Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 09 juli 2013, 15:07

Tennisballen reizen ruim 81.000 kilometer

De tennisballen die gebruikt worden op Wimbledon reizen 81.385 kilometer voordat ze uiteindelijk heen en weer geslagen kunnen worden op het Centre Court.

Horia Varlan via Flickr e1373375006367

Slazenger, de typisch Britse sportartikelenfabrikant, is al sinds 1902 de officiële bal leverancier voor Wimbledon. Het bedrijf heeft zijn hoofdkantoor gevestigd in Shirebrook in Derbyshire.

Hemelsbreed is dat ongeveer 250 kilometer bij Wimbledon vandaan. Toch vliegt hun officiële Wimbledon tennisbal tussen elf landen en over vier continenten voordat deze wordt geassembleerd in Bataan in de Filipijnen waarna hij zijn laatste 11.000 kilometer aflegt naar het Centre Court.

Dr Mark Johnson, Associate Professor of Operations Management van de Warwick Business School, nam een diepere kijk in de toeleveringsketen van de tennisballen en ontdekte een verrassend lange en ingewikkelde reis naar een van ’s werelds grootste sport evenementen.

Langste reis

“Het is een van de langste reizen die ik een product ooit heb zien maken.” vertelt Johnson. “Op het eerste gezicht lijkt meer dan 81.000 kilometer reizen om een tennisbal te maken natuurlijk belachelijk, maar het toont wel het mondiale karakter van de hedendaagse productie. Uiteindelijk is dit dus de meest kosteneffectieve manier om tennisballen te maken.”

“Voor de financiële crisis waren de logistieke kosten erg hoog en daardoor hielden veel bedrijven hun productie dicht bij hun bron van grondstoffen, maar dat is nu niet meer gebruikelijk.” legt Johnson uit.

Complexe keten

In een complexe toeleveringsketen van materialen worden klei uit de VS, silica uit Griekenland, magnesiumcarbonaar uit Japan, zinkoxide uit Thailand, zwavel uit Zuid-Korea en rubber uit Maleisie verscheept naar Bataan. Hier wordt het rubber gevulkaniseerd om het slijtvaster te maken.

Daarnaast wordt wol ingevlogen uit Nieuw-Zeeland naar Strout in Engeland waar het wordt omgezet in filt en vervolgens doorgestuurd naar Bataan in de Filipijnen.

Ondertussen worden ook naftaleen uit China en lijm uit Basilan naar Bataan gebracht waarna de ballen geproduceerd kunnen worden. Tenslotte arriveren hier ook de blikken vanuit Indonesië en kunnen de ballen verpakt worden voor verzending naar Wimbledon.

“Los van het feit dat het Slazenger wel gelukt is om de toeleveringsketen vrij kort en gecentreerd rond de Filipijnen te houden, zorgen de wol en klei voor een fikse bijdrage in het aantal afgelegde kilometers.” aldus Johnson.

Bron: wbs.ac.uk

Foto: Horia Varlan via Flickr en wbs.ac.uk

Biobrandstof fabriek Engeland grootste inkoper van tarwe

De nieuwe biobrandstof fabriek die gisteren geopend werd in Hull zal Engelands grootste inkoper van tarwe worden en daarbij de grootste leverancier van  veevoer. Voor Vivergo’s fabriek werd een investering gedaan van €410 mln. Jaarlijks zal de fabriek 1,1 miljoen ton tarwe, die anders gebruikt zou worden als veevoer, omzetten in 420 miljoen liter bio-ethanol bestemd als toevoeging aan benzine voor onze auto’s. Een bijproduct in dit proces is 500.000 ton aan eiwitrijk veevoer per jaar. Volgens Vivergo heeft de bouw en implementatie van de fabriek gezorgd voor het creëren en ondersteunen van meer dan 1.000 banen in de regio. Bezorgdheid De komst van de fabriek zorgt volgens de boerenvakbond voor meer zekerheid voor de lokale markt en het zorgt er ook voor dat veeboeren lokaal geproduceerd veevoer kunnen inkopen en niet meer afhankelijk zijn van het importeren van soja uit de Verenigde Staten. Experts van hernieuwbare energie en landbouw vertegenwoordigers prijzen de nieuwe fabriek dus alom, maar er zijn ook wat zorgen over het broeikaseffect van biobrandstoffen en de potentie tot stijgende voedsel prijzen wanneer voedselgewassen ineens worden ingezet voor biobrandstoffen. “Dit is geen goede zaak, we hebben niet genoeg tarwe om te het te verbranden.” zegt Kenneth Richter van Friends of the Earth. “Het Verenigd Koninkrijk is van een tarwe-exporteur omgeslagen naar een netto importeur. Het slechte weer heeft hier dan wel een grote rol in gespeeld, maar het toont wel aan dat we geen extra’s hebben om zomaar te verbranden.” Complexe problemen De bezorgdheid gaat niet alleen over stijgende voedselprijzen maar ook over de uiteindelijke besparing van CO2-uitstoot die biobrandstoffen teweeg zouden moeten brengen. Wanneer er namelijk bosgrond verloren gaat voor het verbouwen van gewassen om biobrandstoffen van te maken zal dit leiden tot een netto toename van CO2-uitstoot. Vorige week waarschuwde de European Environment Agency nog dat de huidige mix van gewassen die gebruikt wordt voor energie “niet bevorderlijk is voor het milieu”. Binnen de Europese Unie ligt het probleem ook gevoelig vanwege haar streven dat een deel van de transportbrandstoffen uit hernieuwbare bronnen opgewekt moet zijn. Donderdag zal het Europees Parlement stemmen over in hoeverre voedselgewassen gebruikt mogen worden voor de productie van biobrandstoffen. Dit moet onbedoelde extra CO2-uitstoot door indirecte verandering van landgebruik voorkomen. Bron: guardian Foto: urimland via flickr