

Radix merkt, als hij de mijnsluiting aanhaalt bij derde partijen, dat het dan goed resoneert. “Mensen hebben niet door dat we al een keer door een energietransitie zijn gegaan met alle negatieve gevolgen van dien. Daarom heeft het ook geen zin meer om ideologische beschouwingen te hebben. Dit is de realiteit.”

Cruijffiaans gezegde

De directeur denkt even na. En er komt weer een lach op zijn gezicht. “Zoals onze grote filosoof ooit zei, en ik draai ‘m even om: elk voordeel heb z’n nadeel.” Volgens Radix is het grote voordeel van Chemelot dat het terrein heel sterk geïntegreerd is en ‘de bedrijven op site’, zoals hij dat zegt, samenwerken in de keten. “Dus als je aan de voorkant vergroent, vergroen je ook aan de achterkant.” Het grote nadeel daarentegen is dat als er een of twee spelers in de schakel omvallen, de hele keten in elkaar zakt.

“Ik heb er geen slapeloze nachten van, maar op termijn moeten we dat probleem oplossen.” Radix en zijn bestuur hebben ondanks deze zorgen niet een heel pallet aan toekomstscenario’s gemaakt voor verschillende oplossingen. Chemelot gaat voor slechts één scenario. “De belangrijkste grondstoffen zijn twee fossiele grondstofstromen, aardgas en nafta (aardoliedestillaat, red.). En die moeten worden vervangen. Daar zetten we maximaal op in. Dus conceptueel is het redelijk simpel, maar het gaat wel om een miljard kubieke meter aardgas en vier miljard kilo nafta. Het is een uitdaging.”

Gat in de keten

Radix komt op het eerste gezicht wat stug over, maar is zeker ook een optimistische man. “We hebben een fantastische site, met enorm veel kansen.” Hij doet daarom een oproep. “We hebben nog fysieke ruimte voor nieuwe bedrijven.” Hij zegt het niet zomaar. Nieuwe bedrijven zijn een groot onderdeel van de oplossing om zijn doelen te bereiken. “Aardgas krijgen we van de Gasunie, nafta krijgen we vanuit raffinaderijen uit de Rotterdamse haven. De alternatieve grondstoffen zullen door andere partijen aangeleverd moeten worden. Dat zullen onze bedrijven niet zelf gaan doen.”

Dat betekent volgens de directeur dat er een gat in de keten ontstaat dat opgevuld moet worden. “Wat je ziet is dat nieuwe bedrijven daarop inspringen. We hebben nu RWE, Plastic Energy, Black Bear Carbon, dat zijn bedrijven met eigen financiering. Het is een illusie om te denken dat het allemaal start-ups zullen zijn. Daar zullen ook gevestigde namen tussen zitten, die op de een of andere manier een rol in die nieuwe grondstoffenketen willen vervullen.”

Greenchoice gaat meer doen dan groene energie leveren: het helpt mensen nóg duurzamer te worden

"Ik heb Greenchoice altijd een leuk bedrijf gevonden. Met een bijzondere cultuur en open, gedreven mensen" Sinds november vorig jaar staat Coen de Ruiter (51) aan het roer bij energiebedrijf Greenchoice, een bedrijf dat hij uitkoos vanwege de missie. “Ik heb drie kinderen en het grootste probleem dat we voor die generatie moeten oplossen is de opwarming van de aarde. Ik wilde dus iets in die hoek doen.”Bovendien kende De Ruiter Greenchoice al. Van 2008 tot 2011 zat hij in de Raad van Advies. “Ik heb Greenchoice altijd een heel leuk bedrijf gevonden. Met een bijzondere cultuur en open, gedreven mensen. Greenchoice heeft een intrinsieke drijfveer om het anders te doen. In 2001, toen het bedrijf werd opgericht, was alle energie nog grijs. Maar Greenchoice ging alles groen aanbieden, ook gas. Door het gasverbruik van en voor onze klanten te compenseren met bosprojecten over de hele wereld, dragen we bij aan het beschermen van 1 miljoen hectare bos.”OnderscheidendMaar 20 jaar na de oprichting is Greenchoice lang niet meer de enige aanbieder van groene energie. De markt wordt overspoeld door nieuwe energiebedrijven en ook bij traditionele spelers zoals Eneco wordt duurzaamheid core business. Het aanbieden van groene stroom en bosgecompenseerd gas is dus niet meer onderscheidend genoeg.Daar komt bij dat klantenbinding niet de sterkste kant is van energiebedrijven. “Ik heb in veel verschillende markten gewerkt maar nergens is het verloop zo hoog als in de energiemarkt”, zegt De Ruiter. “Elk jaar gaat er bij alle energiebedrijven zo’n kwart van de klanten weg, en die moeten dus ieder jaar opnieuw worden teruggehaald. Dat is heel ongezond.” Ter vergelijk: bij zorgverzekeraars die aan het einde van het jaar actief reclame maken om over te stappen is het verloop slechts 6 procent."Energiebedrijven zijn onvoldoende onderscheidend in wat ze voor klanten doen" Klimaatpositief wordenVolgens De Ruiter geeft dat aan dat de energieproducten te generiek zijn. “Daardoor is er te weinig binding. Energiebedrijven zijn onvoldoende onderscheidend in wat ze voor klanten doen.” De Ruiter wil daar verandering in brengen. “Onze nieuwe strategie: onze klanten helpen stap voor stap klimaatpositief te worden. De energietransitie moet niet iets zijn dat ze gaat overkomen, maar iets waarin ze zelf een rol hebben. En waarvan ze profiteren.”Het is een strategie die De Ruiter op het lijf geschreven is. De 51-jarige bedrijfseconoom startte zijn loopbaan bij Unilever, dat hij na elf jaar verlaat om directeur te worden bij keurmerkorganisatie Max Havelaar. “Ik wilde ergens gaan werken waar commercie en ideaal elkaar versterken.” Ook bij Apenheul, waar hij daarna aan het hoofd komt te staan, is dat zijn leidraad. “Hier was de liefde voor de natuur de missie.” Bij Apenheul leert De Ruiter echt ondernemen. “Na een maand dacht ik: dit bedrijf gaat failliet en ik weet niet hoe ik dat moet voorkomen. Maar dat is wel gelukt.”Verdieping zoekenApenheul had dringend behoefte aan een nieuwe strategie om meer bezoekers te trekken. “We hadden de keuze om te verplatten, het goedkoper te maken zodat er meer mensen op af zouden komen. Maar we hebben het omgekeerde gedaan en de verdieping gezocht. We zijn mensen gaan interesseren voor de natuur en ze er actief van laten genieten. Dat was een enorm succes. De bezoekersaantallen zijn verdubbeld.”Ook bij Greenchoice zet De Ruiter in op verdieping van de missie van het bedrijf. “Greenchoice wil mensen helpen met het maken van duurzame keuzes. Zodat je een positieve impact hebt op het klimaat.” Een negatieve CO2-uitstoot bereiken kan volgens De Ruiter alleen als je op alle fronten rekening houdt met het milieu. “Door zelf energie op te wekken, maar ook door minder te consumeren, je levensstijl aan te passen.”Meer dan alleen energie“Op de lange termijn is het de bedoeling dat mensen gaan zien dat het klimaatprobleem een geïntegreerd vraagstuk is, dat verder gaat dan alleen energie. Als je bijna je hele huis geïsoleerd hebt en uitgerust met zonnepanelen en een warmtepomp, dan is het een enorme inspanning om die laatste paar procent duurzaam te maken. Terwijl je misschien wel nog elke drie dagen biefstuk op tafel zet.”Ook nu al zijn op de site van Greenchoice tips en trucs te vinden voor duurzame keuzes. Maar waar De Ruiter naartoe wil, gaat verder dan dat. “Straks zijn we een platform en nemen we onze klanten bij de hand om de volgende stap naar duurzaamheid te zetten. We maken duidelijk wat die stap is en zorgen dat die gemakkelijk te zetten is.”“Heb je bijvoorbeeld al een prachtig geïsoleerd huis, maar rijd je nog in een benzineauto, dan is de overstap naar een elektrische auto voor jou het meest effectief. Wij zorgen er dan voor dat je huis die stroom kunt leveren door zonnepanelen en een laadpaal. Kun je dat niet betalen, dan kunnen we het ook financieren. We denken dat op deze manier ook mensen die nog niks met verduurzamen hebben, de stap gaan zetten.”"We willen iedereen laten participeren”Voordelen van de energietransitieDaarbij is het belangrijk dat mensen zelf de voordelen ervaren van de transitie. Door crowdfunding voor zonnestroomprojecten bijvoorbeeld, zoals laatst bij Kieszon voor de Toekomst, dochter van Greenchoice, waar klanten een bonusrente krijgen op hun inleg. Of door ze een aandeel te laten nemen in een windmolen. “Daarmee draag je bij aan opwek, maar we laten mensen ook profiteren van de energietransitie. Want we hebben het nodig dat overal zon en wind wordt opgewekt. Daar is in toenemende mate aversie tegen, maar mensen die er een belang in hebben zien de bezwaren minder tot niet.” Uiteindelijk wil De Ruiter ook aandelen Greenchoice uitgeven. “Zodat klanten kunnen meeprofiteren van de groei van Greenchoice en dus van de energietransitie.”Een belangrijke voorwaarde daarbij is dat iedereen de mogelijkheid krijgt om mee te doen in de energietransitie. “Het mag niet zo zijn dat het voor de mensen die het kunnen betalen gemakkelijk is om erin te investeren en ervan te profiteren, terwijl anderen volledig buitenspel staan. We willen iedereen laten participeren.”Minder eigenwijsDeze strategieverandering gaat Greenchoice in partnerships doen. “Dit gaan we niet allemaal zelf uitvinden. Greenchoice begon natuurlijk als een bedrijf dat de wereld wilde veranderen en kon daarin met niemand samenwerken. In de loop der jaren zijn we minder eigenwijs geworden en we werken steeds meer samen met andere organisaties. Dat zetten we door. Er zijn veel goede oplossingen beschikbaar, en wij zetten onze website open voor ander aanbod.”Met deze nieuwe strategie wil Greenchoice zijn klanten aan zich binden en voorop blijven lopen in de markt. “We denken dat we onze missie niet bereiken als we alleen elektriciteit en gas blijven aanbieden. Het effect moet zijn dat klanten blijven en dat we bij een substantieel deel van de klanten met trots kunnen zeggen dat ze klimaatpositief zijn.” Steeds meer bedrijven, investeerders en gemeenten streven ernaar klimaatneutraal te worden. Maar klimaatpositief gaat nog een stapje verder. Lees hier wat de verschillen zijn.Ook andere bedrijven hebben de ambitie om klimaatpositief te worden. Lees hier hoe Cono Kaasmakers het aanpakt.